Vochtige dromen

Cadzand+vogels_064 ed cut klein
(c) KV)

 

Ik ben klaar om op te stijgen
en het keurslijf af te leggen van een seizoen dat zichzelf veel te vol zoog
met hitte en droge koppigheid

Ik verlang naar lege luchten
en winden die waaien uit alle richtingen tegelijk
met regen op hun rug
en vochtige dromen

 

Cadzand+vogels_102 ed cut klein
Twee kapmeeuwen (c) KV

 

Advertenties

ZAAILING #35 – Handgeschept

Een Zaailing voor de lange, lome dagen waarin we ons hoofd mogen leegmaken, en ons lichaam mogen toevertrouwen aan datgene wat zoveel beter dan wij weet waar alles heen gaat…

 

 

 


 

 

Handgeschept Page1 klein

 

Handgeschept Page2 klein

 

 


 

ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde
en tekenaar Jurgen Walschot.

Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden,
hij tekent bij de tekst.

stempel_negatief

ZAAILING #33 – Een stad

Het schetsboek valt open op een plek die hij niet verwachtte.

Een stad met een geschiedenis. Een stad waarvan hij hield. De dagen tussen haar daken smaakten naar drukte en uitlaatgassen, maar ook naar kroegen en wereldkeuken. Naar vrijheid soms nog te groot voor zijn jonge vleugels.

de stad2 a zeer klein

Hij kan het zich herinneren, hoe hij op het boventerras probeerde om het uitzicht in zich op te nemen terwijl hij de toeristen negeerde, even druk en opdringerig als de duiven. Hoe hij peilde naar de gelaagdheid die trilde tussen de straten. Want hoe vat je iets wat zo immens is, waar onder de wegen andere wegen liggen, onder de funderingen oudere funderingen, waar onder het afval en de sloop soms een schat tevoorschijn komt, soms een spook?

de stad2 e zeer klein

Hij kon het voelen, maar hij kon het niet vastleggen. Toen nog niet. Dit is een oud boek, een verhaal van lang geleden. Als hij eraan terugdenkt, is elke dag in zijn herinnering even grijs. Er viel bijna constant regen. Maar het was prettig lopen door de natte straten, waar aaneensluitende rijen van koplampen het wegdek in lange lijnen lieten oplichten. Hij had stevige schoenen die hun grip op de glibberige kasseien niet verloren. En elke stap die hij zette, ook binnen de beslotenheid van de stad, was een stap vooruit, want één stap verder weg van waar hij vandaan kwam. Duiven kwamen drinken uit de plassen. In het park scheerden kraaien rakelings over, geruisloze zwarte schimmen. Ze bevielen hem wel. De tijd leek geen vat op ze te hebben. En als dat wel zo was, trokken ze er zich niets van aan.

de stad2 b zeer klein

Misschien kwam het door de vogels dat hij naar de lucht begon te kijken. Een ontsnappingsroute voor wie vleugels had. En hij benijdde ze, een beetje toch. Alleen de torenspitsen kwamen in de buurt van waar zij konden komen.

Tekenen, leerde hij, kwam nog het dichtst bij vliegen. Een pen tussen zijn vingers, over een blad papier – in lang vervlogen tijden zelfs werkelijke een veer – kon parmantig pikken als een straatmus, maar ook recht op haar doel af schieten als een slechtvalk. In zijn schetsen slaagde hij erin de vogels te volgen. En dat, besefte hij, was hij sindsdien altijd blijven doen.

de stad2 c zeer klein

Hij talmt nog wat langer bij de oude tekening. Lijnen en lucht. Lijnen zijn nodig. Ze helpen om de wereld beheersbaar te houden. Maar wat is er mooier dan iets wat aan zijn kader ontsnapt?

Het is een verhaal dat hij toen voor het eerst hoorde, daar op dat hoge, drukke terras. Het past hem als een handschoen. En hij is het vanaf toen altijd opnieuw blijven vertellen, op steeds weer andere manieren.

Hij klapt het schetsboek dicht, en pakt de eerste pen binnen handbereik.

de stad2 d zeer klein
Alle beelden (c) Jurgen Walschot

 

 


 

 

ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde
en tekenaar Jurgen Walschot.

Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden,
hij tekent bij de tekst.

stempel_negatief

Op bezoek in het verleden

Een trip naar vervlogen tijden, gekoesterd en gevreesd

 

Quondam 2018_458 klein
(c) KV

 

We waren er vorig jaar, en dit jaar was het opnieuw erg fijn: Quondam, het middeleeuwse festival op een uurtje rijden van huis. Dit keer mocht ik als fotograaf zelfs gratis binnen. Een van mijn oude beelden was prominent promo-materiaal van deze editie. Leuk!

Een dagje doorbrengen in de Middeleeuwen is grappig bevredigend. De re-enactors laten ons beter dan wat ook zien hoe menselijk die ridders en ambachtslieden eeuwen geleden eigenlijk wel waren. Ik ben niet zo’n festivaltype, maar hier ben ik wel graag.

Ik had er alleen niet op gerekend om ook een bezoekje te brengen aan mijn persoonlijke verleden.

Dit jaar waren we er op zondag, en dat bleek een stuk drukker dan de zaterdagen van de vorige keren. Het was ook erg warm, en een droge wind blies strak over het festivalterrein. Ik voelde me minder goed in mijn vel dan ik wilde.

Ik kreeg wel de kans om de wedstrijden en veldslagen van op de eerste rij te schieten.

 

Quondam 2018_133 ed cut klein
(c) KV

 

Ik had uitgegeken naar de roofvogelshow op het einde van de dag, omdat daar gewoonlijk spectaculaire foto’s te maken zijn, maar ik kreeg hem jammer genoeg niet te zien. Toen ik ondanks lastige omstandigheden een paar deftige foto’s probeerde te maken van het slottornooi in de late namiddag, blies de wind alle kleine strodeeltjes en paardenlucht mijn kant op en voor ik het wist, had ik te maken met een goeie ouwe astma-aanval.

(Ik ben mega-allergisch aan paarden. In de open lucht valt het doorgaans heel goed mee. Maar nu viel het zwaar tegen.)

Mijn gezondheid is de laatste tijd (lees: een jaar of twee) zo goed dat ik minder zorgvuldig was geworden met noodmedicatie voor precies een gelegenheid als deze. Zodra het duidelijk werd dat ik in de problemen zat en dat het er niet naar uitzag dat dit snel weer zou overwaaien, hadden we geen andere keuze dan het terrein voortijdig te verlaten, plaats te nemen in de (lange) rij voor de pendelbus die ons terugbracht naar de parking, en naar huis te rijden.

Het was zo lang geleden sinds mijn laatste kwaaie astma-aanval dat ik bijna vergeten was hoe eng en stresserend het kan zijn om naar adem te snakken. Het is waarschijnlijk moeilijk voor te stellen voor wie het nog nooit heeft meegemaakt, maar ik kan het het best als volgt omschrijven: stel je voor dat je op je rug ligt, en iemand komt bovenop je liggen. Het gewicht drukt zwaarder en zwaarder. Het voelt zelfs alsof iemand actief je borst indrukt. Elke inademing is een massieve inspanning tegen deze neerwaartse druk. Het is zwaar, en moeilijk, en hoe harder je weerwerk biedt, hoe erger het wordt.

Dat is ongeveer hoe het voelt. Alleen lig je niet neer, en ligt er niemand bovenop je. Je zit gewoon aan tafel, of je staat te wachten, en elke teug zuurstof die je in je longen probeert te krijgen is een gevecht tegen iets wat ze ingedrukt houdt. Als je pech hebt, voelt alles daar vanbinnen ook nog eens geïrriteerd en ga je ervan hoesten. Dat maakt het nóg erger. Slijmvorming hoort er ook bij – en je raadt het natuurlijk: met je longen vol slijm komt er nog minder lucht binnen… Paniek is niet veraf.

 

Quondam 2018_483 ed cut klein
(c) KV

 

Ik had geluk.

Als een astma-aanval escaleert, kun je eindigen op de spoedafdeling. Zo ver is het die middag niet gekomen, want ik had hier intussen genoeg ervaring mee om te weten dat de enige manier om deze beproeving te doorstaan was proberen te ontspannen en proberen om zo normaal mogelijk adem te halen, zelfs als normaal op dat moment nergens te bespeuren was.
Toen we van het terrein af waren en de constante belegering van wind, stro en paardenallergenen enigszins afnam, kon ik voelen dat mijn adem zachtjesaan een beetje wilde beteren. Ik had het zelfs minder moeilijk rechtstaand op de warme, drukke pendelbus dan in de buurt van de paarden.

Mijn man reed naar huis, en thuis was er de verlossende medicatie die de spiraal terstond een halt toeriep.
Ik bedankte mijn lichaam dat het niet al te extreem geoverreageerd had. Maar ik was wél geschrokken.

Het was lang geleden dat ik het nog zo kwaad had gehad, en dat mijn lichaam zo met mij op hol geslagen was.

Ik ben er nog niet achter wat het precies betekent – als het überhaupt iets betekent. Misschien moet ik er gewoon mee leren leven dat mijn lijf niet helemaal werkt zoals het hoort en dat ik bepaalde omstandigheden moet vermijden waarin het zich nog slechter voelt dan anders. En als ik daar toch wil zijn, moet ik mijn voorzorgen nemen…

Maar misschien is er toch wel iets te leren uit een bezoekje aan het verleden. Want we hebben de neiging om wat we kennen te herhalen, fysiek, emotioneel en spiritueel. En dan mag het niet verbazen dat we in precies dezelfde situaties belanden.

Wat is het, vraag ik me af, dat ik mag beginnen loslaten, en waar snakken naar adem een pertinente metafoor voor is? Perfectionisme? Plicht? De nood mijzelf te bewijzen? Een andere wet waarnaar ik om een of andere reden oordeel dat ik moet leven?

Ik hoop er nog achter te komen.
Ik hoop dat ik de volgende keer dat ik een bezoek breng aan het verleden een ander pad kan bewandelen, richting toekomst.

 

Quondam_195 ed cut2 klein
(c) KV

ZAAILING #32 – Il était une fois… Mokafé!

Een Zaailing-sprookje om te gaan bezoeken en bezichtigen, met een kop koffie er bovenop…

 

Il était une fois, dans la Galerie du Roi à Bruxelles, un bistro où on servait du café délicieux et les meilleurs gauffres du monde… Même son nom avait un goût de délicatesse: “Mokafé”.

Mokafé Page1 cut3 klein

Op een dag streek er een ekster neer aan de ingang van de bistro. Dat was een zeldzaam zicht. Eksters houden normaal niet zo van overdekte galerijen. Maar dit was een heel vrijpostige ekster, en de eigenares van de bistro was blij met wat gezelschap. Ze gaf hem een bakje water en een eigen stoel tussen de vaste klanten en de toeristen van alle kleuren en nationaliteiten op het terras voor haar zaak. Dat vond de ekster best. Hij balanceerde op de leuning, dronk een beetje van het water, keek naar de klanten, en fladderde wat in het rond. Hij lette erop het terras niet vuil te maken.

The magpie started coming around more often. Every time he visited, he would get a treat: there were always waffle crumbs lying around in the kitchen to please a hungry bird. The lady liked the magpie, and the magpie thought she was a really sweet person.

Mokafé Page1 cut4 klein

Pour la remercier, un jour il lui offrit l’idée qui lui était venue à l’esprit quand il vit un artiste de rue faire des dessins dans un coin de la galerie.

It so happened that he knew of a creative couple of artists, a writer and an illustrator who both loved birds, too. They had been working together for a good while now on a project they called SAPLINGS, and they might have some work to show and put up on the walls of Mokafé.

Mokafé Page1 cut1

De lieve eigenares vond dat een schitterend idee. De ekster knikte een keer parmantig, pikte nog een wafelkruimel mee, en vloog toen de galerij uit, naar Sint-Genesius-Rode. Want dat, wist hij, was waar de tekenaar woonde…

 

En dit sprookje is nog niet uit, integendeel: de tentoonstelling van een selectie ZAAILINGEN in Mokafé (Koningsgalerij, Brussel) is pas begonnen.
We nodigen alle nieuwsgierigen met veel plezier uit om de ekster en het spoor van wafelkruimels te volgen en er een kijkje te gaan nemen!

Mokafé Page1 cut8

Wie dat doet tijdens het weekend in de periode van 19 mei tot en met 10 juni kan bovendien ook de expo BXL Dorado in de Begijnhofwijk meepikken, waar eveneens werk van ons tentoongesteld wordt.

 

Dit sprookje was in feite niet meer dan de inleiding…
Nieuwsgierig naar deze Zaailing, integraal en op ware grootte? Klik hier

Mokafé Page1 klein

 


 

ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde
en tekenaar Jurgen Walschot.

Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden,
hij tekent bij de tekst.

Zaailing stempel klein

 

 

 

Een oordeel vellen

Mijmeringen over goed en slecht, en over een vogel met een kwalijke reputatie

 

Vroeger dacht ik dat het leven binair was.
Je was ofwel goed, ofwel slecht. Gebeurtenissen waren ofwel goed, ofwel slecht. Goede dingen moest je herhalen, slechte dingen vermijden. Jezelf proberen te verbeteren was iets goeds. Niet werken aan verbetering was iets slechts.

Ik ben moe van het oordelen.
Het is uitputtend, en bovendien: het is niet eens juist.

Gebeurtenissen, gedrag, mensen… zijn gewoon wat ze zijn. Al de rest is ons eigen oordeel daarover: wat wij ervan maken, hoe wij ze tegen het licht van ons persoonlijke waardeschaal houden, hoe wij kiezen om naar ze te kijken en een oordeel over ze uit te spreken.

Ik zou graag een breder en steviger strook land vinden waar een tussenweg loopt. Een nieuw gebied ontdekken dat Neutraal heet. Of: het is wat het is.

 

Lentevleugels_035 ed cut klein
(c) KV

 

Dat is nogal een uitdaging. Een van de sterkste en meest welbespraakte vormen die onze Innerlijke Criticus graag aanneemt, is die van de Rechter. Schat situaties heel snel in en trekt even snel conclusies, oordeelt meteen en schiet met scherp. De Rechter is die stem vanbinnen waarvan we vaak niet eens beseffen dat ze aan het woord is, maar ze regeert een groot stuk van ons leven. Van het mijne toch.

Ik ben nochtans al een hele tijd bedreven om die goeie oude Rechter te herkennen als hij weer eens zijn opwachting maakt. En ik heb stevige vooruitgang geboekt in hem vriendelijk toeknikken maar verder niet te luisteren naar wat hij zegt, of anders zijn woorden niet al te ernstig te nemen. Maar soms kom je toch in situaties terecht waarin een diep stuk van datzelfde oude patroon zich nog eens wil afspelen, en je het hele rondje duiveluitdrijving voor de zoveelste keer nog eens opnieuw mag doen.
(Dat is niets om beschaamd over te zijn. Ik schreef eerder: mensen zijn ajuinen. Afrekenen met onze patronen en pijnen is een werk van laagjes pellen, een voor een.)

Het lijkt er dus op dat ik weer eens in een afpelfase zit.
Ik probeer mijzelf te observeren, de dingen die ik doe, voel en nodig heb, en geen oordeel te vellen. Ik probeer in Neutraal te blijven. Ik sta de dingen toe te zijn wat ze zijn zonder te proberen ze te veranderen.

Wat in de loop van dat proces naar boven komt, is een duet tussen angst en behoefte. De angst om niet goed genoeg te zijn, de behoefte om geprezen of zelfs maar gewoon aanvaard te worden. De angst om gekwetst te worden (of anderen te kwetsen), de behoefte aan veiligheid, en om ergens bij te horen.
Dit zijn gevoelens zo oud als de mensheid zelf, en daarmee bezig zijn, voelt wel eens als waden door diepe, taaie modder.

Maar ik geraak er wel. En als dat niet zo is, is dat ook oké. Kijk, ik leer bij!

 

Lentevleugels_041 ed cut klein
(c) KV

 

De dingen al te veel relativeren is meestal niet zo constructief – je durft nogal eens eindigen met een amoreel soort ‘laat maar waaien’-mentaliteit, en ik geloof echt wel in het belang van waarden als liefde, respect en eerlijkheid, bijvoorbeeld. Maar voor iemand als ik is nu en dan een beetje relativeren, en níet oordelen, een heel goede zaak.

Als ik mensen vertel dat ik een boontje heb voor eksters, krijg ik als reactie vaak een opsomming van het minder fraaie gedrag van deze vogels: ze zoeken ruzie, ze roven nesten van andere vogels leeg, het zijn afvalschuimers, ze stelen (glanzende voorwerpen)…
Maar in een artikeltje over het karakter van ekster dag ik onlangs las, trof deze zin mij het meest: Zijn naam als nestrover heeft hij vooral te danken aan het feit dat hij overdag nesten leeg haalt. Vogels die dit ’s nachts doen, worden niet opgemerkt.

Zit hier geen kink in de rechterlijke kabel? Of hoe de context onbewust soms meer doorweegt dan de feiten…

Een andere eigenschap die eksters minder aardig en knuffelbaar maakt voor veel mensen, is het feit dat ze dode dieren of afval eten. Ze zijn niet kieskeurig als het aankomt op hun dieet, het zijn schoonmakers. Eigenlijk zijn een soort gieren in het klein! (Dat ik van gieren hou, is bekend. En voor wie dat nog niet wist, wel: hierom…)

Ik ga dus geen oordeel vellen over de ekster en zijn bezigheden, noch over mijn voorliefde voor de soort. Ik ga gewoon genieten van hun aanwezigheid, en glimlachen elke keer als ik ze voorbij het raam zie vliegen, in onze boomkruinen naar boven zie huppelen (dat doet zo’n ekster in een combinatie van sprongetjes en een heel klein beetje vliegen, telkens een paar takken hoger) en ze zie landen in het nest dat ze de afgelopen maand hoog in een van onze eiken hebben gebouwd.

Over een paar weken zullen we een hele familie van ze hebben. En ik zal nog blijer zijn.

Ik vraag nu, beleefd en met alle respect, dat de Rechter zich onthoudt van enige commentaar.

 

Lentevleugels_037 ed cut klein
(c) KV

Lid voor het leven

Als ik je blogs lees, zei een vriendin me, dan merk ik dat je wel erg vaak schrijft over loslaten. Zo vaak zelfs, dat ik wel eens denk: lieve Kirstin, je doet het nog niet echt, hé, dat loslaten? Niet helemaal.

Het trof me als een zeer interessante bemerking.

Het klopt dat ‘loslaten’ een van mijn terugkerende motieven is. En het klopt ook wel dat ik erover schrijf omdat het zo belangrijk voor mij is.

 

Roeken_002 zw klein
(c) KV

 

Jaren geleden, toen coaching en persoonlijke ontwikkeling hun intrede deden in onze familie en we onze persoonlijke en gemeenschappelijke patronen begonnen te ontdekken, stichtten we bij ons thuis met een knipoog een organisatie: CFA. Voluit staat dat voor Control Freaks Anonymous.

Mijn mama, daar bestond geen enkele discussie over, is de gedoodverfde voorzitter. Mijn zusje, altijd de spaarzame van ons gezin, neemt de rol van penningmeester waar. Ik ben steunend lid, en mijn echtgenoot heeft zich daar vlotjes bij aangesloten. Nu en dan nodigen we vrienden of kennissen uit om lid te worden.
(Nee, we houden geen bijeenkomsten of zo. Het hele ding is één grote grap. Maar het is een schitterende manier om elkaar – en onszelf – te confronteren als we weer eens uit de bocht gaan.)

Dus heb ik misschien nog wat werk met loslaten?
Hmm…

Controle gaat over angst.
De angst om niet goed genoeg te zijn (en de liefde van mensen te verliezen), om niet sterk genoeg te zijn (en verpletterd te worden door tegenslag als die je overvalt), om het niet waard te zijn om gewoon te leven als de kleine, onvolmaakte mens die je bent (en op een of andere manier proberen dat toch te verdienen).

Net als de meeste controlefreaks ken ik deze drie vormen van angst heel goed. En heel waarschijnlijk zijn er nog andere, maar daar kom ik nu even niet op.

Ik ben er niet obsessief mee bezig om de dingen tot het laatste detail perfect te krijgen. Maar soms merk ik wel dat ik beslist nog niet vrij ben van angst. En mijn manier om daarmee om te gaan is proberen mijn angst te begrijpen, en vervolgens op te lossen. Misschien is dat een zoveelste vorm van controle, kan best.

Mijn blog over de wachttijd op de luchthaven van Zaventem kan je bijvoorbeeld inderdaad heel goed lezen als een poging om de controlefreak in mijzelf gerust te stellen (alles komt in orde, je haalt je vlucht, het plafond staat niet op het punt naar beneden te komen…)

Anderzijds heb ik wel degelijk al een en ander over loslaten geleerd. Ik ben veel relaxter dan vroeger. En telkens als ik merk dat ik met iets nogal krampachtig omga, herinner ik mezelf eraan dat het helemaal oké is om… los te laten. Ik koester beelden als de rivier die me meeneemt stroomafwaarts en de thermiek die me optilt voor een stuk omdat ze het geloof weergeven dat ik intussen heb over waar deze reis heen gaat (met het Leven, of de Ziel, of het Unuiversum, of hoe je het ook graag wil noemen, aan het stuur).
Dus denk ik dat ik zo vaak over loslaten schrijf omdat het iets is wat ik aan het leren ben, en zoals alle leerprocessen maakt het je van dat ene ding bijzonder bewust. Het is een niet-aflatende oefening, een vaardigheid die je een leven lang blijft verwerven.
Roeken_003 zw ed cut klein
(c) KV

 

Ik heb wel het gevoel dat ik er stilaan beter in word. Minder bang. Minder in de greep van angst wanneer die zich toch weer eens aandient.

Heb ik het perfect onder de knie? Nauwelijks. Maar perfectionisme zou mij toch gewoon andermaal naar voren schuiven als gedoodverfd lid van het CFA? Of niets soms?

Aan het hof – of op het slagveld

Ik heb ze wel gelezen: de hoofse ridderromans waarin twee houwdegens strijden om de gunsten van één jonkvrouw. Vandaag kon ik het eens in het echt zien gebeuren.

Het Zwin staat bekend  (ik vertel u niets nieuws) om zijn bestand aan watervogels. We brachten er dit weekend een kort bezoekje aan. Het was verschrikkelijk lang geleden sinds ik er was, en het was er behoorlijk veranderd, met een indrukwekkend museum waar je op een interactieve manier alles te weten komt over trekvogels, met mooie afgebakende paden tussen de bosjes en de duinen, en over de slikke en schorre.

De ooievaars zijn vaste seizoensgasten. De lente heeft zijn eerste aarzelende maar onmiskenbare stapjes gezet, en deze indrukwekkende schoonheden zijn geland om te nestelen en te broeden op de hoge uitkijkposten die overal in het domein zijn neergezet.

 

Zwin_150 ed cut kleinZwin_030 ed cut kleinZwin_046

 

Bij de ooievaars waren de dingen al helemaal in kannen en kruiken. Een heleboel nesten waren al bezet door  koppels. En die waren heel ijverig aan het werk.

 

Zwin_059 ed cut klein
(c) KV

 

Bij de meeuwen was de verleiding – of moet ik zeggen: de bestorming – nog in volle gang.

Alle onderstaande foto’s werden gemaakt op een tijdspanne van krap een paar minuten.
Twee mannetjes, vermoed ik, die vechten om hetzelfde vrouwtje… Ik weet niet precies wie er als winnaar uit de bus is gekomen (mijn gezin was intussen bijna uit het zich verdwenen, op moeder-fotograaf wordt niet eindeloos gewacht), maar ze maakten met z’n drieën alvast een boel kabaal. Merk op hoe het wijfje nu en dan lijkt te vluchten, dan weer doodgemoedereerd blijft zitten terwijl de schermutseling pal boven haar hoofd in volle gang is.

Ik heb ook geleerd dat alles is toegestaan in de liefde. Inclusief je rivaal proberen te verzuipen.

 

Zwin_136 ed cut kleinZwin_144 ed cut kleinZwin_146 ed cut kleinZwin_137 ed cut klein

 

Geef mij maar het zachtzinniger ballet van de ooievaars…

 

Zwin_042 ed klein.jpg
(c) KV

Sommige dagen zijn magisch van bij het ontwaken

Hoeveel vreugde en met licht overgoten magie past er in één enkele ochtend?

 

Prille lente_002 ed klein.jpg
Maan gaat onder in de ochtendschemering (c) KV

 

Prille lente_038 ed cut klein
Staartmees aan het ontbijt; foto gemaakt met telelens zittend aan de ontbijttafel binnen (c) KV

 

Prille lente_028 ed cut klein
De belofte van een betoverende dag (c) KV

 

De drie bovenstaande foto’s werden gemaakt op een goed half uur.

En op wonderlijke wijze werd de rest van de dag inderdaad net zo krachtig en mooi. Hij was tot de rand gevuld met vertrouwen, verbondenheid, begrip en liefde, gedeeld met verwante zielen die mij ongelooflijk dierbaar zijn. Ik mocht mijn kracht en mijn liefde de vrije loop laten, en ik kreeg er schoonheid, diepe erkenning en kwetsbare gelijkgestemdheid voor terug.

Dit is hoe het voelt om echt, echt gezegend te zijn.

Hout vasthouden

Melancholisch gemijmer bij het vertrek uit Frankrijk

 

Kiki 5 145 klein
La Place Des Retraités (bordje aan de muur staat helaas niet op de foto) – aka La Douce France En Hiver (c) KV

 

‘We hebben het werk dat dit huis en het terrein er omheen vraagt misschien wel wat onderschat,’ zegt mijn moeder me tijdens de autorit naar Albi, waar er een heerlijke lunch op het programma staat in een van hun vaste restaurantjes, waar ze door de eigenaars én de kelners begroet worden als familie. ‘Als ik de hele oefening nu over moest doen, dan zou ik misschien heel andere beslissingen nemen.’

Niet dat mijn ouders er spijt van hebben dat ze in Frankrijk zijn gaan wonen, maar ’s winters kan het toch wel erg guur worden waar zij zijn neergestreken. En die kleine bungalow naast het grote woonhuis was wel bijzonder praktisch met het oog op de oudste dochter (ik) die zou afkomen met echtgenoot plus twee stiefzonen plus peuterkleinzoon, maar nu gebeurt het maar zelden meer dat we alle vijf samen op het appel zijn, want de oudsten zijn intussen veel zelfstandiger geworden en geven er de voorkeur aan om op andere tijdstippen te landen, met vrienden in plaats van (stief)ouders. En dus hebben mama en papa altijd veel ruimte voor gasten, maar ook niet voortdurend meer zin in veel volk.

‘Ik weet niet waar we zullen zijn binnen tien jaar,’ mijmert mijn moeder. ‘Maar daar wil ik ook niet te veel bij stilstaan, we proberen te leven in het nu.’

 

Kiki 5 020 ed cut2 klein
(c) KV

 

Ik ook. Ik leef in een ‘nu’ waarin mijn beide ouders nog steeds gezond zijn. Waarin ze ouder worden en hun beste vrienden, die troep personages die recht uit de betere Franse komedie ontsnapt lijken, ook een dagje ouder worden, maar alles bij elkaar doen ze het nog behoorlijk goed.

Ze herinneren zich niet alles even vlotjes meer als vroeger. Er zijn operaties geweest en doktersbezoeken, controles en medicatie. Er is het huis dat vervelend veel herstellingen nodig heeft, en het zwembad en de tuin die in de lente in orde moeten gebracht worden. Niet door henzelf, maar door iemand die daarvoor moet langskomen en die altijd vertraging heeft, of niet komt opdagen, of veel te duur is.

Ik vertrek morgen terug naar België, en ik ben dankbaar om mijn ouders achter te laten in goede gezondheid en met een goed humeur. Ik weet dat ik mijn zegeningen moet tellen. Wat ik weet even goed dat er een tijd komt dat ik naar het zuiden zal vliegen – of rijden – om te helpen met kwesties van een veel complexere financiële of medische aard. Over tien jaar? Vijftien? Vijf? Ik kan me de omvang van de onderneming zelfs niet voorstellen mocht er aan een van beiden iets gebeuren en de ander zou verhuizen naar een appartement in Albi, laat staan België. De gedachte alleen al vervult me met vroegtijdig verdriet. Ik weet wel dat ik er niet alleen zal voorstaan. Mijn zus, mijn man, vrienden en kinderen zullen klaarstaan om te helpen, oplossingen te bedenken en ze uit te voeren. Maar toch.

Waarschijnlijk hoort dit gewoon bij de melancholie van vertrekken. Ik aanvaard ze voor wat ze is, en bid in stilte dat mijn ouders hier nog veel gelukkige, gezonde jaren mogen kennen.
Ik zie ze voor me, omringd door iedereen die hen graag ziet. De zon schijnt, en er zijn vrienden van alle hoeken van Europa. In het zwembad spelen kinderen, en de tafel is gedekt met lekker eten. Hoog in de lucht cirkelen de buizerds en de valken waar we zo van houden.

Dat is een goed beeld. Hout vasthouden.
Of zoals de Fransen het zeggen: touchons du bois.

 

Kiki 5 043 ed cut klein
(c) KV