ZAAILING #32 – Il était une fois… Mokafé!

Een Zaailing-sprookje om te gaan bezoeken en bezichtigen, met een kop koffie er bovenop…

 

Il était une fois, dans la Galerie du Roi à Bruxelles, un bistro où on servait du café délicieux et les meilleurs gauffres du monde… Même son nom avait un goût de délicatesse: “Mokafé”.

Mokafé Page1 cut3 klein

Op een dag streek er een ekster neer aan de ingang van de bistro. Dat was een zeldzaam zicht. Eksters houden normaal niet zo van overdekte galerijen. Maar dit was een heel vrijpostige ekster, en de eigenares van de bistro was blij met wat gezelschap. Ze gaf hem een bakje water en een eigen stoel tussen de vaste klanten en de toeristen van alle kleuren en nationaliteiten op het terras voor haar zaak. Dat vond de ekster best. Hij balanceerde op de leuning, dronk een beetje van het water, keek naar de klanten, en fladderde wat in het rond. Hij lette erop het terras niet vuil te maken.

The magpie started coming around more often. Every time he visited, he would get a treat: there were always waffle crumbs lying around in the kitchen to please a hungry bird. The lady liked the magpie, and the magpie thought she was a really sweet person.

Mokafé Page1 cut4 klein

Pour la remercier, un jour il lui offrit l’idée qui lui était venue à l’esprit quand il vit un artiste de rue faire des dessins dans un coin de la galerie.

It so happened that he knew of a creative couple of artists, a writer and an illustrator who both loved birds, too. They had been working together for a good while now on a project they called SAPLINGS, and they might have some work to show and put up on the walls of Mokafé.

Mokafé Page1 cut1

De lieve eigenares vond dat een schitterend idee. De ekster knikte een keer parmantig, pikte nog een wafelkruimel mee, en vloog toen de galerij uit, naar Sint-Genesius-Rode. Want dat, wist hij, was waar de tekenaar woonde…

 

En dit sprookje is nog niet uit, integendeel: de tentoonstelling van een selectie ZAAILINGEN in Mokafé (Koningsgalerij, Brussel) is pas begonnen.
We nodigen alle nieuwsgierigen met veel plezier uit om de ekster en het spoor van wafelkruimels te volgen en er een kijkje te gaan nemen!

Mokafé Page1 cut8

Wie dat doet tijdens het weekend in de periode van 19 mei tot en met 10 juni kan bovendien ook de expo BXL Dorado in de Begijnhofwijk meepikken, waar eveneens werk van ons tentoongesteld wordt.

 

Dit sprookje was in feite niet meer dan de inleiding…
Nieuwsgierig naar deze Zaailing, integraal en op ware grootte? Klik hier

Mokafé Page1 klein

 


 

ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde
en tekenaar Jurgen Walschot.

Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden,
hij tekent bij de tekst.

Zaailing stempel klein

 

 

 

Advertenties

Dromen weven

 

Robur_007 kleinRobur 32293498_10212179102380153_115010896245293056_n

 

Sommige dagen zijn net iets magischer dan andere.

We bezochten Marieke Van Coppenolle, een lieve vriendin, die een opendeurweekend hield als Crowdfundingsactie voor Robur.

Robur-op-den-Eik is een project waartoe Marieke geroepen werd, een missie waarvan ze voelde dat ze ze moest volbrengen: een huisje bouwen dat nog het meeste wegheeft van een yurt (nomandentent), waar mensen kunnen komen herstellen van burn-out of ziekte, waar kleine groepen activiteiten kunnen houden of waar kunstenaars zelfs in residentie kunnen komen. Zelf leidt ze een nomadisch bestaan, dit is geen woonst voor haar. Wat het wel is, is een levenswerk, en wat ze intussen voor elkaar gekregen heeft, is fenomenaal.

 

Robur_009 klein
Roburs magische bos (c) KV

 

Marieke en ik ontmoetten elkaar per toeval op de jaarlijkse VAV-conferentie, en zoals dat gaat tussen verwante zielen, klikte het. Intussen is ze al twee keer komen logeren bij ons gezin, en we kunnen het prima samen vinden. Ze was ook een welkome gast om de eerste Seizoenscirkel (Lente) dit jaar.
Dus toen ik hoorde dat er bezoekdagen waren op Robur, waren we daar heel graag bij.

Samen met een bevriende familie brachten we een heerlijke zonnige zaterdagmiddag door op de bouwplek. Vrijwilligers serveerden pannenkoeken en drank, er waren spelletjes voor de kinderen, een beroemde violiste gaf een benefietconcert… Alle bijdragen waren ten voordele van het bouwproject. Marieke zelf leeft al jaren zo sober dat je haar gerust een hedendaagse kluizenaar kunt noemen – behalve dan dat ze het liefst rondtrekt in haar bus/bestelwagen/kleine vrachtwagen, als een moderne nomade…

Robur 32367236_10212179019218074_8300416649077456896_n

Er stond nog een activiteit op het programma die zaterdagmiddag, en daar wilde ik heel graag heen: dreamcatchers maken.

Ik hou al heel lang van dreamcatchers, en ik heb er thuis een aantal, waaronder enkele gemaakt door native Americans, of vrienden. Ik wilde altijd al leren hoe dat moest. Dus dit was een schitterend moment.

Ik genoot er met volle teugen van. Het was best ook wel wat prutsen en proberen, maar dit is een ambacht waar ik spontaan mijn plek vond. Ik werkte door toen alle anderen al klaar waren, en na twee uur had ik een kleine en delicaat geweven dreamcatcher waar ik bijzonder blij mee was. Voor een eerste poging, zalig!

Ik wil hier in de toekomst mee doorgaan. Zoveel dingen waarvan ik hou (meditatief werk, stenen en kralen, veren, oude kunst, gebed) komen samen in dit ambacht. Ik ga binnenkort op zoek naar meer materiaal (en in plaats van die koude ijzeren ringen kan ik binnenkort takken gebruiken van onze eigen treurwilg, hoe leuk is dat?). Ik hoop in de toekomst gauw wat meer werk te kunnen tonen.

Een dikke dankjewel, Marieke, om zo’n inspirerende en hartverwarmende persoon te zijn!

Robur 20180512_172502 klein
Ik, Marieke en vriendin Tessa met dochter Happiness

Meer weten over Robur of eventueel vrijwilligerswerk? Neem hier een kijkje:

ZAAILING #31 – Aan land

 

BXL DORADO affiche 1 klein

 

Het is bijna onmogelijk om in deze tijden niet op een of andere manier beroerd te worden door de complexe problematiek van het vluchtelingenthema. Daarom organiseert de vzw New Flemish Primitive Art School in mei en juni 2018 de tentoonstelling BXL DORADO, vanuit het perspectief van mensen onderweg, die zwerven tussen land en buitenland, tussen cultuur en vervreemding, tussen oorlog en onderdrukking. New Flemish Primitive Art School werkt hiervoor samen met zowel vluchtelingen-kunstenaars als plastische kunstenaars van Brussels-Europese bodem.

In BXL DORADO staat Brussel centraal, als het Eldorado dat het voor ontelbaar veel zoekenden dezer dagen is: de droom van een beter bestaan, de melancholie van verre einders, de drang naar het onbekende.

Wie zijn deze mensen die de benen nemen, die moeizaam hun vleugels uitslaan, hun leven op het spel zetten, verbonden in weinig meer dan doodsangst alles achterlaten om over de wereld te gaan zwerven op zoek naar een lichtpunt, een plek waar ze zich veilig kunnen voelen?

Jurgen en ik nemen deel aan de expo, met een selectie Zaailingen die voor het merendeel speciaal gemaakt werden voor deze gelegenheid en rond dit thema.

Locaties:
Instituut Pacheco > Grootgodhuisstraat 1000 Brussel
Begijnhofkerk > Begijnhofplein 1000 Brussel
Passa Porta > A.Dansaertstraat 46 1000 Brussel
Gemeenschapscentrum De Markten > Oude Graanmarkt 5

Vrij toegankelijk van 11 tot 18u op volgende weekends:
19-20 mei
26-27 mei
2-3 juni
9-10 juni

Neem voor meer info en een blik achter de schermen zeker een kijkje op de Facebookpagina van BXL DORADO.

 

Bij deze laten we alvast een van de tentoongestelde Zaailingen op u los.

 

Aan land
Zaailing #31

 

Zee_2013
(c) Jurgen Walschot

 

De golf brengt je aan land, slap als aangespoeld wier.
Je handen voelen zand, kiezels, schelpen. Het gruis van een oud continent, de verkruimelde dromen van wie hier al veel te lang woont.

Een tweede golf spoelt over je heen, legt zich als een deken om je schouders voor ze zich terugtrekt.
Je hijst jezelf rechtop.

Hier sta je dan, met de zon en het water als getuigen van je tocht.

Je kijkt om je heen en ruikt de geur van wat misschien de toekomst is. Hoop werpt zijn schaduw vooruit als een spoor om te volgen, dwars door de branding heen.

 

 


 

ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde
en tekenaar Jurgen Walschot.

Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden,
hij tekent bij de tekst.

Zaailing stempel klein

 

 

Bij mezelf waar ik ben

 

Twee weken geleden viel ik van de trap.

 

Lente serieus_072 zw ed 2 cut sepia gloei klein
(c) KV

 

Het was niet alsof ik erop had zitten wachten. Maar dat soort dingen gebeuren niet zomaar.

Ja, natuurlijk weet ik hoe dat klinkt en nee, ik maak geen grapje. Dit soort verschijnselen kunnen heel bizarre en grappige proporties aannemen. Als mijn man emotioneel ergens mee in de knoop zit (stress op het werk, zorgen om zijn kinderen…), dan krijgt hij transportproblemen: auto-ongelukken, fietspanne, technische schade… Eerst zagen we het verband niet, maar stilaan begonnen we te merken dat als hij een accident of een probleem had, zich dat telkens voordeed op momenten dat hij ergens mee aan het worstelen was. Dus na een tijdje lachten we, als hij weer eens in panne stond met zijn velomobiel: oké, wat is er echt aan de hand? Bleek er altijd weer een of ander interessant innerlijk proces aan de gang dat het verdiende om er met wat meer aandacht naar te kijken.

Ik gebruik de signalen van mijn lichaam al jaren als metafoor. Dus mijn bekken en mijn staartbeen kneuzen, die sinds mijn bevalling negen jaar geleden sowieso fragiel zijn, was iets om serieus te nemen. Hier liggen verbindingen met geworteld zijn, met de oorsprong van het leven, en met een diep gevoel van veiligheid. Het bekken is bij een vrouw tegelijk het centrum van kracht, haar fundering en de schoot van haar creativiteit.

Een val zoals die van mij (de voorlaatste trede van de trap missen en landen op mijn stuit) kun je moeilijk levensbedreigend noemen. Maar ik beken dat ik de impact ervan onderschatte. Ik heb nog nooit iets gebroken in de veertig jaar dat ik leef, en mijn ernstigste fysieke aandoening (behalve de woedende storm die bevallen bleek te zijn) was een longontsteking – een heel ander type kwaal.

Dus sloeg ik de evoluties van mijn lichaam heel bewust, en met lichte verbijstering, gade, de afgelopen twee weken. Ik verbaasde me erover hoe snel een lichaam geneest, terwijl sommige diepere kneuzingen tegelijkertijd langer blijven hangen dan je verwacht. Ik vroeg me af of er al dan niet iets echt mis was (er was één zijde waarop ik ’s nachts eigenlijk niet kon liggen – niet omdat dat pijn deed, maar omdat sommige bewegingen die ik maakte als ik op die kant lag een pijnscheut langs mijn ruggegraat deden schieten waar ik zonder mankeren van wakker werd, en die er voor zorgde dat ik de eerste twee uur na het opstaan letterlijk kreupel liep.

Ook op innerlijk vlak ben ik gaan graven en gaan gadeslaan. En dat was net zo interessant. Samen met de kneuzingen leek er een soort bron aangeboord vanbinnen om oude, opgebouwde spanningen er eindelijk uit te laten komen. Een pijnlijke vorm van zuivering, als je wil.

Wat ik heb geleerd:

Pijn put uit. En dat geldt voor zowel fysieke als emotionele pijn. Ik heb me zelden zo moe gevoeld als nu, na een dag van functioneren op halve kracht, waarbij ik voortdurend bezig was het knagende pijngevoel in mijn spieren op de achtergrond te houden. Het is ook geen toeval dat ik precies in deze periode schreef over de harde en diepe innerlijke oordelen die we over onszelf vellen.

Voor mij is, bij de aanvang van dit nieuwe seizoen en wie weet wel een heel jaar, als we de natuurlijke kalender volgen, de conclusie van de afgelopen twee weken van pijn en genezing alvast deze:

Ik wil bij mezelf zijn waar ik ben.

Zonder de noodzaak mezelf te verantwoorden tegenover wie of wat dan ook, zonder beter te willen zijn dan ik ben, zonder een oordeel te vellen over mezelf, een situatie, andere mensen of een combinatie van dat alles. Ik wil ’s morgens wakker worden en blij zijn over waar ik me bevind, zonder enige intentie om ergens anders te zijn of te geraken. Want ik ben zelf net zo goed een plek om bij mezelf te zijn, een woonplaats voor mijn ziel, en ik wil daar zijn. Thuis in en bij mezelf, en blij daarmee. Ik wil uitbotten als een boom, op het moment dat hij eraan toe is, en het zonlicht vangen, net zo goed als de regen.
Ik wil Zijn.

Ik probeer, andermaal, naar mijzelf te kijken met nieuwe ogen.

 

Lente serieus_069 zw ed cut sepia gloei klein
(c) KV

Een oordeel vellen

Mijmeringen over goed en slecht, en over een vogel met een kwalijke reputatie

 

Vroeger dacht ik dat het leven binair was.
Je was ofwel goed, ofwel slecht. Gebeurtenissen waren ofwel goed, ofwel slecht. Goede dingen moest je herhalen, slechte dingen vermijden. Jezelf proberen te verbeteren was iets goeds. Niet werken aan verbetering was iets slechts.

Ik ben moe van het oordelen.
Het is uitputtend, en bovendien: het is niet eens juist.

Gebeurtenissen, gedrag, mensen… zijn gewoon wat ze zijn. Al de rest is ons eigen oordeel daarover: wat wij ervan maken, hoe wij ze tegen het licht van ons persoonlijke waardeschaal houden, hoe wij kiezen om naar ze te kijken en een oordeel over ze uit te spreken.

Ik zou graag een breder en steviger strook land vinden waar een tussenweg loopt. Een nieuw gebied ontdekken dat Neutraal heet. Of: het is wat het is.

 

Lentevleugels_035 ed cut klein
(c) KV

 

Dat is nogal een uitdaging. Een van de sterkste en meest welbespraakte vormen die onze Innerlijke Criticus graag aanneemt, is die van de Rechter. Schat situaties heel snel in en trekt even snel conclusies, oordeelt meteen en schiet met scherp. De Rechter is die stem vanbinnen waarvan we vaak niet eens beseffen dat ze aan het woord is, maar ze regeert een groot stuk van ons leven. Van het mijne toch.

Ik ben nochtans al een hele tijd bedreven om die goeie oude Rechter te herkennen als hij weer eens zijn opwachting maakt. En ik heb stevige vooruitgang geboekt in hem vriendelijk toeknikken maar verder niet te luisteren naar wat hij zegt, of anders zijn woorden niet al te ernstig te nemen. Maar soms kom je toch in situaties terecht waarin een diep stuk van datzelfde oude patroon zich nog eens wil afspelen, en je het hele rondje duiveluitdrijving voor de zoveelste keer nog eens opnieuw mag doen.
(Dat is niets om beschaamd over te zijn. Ik schreef eerder: mensen zijn ajuinen. Afrekenen met onze patronen en pijnen is een werk van laagjes pellen, een voor een.)

Het lijkt er dus op dat ik weer eens in een afpelfase zit.
Ik probeer mijzelf te observeren, de dingen die ik doe, voel en nodig heb, en geen oordeel te vellen. Ik probeer in Neutraal te blijven. Ik sta de dingen toe te zijn wat ze zijn zonder te proberen ze te veranderen.

Wat in de loop van dat proces naar boven komt, is een duet tussen angst en behoefte. De angst om niet goed genoeg te zijn, de behoefte om geprezen of zelfs maar gewoon aanvaard te worden. De angst om gekwetst te worden (of anderen te kwetsen), de behoefte aan veiligheid, en om ergens bij te horen.
Dit zijn gevoelens zo oud als de mensheid zelf, en daarmee bezig zijn, voelt wel eens als waden door diepe, taaie modder.

Maar ik geraak er wel. En als dat niet zo is, is dat ook oké. Kijk, ik leer bij!

 

Lentevleugels_041 ed cut klein
(c) KV

 

De dingen al te veel relativeren is meestal niet zo constructief – je durft nogal eens eindigen met een amoreel soort ‘laat maar waaien’-mentaliteit, en ik geloof echt wel in het belang van waarden als liefde, respect en eerlijkheid, bijvoorbeeld. Maar voor iemand als ik is nu en dan een beetje relativeren, en níet oordelen, een heel goede zaak.

Als ik mensen vertel dat ik een boontje heb voor eksters, krijg ik als reactie vaak een opsomming van het minder fraaie gedrag van deze vogels: ze zoeken ruzie, ze roven nesten van andere vogels leeg, het zijn afvalschuimers, ze stelen (glanzende voorwerpen)…
Maar in een artikeltje over het karakter van ekster dag ik onlangs las, trof deze zin mij het meest: Zijn naam als nestrover heeft hij vooral te danken aan het feit dat hij overdag nesten leeg haalt. Vogels die dit ’s nachts doen, worden niet opgemerkt.

Zit hier geen kink in de rechterlijke kabel? Of hoe de context onbewust soms meer doorweegt dan de feiten…

Een andere eigenschap die eksters minder aardig en knuffelbaar maakt voor veel mensen, is het feit dat ze dode dieren of afval eten. Ze zijn niet kieskeurig als het aankomt op hun dieet, het zijn schoonmakers. Eigenlijk zijn een soort gieren in het klein! (Dat ik van gieren hou, is bekend. En voor wie dat nog niet wist, wel: hierom…)

Ik ga dus geen oordeel vellen over de ekster en zijn bezigheden, noch over mijn voorliefde voor de soort. Ik ga gewoon genieten van hun aanwezigheid, en glimlachen elke keer als ik ze voorbij het raam zie vliegen, in onze boomkruinen naar boven zie huppelen (dat doet zo’n ekster in een combinatie van sprongetjes en een heel klein beetje vliegen, telkens een paar takken hoger) en ze zie landen in het nest dat ze de afgelopen maand hoog in een van onze eiken hebben gebouwd.

Over een paar weken zullen we een hele familie van ze hebben. En ik zal nog blijer zijn.

Ik vraag nu, beleefd en met alle respect, dat de Rechter zich onthoudt van enige commentaar.

 

Lentevleugels_037 ed cut klein
(c) KV

Orde en harmonie – vanbinnen of vanbuiten?

Waarom ik mijn huis niet zo grondig opruim als ik wel zou willen

 

Prelente_085 ed cut klein
(c) KV

 

De lente is in het land – met een kleine maand vertraging, maar ze is er tenminste!

Lentschoonmaak is aan mij nooit echt besteed geweest. De meeste van onze spullen hebben een vaste stek (kamer, kast, plank, lade), maar er slingert altijd een milde hoeveelheid rommel die illustreert dat de prioriteit bij ons in huis leven is, en niet opruimen.

Clean
Bordje bij ons in de gang

Laatst keek ik het huis en de tuin rond. En ik merkte dat een aantal dingen toch niet helemaal waren zoals ik ze graag had. Ik zou wat meer moeten opruimen. Ik zou onkruid moeten wieden. Ik zou mezelf en mijn zaakjes beter in de hand moeten hebben.
Alleen had ik niet genoeg energie voorradig om het me echt aan te trekken. De inspanning die het zou vragen om mijn omgeving een heel klein beetje te verbeteren, woog veel meer door dan het voordeel dat ik zou halen uit al die moeite.

Het is niet dat ik niet houd van een proper huis. Soms voelt zo’n woonst wel eens té netjes voor mij, alsof je per ongeluk een bladzijde uit een interieurmagazine binnen bent gewandeld, een huis waarin niemand echt lijkt te wonen, maar ik geniet van schoonheid, harmonie en rust. En in de algemene zin houden we ons huis ook wel schoon. Oké, van de vloer eten zou ik niet aanraden. En er staan overal veel te veel planten en kunstvoorwerpen en stenen om het ooit te laten doorgaan voor een meditatieruimte in zen-stijl, maar dat is prima. Alleen wilde ik soms dat het een heel klein beetje ordelijker was, beter gestructureerd, meer… iets.
Tot ik me begin voor te stellen dat ik effectief aan dat schoonmaken en opruimen begin…

Laat maar.
Het is al lang prima zo.

En dat is ook zo. Dus waarom die gemengde gevoelens?

 

Prelente_089 ed cut klein
(c) KV

 

Twee jaar geleden ging Christophe voor twee weken naar de VS, een congres bijwonen en dierbare oude AFS-vrienden opzoeken. Het was de langste periode dat we niet samen waren waarbij ik degene was die thuis achterbleef, en het was een stevige uitdaging.

Ik ben geen huishoudelijke prinses, en voltijds voor alles alleen instaan, ook de zorg voor onze zoon van (toen) zeven, drukte mij met de neus op het feit hoe hecht mijn leven verweven was geraakt met dat van die andere persoon waar ik al vijftien jaar mee samenwoonde. Ik beken eerlijk dat ik minder moeite heb om het zonder mijn zoon te stellen als hij de halve zomer in Frankrijk bij zijn grootouders doorbrengt, dan om mijn man twee weken te missen.

Het is me wel gelukt, natuurlijk (jeezes, wie ben ik om te klagen!?) en ik hervond ook een soort innerlijke kracht waarvan ik had gedacht dat die misschien verdwenen was. En die twee weken hadden ook een paar onverwachte geschenken voor me. Ik merkte interessante veranderingen in mijn gedrag. Ze kwamen onbewust tot stand, in de zin dat ik niet beslist had om de dingen plots anders te gaan aanpakken. Maar aangezien ik op een zeer bewuste manier leef, en ze zeer aanwezig waren, kon ik niet anders dan ze opmerken, in al hun onverwachtheid.

Christophe zucht wel eens dat ik een meester ben in het negeren van de afwas die op hem staat te wachten op het aanrecht (ik kook, hij wast af, en het klopt: ik kan die to-taal negeren). Maar toen hij er niet was, slaagde ik daar eenvoudigweg niet in. Dat had niet eens zoveel te maken met de wetenschap dat alles wat ik zich liet opstapelen later alleen maar een groter en lastiger karwei werd. Het had iets te maken met de orde en schoonheid die ontstond als ik het achter de rug had. Die had ik nodig. Het was bijna alsof ik, nu de liefde van mijn leven er niet was, een zekere vorm van troost uit mijn omgeving wilde halen. Ik voelde me beter als de dingen schoon en opgeruimd waren. Dus deed ik dat, grondiger dan in lange tijd. De bezigheid zelf bezorgde me niet bepaald veel vreugde, maar het resultaat was om een of andere reden belangrijker. Ik had het gevoel dat ik mijn leven beter aankon met een schonere keuken, een beter opgeruimde woonkamer.

Toen mijn man terugkwam, omhelsde ik hem als de verloren en teruggevonden schat die hij was. En het leven werd weer normaal.

Nu kijk ik mijn huis en mijn tuin rond, in dit vroege lenteweer, en ik herken mijn nood voor wat meer properheid, orde en schoonheid. En dan weeg ik die af tegen het rijke gevoel van harmonie en ‘thuiskomen’ dat ik al heb, de verbondenheid met mijn geliefden, de energie die ik investeer in mijn gezin en mijn professionele bezigheden.
Ik vraag me af wat de meerwaarde van die extra inspanning zou zijn. En ik betrap mezelf op de gedacht: ja, het zou wel leuk zijn. Maar de meerwaarde weegt niet op tegen de moeite.

Zo lang ik omringd ben door mijn geliefden in een warme cocon van harmonie, kan ik wel tegen een beetje rommel. Uitgebreid opruimen zou me niet gelukkiger maken. Die tijd steek ik veel liever in creatief bezig zijn, een goede gesprekspartner en klankbord zijn voor mijn man, en een mama die er staat voor haar zoon.

Ik keer de rommel die zich zachtjes opbouwt de rug toe. Dat grondiger opruimen spaar ik wel voor de dag, hopelijk in een heel verre toekomst, dat ik alleen woon op een plek die thuis zou willen noemen.

 

Prelente_080 ed cut klein
(c) KV

Een toilet met gevoel voor humor

Ik hou van huizen die mij verrassen. Met gigantische planten, of exotische voorwerpen of muren gesausd in allerlei originele kleuren.
Huizen vertellen je veel over de mensen die er wonen, hun benaderin van het leven, hun creatieve geest en hun gevoel voor humor.

Laatst was ik in precies zo’n huis, een huis met een ziel. Ik kan het bijzonder goed vinden met de eigenaars – en met het huis.

Dit is een foto van de muur boven het toilet. Om maar iets te zeggen.

 

Toilet
(c) KV

ZAAILING #29 – Codes

 

Würzburg_2012 klein
(c) Jurgen Walschot

 

Sommige kamers zijn gemaakt om door jou betreden te worden.
Dat hoeft niet meteen, dat lukt vaak zelfs niet onmiddellijk. De deuren ernaartoe gaan ook niet zomaar open.

Soms is zo’n deur heel vanzelfsprekend aanwezig, maar merk je ze niet op. Je moet er vaak genoeg voorbijgelopen zijn om uiteindelijk toch nieuwsgierig te worden. Soms wil je wel van in het begin naar binnen, heel graag zelfs, maar blijkt ze op slot.
Heel soms wordt de doorgang pas zichtbaar voor wie, ondanks alles, blijft geloven dat ze er is. Codes laten zich pas lezen door wie eraan toe is ze te kraken.

Soms weet je dat je naar binnen zult gaan zodra je ze ziet. Zelfs al wil je dat eigenlijk niet, of huiver je, of staar je zo lang als je kunt naar het zwijgende sleutelgat op zoek naar antwoorden en garanties. Want achter elke deur ligt een wereld, het begin van iets en het einde van iets anders. Je weet niet wat je zult vinden. Je weet nooit wat je achterlaat tot het er niet meer is.

Maar sommige kamers zijn gemaakt om door jou betreden te worden. Want de code laat zich lezen, en het licht geeft je een duwtje in je rug. De lijnen in het hout roepen jouw naam.

Je stapt naar binnen. Je ademt nieuwe lucht.
En achter je valt, met de zachtste klik, de deur naar het verleden dicht.

 

 

(c) Jurgen Walschot

 


 

ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot.
Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

20170712_134033 ed klein