Licht dat schijnt

Light & drops_044 ed cut
(c) KV

 

It’s only dark because you’ve invested your light in the old, schrijft Jonas Ellison in een recente blog waarin hij het heeft over zijn persoonlijke ervaring met de Donkere Nacht van de Ziel. Hij beschrijft die als de overgangsperiode tussen een oude fase en een nieuwe, waarbij het oude al afgeworpen maar het nieuwe nog niet gearriveerd is en alles dus onzeker aanvoelt. Klinkt behoorlijk hard als Bill Plotkins cocon, als je het mij vraagt.

Hoe dan ook, ik voel wel wat voor Ellisons benadering, en die ene zin vond ik bijzonder treffend. Het is duidelijk: als je je licht blijft gebruiken om de dingen te belichten die je ontgroeid bent, je verleden en je oude zelf, dan gaat er niets de andere kant op, en blijven de uitdagingen en zegeningen van het nieuwe pad, de nieuwe fase, volledig in het duister.
Daarom is het onbekende vaak ook zo beangstigend. We zijn er niet erg goed in om gewoon in het nu te zijn, in het vagevuur (zelfs al is dat maar tijdelijk) en ons licht vooruit te schijnen – en niet veel verder te raken dan onze voeten, want de dikke mist van onzekerheid blokkeert elk uitzicht.

Of we zouden kunnen stoppen met wat dan ook te willen belichten, en het licht toestaan om ons te vinden, terwijl we dapper voort lopen doorheen de mist waarachter een nieuwe dageraad ons wacht.

En wanneer het ons dan vindt, zal het recht door ons heen stralen, prachtig en helder. Dat zal het moment zijn waarop we weten dat een heel nieuwe dag aangebroken is.

 

Light & drops_043 cut klein
(c) KV

Advertenties

Sporen

Zaailing #19

 

Het leven, weet hij, trekt sporen voor wie ze kan volgen.
En dat is hoe hij leeft: zonder halt te houden.

De monotonie van onderweg zijn went. Maar telkens als hij achterom kijkt, vreest hij aanstormende lichten. Zijn reflexen zijn getraind om inderhaast uit de weg te springen. Voor je het weet, heeft het verleden je ingehaald en dendert het als een trein over je heen. Wie zich laat verleiden om stil te staan, strandt in het beste geval in een tussenstation.

Zoals zij.

 

Londen 2017 1
(c) Jurgen Walschot

 

Natuurlijk is hij niet op haar toe gestapt. Wie een schim is in zijn eigen leven weet dat er niet zoiets als houvast bestaat. Hij stelt zich tevreden met toekijken van op een afstandje. Een gestolen moment.

Zou het fijn zijn om naast haar te zitten, daar op die bank, en oprecht te geloven dat er straks een trein stopt, met deuren die vanzelf opengaan om hen binnen te laten?
Hij ziet het zichzelf bijna doen. Hij ziet haar zelfs opkijken en glimlachen, met donkere, glanzende ogen.

Ze laat hem twijfelen. Iets aan haar klopt niet met zijn verhaal. Is ze echt gestrand? Haar pad lijkt meer berusting te kennen dan het zijne, wie weet zelfs een gelukkig einde. Hij gunt het haar.
Hij wil er niet komen spoken.

Hij leest de grijnzende letters op het scherm. Hij heeft geen bestemming maar het is tijd om te gaan.
Een laatste blik over zijn schouder, voor hij zich laat meevoeren langs de gesyncopeerde lijn van licht, verder de nacht in.

Zo wil hij het zich herinneren, de volgende keer als hij achterom kijkt.
Een tussenstation dat heel even voelde als een thuis.
Haar schoonheid, in een tafereel dat seconden lang stilstond terwijl de tijd, voorbij razend als een verduisterde trein, hen ongemoeid liet.

 

 


ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot.
Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

20170712_134033 ed klein

 

Komen en gaan met de golven

Kingley Vale_150
(c) KV

 

De seizoenen komen en gaan als de golven. Ze brengen nieuwe getijden en wassen alles weg wat daarvoor kwam.

Ik heb geworsteld met de herfst dit jaar, omdat ik de zomer op een of andere manier gaande wilde houden, de zoete, niet aflatende stroom van creativiteit, de pulserende kracht van al wat wilde bloeien.

Maar de herfst is, net als eb of de onderhuidse invloed van de maan, niet te weerstaan. Ik heb de kracht van de zomer uit mijn lijf voelen vloeien, als zand dat tussen mijn vingers vandaan glipte, pluimpjes die weggeblazen werden van mijn handpalm.
Ik kan niets anders dan ze laten gaan.

Terwijl ik me voorbereid op de Soul Circle later deze maand, doorloop ik cycli van loslaten en vernieuwen.
Oude angst, ballast van levens geleden – echt of niet, maakt het uit? zo voelt het alvast – werkt zich naar de oppervlakte om erkend te worden, begrepen en eindelijk afgelegd. Sommige stukken ervan zijn moeilijk onder ogen te zien – maar zijn niet alle angsten en mislukkingen dat? Andere delen zijn rijp en voldragen, en ik verwelkom andermaal het afwerpen van oud lagen huid.

Tezelfdertijd maken nieuwe dingen hun opwachting. Ik heb het gevoel dat ik mijn eerste stappen zet op een pad dat ik wil lopen, al heb ik geen idee waar het heen gaat.

 

Trom_003 ed klein
(c) KV

 

 

Ja, de trom heeft er wat mee te maken. Ik koos hem uit een aardig aanbod van frame drums in een winkel die goed aangeschreven stond en niet teleurstelde. Er was veel keus in formaat en uitzicht, maar ik heb ondertussen genoeg ervaring om te weten dat je zoiets alleen beslist op klank. Hoe mooi een instrument er ook uitziet, je moet vooral telkens weer omhuld willen zijn door de resonantie ervan, want anders heeft wat je doet totaal geen zin. Ik had nooit verwacht dat ik zou gaan voor eentje met de pels nog op het slagvlak, maar toch wel dus. Het leven is blijkbaar nog niet klaar met verrassingen uitdelen. En ik merk dat ik die haren eigenlijk heel prettig vind. Ze zorgen ervoor dat de trom levender aanvoelt, en brengen tegelijk een zachtheid mee die ik ben gaan appreciëren. De klank is er niet minder krachtig om. Zachte dingen reiken soms juist nog dieper.

In de afgelopen weken hebben mijn handen deze nieuwe vriend verkend (ik gebruik de stokken nauwelijks). Hij roept geesten en schaduwen op, en de diepe, woordeloze aantrekkingskracht van winters boven de poolcirkel. Maar hij zou me op een dag net zo goed kunnen meenemen naar de dampende regenwouden. Ook prima.

Ik kan niet te ver vooruitkijken, nu. In de duistere dagen eigen aan de herfst en de winter is er vooral ruimte voor introspectie, en de warmte van huis, haard en hartsgezellen.

En de ene golf na de andere die komt aanrollen, mij met zich meeneemt, en me weer aan land brengt.

 

Kingley Vale_166

 

Mama kronen

Een reis naar de wortels van Oude Wijsheid

Kingley Vale_359
(c) KV – De toegang tot Kingley Vale

Na de diepe, vervullende fases van een leven in dienst van de ziel, zegt ecopsycholoog Bill Plotkin, bereikt de persoon die de roep van de ziel hoorde als Zwerver, die haar leven er als Leerling ten van dienste stelde en die de wereld het beste van haar talenten schonk in de hoedanigheid van Meester, het punt waarop ze overgaat naar het stadium van Oude Wijsheid.

Op dat moment begint het leven minder te draaien om Doen en maken, en meer om Zijn, voeden en inspireren.
Wanneer de jongvolwassene zich, geraakt door de roep van haar ziel, terugtrekt in een metaforische cocon en oversteekt naar de spirituele helft van het leven, dan gaat ze in Plotkins woorden door een proces van Zielsinitiatie. Ze voelt een verhaal, een krachtig beeld, de aantrekkingskracht van iets wat sterker is en dieper gaat dan haar ego of persoonlijkheid alleen, en ze voelt zich geroepen om zich ten dienste te stellen daarvan. Zielsinitiatie markeert het begin van de magische helft van het leven.

Een gelijkaardige monumentale overgang vindt plaats wanneer de bezielde volwassene de fase van Oude Wijze bereikt. Plotkin noemt dit de ‘Crowning’, een prachtige samentrekking van de Engelse woorden ‘crone’ (oude vrouw) and ‘crown’ (kroon), en verbindt zo meteen de charmes van hoge leeftijd en het waardige, bijna koninklijke van vergevorderde geestelijke evolutie.

Mijn moeder vierde afgelopen december haar zeventigste verjaardag. Mijn zus en ik wilden iets speciaals en symbolisch doen met haar, dus we besloten haar mee te nemen op een verrassingsreisje naar Engeland. We wilden niet alleen haar verjaardag vieren, maar ook haar overgang naar de status van Oude Wijze.

Onze moeder is een mooie, wijze en grappige vrouw met een hart groot genoeg om de hele planeet en iedereen erop te omarmen. En op sommige momenten in haar leven is dat ook precies wat ze gedaan heeft. Ons huis was altijd een haven voor mensen om te landen: voor het avondeten, voor een nacht, voor een paar jaar. Haar regenboogkinderen, noemden we ze. Sommigen waren zo oud als wij, een paar waren ouder, de meesten jonger. Ze hield van ze en vertroetelde ze en hielp ze hun leven weer op de rails krijgen als dat was wat ze nodig hadden.

Haar dagen van oeverloze zorg zijn nu enigszins voorbij. Te veel artrose en andere (godzijdank goedaardige) ouderdomskwaaltjes hebben een halt toegeroepen aan haar onafgebroken rondrennen en verzorgen – hoewel ze er soms nog wel eens in vervalt en de fysieke gevolgen achteraf voor lief neemt.

Maar tegelijkertijd is ze wijzer geworden. We hebben dezelfde opleidingen gevolgd en veel ervaringen gedeeld in de loop van de jaren, en zij is de eerste om aan iedereen te vertellen wat voor sterke vrouwen haar dochters geworden zijn, maar wij weten dat dat maar de helft van het verhaal is. Mama kan je aankijken, peilen tot diep in je ziel en naar boven komen met informatie waar je heel stil van wordt omdat ze zo ontzettend juist is. Ik heb er niets mee te maken, zegt ze, ik geef maar door wat ze mij ‘daarboven’ vertellen. Dat is geen valse bescheidenheid. Maar bescheiden zijn betekent soms ook dat je jezelf onterecht niet voldoende waardeert. Dus wilden we mama’s wijsheid vieren, haar diepe ervaring, en natuurlijk ook gewoon het feit dat ze onze moeder is.

Mama is een makkelijke persoon om te verrassen. Ze laat zich meevoeren op de stroom en vraagt zich niet te veel af. Ze is opgetogen als blijkt dat ze iets niet zag aankomen, en verwelkomt alles wat haar kant op komt – behalve misschien de tegenliggers in een land waar mensen links rijden. Omdat we reisden met onze eigen wagen, was de passagier vooraan degene die al het aankomend verkeer op zich zag afkomen. Na twee uur op de Engelse wegen ruilde mams haar plek met plezier voor eentje op de achterbank.

Kingley Vale_081
(c) KV – Storm bij The Seven Sisters

Onze eerste stop was Beachy Head, waar we uitkeken over The Seven Sisters, de adembenemende krijtkliffen van de Engelse zuidkust. Het weer was stormachtig en subliem.

Het was de perfect plek om je verbonden te weten met de elementen. We zaten met ons drieën ongestoord op een bank, en stemden ons af op wat de wind en de zee ons wilden vertellen. We luisterden naar wat gezegd werd: over onszelf, voor de ander. We deelden de boodschappen. Toen lieten we al het oude dat mocht losgelaten worden gaan, in de wind, of met de golven.

We reden door tot in West-Sussex naar the Hamblin Trust, het domein waar we twee nachten zouden verblijven in een van hun knusse chalets. Ik dwaalde door de tuin in het schemerlicht van de vallende avond, en de volgende ochtend.

Na het ontbijt hadden we maar tien minuutjes nodig tot aan de plek die de eigenlijke bestemming van deze hele trip was: Kingley Vale, waar in een bosje-in-een-bos The Watchers staan, de oudste taxusbomen ter wereld. Een aantal van deze knoestige reuzen zijn tweeduizend jaar oud. Waar konden we mama’s Crowning beter vieren?

Maar het bleek toch een beetje een uitdaging. Bij de eerste oude taxus die mama zag toen we wat dieper het bos in gingen, maakte ze bijna rechtsomkeert. Hij zag er dreigend uit, vond ze, en er hing iets donkers en gevaarlijks omheen.

Grappig genoeg was dit een boom die mij heel erg aansprak. Ik liep er naartoe om hem aan te raken, en voelde onmiddellijk hoe een diepe warmte door mijn buik ging. Mams keek huiverend toe van op een afstandje.

Toegegeven, taxussen zien er op het eerste gezicht niet erg knuffelbaar uit. In hun jeugd zijn ze op hun best elegant, maar met hun donkere stammen en naalden van een donkergroen dat soms meer wegheeft van zwart, zijn ze nogal sombere verschijningen. Hun felrode bessen fleuren het geheel misschien wat op, maar gezien het feit dat zowat elk onderdeel van de taxus dodelijk giftig is voor de mens, is dat toch maar een karig soelaas. Zoals elke zeer oude boom wordt een oude taxus knoestig, bobbelig en verwrongen, met takken die alle kanten op gaan en dode stompen die nog uitsteken. We stonden dus niet meteen oog in oog met een grote lieve omaboom, maar eerder met iets wat leek op een kruising tussen een norse oude olifant en een tentakelig monster uit een of andere horrorfilm.

Tot je ze aanraakt.

Kingley Vale_399.JPG
(c) KV

Taxussen voelen zacht onder je handen, en als je een beetje gevoelig bent voor bomen, dan is een ontmoeting met oude reuzen als deze echt wel bijzonder.

Het vroeg wat overredingskracht, maar uiteindelijk wilde mama er wel een aanraken.

Vanaf dan begon het makkelijker te gaan, hoewel het nog even duurde vooraleer mama een boom gevonden had waar ze echt een band mee voelde. Pas toen lukte het beter om de diepe, krachtige schoonheid van de ouderdom te voelen doorheen de donkere, sombere verschijning. De zon maakte nu en dan haar opwachting – dat hielp ook. (Het Engelse weer deed al wat het kon om zijn wispelturigheid te bewijzen: we schakelden op twee uur tijd drie keer van dreigende wolken naar stortbuien naar stralende blauwe hemel. Het gezegde ‘if you don’t like the weather, wait five minutes’ bleek een stevig feit.)

Na een uur van wandelen, zitten, aanraken en voelen, keerden we terug naar de ingang van het bos. Daar vonden we ‘mijn’ boom terug.
Mama was verbaasd dat ze hem eerder zo eng had gevonden. Ik van mijn kant begreep precies waarom hij voor mij zo goed werkte: oud genoeg om indrukwekkend te zijn, met een massieve stam en kroon, maar nog niet zo verweerd als zijn stokoude verwanten. En zijn plek: aan de rand, als een wachtpost op de grens tussen werelden.

Dat past bij mij.

In de namiddag na die wandeling hadden we voor mama een aromatherapie-massage geboekt bij een lieve dame waarnaar ze later verwees als haar ‘petemoei’.
We aten heerlijke Indische curry in een nabijgelegen restaurant, en namen de volgende ochtend afscheid van the Hamblin Trust.

We stopten nog bij het haventje van Bosham voor een paar cadeautjes en souvenirs uit het Arts and Crafts center (ik kocht een heerlijke cape voor alledaags gebruik, en ik kreeg een andere die ik voor het eerst zal aantrekken op de Soul Circle als geschenk van mijn zus). We lunchten in het Breeze Cafe, met een mooi zicht op de zee-inham waar het opkomend tij niet alleen naar goede gewoonte de promenade onder water zette, maar ook het busje van een nietsvermoedende kayakker, die bij zijn terugkeer duidelijk niet gerekend had op zo’n maritiem enthousiasme.

Kingley Vale_618.JPG
(c) KV – Bosham bij hoog water

Je onderschat de kracht van het vrouwelijke element maar beter niet, denk ik zo…

Onze drie moeder-en-dochter dagen hebben ons zacht gezegd een hap magie gegeven om op terug te kijken.

Ware Kleuren

Koyo
Zaailing #18

 

Koyo NL.jpg

 

Ware kleuren
Koyo

Het moment komt, dat weten we.
Maar tussen weten en leven ligt een wereld.

Want wat zijn we hongerig. We snellen zonder nadenken door de lente en stromen mee met de zomer. We groeien en bloeien, we dragen vrucht. We zuigen ons verlangend vol met licht, zwellen als fruit tot we barsten van het sap.

We gaan door zolang het kan. Want elke ochtend komt de zon op, een dag is kort en in onze gedachten wanen we ons stil onsterfelijk.

De eerste tekenen verschijnen schoorvoetend. Maar er komt altijd een punt waarop vol niet voller kan, en groei knarsend tot stilstand komt.
Je kunt niet blijven inademen.

De boom weet  waar hij naartoe moet met zijn kostbare kracht eens de winter nadert. De tijd van groen en groei is voorbij. Voorzichtig trekt zijn sapstroom zich terug uit nerf, steel en tak.
Langzaam toont de boom zijn ware kleuren. En hij weet ook wat hij opgeeft als hij dat doet.

Wij zijn de enigen die verrast worden.
Er was nog zoveel wat we wilden doen, wilden zeggen, wilden voelen, wilden ophouden te verbergen.

We tonen onszelf pas echt als we geen andere kant meer op kunnen. Alsof we niet eerder dan in de confrontatie met een onafwendbaar einde – van een fase, een liefde, een leven – durven onszelf te tooien met dit soort kwetsbaarheid.
Als we onszelf afleggen, tonen ook wij onze ware kleuren.

Welke kleur heeft overgave, vraag je mij.
De mooiste.

 

Koyo (Jap.): het verkleuren van herfstbladeren aan de bomen

 

 


ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot.
Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

20170712_134033 ed klein

 

Schuilplaats

Zaailing #17

 

Stuwmeer
(c) Jurgen Walschot

We leren dat dat wat evenwijdig loopt nooit zal raken.
Zoals hemel en aarde onveranderd langszij liggen. Zoals weerspiegelingen rusten, wang tegen wang, gescheiden door een enkele lijn.

We leggen ons erbij neer hoe de nerven stromen en stollen. Wat is er mooier dan dat ik mijzelf zie in jou, en jij je weerspiegeld weet in mij?

Maar spiegels zijn schuilplaatsen, als oude schriften die je dichtklapt als de herinnering je niet bevalt.
De diepten van het stuwmeer wanen zich veel liever heldere lucht, bezocht door een langsdrijvende wolk nu en dan, of zelfs het sombere grijs onder een laaghangende sluier van regen.

Met geweldige muren houdt het meer zijn massa vast. Zwemmen in stuwmeren doe je op eigen risico. Te veel onverwachte temperatuurswisselingen, te veel kolkende stroming daar waar het licht nooit komt. De vredige weerspiegeling garandeert niets.

Er komt altijd een dag dat de seizoenen keren. Dat de wind over het wateroppervlak raast en de rillingen voelbaar zijn tot in de wortels van de rotsen.

In het aanschijn van zoveel ontketende kracht rest ons niets dan ons verzet te staken en los te laten.

Zoals bladeren uiteindelijk altijd toegeven, en ook de sterkste dam ooit barst.

 

 


ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot.
Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

20170712_134033 ed klein

Een nieuwe constellatie

Web_133 ed
(c) KV

Terwijl het seizoen alles afwerpt wat voorafging, om te gebruiken als voedsel voor de toekomst, voel ik hoe de draden van een eerder leven zich langzaam ontrafelen.

Parel na kostbare parel van ervaring wordt onderzocht door de wind. Wiegend op de bries ben ik niet in staat om te controleren welke van hen zal ingaan op de uitnodiging van de wereld om los te laten, en welke zullen blijven om mij nog een beetje langer van dienst te zijn.

Ik kan alleen maar vertrouwen op de kunst van het leven om van datgene wat bereid is aangeraakt en veranderd te worden te verweven tot een nieuwe constellatie.

Web_129 ed
(c) KV

 

Als het neerdaalt

Tony & Seba_110 ed
(c) KV

De herfst is gearriveerd. In mijn tuin, langs de rivieren en de kreken, in de bermen van de autosnelwegen.

Ik hou van mijn geboorteseizoen en zijn onafscheidelijke weelde aan kleuren, misschien wel om goed te maken dat de warmte vervliegt.
In de loop van de jaren heeft de herfst me leren genieten van de kilte van vochtigheid, de overvloed van oogst en de stille berusting van loslaten.

Maar dit jaar merk ik dat ik met heel gemengde gevoelens kijk naar het verkleuren van de eerste bladeren, de volheid die zich voorbereidt om te verliezen en te vallen.
De omslag komt bijna als een verrassing, een klein schok. Het ligt totaal niet in de lijn van waar ik me bevind.

Ik voel me in de diepe rijping van wat misschien mijn gelukkigste jaar op deze planeet is, mijn volste mand verse oogst, en mijn meest gulle vorm van het delen ervan. Geen enkel ander jaar heb ik een dergelijke verbredende groei gekend als nu. En de stroom waarop ik mee vaar is niet van plan snel van koers te veranderen. Dus waarom de natuur nu plots wel?

Tony & Seba_082
(c) KV

Ik zal er wel aan wennen, natuurlijk. Ik zal het afwerpen verwelkomen, zoals ik nu al de ochtendnevel en de schitterende spinnenwebben welkom heet.

Ik zal me herinneren dat mijn dierbare gevleugelde vrienden zoveel makkelijker te observeren zijn in kruinen zonder bladeren.
Ik zal me herinneren dat het donker de dierbaarste geheimen herbergt, de subtielste geluiden.

Ik zal het seizoen omhelzen als het neerdaalt.
Ik zal mezelf hullen in sjaals en kaarslicht, mijn nachtvleugels spreiden en vuurliederen zingen over het warme duister, en de terugkeer van het licht.

Tony & Seba_103
(c) KV

Spreken in vurige tongen

Het lichaam als metafoor voor het verleggen van focus

L,N&S_032 ed
(c) KV

Als schrijver heb ik een intieme en zeer vervullende relatie met woorden. En als telg van een bloedlijn van leerkrachten en van een familie waar verbale communicatie heel belangrijk werd geacht, is het dan ook geen verrassing dat ik een sterke spreker ben.

Ik geniet van goede gesprekken. Ik zit zelden om woorden verlegen. Als ik verbanden vaststel tussen beslissingen of daden en hun onderliggende emotionele drijfveren, ben ik ook de taal meester om te schetsen wat ik zie, zodat wat onder de oppervlakte ligt zichtbaar en begrijpelijk wordt voor zowel mijzelf als anderen.

Ik dacht eerlijk dat taal en ik geen enkel probleem hadden.
Maar ik had het fout, zo blijkt nu.

Vorige week was er een moment waarop ik dacht dat het leven zoals ik dat kende ten einde was. Bij het tandenpoetsen ontdekte ik een vreemde plek op mijn tong. Het leek op een aft, maar wel twee keer zo groot en pijnloos. Het zag eruit als iets wat daar helemaal niet moest zijn.

Ik haalde mijn echtgenoot erbij. Zijn medische achtergrond komt op momenten als deze goed van pas. In onze zeventien jaar samen heb ik hem nog nooit echt bezorgd gezien om wat voor symptoom dan ook dat ik hem voorlegde, een heel agressieve astma-aanval tien jaar geleden niet te na gesproken. Dat is niet zo vreemd. Medische specialisten zien in de regel dagelijks de ernstigste gevallen; daarom nemen ze meer bescheiden kwalen zelden serieus, hoe lastig die ook mogen zijn voor wie eraan lijdt. Een van de eerste dingen die Christophe me ooit vertelde was de uitdrukking Shoemakers’ wives go barefoot, doctors’ wives die young. Van een romantische start gesproken… Het was een grapje natuurlijk, maar tegelijk was ik wel gewaarschuwd dat ik van hem geen overdreven gepamper moest verwachten.

Dus nu toonde ik hem de plek op mijn tong, nadat ik me verontschuldigd had dat het wel weer twee keer niks zou zijn maar dat ik toch wilde dat hij er even naar keek.

Zijn reactie beangstigde mij. Hij schrok en lachte het niet weg. Integendeel, ik had hem nog nooit zo bezorgd gezien. Hij begon dingen op te zoeken op zijn smartphone, en na tien minuten keek hij me aan met een mengeling van ernst en emotionele hulpeloosheid waar mijn hart even van oversloeg, en zei: “Ik weet niet wat het is. Maar je moet volgens mij zo snel mogelijk naar een specialist.”

Ik heb me jarenlang voorbereid op een moment als dit. Mijn bucket list-huiswerk is al heel lang gemaakt. Dus zelfs al waren Christophe en ik op dat moment allebei lamgeslagen door angst, ik kreeg geen plotselinge openbaring over hoe ik een deel van mijn leven in wacht had gezet en het nu wel eens te laat kon zijn om het nog te beleven. Integendeel, ik wist dat ik precies was waar ik wilde zijn, bezig met precies datgene wat ik wilde doen. Alleen: ik wilde niet dat het nu al stopte. Ik had juist het gevoel dat ik nog maar goed en wel begonnen was.

De volgende ochtend regelde Christophe een consultatie bij een dermatologe in het ziekenhuis waar hij werkt. De vroegst mogelijke afspraak die ze kon geven, was een week later. Dat was snel, gezien de normale wachtlijsten, maar het betekende nog altijd dat ik mij een hele week lang doorheen mijn onzekerheid moest knagen.

De eerste dag na het ontdekken van de plek probeerde ik de wanhoop op afstand te houden door de enige dingen te doen die ik kon: mijn gevoelens de vrije loop laten, ze vervolgens gebruiken als brandstof om te schrijven bij een van de foto’s die Jurgen me wat eerder had bezorgd, en mijn netwerk contacteren voor ondersteuning. Mijn zusje Elin kwam die avond langs, en zij was de perfecte persoon op dat moment.
Je moet weten dat wij allebei getraind zijn in het lezen van het lichaam als metafoor voor diepere, onderliggende processen van hart en ziel. Maar het is altijd moeilijker om die van jezelf te lezen, zeker als het een emotionele en mogelijk levensbedreigende situatie betreft, dus ik was erg blij dat ze voorstelde om langs te komen, en we hadden een inspirerend gesprek.

Wat bedoel ik met ‘het lichaam als metafoor’?

Vaak kan een fysiek symptoom geïnterpreteerd worden als het zichtbare, tastbare aspect van een groter, onderliggend proces waarmee je op een of andere manier bezig bent. Hoewel er een paar grote lijnen zijn die je op weg zetten, bestaat er geen lijstje van fysieke symptomen die overeenkomen met een of andere emotionele of psychologische kwaliteit. Het symptoom als metafoor benaderen betekent tasten naar alle mogelijke associaties of analogieën (zoals ‘wat kun je op dit moment in je leven maar moeilijk verteren?’).
De metafoor verstaan is geen toverstokje voor genezing. Het ontslaat je op geen enkel moment van de plicht om ongezonde gewoontes te veranderen, naar de dokter te gaan of voorgeschreven medicatie te nemen. Het is geen wetenschappelijk systeem en het is zeer persoonlijk en subjectief, maar op een wijze manier gebruikt biedt het veel kennis, en kan het je een wijder beeld geven van je leven, en manieren aanreiken om om te gaan met onderliggende oorzaken of diepere lagen.

Wat was dus de boodschap die er verstopt zat in die enge plek op mijn tong?
Elin had niet lang nodig om de volgende interessante suggestie te doen: ik zou meer moeten praten.

Als je nu denkt dat dat bijzonder stom klinkt, kan ik je geen ongelijk geven. Maar voor mij is het dat bepaald niet.
Ze heeft gelijk. Ik ben al zo lang als ik me kan herinneren ‘op mijn tong aan het bijten’.

Maar schreef ik daarstraks nu juist niet dat ik een goede spreker ben?
Dat is ook zo. Alleen niet over alles.

L,N&S_058 ed

L,N&S_060 ed
(c) KV – Poel, modder en wolken #1 & #2

Kijk even naar de twee foto’s hierboven. In de eerste zie je de externe setting van de poel, de modder en wat rottend organisch materiaal. In de tweede zie je de wolken zoals die verschijnen in diezelfde poel. Beide foto’s werden gemaakt vanop dezelfde plek, met een paar seconden verschil.

Ik oversimplifieer een beetje, maar je zou kunnen zeggen dat ik altijd een zeer vlotte spreker geweest ben in de zin van foto #1. Scherpe randen, concrete werkelijkheid, ook al ging het daarbij vaak over alle vormen van creativiteit en psychologie waarin ik me thuis voel; maar de diepste lagen van mijn zicht en hart bleven verborgen in het water. Ik had het er niet over, en hoopte dat ze op een of andere manier zichtbaar zouden zijn zonder dat ik er de aandacht op hoefde te trekken.
Natuurlijk was dat niet zo.

Een van de noodzakelijke opdrachten bij het werkelijk volwassen worden tot op het punt dat je in staat bent om het werk van de ziel te doen, is volgens dieptepsycholoog en soulcraft-gids Bill Plotkin precies die situaties opzoeken waar oude beschermingsmechanismen je tot nu toe altijd ver vandaan hebben gehouden. Het gaat erom die mechanismen af te leggen en je te begeven in precies datgene waar je bang voor bent.

Met andere woorden: ik moet in mijn leven beginnen doen wat ik in foto #2 gedaan heb: dat diepere, ondergrondse deel ook zichtbaar maken – zelfs als ik daarmee alles wat voordien scherp was misschien vertroebel.

Maar ben ik dat dan eigenlijk niet al een hele tijd aan het doen? Waarover ben ik sinds februari anders non-stop aan het schrijven?

Je geschreven woorden zijn zuiver en helder, knikte Elin. Dat stuk beheers je ondertussen echt, sommige van je zinnen snijden door hart en ziel. Maar dit gaat over méér dan schrijven. Het gaat over uitgroeien tot wie je werkelijk kunt zijn, op alle vlakken. En dat betekent ook je stem gebruiken. Spreken. Zingen. Dingen uitspreken.

Ik had nooit beseft hoe beangstigend ik dit werkelijk vind tot ik de boodschap liet bezinken en voelde hoe waar ze was.
Parels vormen zich rond steentjes of vuil in de oester. Misschien heb ik mij naar muziek en schrijven gewend omdat ik om een of andere reden dingen uitspreken altijd zo vreselijk eng vond.

Het kan gaan om zoiets eenvoudig als zeggen dat je van iemand houdt. Dat je dankbaar bent, of bang. Het kan gaan om zoiets ingewikkelds als mijn spirituele pad beschrijven of vertellen hoe ik de wereld en onze bedoeling daarin oprecht ervaar. Niet in geschreven woorden. Maar luidop, tegen een ander mens.
In elk van die gevallen draait het om het blootleggen van een zeer zacht en kwetsbaar stukje van mijn innerlijke gevoeligheid, zonder pantser of vermomming. Het betekent spot riskeren, afwijzing en oordeel.

Toen Elin die avond naar huis ging, was ik een wijzer mens.
Dit was een uitdaging om u tegen te zeggen, en een dringende op de koop toe. Ongeacht wat die lelijke plek op mijn tong ook zou blijken te zijn, ik wist dat ik een opdracht voor de boeg had.

Ik aanvaardde ze.

Het duurde geen twee dagen voor ik opmerkte dat de plek op mijn tong in sneltempo veranderde van omvang. Ze zag er zeker niet beter uit, maar tegelijk wist ik dat dit in feite goed nieuws was. Geen enkele tumor zou zo snel zo drastisch veranderen van uitzicht. Kanker was meteen zo goed als uitgesloten.

De evolutie zette zich door in de loop van de dagen die volgden. De plek werd steeds groter maar leek tegelijk ook te vervagen. Tegen de tijd dat we een week later bij de dermatoloog zaten, was ze zo goed als verdwenen.

De dokter bevestigde wat we waren beginnen vermoeden: dit was een auto-immuunprobleem, meer bepaald een opstoot van lingua geographica (beter bekend als ‘landkaarttong’), een fenomeen dat ervoor zorgt dat de tong verkleurt en patronen vertoont zoals ik had. De symptomen komen en gaan en gewoonlijk is er niet veel behandeling nodig of mogelijk. Op het internet vind je genoeg leuke foto’s die je eetlust voor de rest van de dag om zeep helpen, maar zoals je je wel kunt voorstellen waren we allebei zeer opgelucht.
Ik verliet de consultatieruimte van de arts met een diep gevoel van dankbaarheid. Ik bedankte mijn lichaam voor zijn helder maar alles bij elkaar goedaardig signaal. Ik zou de uitdaging serieus nemen en mijn angst in de ogen kijken.

En wie weet wat er gebeurt als ik mijn bescherming helemaal afleg, en mijn woorden toesta om vrij te stromen, naar boven borrelend uit een of andere diepere bron?

Wie weet spreek ik op een dag in vurige tongen.

L,N&S_033 ed
(c) KV