Een kleine ode aan de verbinding

“Als je mij vraagt naar mijn droom”, zei een vriendin me onlangs, “dan zou dat zijn om ergens heel afgelegen te gaan wonen, en daar heel sober en zelfbedruipend te leven. Mijn eigen groentetuin aanplanten, en zo. Meer hoeft niet. Zot, hé?”

Ik vind dat helemaal niet zot.

 

Yamie Fort_100 ed cut klein
(c) KV

 

In dit overbevolkte Verkavelegem die we West-Europa noemen gaat iedereen met een minimum aan verbondenheid met de natuur er vroeg of laat van dromen om weg te trekken en van het land te gaan leven. We verlangen naar de zuiverheid en de vrede die ons dat breng. We hebben het gehad met winkelcentra, buitenwijken, de kinderen naar school voeren in de auto en dag in dag uit werken in een of ander kantoor terwijl de planeet langzaam stikt onder het gewicht van onze walmen en opgravingen.

Ik herken het gevoel, het gaat heel diep. Zelfs al ben ik niet het sportieve buitentype dat met plezier drie uur aan een stuk een lapje grond zal staan bewerken. Want – laat ik maar eerlijk zijn – dat ben ik echt niet. Mijn rug zou het niet overleven, en de voldoening mijn eigen voedsel te verbouwen zou niet voldoende zijn om me te blijven motiveren. Ik word daar niet trotser van op mezelf, maar ik geef het wel toe. De passie van de vriendin waarover ik schrijf is het wel, en ik bewonder haar ervoor. Mijn roeping ligt in de kunsten, en ik hoop dat ik daar een klein, betekenisvol verschil kan maken, op mijn manier.

Maar of het nu een oprechte fysieke nood is dan wel een metafysische of metaforische hunker, het is belangrijk dat we er aandacht aan schenken. Niemand van ons kan zonder een vorm van verbondenheid met de natuurlijke wereld, dat geloof ik rotsvast. Of het nu is door haar van achter onze schrijftafels te zitten bewonderen, door haar het hof te maken doorheen onze fotolenzen of door naar buiten te trekken om in weer en wind te sporten en de ruwe aarde te bewerken, ieder van ons is verbonden met de grote stroom der dingen.

Dat ontkennen is dwaas, en ongezond.

 

Yamie Fort_093 ed klein
(c) KV

 

En onze samenleving kan er wat van, op vlak van waanzin en ziekte. De parallellen die Dirk De Wachter trekt in Borderline Times, over de gelijkenissen tussen de collectieve symptomen van onze westerse samenleving en die van mensen met borderline, raken ons niet per toeval. Ze zijn eng omdat ze waar zijn.

Laten we ophouden.

Laten we er hier en nu mee ophouden. Te midden van alle tumult, pal in onze overdrukke agenda. Laten we eens diep ademhalen en om ons heen kijken. De levende bodem onder onze zolen voelen. De lucht onze longen in en uit voelen stromen. Laten we proberen om ons een heel klein deeltje te weten van dat enorme levende organisme dat we de aarde noemen, verbonden met alles en iedereen die er leeft.

De kleinste stap naar verandering op deze machtige, moederlijke Aarde bevindt zich in ons hoofd, in onze ledematen, en in ons hart.

We zijn nooit van haar gescheiden geweest. Dat dachten we alleen maar.

Dit is een kleine ode aan de verbinding. In elke mogelijke zin.

 

Yamie Fort_098 ed cut klein
(c) KV
Advertenties

De donkerste maanden

Lucky walk_018 ed cut klein
(c) KV

 

We beleven voor het moment de donkerste december- en januarimaanden die velen van ons zich kunnen herinneren. Met de totale hoeveelheid daglicht heeft dat weinig te maken, met het weer des te meer. De zonnige dagen waren de afgelopen maanden op één hand te tellen, en de somberte begint te wegen.

Voor een keertje stoort het mij zelf niet al te zeer. Misschien omdat dit uiteindelijk nog altijd het donkere seizoen is. Gewoonlijk krijg ik nood aan licht en warmte tegen het einde van februari. Dan zijn mijn innerlijke batterijtjes uitgeput.

Ik ging wandelen met een vriendin, langs de afgesloten rivierarm op vijf minuutjes van mijn deur. Met ons gezin komen we daar vaak. We hebben er foto’s van in elk seizoen, door alle jaren heen. Het was de eerste plek waar we met onze zoon, toen nog een baby in de draagdoek of de fietskar, gingen wandelen. Het was ook zijn eerste ‘lange’ wandeling op eigen benen.

Op dagen als deze, wanneer er nauwelijks wind staat, is het een fantastische plek voor foto’s. Zelfs in dit grauwe licht.

 

Lucky walk_036 ed klein.jpg
(c) KV
Lucky walk_041 ed cut klein.jpg
(c) KV
Lucky walk_009 (2) ed cut2 klein.jpg
(c) KV

Een wereld in laagjes

Soms vraag ik me af hoe ik mensen kan uitleggen hoe ik de wereld waarneem.

Een van de beste metaforen die ik tot nu toe kon bedenken was: een transparant blad met een tekening erop waarop je nog zo’n transparant blad legt, en nog een, en nog een. Elk vel heeft eeneigen tekening, die apart gelezen en bestudeerd kan worden. Maar de diverse lagen gaan ook met elkaar in interactie. Sommige zijn duidelijker leesbaar, andere zijn vager of verzinken in de achtergrond. Als je de volgorde van de vellen verwisselt, ontstaat een ander perspectief, waarbij andere elementen op de voorgrond treden.
En het volledige verhaal kan in feite nooit helemaal gevat of begrepen worden. Het is te complex, een levende 3D-matrix.

Soms struikel ik over een beeld, een gelukkig fotografisch toeval of een compositie waarbij de omgeving mij te hulp schiet, om een stukje van dit gevoel weer te geven. Soms heb ik heel veel geluk.

Onderstaande foto komt behoorlijk dicht bij hoe het voelt als ik naar de wereld kijk.

 

deSingel_020 ed klein
(c) KV

De patronen die we kennen

Kersttijd, familie-en-pakjestijd… Maar de meest betekenisvolle geschenken liggen zelden ingepakt onder de boom.

 

Kerstsfeer_088 ed klein.jpg
(c) KV

 

Waarom, vraagt mijn tweeëntwintigjarige stiefzoon mij, klagen we vaak over andere mensen – niet zelden omdat ze ons kwetsen – maar doen we vervolgens precies hetzelfde met anderen? Zoals mensen die klagen dat hun ouders hen nooit begrepen hebben, maar die niet luisteren als hun eigen kinderen proberen uit te leggen hoe ze zich bij iets voelen?
En waarom, ging hij door, herhalen we zo vaak iets waarvan we weten dat het slecht voor ons is, zoals geslagen vrouwen die een ongezonde relatie verlaten maar dan vallen voor de volgende kerel die hen in elkaar slaat?

Goede vragen, allebei. En volgens mij hebben ze een en hetzelfde antwoord.

We hebben de neiging om de patronen die we kennen te herhalen.

De theelichthouder op de foto hierboven is er eentje die mijn mama op tafel zette met Kerstmis. Voor de gelegenheid heb ik hem op het huisaltaar gezet. Als ik terugkijk op hoe de thuis van mijn kindertijd functioneerde, en de vele blije herinneringen en nuttige levenslessen die ik er leerde, ben ik oprecht dankbaar. Al vier ik Kerst dit jaar niet met een van mijn naaste familieleden (die zitten allemaal in het buitenland), ik voel me toch heel dicht bij hen. Ik weet dat ze mij een betere start hebben gegeven dan vele anderen. Ik kreeg veel geschenken van het gezin waarin ik opgroeide, en dan heb ik het niet over pakjes onder de boom.

Als jong kind doen we onvermijdelijk onze eerste levenservaringen op met de mensen door wie we in een familiecontext omringd worden, en uit die ervaringen trekken we conclusies die zich in de diepste zin verankeren in ons onderbewuste. Aangezien we als zuigelingen of jonge kinderen nog niet de intellectuele vaardigheden ontwikkeld hebben om wat afstand te nemen van wat er met ons gebeurt, of om in te zien dat één goede (of slechte) reeks ervaringen niet het hele verhaal vertelt, worden die eerste scenario’s goedschiks of kwaadschiks de basis voor onze innerlijke Handleiding Van Hoe Het Leven In Elkaar Zit.

We leren er dat mensen ons onvoorwaardelijk graag zien voor wie we zijn (of niet). We leren dat bepaald gedrag aanvaard wordt (en ander niet). We leren dat we mensen mogen vertrouwen (of niet). We leren openbloeien in de meest liefdevolle omstandigheden, of overleven in levensbedreigende, helse omstandigheden. We ontwikkelen verdedigingsmechanismen die ons – in het beste geval – behoeden voor te veel teleurstelling, of – in het slechtste geval – helpen overleven.

En dan trekken we de wereld in, en passen daar toe wat we geleerd hebben.

 

Kerstsfeer_003 klein
(c) KV

De Universele Wet van Aantrekking (zoals sommigen ze graag noemen) stelt dat je méér aantrekt van wat resoneert op de frequentie waarop jij je zelf bevindt. Met andere woorden: als jij gelooft dat je het niet waard bent om liefgehad te worden, hoe oneerlijk of pijnlijk dat je misschien ook vindt, als je het echt gelooft, dan trek je onbewust meer omstandigheden aan die dat idee zullen bevestigen en het dieper verankeren als een van je onbewuste innerlijke waarheden. Al je diep vanbinnen oprecht vertrouwt op het idee dat er van je gehouden zal worden, ook als je kwetsbaar bent, of dat de juiste dingen wel op het juiste moment in je leven zullen komen, dan zie je die een stuk makkelijker vorm krijgen dan als je het tegengestelde gelooft.

Ik denk dat dit klopt. Ik heb het zich keer op keer weten voordoen, in mijn eigen leven en in dat van talloze mensen om mij heen. Hier is geen persoonlijke verdienste of schuld mee gemoeid, het is een principe zo onpersoonlijk als een wet van de fysica. Het zou er voor mijn part een kunnen zijn.

Zelfs het eerste dilemma dat mijn stiefzoon naar voren bracht – waarom herhalen mensen die zichzelf, vaak met goede reden, een slachtoffer voelen zo vaak een patroon dat hen gekwetst heeft, en worden zo op hun beurt de volgende generatie van daders of agressors? – kan begrepen worden vanuit dit principe. (Het zou wat te ver leiden om dat hier uit te leggen, maar ik beloof dat ik er gauw een andere blog over schrijf.)

In zekere zin leven we dus allemaal in een bubbel van onze eigen makelij. We versterken de waarheden waarin we zijn gaan geloven, of die nu gezond en harmonieus zijn of niet. We beseffen niet eens dat we ze hebben. Ze zitten diep vanbinnen, sturen ons denkpatroon en ons gedrag, en beheersen ons leven.

Je zou kunnen denken dat er dus geen ontsnappen is aan deze bubbel, en dat deze onbewuste gedachten ons voor de rest van ons leven gevangen zullen houden, terwijl we onze kleine (of grote) drama’s telkens opnieuw opvoeren, zonder zelfs maar te beseffen dat we dat doen. En tot op zekere hoogte is dat inderdaad hoe velen van ons leven. Alleen is het niet nodig om dat te blijven doen. De onbewuste overtuigingen die we hebben, kunnen veranderd worden.

 

Kerstsfeer_103 ed klein
(c) KV

 

Dat vraagt eerst en vooral zelfbewustzijn, vertel ik mijn stiefzoon. Het besef dat we de realiteit zien doorheen een sluier van innerlijke overtuigingen. We zien dat waarvan we zelfs niet weten dat het bestaat compleet over het hoofd, terwijl we onbewust zoeken naar onze goeie ouwe vertrouwde patronen, hoe onprettig die ook zijn, om ze vervolgens te herhalen. Want het vertrouwde voelt veilig. Het is bekend terrein, en dat verlaten is doodeng.

Maar eens we beseffen wat we geloven, en dat het een overtuiging is en niet noodzakelijk een waarheid, dan kunnen we dat veranderen als het iets is wat ons ongelukkig maakt. We hoeven niet te blijven geloven dat mensen alleen maar van ons zullen houden als we ons op een bepaalde manier gedragen, of dat we ongeschikt zijn voor intieme relaties, of dat uitkomen voor onze mening gevaarlijk is, of dat er nooit sprake kan zijn van gelijkwaardigheid en elk conflict een winnaar en een verliezer moet hebben…

We zouden deze overtuigingen kunnen respecteren als cadeautjes die we van onder de kerstboom hebben gekregen. Wat ons goed van pas komt en helpt openbloeien, kunnen we houden. Maar wat ons (hopelijk met goede bedoelingen) aangesmeerd werd, kunnen we besluiten opzij te leggen, net zoals die vervelende kriebeltrui waar we ondertussen uit gegroeid zijn. We kunnen op zoek gaan naar andere ervaringen. We kunnen iets anders, iets nieuws, proberen te geloven over onszelf.

Maar waarom doen zo weinig mensen dat? wil mijn stiefzoon weten. Dat is toch logisch. Ik probeer echt mijn inzichten te veranderen als ik voel dat ik ergens vastloop.
Ik: Daar heb je wel voldoende zelfbewustzijn voor nodig, om zo naar jezelf en je leven te kijken.
Hij: Is niet iedereen zelfbewust, dan?

De schat. Hij is wijs voor zijn leeftijd. Maar hij is ook zeer intelligent en hij heeft altijd open gestaan om bij te leren over dit soort dingen. Dat wil wel eens helpen.

Een ander mogelijk gevolg van het opzij leggen van oude kriebelkleren is dat sommige mensen die ons daar beeldig in vonden staan, of op zijn minst verwachten dat we ze dragen, nogal schrikken. Misschien zijn ze er helemaal niet blij mee (vooral als zij het waren die ze ons kochten). Ze zijn het er misschien niet mee eens, en willen deze nieuwe versie van ons niet steunen.
Dat is een moeilijke. We willen niet teleurstellen. We willen geen liefde verliezen. We willen anderen niet krenken door te veranderen.

Anderzijds, als de mensen die beweren van ons te houden dat alleen maar doen in die oude kriebeltrui, wat zegt dat dan wel over hen, en hoe ongemakkelijk of ongelukkig willen we zijn om hen in ons leven te houden?
Dus misschien is het toch maar gewoon tijd om te veranderen, ongeacht de gevolgen. Ja, misschien raken we een paar mensen kwijt. En dat zouden zelfs sleutelfiguren uit ons oude leven kunnen zijn. Maar de mensen die ons echt graag ziet, die geven geen krimp. En anderen, die echt bij ons horen maar nog niet gearriveerd zijn, herkennen ons pas als we onze ware kleuren durven tonen.

Dus laten we die kerstcadeautjes maar uitpakken, en in een moeite door ook maar eens goed kijken naar de hele stapel oude geschenken. Laten we dankbaar zijn voor al wat we kregen. En alleen dat bijhouden waarvan we voelen dat het gezond en deugddoend voor ons is.

Want niets is uiteindelijk in steen gebeiteld.
En waar zouden geschenken anders voor mogen dienen dan om ons te helpen groeien, en ons pad te verlichten, op welke manier dan ook?

Kerstsfeer_105 ed cut klein
(c) KV

Zoals het hoort

Hoe klein zijn we.
Hoezeer verbonden met anderen.

Dit is zoals het hoort.

Wazig_019 ed klein
(c) KV

Maar hoe navigeren we langs hun stiltes?
Hoe verstaan we wat niet wordt gezegd,
horen de nooit uitgesproken woorden,
beroeren de gevoelens die zachtjes wegglippen onder de oppervlakte

alsof ze er nooit waren?

We hebben geen andere keuze dan te vertrouwen
op de verbondenheid
van onze verweven voelsprieten
de diepere stromen
die, stil als fluisteringen, beweren

dat in de kern
alle dingen licht zijn
dat in het licht
alle stemmen zingen
uit dezelfde bron.

Dit
is
zoals het hoort.

Wazig_050 ed klein
(c) KV

Loslaatsymptomen

Afdalen van de top

Light & drops_186 ed cut klein
(c) KV

Elke top die je beklimt, is een verovering en een verwezenlijking. Maar nadat je daar hebt gestaan, moet je onvermijdelijk weer naar beneden. Terug naar de uitvalsbasis, of verder met de reis, het maakt niet uit. Het punt is gewoon dat je op dat moment niet meer hoger kunt – tenzij je spontaan vleugels zou groeien.

Ik heb een hele tijd naar een bepaalde top in mijn leven, mijn Soul Circle, toegewerkt, de afgelopen maanden heel bewust. Nu heb ik daar gestaan, het uitzicht bewonderd en de beloning gevoeld, en ben ik op weg naar beneden langs de volgende helling. Niet terug naar een of andere basis, laat dat duidelijk zijn, wel voort op het volgende deel van de reis.

Ik heb geen spijt om te gaan, ik apprecieer een top voor wat hij is: een mooie tussenstap die ons eerst aantrekt en vervolgens verder stuwt. En het voelt goed om nu weer een tijdje bergaf te lopen. Of dat zou toch zo zijn, als er nu even geen loslaatsymptomen waren.

Is het je ook al opgevallen hoe je soms in tranen uitbarst na een stresserend voorval, en niet tijdens het gebeuren zelf? Hoe ze je bijeen kunnen vegen als het laatste examen afgelegd is, of de deadline gehaald? Hoe je altijd ziek wordt precies wanneer de vakantie begint?
Loslaatsymptomen. De spanning valt weg – het maakt zelfs niet uit of dat spanning was voor iets goeds of minder goeds – en je lichaam schakelt automatisch in ontspan-en-laat-los-modus.

Dat is precies wat het mijne gedaan heeft. Ik voel me deze week echt niet zo lekker. Niets ernstigs, deze kwaal, maar net hinderlijk genoeg om me eraan te herinneren dat ik me moet ontspannen en erin mee moet gaan.

Dat probeer ik dus.

Ik heb bedankjes geschreven en een paar prachtige antwoorden gekregen. Ik heb mijn blog geschreven, en ik surf op de golven zoals ze zich aandienen. De krampende golven in mijn buik kalmeren hopelijk snel, maar los daarvan is alles in in orde.

Ik zal zijn zoals de waterdruppels aan de twijgen voor mijn raam. Ze wiegen in de bries, ze glinsteren als zilver. Ze laten los, en de wind mag ze meenemen naar waar ze ook moeten zijn.

Zelfs mijn foto’s zijn een beetje wazig deze dagen. Het geeft niet. Alle diepte en kleur waarin ik thuis ben, zijn nog steeds aanwezig.

Nu gewoon zorgen dat ik rustig naar beneden geraak.

Light & drops_193 klein.jpg
(c) KV

Ze komen

Zaailing #20

verbonden met de Soul Circle

 

zekomen2 klein
(c) Jurgen Walschot

 

Ik roep mijn vrienden en ze komen.
Eerst aarzelend, een enkeling, nog onduidelijk van vorm. Vervolgens meer, helder en goed zichtbaar, met stemmen als lange, diepe echo’s. Ze zijn jong en stralend, ze hebben lachende ogen. Ze zijn oud en statig, met mantels die doen denken aan vleugels, of de rimpelingen van schaduwen op water. Hun woorden zijn webben van betekenis.

In mijn hand heb ik de trom, blank en maanrond, en mijn slagen zijn vastberaden. Ik roep mijn vrienden en ze komen.
Ze groeten mij als een oude geliefde, als een jonge novice. Ze weten dat ik klaar ben, want de sluiers tussen de werelden gaan opzij voor wie er doorheen durft waden. En er is nood aan zwervers die willen oversteken, om mee te terug te brengen wat er wacht aan de andere kant.

Ik roep mijn vrienden en ze komen. Ze zijn met velen want ze weten hoeveel moed de tocht vraagt.
Ze reizen mee op de wind, op het stilte van het zinderende licht.
Ik ben dankbaar dat ze er zijn. In hun aanwezigheid zie ik zoveel scherper. Ik mag de kracht tonen die ik heb. Ik mag de maskers afleggen die ik draag. Ik mag mijn stem laten horen, hoe onzeker die ook klinkt. Ik mag uitglijden en kopje onder gaan, maar ik zal niet verdrinken.

Ik roep mijn vrienden en ze komen.
De trom gromt en gonst. Trillend weeft hij het web van de wereld.
Wat gezaaid is, zal groeien.
Wat gevangen is, zal uitbreken.
Wat leeft, zal sterven.

Ik sta op de rand, met één voet aan elke kant, en de trom als een kloppend hart in mijn handen. Ik laat de stroom door mij heen gaan. Ik ben de stroom.

Ik roep mijn vrienden bij me in de kring.
En ze komen.

 

 


 

ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot.
Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

20170712_134033 ed klein