ZAAILING #45 – Reflectie


(c) Jurgen Walschot


‘Weet je nog hoe…’ Verder komt hij niet.
Ze knikt. De lucht heeft precies dezelfde kleur als op de dag die hij bedoelt.

Je moet nadenken over het leven, wordt gezegd. De dingen op een rijtje zetten voor het te laat is.
En ze weten best dat ze ouder worden. Daarvoor hoeven ze niet te kijken naar hun gemarmerde handen, waar aders en vlekken steeds nadrukkelijker de tijd uittekenen. Ze voelen het in elke stap, en in hoe de seizoenen elk jaar zwaarder wegen.

Je moet met verdriet leren leven, wordt gezegd. Het een plaats geven.
Maar het enige wat ze geleerd hebben, is dat verdriet op geen enkele plaats thuis is, hoe vaak je de meubels ook herschikt. Dus dragen ze het mee, dan struikelen ze er tenminste niet onverhoeds over.

Je moet blij zijn met wat je hebt, wordt gezegd. Je zegeningen tellen.
En dat proberen ze, ook al is hun leven een uitgewoond paleis met leeg echoënde zalen, veel te groot voor hun twee. De herinnering aan kinderstemmen is het enige wat hen warm houdt.

‘Weet je nog dat hij…’ Verder komt hij niet.
Ze knikt.
Ook dat weet ze nog.





ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden,hij tekent bij de tekst.

Advertenties

Een leeg glas

Een roep om te beantwoorden

(c) KV

De herfst is eindelijk gearriveerd, en dat voelde als een oproep waarnaar ik moest luisteren. Van yang naar yin, van actief naar passief, van doorduwen naar loslaten.

Het was nogal een ommezwaai. En zodra ik mijn innerlijke versnellingen lager schakelde en het tempo dat heel mijn zomer aangedreven had begon te vertragen, knalde ik zowat tegen een muur.
Om maar te zeggen dat het een bruuske overgang was.

Nu voel ik me helemaal op mijn gemak waar ik me bevind.
Ik sta niet langer drankjes uit te schenken. Ik ben ze ook niet meer aan het drinken. In plaats daarvan kijk ik naar het lege glas.
Maar mijn buik is verzadigd en mijn ziel voelt licht, en in de weerspiegelingen van al wat gekomen en geweest is wachten nieuwe lagen van inzicht om te doorgronden.

Als iemand mij nodig heeft: ik ben even in hogere luchtlagen.
Zielspul aan het verzamelen.

(c) KV


Een bronervaring

FILE1187 ed klein
(c) KV

“I remember one morning getting up at dawn. There was such a sense of possibility. You know, that feeling. And I… I remember thinking to myself: So this is the beginning of happiness, this is where it starts. And of course there will always be more… never occurred to me it wasn’t the beginning. It was happiness. It was the moment, right then.”

Aan het woord is Clarissa Dalloway, in Michael Cunninghams boek The hours (De uren). Het boek maakte een grote indruk op mij toen ik het las, de fraaie verfilming een paar jaar later deed wat mij betreft het werk eer aan. En bij deze bewuste passage, toen ik ze uitgesproken zag door Meryl Streep, dacht ik: die fout ga ik niet maken.

Geluk is een moment, kortstondig, sprankelend en diep. We hebben vaak meer van die momenten dan we beseffen. Het enige wat we moeten doen, is er ons bewust van zijn. Dan kun je het ogenblik opzuigen als nectar, je erin onderdompelen als zonlicht, jezelf er helemaal mee verbinden. Te vaak jagen we geluk na dat er nooit zal zijn, omdat we het ons voorstellen als een droom die nooit ophoudt, een eeuwige zaligheid.
Maar zo werkt het helemaal niet. Sinds ik dat begreep, heb ik geprobeerd om op elk moment van oprecht geluk te herkennen wat ik beleefde, en er dankbaar voor te zijn.

FILE1209 ed klein
(c) KV

Natuurlijk ken ik uitdagingen, en slechte dagen. Maar ik zie mijn leven toch vooral als een aaneenschakeling van kleine geluksmomenten, oplichtende stippen op een soms somber pad, die mij de weg wijzen, en die mij, als ik terugkijk, heel duidelijk tonen waar ik vandaan kom en welke weg ik heb gevolgd om hier te geraken. En elke nieuwe oplichtende stip herken ik als een moment van diep geluk.

Zonlicht dat door bladerdek breekt.
Hartelijk lachen met mijn man, om een grapje dat alleen wij twee begrijpen.
Een Zaailing schrijven waarbij alles moeiteloos op zijn plaats valt.
Een kop koffie met een dierbare vriendin.
De zonsopgang op de trein naar Brussel.

Geluksmomenten. Bronervaringen.

Dat tweede concept, de bronervaring, is bijzonder. Het woord komt uit de psychodynamica, en het betekent zoveel als: een ervaring die zo weldadig en voedend is en zo diep aansluit bij je diepste wezen dat je er voor altijd uit kunt blijven putten. Je eigen persoonlijke oplaadbatterijtje, je meest oprechte geluksmoment en een bron van diepe, authentieke kracht.

Geluksmomenten zijn redelijk frequent, als je ze leert herkennen. Echte bronervaringen zijn zeldzaam.

FILE1223 ed klein
(c) KV

Ik beschouw mezelf als bijzonder bevoorrecht dat ik in mijn leven een paar zulke bronervaringen kan benoemen. Ik aarzel om ze hier te beschrijven, ze zijn té persoonlijk, en ik kan ze met woorden eigenlijk geen recht aandoen. Ze zouden dan alleen maar gaan klinken als zweverige prietpraat, of als mooie toevalstreffers waarvan de diepere betekenis niet zomaar te vatten is. Wel is het zo, dat ze mij diep voeden. En dat ik, net als bij de geluksmomenten die ik pluk wanneer ze zich voordoen, of dat nu op mijn pendeltrein is of aan mijn keukentafel, besef wat ik meemaak op het moment dat het gebeurt.

Eén poging waag ik hier toch.
Hoe mijn zoon zich op mijn schoot nestelt – na het eten, bij het voorlezen, tijdens een mooie film. Niet dát hij zich, negen jaar oud, nog altijd op mijn schoot nestelt, maar hóe.
Opgekruld, als een klein beestje, als een bolletje kind dat volledig in mijn lichaam of mijn energieveld wil opgaan. Hij komt helemaal in mijn persoonlijke ruimte zitten en versmelt ermee. Ik ben eventjes, met lijf en ledematen en emoties en energetische ruimte, het bad waarin hij zich komt onderdompelen, zoals hij ooit negen maanden lang heel diep in mij was ondergedompeld.

Misschien hebben we op dat moment een gesprek. Misschien maken we een grapje. Misschien leg ik hem uit waarom iets wat hij deed niet zo fijn was, of waarom ik kwaad werd en me wil verontschuldigen. Wat er aan de oppervlakte gebeurt, maakt niet zoveel uit. Maar wat er daaronder stroomt, is van een kracht die mij nog altijd verrast.

Ik houd hem niet krampachtig vast. Ik doe geen enkele poging om hem bij me te houden, langer dan goed voelt voor een van ons beiden. Ik voel alleen een diepe rust en immense liefde, en ik weet: ik ben op dit moment de fysieke plek op aarde waarbinnen hij zich veilig voelt en gekoesterd weet. Ik ben zijn bronervaring. En precies daarom is hij ook de mijne, want zo’n innige verbondenheid, voorbij woorden of rationeel verstand, kruipt dieper dan wat dan ook.

FILE1224 ed klein
(c) KV

 

Ik hou van Clarissa Dalloway omdat ze zo’n mooi en tragisch literair personage is. Maar ik ben haar niet, ik zal haar nooit zijn. Ik zal niet terugkijken op mijn leven en denken: dat, daar, toen, was geluk – alleen zag ik het niet.

Met open armen en wijdopen hart omarm ik elk geluksmoment dat zich aandient op mijn pad. En ik ken mijn bronnen. Ik bemin ze en laaf mij eraan, en ik weet mij gezegend.

Het enige wat ik kan doen om hen te bedanken zoals ze verdienen, is de kracht en de schoonheid die ik dankzij hen ervaar naar buiten te brengen en in de wereld te zetten. En op een onverwacht moment iemand anders’ bron te zijn, misschien.

Portretten die er geen zijn

Als de ziel zich onverwacht vertoont

Een goed portret maken vind ik moeilijk – erg moeilijk.
Ook als de geportretteerde in kwestie helemaal bereid is om gefotografeerd te worden, zelfs als hij of zij er zich totaal niet bewust van is dat ik beelden maak, zoals mijn zoon in de onderstaande twee foto’s.

Welke te kiezen: de gloed van vreugde op zijn gezichtje, of de broeierige somberte die de kijker zich van alles laat afvragen? Als moeder ben ik dol op de eerste foto. Als fotograaf heb ik interesse in de tweede.

F&W_009 kleinF&W_013 klein

 

Er zijn twee redenen waarom ik dol ben op mijn telelens: de enorme scherpte-diepte contrasten die ik ermee kan bekomen (een effect dat ik doorgaans reserveer voor detailbeelden van planten en andere natuurlijke dingen), en het feit dat je heel dicht bij mensen kunt komen, fotografisch gesproken, zonder dat ze er zich bewust van zijn, wat kan zorgen voor goeie portretten.

In de loop van het afgelopen jaar ben ik een paar keer gestruikeld over momenten waar ik beide intuïtief combineerde. En dat leidde tot een paar aparte beelden.

Ik beschouw mijzelf niet als een goede fotograaf. Een enthousiaste amateur, dat wel. Dus ik blijf dit ‘lucky shots’ vinden, toevalstreffers waar het lot een handje hielp.
Maar ik heb er wel al een aantal gemaakt dit jaar, dus er zit waarschijnlijk toch ook een patroon in, dat iets te maken heeft met hoe ik naar mensen en de wereld kijk. Daar word ik blij van, want ik ben om eerlijk te zijn dol op deze reeks.

Het zijn geen portretten in de strikte zin van het woord, de persoon over wie ze gaan staat er zelden heel duidelijk op. Maar niettemin vertellen ze hun verhaal, of een diepe, verborgen laag ervan.

Dit is de ziel, zachtjes zingend op de achtergrond, die zich een ogenblik lang vertoont.

 

Misschien weer heel

Zweden_1102 (2) ed cut klein
(c) KV

als ze haar woorden vindt
zal ze die uitspreken
zo zacht dat het fluisteren lijkt
want de diepste waarheid deugt niet
voor gebral of verbaal steekspel

het kost haar misschien wat tijd
dus geef haar die
want woorden zijn wispelturig
en breekbaar en soms
dodelijk indien verkeerd gebruikt
of op zijn minst
schadelijk

maar als ze ze gevonden heeft
als gasten op kousenvoeten
bang om binnen te komen
luister dan naar de echo’s die galmen
in de gangen en met lichte vingers
de muren beroeren

want ons herinneren wat ons raakte
maakt ons op een dag
misschien weer heel

Zweden_1104 (2) ed cut
(c) KV

De schemering verlaten

IMG_2815 (2) klein
(c) KV

Er is iets verschoven. Alsof de lucht gekeerd is, alsof er een deur is opengegaan die van het voorportaal leidt naar een veel ruimere kamer daarachter. Ik aarzel op de drempel maar ik blijf nauwelijks dralen, want ik weet dat ik geen andere keuze heb dan binnen te gaan. Ik ben dat in feite nu al aan het doen.

Ik ben bang. Niet verlamd door een of andere levensbedreigende angst, want deze reis is niet gevaarlijk. Integendeel, alle tekenen vertellen me dat ik me mag opmaken voor de tocht van mijn leven, en de pret begint hier en nu. Maar toch ben ik bang.

De auteursresidentie in Zweden, waar ik al maanden naar uitkijk, is eindelijk aangebroken. Voorlopig heeft het allemaal nog iets surreëels. Een beetje alsof je eindelijk voor een wereldberoemd monument staat en probeert de ware omvang ervan te verzoenen met zowel de postzegelgrote plaatjes uit de brochure als de torenhoge verwachtingen in je eigen hoofd.

De grens naar Zweden oversteken (via de befaamde ‘Bron’ brug die Kopenhagen verbindt met Malmö), lijkt ook symbool te staan voor onbekend terrein betreden. Mijn reizen in de buitenwereld lopen nogal eens parallel met de wegen van innerlijke evolutie die ik bewandel, en gaan die doorgaans vergemakkelijken of versterken. Maar in dit geval voelt de fysieke reis als een miniatuurversie van een veel bredere, diepere, innerlijke verschuiving.

IMG_2786 (2) klein
(c) KV

In de aanloop naar de residentie in Björköby kreeg ik het gevoel dat er een niet te negeren stroming mij aanzoog. De lancering van STROOM zat er voor iets tussen natuurlijk, omdat we toen naar buiten kwamen met zowel het boek als de Zaailing-samenwerking, stralend en ongegeneerd. En het feit dat er voor najaar 2019 een jeugdboek (11+) van ons tweeën in de maak is (het contract met de uitgeverij wordt op dit eigenste moment opgemaakt), zorgt voor nog meer beweging. Een groot deel van de residentie zal trouwens in het teken van dat boek staan. Dit alles zorgt voor duidelijke toekomstperspectieven, en het bijhorende momentum. Dat is een welkome verandering na jaren van steeds maar werken aan hetzelfde manuscript, dat na maanden van nagelbijtend afwachten dan weer eens geweigerd werd door een uitgeverij, en andermaal op mijn bureau belandde voor een nieuw rondje herschrijven. Maar hoe welkom en motiverend deze projecten en de daarbij horende veranderingen ook zijn, ze zijn niet de bron van de stroming die ik aan me voel trekken. Integendeel, ze lijken weinig meer dan kleine manifestaties ervan, voorbeeldjes van iets veel, veel groters en krachtigers dat een heel eind dieper stroomt, en dat zich nu en dan even kenbaar maakt aan de oppervlakte.

Het zijn de omvang en de kracht van de stroming die me beangstigen. Een beetje toch. Want zowel het tempo als de reikwijdte van hoe ik tot nu toe gewerkt en geleefd heb, staan op het punt te veranderen. Ten goede, zoveel is wel duidelijk. Maar ook definitief. En hoe dat echt zal voelen, is nog een vraagteken.

Ik heb heel lang uitgekeken naar dit kantelpunt. In zekere zin werk ik er al heel mijn leven naartoe. Op zeker moment had ik me neergelegd bij het feit dat het nooit zou komen. Nu het toch aangebroken is, heb ik echter het gevoel dat ik veel moet achterlaten van wat ik kende en waarmee ik vertrouwd was. Dat klinkt nogal als mijn vorige ervaring op het plateau, maar het voelt helemaal anders. Ik krijg de duidelijke vraag om een oud verhaal af te sluiten en me te begeven in iets groters, gedurfders, en totaal onbekend.

Dit soort vraag leg je niet naast je neer. Ik stap over de drempel, en verlaat het schemerige voorportaal, dat ik zo vaak benauwend maar bij momenten ook veilig en vertrouwd vond. Achterom kijken heeft geen zin. Waar ik nu sta, is de enige weg die vooruit.

IMG_2858 (2) klein
(c) KV

Een bewijs van moed

 

Pauw_007 ed klein
(c) KV

hier zijn we dan
met onze handen vol
hoop, ons hart
afgelijnd met licht

we reiken ernaar, zonder de zekerheid
ze ooit aan te raken, de vonk
die ons trof, die onze breekbare botten
moed influisterde

misschien blijven we eeuwig
ronddobberen en dromen
van vaste grond

als het erop aankomt
is liefde altijd een bewijs van moed

 

Pauw_001 ed klein
(c) KV

 

ZAAILING #36 – Onleesbaar

 

IMG_0666 klein
(c) Jurgen Walschot

 

Je etaleert schaamteloos wat anderen zouden bedekken.
Maar hoe diep je de wereld ook laat binnenkijken, een stuk van jou blijft ongezien. Wat huist tussen de vouwen van het blad, tussen de kreukels in de lakens, daar heeft niemand zaken mee.

Wat zich open en bloot in de wereld smijt, is zelden het mooist en nooit het meest intrigerend. Ik ben een open boek, zeg je. Jij speelt met je zichtbaarheid als was het clair-obscur. En wat buiten beeld blijft, mag ik zelf invullen.

Ik volg de contouren van je lichaam, het sleepspoor van de middagzon over de muren naast het bed. In de lijnen van het licht laat ik jou onleesbaar zijn.

 

 


 

 

ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde
en tekenaar Jurgen Walschot.

Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden,
hij tekent bij de tekst.

stempel_negatief