BXL DORADO – Vervlogen paradijs

Een eerbetoon, een virtuele rondleiding en een beklijvende film

 

De schedels, opgehangen aan de laagste tak van de majestueuze iep, begroeten de bezoeker bij het betreden van de tuin.
Wij zijn dood, grijnzen ze zwijgend, en op een dag ben jij dat ook.

 

Zomerlijnen BXL_124 klein
Werk van Beg-Tsé (c) KV

 

Er is geen betere start denkbaar voor een toertje door het Pacheco Instituut, waar het gros van de BXL Dorado-tentoonstelling staat opgesteld. De tuin, jaren onaangeroerd, is een wild toevluchtsoord, een goed bewaard geheim pal in het Brusselse stadscentrum. De gebouwen die het omsluiten (in lang – en minder lang – vervlogen tijden een godshuis en OCMW-ouderlingentehuis) staan op het punt om ten prooi te vallen aan projectontwikkelaars. Maar hier en nu, op dit gestolen moment, is het een voorrecht om de tentoonstelling hier te houden.

 

Zomerlijnen BXL_126 klein
Pacheco (c) KV

 

Er wordt zowel werk getoond van gevluchte kunstenaars als van geëngageerde kunstenaars van eigen bodem. Terwijl de wereld elke dag donkerder en kouder lijkt te worden, en de vooruitzichten van de mensheid verbleken op vlak van fatsoen en respect voor de mensenrechten, is deze tentoonstelling een statement. Want wij zijn, hoe graag sommigen ons dat ook zouden willen laten vergeten, allemaal gelijk, als het er echt op aankomt.

 

BXL D IMG_1318 klein.jpg
Werk van Nora Theys (c) Jurgen Walschot

 

BXL D IMG_1296 klein.jpg
Werk van Absa Sissoko (c) Jurgen Walschot

 

Er zijn zoveel verhalen om ter harte te nemen en vanaf nu mee te dragen…

… het monumentale beeldhouwwerk van mensen die reikhalzend tasten naar de belofte van een betere toekomst, elk met een spiegel in de mond, zodat de bezoeker die hun gezichten wat beter wil bekijken telkens weer zichzelf ziet.

 

BXL D 33869815_254474498453298_6213349915188264960_n
Werk van Al Balis & Mehdi Khammal (c) BXL Dorado

 

… de harten opengereten door idealen als Broederlijkheid en Gelijkwaardigheid, mogelijk dodelijk gewond.

 

BXL D 34021509_255532078347540_8836199169120010240_n
Werk van Raymon Minnen (c) BXL Dorado

 

… de Arabische kalligrafie, subtiel en breekbaar als vlindervleugels.

 

BXL D IMG_1268 klein.jpg
Werk van Omar Ibrahim (c) Jurgen Walschot

 

… de portretten geschilderd in een opvangcentrum voor vluchtelingen, die de mensen die model stonden in hun eigen handschrift mochten ondertekenen eens de schilderes klaar was, een verzameling gezichten van over heel de wereld die de bezoeker aankijken met hoop, warmte, wanhoop en verdriet geëtst in de lijnen van hun gelaat.

 

BXL D IMG_1283 klein
Werk van Nora Theys (c) Jurgen Walschot

 

… de foto’s van de spookachtig lege overzetboot van Lampedusa naar Sicilië, waar een honderdtal vluchtelingen opeen gepakt zaten in een afgesloten compartiment dat ze niet mochten verlaten, terwijl de fotograaf de lange uren die de reis duurde op zijn eentje door een verder verlaten schip dwaalde.

 

Zomerlijnen BXL_031 (3) ed

Zomerlijnen BXL_091 (2) ed klein
Werk van Jo Struyven (c) KV

 

… de penseelstreken van pijn en hoop, geschilderd op de gefotografeerde gezichten.

 

BXL D 33727728_253798765187538_3535533236010614784_o
Werk van Thomas Israël, in samenwerking met gerenommeerde fotografen (c) BXL Dorado

 

 

… het meedogenloos verglijden van de tijd.

 

BXL IMG_1341 klein.jpg
Zaailing-installatie, tegen het einde van de tentoonstelling (c) Jurgen Walschot

 

__

 

Deelnemen aan dit project was tegelijk een uitdaging en een voorrecht.

Ik had nooit gedacht om politiek of zelfs sociaal geëngageerde Zaailingen te gaan schrijven (en het is niet alsof ik nooit sociaal geëngageerde blogs schrijf, maar hoe giet je politiek bewustzijn in een artistieke vorm zonder dat je gaat preken of ronduit slechte kunst maakt?).

BXL D IMG_1257 klein
Zaailingen (c) Jurgen Walschot

Uiteindelijk creëerden we, speciaal voor de gelegenheid, drie Zaailingen. We lieten ze drukken en kaderden ze in – twee daarvan zijn intussen officieel ‘geZAAId’, als #31 – Aan land en #34 – Pasmunt.
Die werken konden profiteren van de fantastische locatie waar ze opgehangen werden: een schitterende gerenoveerd torentje (uit welke eeuw het dateert, weet ik niet eens zeker: de 18e? de 17de?), compleet met jardin clos, weggestopt achter de façades van de Dansaertstraat, pal naast Passa Porta.

Ik ben er een paar middagen gaan doorbrengen met ‘permanentie’ – tentoonstellingen hebben toezicht nodig – en zelfs op de kalmste momenten was het een ronduit bijzondere plek.

En intussen kennen jullie mij wel een beetje: ik hield er een paar fijne spiegelfoto’s aan over (zie hoger). En ik was niet eens verbaasd dat Jurgen, op de dag dat hij en ik er samen waren, precies dezelfde weerspiegelingen in het oog had. Great minds… 😉

 

BXL D IMG_1270 klein
Ik geef uitleg bij het werk van Jo Struyven (c) Jurgen Walschot

 

We hadden echter nog een ander experiment in onze pijplijn voor deze tentoonstelling: een installatie en een film. Ik lichtte al een tipje van de sluier in de vorige BXL Dorado-blog.

Dit was een heel nieuwe speeltuin, een heel ander medium. Maar eigenlijk deden we gewoon wat we altijd al doen: onze sterktes met elkaar in dialoog laten gaan. Ik wilde meer met mijn stem doen, Jurgen bleek een krak in het monteren van beeld- en geluidsmateriaal.

Kritisch als altijd vroeg hij zich af hoe we het maximum konden halen uit de zeer basale middelen waarmee hij had besloten aan de slag te gaan: papieren bootjes die dreven, kapseisden, zonken. Het leek bedrieglijk simpel: een piepklein papieren bootje, een spiegel, een muur, een klets water. Maar de resultaten waren overdonderend.

 

 

BXL D B I-012.jpg
(c) Jurgen Walschot

 

Ik zag de filmpjes en trok aan zijn mouw dat hij me beelden zou sturen om bij te schrijven. (Er is iets bijzonders aan deze samenwerkinng, waarbij ons betere werk boven komt drijven als we dat van de ander hebben om het op te enten. En het werkt in beide richtingen.)
Zo gauw als hij me een reeks foto’s stuurde, begon ik te schrijven.

__

 

 

BXL D Bootje schoonheid klein
(c) Jurgen Walschot & Kirstin Vanlierde

 

Eens de Zaailingen – volgens de normale werkwijze: tekst en beeld – afgewerkt en naar onze goesting waren, begon ik de teksten in te lezen, in het Nederlands en het Engels. Het vroeg zowat een hele zondag om alles op te nemen, maar ik was er best trots op dat elke Zaailing – na een paar testversies – telkens kon worden vastgelegd in één lange take, van begin tot einde. Geen valse start, niet even pauzeren halverwege, nauwelijks geknip en geplak achteraf (behalve wat Jurgen er qua lagen en effecten nog aan toevoegde).

Toen ik hem het materiaal opstuurde, verwachtte ik niet snel antwoord. Maar geen uur later kreeg ik de boodschap:

shit zeg
ik heb hier net een montage gemaakt
ik krijg het er warm en koud van
dit is zo hard

 

Wat ben ik blij dat we dit hebben kunnen doen.

 

 

__

 

BXL D IMG_1333 klein.jpg
Bezoekers bekijken de Zaailing-film in het Pacheco Instituut (c) Jurgen Walschot

 

De BXL Dorado-tentoonstelling liep vorige week ten einde. Nu is ze niet meer dan een herinnering, een Facebookpagina en een verzameling foto’s.

Het vluchtelingenverhaal is echter nog verre van ten einde. En we kijken, met bezorgd hart, toe hoe de gebeurtenissen van dit tijdperk zich ontvouwen. We hopen dat, als dit allemaal voorbij is, we nog altijd – zoals ik schreef in God ziet alles (zie video) – in staat zijn om onszelf in de ogen te kijken.

 

BXL D IMG_1305 klein.jpg
Werk van Al Balis (c) Jurgen Walschot

 

BXL D IMG_1289 klein.jpg
Werk van Beg-Tsé (c) Jurgen Walschot

 

Zomerlijnen BXL_115 2 klein.jpg
(c) KV

 

 

BXL D IMG_1351 klein.jpg
Werk van Beg-Tsé (c) Jurgen Walschot

 

Advertenties

ZAAILING #34 – Pasmunt

De BXL Dorado-tentoonstelling waaraan Jurgen en ik meewerkten, is afgelopen. Ongeveer op hetzelfde moment weigerde de Italiaanse regering een boot vol vluchtelingen toegang tot de Italiaanse havens.

De geschiedenis heeft de lelijke neiging om zich te herhalen.

We kennen het beschamende verhaal van de MS St. Louis, die de Amerikaanse havens niet binnen mocht en onverrichter zake moest terugvaren naar Europa, waardoor de Joodse families aan boord, die zo dicht bij de veiligheid waren geweest, uiteindelijk toch in de concentratiekampen terechtkwamen. Kritische stemmen waarschuwen al langer voor de parallellen met het pre-Nazitijdperk, maar werden onthaald op onverschilligheid, of kregen als antwoord dat ze niet met hun twee voeten op de grond stonden en beter hun mond zouden houden. Maar als we er al aan twijfelden, dan zijn de overeenkomsten nu niet meer te negeren. De polariserende retoriek, het vergiftigen van de geesten, het voorstellen van steeds verregaandere maatregelen als realpolitik, waarbij bruten in kostuum ons vertellen dat wij het zijn die de slachtoffers zijn, wat ons het recht geeft om een hele bevolkingsgroep te behandelen als ongedierte: aan beide kanten van de Atlantische Oceaan bevinden we ons op dit moment in bijzonder gevaarlijk vaarwater.

Hier staan we dan, aan het einde van de weg, en op een precair kantelpunt.
De poorten zijn gesloten. El Dorado is dicht.

We hadden eerst een andere Zaailing in gedachten om de tentoonstelling een eresaluut te geven. Maar de gebeurtenissen in Italië dwongen ons in een andere richting. Deze Zaailing, Pasmunt, werd ook tentoongesteld, en was speciaal voor de gelegenheid gecreëerd, maanden geleden al.

Ik haat het als kunst profetisch blijkt. Maar hier heb je het dus.

 

ZAAILING #34
Pasmunt

 

Porto di Napoli_2010 klein
(c) Jurgen Walschot

 

Aan de glanzende tafel waarachter vlaggen halfstok staan opgesteld, voeren mannen en vrouwen die nooit een slok zeewater binnenkregen het woord.
De wereldkaart tussen hen in heeft veel weg van een spelbord. Ze zetten hun pionnen, ze kijken in hun kaarten, houden redevoeringen of zwijgen. Hun onderhandelingen zijn berekeningen, en als ze iets in beweging zetten, hanteren ze strikte maten en gewichten.
Het is een grimmig spel, met hoge inzet en te weinig inkomsten voor alle deelnemers. Ze willen beschermen wat ze hebben, heersen over meer dan ze beheersen.

Maar de grenzen van hun territoria zijn dun, en hun rijkdommen kostbaar en kwetsbaar. Gelukkig is de zee breed genoeg om hen wat uitstel te kopen. Mensenlevens zijn pasmunt aan deze speeltafel voor haaien.

Een voor een zijn ze aan zet, en als iemand een pion verschuift of de grenzen versterkt, kijken alle spelers zwijgend naar hun kaarten. Monden worden harder. Woorden worden grimmiger.

Boten, volgepropt met pionnen die behoren tot geen enkele van de spelers, schuiven gestaag over het speelbord. Of het gaat richting veilige haven dan wel richting storm beslissen de ogen van het lot.

De haaien rondom de tafel hopen in stilte op het laatste.
Wat overboord slaat, is niet meer dan ballast.

 

 

 


 

ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde
en tekenaar Jurgen Walschot.

Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden,
hij tekent bij de tekst.

stempel_negatief

Nigredo*

BXL Dorado #1 – Een verhaal van hoop, dood, en onszelf in de ogen kijken

 

BXL D B I-001
(c) Jurgen Walschot

 

Hoe vertel je een verhaal dat al zoveel keer verteld is? Door de media, door politici, door feiten en cijfers? Een vluchtelingenverhaal?

 

We hapten naar adem en zetten ons schrap. Als je dezelfde woorden lang genoeg herhaalt, luistert niemand nog. Lawaai ligt dichter bij stilte dan op het eerste gezicht lijkt.

 

In Europa zijn we de afgelopen jaren zowat immuun geworden voor de verhalen en het lijden van de eindeloze golven van vluchtelingen die aanspoelen op onze stranden. We hebben stilzwijgend toegestaan dat het bombardement aan beelden en meningen de simpele feiten overschreeuwt: dat niemand zijn leven riskeert, laat staat dat van zijn kinderen, op een levensgevaarlijke reis dwars doorheen een continent en een verraderlijke zee, als hij ook maar enig beter alternatief voorhanden heeft.

Maar feiten zijn zelden zo eenvoudig als ze lijken. Want er is een oorlog aan de gang. Er zijn haat en wantrouwen, diep verankerde ideologieën en internationale bondgenootschappen die beslissen over het lot van onschuldige mensen. Er zijn cultuurschokken, taalbarrières, diepgewortelde angsten en gevoelens van superioriteit. Aan beide kanten.

Te midden van dit alles besloot de New Flemish Primitives Art School, met thuisbasis in Brussel, dat het hoog tijd was om in het vluchtelingenverhaal opnieuw de menselijke beleving centraal te stellen. De organisatie nodigde zowel gevluchte kunstenaars uit als sociaal geëngageerde artiesten van eigen bodem om deel te nemen aan de tentoonstelling BXL Dorado (met een fijne woordspeling in de titel om het El Dorado zichtbaar te maken dat de Europese hoofdstad voor zoveel vluchtelingen symboliseert). De expo vindt plaats op vier dicht bij elkaar gelegen locaties in de hoofdstad, waaronder de Begijnhofkerk (Église Saint-Jean-Baptiste-au-Béguinage). Dit is de plek waar groepen van vluchtelingen meer dan eens asiel vroegen en kregen, en waar ze voor langere tijd kampeerden in de kerk. Het is een plek van grote symbolische betekenis.

Jurgen en ik kregen de vraag of we wilden deelnemen aan de tentoonstelling. Uiteraard, en met plezier.

#23 Dageraad Ndl klein
Zaailing #23

We maakten een aantal Zaailingen die specifiek geënt waren op het vluchtelingenthema. Dat was niet eens zo moeilijk, een heleboel van ons werk steunt op het idee van de buitenstaander die verlangt om tot de groep te behoren, maar die uiteindelijk toch een andere weg inslaat, uit pure koppigheid of meedogenloze nood. Ik schreef een aantal nieuwe teksten (waarvan we er intussen eentje loslieten als Zaailing #31, een dikke twee weken geleden), maar we besloten ook om door te gaan op het motief van onze nieuwjaarskaart deze winter (Dageraad, Zaailing #23), omdat die onwaarschijnlijk goed aansloot bij het thema.

 

Jurgen besloot om te gaan experimenteren met de enscenering van echte papieren bootjes. Hij stelde ze bloot aan het weer, de elementen, water in het bijzonder. Hij schoot filmpjes en maakte foto’s. Zijn beelden bleken bijzonder krachtig.

 

God ziet U, zo zeiden ze dat vroeger. God zag alles, als we de hoeders van orde en rechtschapenheid mochten geloven.
Dan is er nu dus ook iemand die toekijkt hoe scharen van ongelovigen overboord slaan. Hoe ze met opengesperde ogen en geruisloos schreeuwende monden verzwolgen worden door golven die nooit hun naam zullen fluisteren.
 
 
BXL D I-007
(c) Jurgen Walschot

 

De film was een uitdaging. Jurgen wierp me een van zijn halve glimlachjes en zei: ‘Jij wilde toch meer met je stem gaan doen? Leef je uit, zou ik zeggen.’

Dus dat deed ik.

(We zullen de montage van zijn beelden en mijn stemwerk online zetten eens de tentoonstelling achter de rug is. Voorlopig wil ik er alleen over kwijt dat we met dit experimentje nóg een vorm van samenwerken hebben ontdekt die ons bijzonder goed ligt.)

 

__

 

De opbouw, dan.

BXL D IMG_20180513_190214 klein
Aan de slag in het Pacheco Instituut (c) KV

Drie Zaailingprints, waaronder #31, hangen tentoongesteld in de ‘toren’ naast Passa Porta, een prachtig gerestaureerde site.
De film en de installatie die erbij hoort, zijn te zien, net als het gros van het werk van de andere deelnemende kunstenaars, in het Pacheco Instituut, voormalig godshuis, eertijds rusthuis, nu ruïne in verval, op een steenworp van de Begijnhofkerk.

Het opzet is om de film eindeloos te laten afspelen, waarbij de woorden gereciteerd en gezongen worden als mantra’s met daarbij de beelden van zeilende, of zinkende, boten, terwijl tezelfdertijd buiten op een uitvergrote poster met het centrale beeld van de installatie een echt papieren bootje over de donkere wateren zeilt, overgeleverd aan de elementen.

 

Het duister komt opzetten. Nu is het snel voorbij. Luister niet naar hun kreten. Of denk dat het watervogels zijn.
Alles keert terug naar waar het hoort.
 

 

BXL Dorado I-1 klein

BXL Dorado I-2 klein
(c) Jurgen Walschot

 

Het Pacheco Instituut is een ongewoon gebouw, de verzinnebeelding van oude statigheid die zowel fysiek als spiritueel verkruimelt. Wat er nog rondhangt van devotie vermengt zich met de echo’s van vermoeide ouderlingen wachtend op de dood. En nu brokkelt ook het gebouw zelf langzaam af, een brok pleister per keer. Een architecurale studie in sterfelijkheid bij uitstek.

Hier zijn we dus te vinden, de komende maand. We zullen door de gangen dwalen, en in de hoofden naar binnen glippen.

 

BXL D IMG_20180517_153622 klein
Installatie na één week (c) KV

 

We nodigen u uit om de reis te maken. Er zullen geen bezoekers verdrinken, zoveel kunnen we alvast beloven.

Zoveel moed zou u dus toch wel mogen hebben.

 

Als het ons van pas komt, geloven we maar al te graag in het noodlot. We vragen aan de spiegel om ons het mooiste te tonen wat het koninkrijk te bieden heeft. Maar we hebben alleen onszelf om in de ogen te kijken.

 

BXL Dorado I-3 klein
(c) Jurgen Walschot

__

 

*NIGREDO : In de alchemie betekent nigredo (of: zwartheid) verrotting en decompositie. Veel alchemisten geloofden dat alle alchemistische ingrediënten, als eerste stap voor de vervaardiging van de steen der wijzen, heel grondig moesten schoongemaakt en gekookt worden tot een uniforme zwarte substantie.

In analytische psychologie is de term een metafoor geworden voor de ‘donkere nacht van de ziel’, als de persoon zijn innerlijke schaduwen confronteert.

 

 

De BXL Dorado-tentoonstelling is te bezoeken op weekenddagen van 11u tot 18u, tijdens de periode van 19 mei tot en met 10 juni 2018, op de volgende locaties in de Brusselse Begijnhofwijk:

Begijnhofkerk/Église Saint-Jean-Baptiste-au-Béguinage)
Institut Pacheco (Grootgodshuisstraat)
Passa Porta (Dansaertstraat 46)
De Markten (Oude Graanmarkt 5)

ZAAILING #31 – Aan land

 

BXL DORADO affiche 1 klein

 

Het is bijna onmogelijk om in deze tijden niet op een of andere manier beroerd te worden door de complexe problematiek van het vluchtelingenthema. Daarom organiseert de vzw New Flemish Primitive Art School in mei en juni 2018 de tentoonstelling BXL DORADO, vanuit het perspectief van mensen onderweg, die zwerven tussen land en buitenland, tussen cultuur en vervreemding, tussen oorlog en onderdrukking. New Flemish Primitive Art School werkt hiervoor samen met zowel vluchtelingen-kunstenaars als plastische kunstenaars van Brussels-Europese bodem.

In BXL DORADO staat Brussel centraal, als het Eldorado dat het voor ontelbaar veel zoekenden dezer dagen is: de droom van een beter bestaan, de melancholie van verre einders, de drang naar het onbekende.

Wie zijn deze mensen die de benen nemen, die moeizaam hun vleugels uitslaan, hun leven op het spel zetten, verbonden in weinig meer dan doodsangst alles achterlaten om over de wereld te gaan zwerven op zoek naar een lichtpunt, een plek waar ze zich veilig kunnen voelen?

Jurgen en ik nemen deel aan de expo, met een selectie Zaailingen die voor het merendeel speciaal gemaakt werden voor deze gelegenheid en rond dit thema.

Locaties:
Instituut Pacheco > Grootgodhuisstraat 1000 Brussel
Begijnhofkerk > Begijnhofplein 1000 Brussel
Passa Porta > A.Dansaertstraat 46 1000 Brussel
Gemeenschapscentrum De Markten > Oude Graanmarkt 5

Vrij toegankelijk van 11 tot 18u op volgende weekends:
19-20 mei
26-27 mei
2-3 juni
9-10 juni

Neem voor meer info en een blik achter de schermen zeker een kijkje op de Facebookpagina van BXL DORADO.

 

Bij deze laten we alvast een van de tentoongestelde Zaailingen op u los.

 

Aan land
Zaailing #31

 

Zee_2013
(c) Jurgen Walschot

 

De golf brengt je aan land, slap als aangespoeld wier.
Je handen voelen zand, kiezels, schelpen. Het gruis van een oud continent, de verkruimelde dromen van wie hier al veel te lang woont.

Een tweede golf spoelt over je heen, legt zich als een deken om je schouders voor ze zich terugtrekt.
Je hijst jezelf rechtop.

Hier sta je dan, met de zon en het water als getuigen van je tocht.

Je kijkt om je heen en ruikt de geur van wat misschien de toekomst is. Hoop werpt zijn schaduw vooruit als een spoor om te volgen, dwars door de branding heen.

 

 


 

ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde
en tekenaar Jurgen Walschot.

Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden,
hij tekent bij de tekst.

Zaailing stempel klein

 

 

Een verhaal, verteld of op zijn minst vermoed

Een kennismaking met stadsfotografie

Bxl city_060b klein
(c) KV – Pool is cool

Vroeger vroeg ik me wel eens af waarom zoveel fotografen graag de stad fotograferen.

Steden verstikken mij. Mijn zintuigen vinden ze een harde, onaangename omgeving. Te veel geluiden, te veel geuren. Te veel lelijkheid, vooral. Draden en afval en stof en vermoeide, verbleekte façades.

Als ik omringd ben door niets dan straten en gebouwen zoeken mijn ogen automatisch naar het dichtstbijzijnde sprietje groen. Ik voel me maar echt op mijn gemak als ik genoeg levende, organische dingen om me heen heb.
Maar in de meeste steden en dichtbevolkte gebieden, dichtgepleisterd met beton en gestructureerd volgens rechte lijnen en strakke afmetingen, is er weinig organisch houvast, en voel ik hoe mijn reservoirs van ademruimte en optimisme langzaam leeglopen.
Je leert je voeden met kruimels in de stad: een paar bloemen op een balkon, een regiment bomen in het gelid langs de straatkant, soms niet meer dan een overwoekerde border. De stad helpt mij zelden aan een beter humeur.

Maar vandaag was het anders.
Ik nam mijn camera mee naar het werk, met een heel bewuste bedoeling. De dag voordien was ik getuige van een scène op weg naar het station, en die wilde ik nu proberen vast te leggen. Een stadsscène – dat op zich is al ongewoon voor mij.

In de ongebruikte verkeersvrije ruimte tussen BOZAR en een grote bouwwerf is een recreatieve ruimte verschenen, compleet met bar, strandstoelen, parcours voor skateboarders en een blauw geschilderde container die dienst doet als het enige openluchtzwembad in Brussel. Het concept op zich was al kleurrijk, maar nu waren allerhande kunstenaars ook nog eens begonnen om de aanpalende houten wanden te beschilderen, én het straatoppervlak. Het was bizar en mooi.

Bxl city_132 klein
(c) KV – Pool is cool

Ik vertrok na het werk op kantoor met mijn cameratas in mijn rugzak gepropt en de camera om mijn nek, voornamelijk omdat ik geen zin had om dat hele eind met twee weinig compatibele tassen te moeten jongleren. Maar met een camera klaar voor gebruik binnen handbereik, ga ik bijna automatisch in foto-modus. En dan kijk ik helemaal anders naar een plek.

Plots leek de lelijkheid van de stad naar de achtergrond te verdwijnen. Kleuren, contrasten en composities verschenen, en een overvloed aan vormen, weerspiegelingen en vervreemdende abstracties.

De mensen veranderden ook. Meestal probeer ik de massa’s vreemden die ik op straat kruis te negeren. Inzoomen op elk van hen afzonderlijk maakt me duizelig en gedeprimeerd door een overdosis emotionele ruis. Maar nu, terwijl ik focuste op een bepaalde plaats, werden mensen plots interessante personages die een scène bevolkten, en de kijker het gevoel gaven dat er een verhaal verteld werd, of op zijn minst vermoed.

Bxl city_152 zw ed cut klein
(c) KV – Ravensteingalerij

Het is geloof ik makkelijker om een interessante foto te maken in de stad – hoewel ik absoluut niet wil beweren dat goeie foto’s maken makkelijk is. Maar er zijn gewoon zoveel contrasterende elementen dat, als je weet hoe je moet kijken, sommige beelden zichzelf wel lijken te schieten. Gebouwen en straten zorgen haast op natuurlijke wijze – sorry, flauwe woordspeling – voor een aanzet tot compositie. En de lelijkheid, het ruwe en onpersoonlijke van een plek, is het decor waarin plots allerlei dingen beginnen gebeuren.

Ik krijg het gevoel dat ik niet eens zo’n slechte stadsfotograaf zou zijn. En ik denk dat ik vanaf nu mijn camera wat vaker meeneem naar het werk…

Bxl city_051 klein
(c) KV – Pool is cool

Transitie, in alle maten en kleuren

Het is goed dat ze van zich laat horen, denk ik als ik in De Standaard het stuk van Aheda Zanetti lees, de Australische moslima die de boerkini ontwierp. Het is goed dat ze haar stem verheft, en dat ze oprecht is. Ik zal haar, en het recht van moslimvrouwen om boerkini’s te dragen – het recht van elke vrouw om wat dan ook te dragen, punt – altijd blijven verdedigen. En er zijn veel redenen om je als vrouw te bedekken, dat schreef ik al.

Maar als ik lees wat ze zegt, bloedt mijn hart toch.

Ze ontwierp de boerkini omdat haar nichtje zich kapot zweette in de dikke kleren die ze droeg om zich te bedekken tijdens het sporten. Dat is eerbaar, en haar ontwerp bracht vrouwen een vrijheid die ze voordien niet hadden.
Alleen – en dat is waarom ik het er toch nog altijd lastig mee heb – wat voor vrijheid? De vrijheid om je in het openbaar te begeven?
Als je anders helemáál de deur niet uit mag, kan ik me voorstellen dat zo’n pak inderdaad vrijheid belichaamt. Maar het is een vrijheid die de echte ongelijkwaardigheid in een gemeenschap ongemoeid laat. Ze geeft geen kritiek op de diepgewortelde opvatting dat vrouwen zich moeten bedekken, ze omzeilt ze.

Quondam_043.JPG

Aheda Zanetti lijkt geen moeite te hebben met de traditionele denkbeelden uit haar omgeving dat mannen en vrouwen fundamenteel andere rechten en plichten hebben, zoveel kunnen we opmaken uit de rest van haar stuk. Ongelijkheden worden in stand gehouden door beide partijen in een cultuur. Mannen mogen dan veel meer vrijheden hebben dan vrouwen, ze dwingen die niet altijd af met bruut fysiek geweld. Hele gemeenschappen werken daar actief aan mee. Door zich te schikken, door opruiende stemmen het zwijgen op te leggen, door de regels te omzeilen maar niet openlijk aan te vechten.
Vrouwenbesnijdenissen – om het even heel confronterend te zeggen – worden ook niet per toeval uitgevoerd door vrouwen.

En ach, ik besef het maar al te goed, vrouwenemancipatie is van zeer lange adem. Het is een proces dat zich op verschillende plaatsen ter wereld op heel andere snelheden in  diverse fases van ontluiking bevindt. Zoals de Amerikaanse coach Tara Mohr het zo heerlijk zegt: we are the transition team. Vrouwen van onze generatie(s) timmeren aan de overgang van het oude patriarchale systeem naar iets beters en evenwichtigers.
En de weg is veelkleurig en lang. Ook hier in het westen krijgen vrouwen nog altijd geen deftig bestaansrecht in de katholieke kerk. Het glazen plafond wordt ook in de rijkste westerse landen nog steeds gelapt door vrouwen. We mogen ondertussen al naar buiten zonder een chaperone, maar ook ons uiterlijk wordt – op een heel andere manier – onafgebroken onder de loep genomen. Wij protesteren daar wel tegen, velen van ons zelfs heel ostentatief, maar dat wil niet zeggen dat al die zaken in een klap opgelost zijn.

Ik wil deze inventieve, oprechte Australische dan ook niet afvallen of ontmoedigen. Maar ik ben het wel grondig met haar oneens dat de boerkini symbool staat voor vrijheid. Of toch voor het soort vrijheid dat ik in gedachten heb, namelijk de evenwaardigheid tussen man en vrouw. Als een man wil dat zijn vrouw zich bedekt, dat hij dan zelf alsjeblieft ook zo’n surfpak aantrekt, denk ik in een moment van frustratie. En dat hij anders zijn ogen dicht doet.

Er is een hemelsbreed verschil tussen je vrij voelen door de regels te omzeilen en werkelijke emancipatie. Anderzijds: is niet alle emancipatie zo begonnen? Met het omzeilen van regels, tot het voor iedereen duidelijk werd dat die eigenlijk oneerlijk en onwenselijk zijn?
Laten we de boerkini toejuichen omdat hij vrouwen een eerste smaakje van vrijheid geeft. En laten we precies daardoor tonen dat hij eigenlijk helemaal niet nodig is.

Een glibberig symbool

De pro-en-contra discussies over de hoofddoek en – bij uitbreiding – de boerkini, ik krijg het ervan.
Hoe eenzijdig kunnen meningen zijn? Dit is een veelkantige kwestie, een netelig onderwerp waar géén makkelijke en eenduidige antwoorden voor bestaan.

Dat komt omdat de ‘bedekking’ (laten we eens een neutrale term gebruiken die de lading helemaal, euhm, dekt) van moslima’s en vrouwen in de Arabische wereld ook helemaal niet zo eenduidig is als ze lijkt. Die bedekking is met alle vuur te verdedigen én te verwerpen, en alles hangt af van de context. Drie snelle schetsen (maar er zijn nog ettelijke varianten mogelijk).

Quondam_042.JPG

Context 1. Een jonge, moderne, zelfbewuste vrouw zoekt naar een vorm van spiritueel bewust leven. Ze heeft een geloof, en ze wil dat niet alleen tonen door de manier waarop ze leeft maar ook door de kleren of de attributen die ze draagt. Dit zijn nonnen, in India of Vlaanderen. Dit zijn moslima’s in Bangladesh, en Native American grandmothers in Arizona. Dit zijn vrouwen die uit volle overtuiging en in alle waardigheid een uiting geven aan een goed dat in deze neokapitalitische wereld bepaald niet enthousiast onthaald wordt: een bezielde manier van bewust leven, in contact met iets wat dieper gaat dan het tumult van alledag.

Context 2. Een jonge vrouw die opgroeit in een cultuur of een regime dat vrouwen ongeveer op dezelfde hoogte acht als huisdieren, en dat hen alle privileges ontneemt. Bedekking is een plicht, en de straf voor ongehoorzaamheid is uitstoting, of erger. Ze weet niet beter (of ze weet het wel), maar ze aanvaardt de omstandigheden uit noodzaak, want er is geen alternatief.
Ze leeft in door IS bezet gebied, en in landen waar leiders zelfs de vrouwen van andere staatshoofden weigeren de hand te schudden.

Context 3. Een jonge moslima, geboren in het seculiere westen, maar dochter van ouders die nog stammen uit het traditionele patriarchaat dat er maar niet in slaagt een evenwicht te vinden in de moderne Westerse context. Het brengt jonge, gefrustreerde hengsten voort die met hun seksualiteit geen blijf weten, maar eist tegelijk nog altijd van meisjes dat ze kuis en respectabel zijn. Deze jonge vrouwen willen deelnemen aan het alledaagse leven op het continent waar ze zijn opgegroeid zonder van hun familie te vervreemden. Als ze hun hoofddoek afleggen, noemen hun broers ze hoeren. Als ze ze ophouden, zijn ze voor ons niet welkom in het openbaar.

In het westen gruwen we van context 2. Het is ook de meest laakbare van de drie. Alleen: deze praktijken vinden plaats op plekken waar wij vanuit onze fauteuils in Europa nauwelijks vat op hebben. Tenzij we stoppen met zo olieafhankelijk te zijn, klinkt onze morele verontwaardiging goedkoop. Momenteel ligt zelfs eisen dat de echtgenotes van onze politieke leiders met evenveel respect behandeld worden als zijzelf al te gevoelig.

Maar de vrouwen van context 1 en 3 hebben niets te winnen bij een veroordeling van hun klederdracht. Of die bedekking nu een uiting is van een bewuste en doorleefde keuze, dan wel van een ongemakkelijk compromis in een cultuurclash die nog volop gaande is, met een verbod zullen we niemand helpen.

Als de vrouw in kwestie een moslima is, dan zullen we haar – een paar hoopvolle idealisten niet te nagesproken – zelden spontaan in context 1 situeren. Zelfs context 3 is voor velen al te moeilijk. Bij het zien van een hoofddoek springen de conclusies maar al te graag naar context 2. En dat hier in het vrije, Westerse Europa! Dat moeten we verbieden!

We sloegen zelden de  bal zo hard mis. En hij gaat als een boemerang in ons gezicht terugkeren.

 

Voor wie het na het volgen van deze blog nog niet wist: ik ben feministe. Ik houd de waardigheid, gelijkwaardigheid en vrijheid van vrouwen hoog in mijn vaandel. Ik kan woest worden van de verhalen over aangerande vrouwen, over vrouwen die uitgemaakt worden voor ‘hoer!’ omdat ze niet bedekt zijn, over vrouwen van wie vier Olympische medailles vergeten worden maar een man die er twee wint gefeliciteerd wordt.

Maar ik word even woest van een stelletje agenten die een vrouw verplichten zich uit te kleden in het openbaar. In elke andere context noemen we dat aanranding. Maar omdat ze moslima is, en omdat we snel in een wet gegoten hebben dat een hele bevolkingsgroep zich anders moet gaan kleden dan ze voorheen deden, verdient ze het?
Tropische temperaturen of niet, vanmorgen kreeg ik het ijskoud bij zien van de beelden.

De jaren dertig zijn inderdaad terug van weggeweest.

 

“Ik voelde mij eenzaam, maar vooral bevrijd”

“Niemand wordt als extremist geboren. Je wordt als mens geboren. Maar je moet je ook willen ontwikkelen.” Aan het woord is Montasser AlDe’emeh. De Palestijnse Belg is stilaan niet meer uit de media weg te branden. Weken voor de aanslagen in Parijs en Beiroet de wereld schokten, hadden wij al een lang gesprek met de bijna-jihadi die transformeerde tot bruggenbouwer.

Je zou het levensverhaal van Montasser AlDe’emeh kunnen samenvatten in één surrealistische frase: van jonge geradicaliseerde moslim tot gerespecteerd jihad-expert. Amper zevenentwintig is hij, maar de man heeft al een indrukwekkend parcours achter de rug.
AlDe’emeh werd geboren in een Jordaans vluchtelingenkamp, als jongste kind van een uit Palestina verdreven gezin. Hij groeide op in Vlaanderen en had jarenlang het gevoel tussen twee culturen te vallen, gesteund in zijn haat- en wraakgevoelens door zijn verbitterde vader, niet begrepen door een samenleving die moslims na 9/11 dwong om kant te kiezen maar hen tegelijk bleef uitspuwen. Als adolescent dweepte hij met Bin Laden, luisterde naar toespraken van haatpredikers en stond op zeker moment letterlijk klaar om te vertrekken naar Palestina en de wapens op te nemen. Maar hij slaagde erin een bocht te maken. Een begripvolle schooldirectie en een reis naar Auschwitz zetten de deur naar empathie en inzicht op een kier. Universitaire studies brachten hem kennis over de geschiedenis en de achtergronden van de islam en Israël. Hij trok zichzelf aan de haren uit het moeras van de haat, vastbesloten om open te staan voor nieuwe vormen van kennis, en om anderen niet langer als vijanden te verwerpen maar als medemensen tegemoet te treden.

AlDe’emehs verhaal van wat hij zijn spirituele transformatie noemt, staat opgetekend in De Jihadkaravaan, het boek dat hij samen met journalist Pieter Stockmans schreef. Het is een absolute must-read voor wie de innerlijke beweegredenen van jonge geradicaliseerde moslims wil begrijpen en tegelijk een degelijk inzicht wil krijgen in de lappendeken van strijdende facties in het Midden-Oosten. Sommige passages zijn confronterend, zoals die over zijn verblijf bij Belgische strijders in Syrië (in het kader van zijn onderzoek naar radicaliserende jongeren). AlDe’emeh houdt tot op de dag van vandaag contact met jihadi’s aan het front en met anderen die terugkeerden naar België en probeert hen een pad naar meer kennis en kritisch inzicht te tonen.

Primaire bronnen
“Er is niet één reden waarom jongeren terugkeren uit Syrië”, weet AlDe’emeh. “Sommigen dachten daar hun idealen en hun identiteit te vinden en dat bleek niet zo te zijn. Sommigen wilden vechten tegen Assad en belandden in conflicten tussen soennitische groepen onderling. Voor anderen is het moeilijk om te overleven in oorlogsgebied op een blikje tonijn en een stuk brood per dag. Sommigen missen hun families, of zijn te gehecht aan de Belgische samenleving, iets wat ze eigenlijk nooit beseften.
Je kan oordelen over hun daden en zeggen: wij vinden het niet correct als je gaat vechten bij een militie die de mensenrechten schendt. Maar het komt er volgens mij wel op aan om te willen begrijpen wat hen tot hun beslissing gedreven heeft, en samen tot een oplossing trachten te komen. Voor alle duidelijkheid: de jongeren die ik begeleid, zijn geen jongeren die vastzitten of met niemand contact mogen hebben. Als ik hen begeleid, doe ik dat omdat ik denk dat ze met frustraties zitten, daar verschrikkelijke dingen hebben gezien en iemand nodig hebben die naar hen luistert zonder te oordelen. Ik probeer hen kennis aan te reiken, zodat ze wat genuanceerder naar het leven kijken. Ik zeg niet: ‘Je bent fout’. Ik zeg: ‘Lees dit. Deze bronnen zijn primair en geloofwaardig. In de boeken waarop jij je beroept staat wat anders.’ Wie religieuze argumenten gebruikt om zijn vertrek naar Syrië te verantwoorden, moet met andere religieuze kennis worden bereikt. Nu gebeurt dat vaak niet. We behandelen hen als psychopaten.”
(nvdr: ondertussen heeft AlDe’emeh wel besloten om jongeren die na de aanslagen in Parijs nog naar Syrië vertrekken, niet meer te begeleiden. “Wie nu nog vertrekt, weet heel goed bij wat voor soort organisatie hij zich aansluit en mag niet meer binnengelaten worden. Het gevaar voor aanslagen is te groot.”)

Een liefdevolle militaire leider
Recent merkte terrorisme-expert en professor internationale politiek Rik Coolsaet (UGent) op dat het begeleiden van teruggekeerde Syriëstrijders sterk individueel zou moeten aangepakt worden, en dat de eenheidsworst van de overheid om die reden faalt. Bovendien is repressie vaak niet het beste antwoord op de vertwijfeling en frustratie die hen tot het extreem gedrag aanzette.
AlDe’emeh: “De grote meerderheid van de Syriëstrijders is tussen de zestien en zesentwintig jaar. Jongeren zijn vatbaar voor radicalisme. Ze zijn in volle ontwikkeling, begeleiding is dus heel belangrijk. Daar loopt het op verschillende fronten fout, zowel thuis, in de moslimgemeenschap als in de bredere samenleving. Bovendien speelt ook het feit mee dat jongeren niet weten wanneer ze geaccepteerd zullen worden. Ze vallen letterlijk in de kloof tussen twee culturen die verschillende dingen van hen eisen en verlangen.”

12080179_1506715322959843_7558119080876752318_o.jpg
Montasser AlDe’emeh (c) Artur Eranosian

“De deradicaliseringsambtenaren zouden moeten inzien dat ‘deradicaliseren’ jongeren eigenlijk bij voorbaat veroordeelt. Er moet dringend op een zorgvuldige manier omgegaan worden met de woordenschat die we gebruiken. Als je zoals sommige burgemeesters zegt: ‘we gaan die radicale zotten opkuisen’, zorg je er alleen maar voor dat die jongeren zich nog meer isoleren.”
Maar ook de moslimwereld laat steken vallen, vindt AlDe’emeh. “Momenteel houden veel imams nog altijd vol dat strijders bij IS, Al-Qaeda of Al-Nusra geen moslims zijn. Ik vind het absurd om zoiets te beweren. Alsof alle moslims heiligen zijn. Zolang geestelijke moslimleiders IS-strijders excommuniceren, geven we niet toe dat er radicale interpretaties zijn van bepaalde religieuze concepten. Die zijn er wel degelijk, en jongeren kunnen daar vatbaar voor zijn. Ze beroepen zich daarvoor op de Koran. In plaats van het kader te schetsen van die verzen, die uit hun context worden gerukt, zwaaien we met absurde argumenten als: ‘De jihad is niet toegestaan in de islam’. Als zo’n jongere tegen mij zegt dat jihad legitiem is volgens de koran, antwoord ik: ‘Dat klopt. Maar in het oorlogsrecht dat we in Europa allemaal erkennen, is het ook legitiem om jezelf te verdedigen. En er zijn voorwaarden voor het voeren van de gewapende jihad.’ Waarna we die gaan opzoeken. In plaats van historisch te duiden wanneer de profeet geweld gebruikte, zeggen onze imams: ‘De profeet was een liefdevolle, vreedzame man.’ Er zijn inderdaad heel mooie verhalen over Mohammeds verdraagzaamheid, maar hij was ook een militaire leider…”

Het soort tunnelvisie dat veel moslims vandaag nog altijd hebben met betrekking tot hun geloof kan erg problematisch zijn, en de onwetendheid zit diep. “Een godsdienstwetenschapper als Karen Armstrong heeft op haar eentje misschien meer onderzoek verricht naar de islam dan alle islamologen in het Midden-Oosten samen. De islamitische cultuur is sinds de late Middeleeuwen vanuit een gevoel van superioriteit gaan stagneren en in verval geraakt. En momenteel is het het Westen dat meent superieur te zijn. Dat kan op lange termijn gevolgen hebben, want dan komen de intellectuele ontwikkeling en het kritisch denken op de helling te staan. Arrogantie is niet goed. Je moet altijd open blijven staan voor verandering.”

“Moslims moeten zichzelf bevrijden
van wat er binnen hun eigen
gemeenschap fout loopt. Niet om het
Westen te plezieren of acceptabel
over te komen, maar omdat ze er zelf
beter van worden”

“Het is mijns inziens dus ook niet de taak van het Westen om moslims op andere gedachten te brengen. Het is aan moslims die in het westen in aanraking zijn gekomen met waardevolle kennis om hun verantwoordelijkheid op te nemen binnen hun eigen gemeenschappen. Dat is ook een spirituele gedachte. In de Koran staat: ‘God verandert niets in een volk tot ze gaan veranderen wat zich in henzelf bevindt.’ Dat wil zeggen dat moslims zichzelf moeten bevrijden van wat er binnen hun eigen gemeenschap fout loopt. Niet om het Westen te plezieren of acceptabel over te komen, maar omdat ze er zelf beter van worden.”

Pijnlijke bagage
We zoemen in op de gezinnen van jonge jihadi’s.
“Ouders spelen een belangrijke rol in het leven van hun kinderen”, geeft AlDe’emeh toe. “Het lijkt me heel belangrijk dat als je als ouder probeert om niet te veel pijnlijke bagage uit je eigen verleden door te geven aan je kinderen. Ik heb zelf de haat meegemaakt die mijn vader met zich meedroeg en die hij met mij deelde. Hij trok mij daar onbewust in mee omdat hij ook zichzelf er niet van kon redden. Het heeft niets opgelost, alleen maar gemaakt dat hij zich steeds meer is gaan isoleren in zijn denkwereld. Veel ouders van Syriëstrijders zijn zelf helemaal niet gewelddadig of radicaal religieus. Ik denk dat je hen dus niet rechtstreeks verantwoordelijk kunt houden voor de keuzes van hun kinderen. Maar ze hebben geen voeling met de identiteitscrisis die jongeren doormaken en te weinig intellectuele bagage om hen op andere gedachten te brengen. In plaats van hun kinderen te veroordelen voor hun radicale gedachtegoed – soms worden ze er zelfs het huis voor uit gegooid – zouden ouders met hen in gesprek moeten gaan.”

Ook in ons onderwijs loopt er volgens AlDe’emeh een en ander verkeerd, zodat jongeren te snel afzakken naar ‘zwakke’ richtingen of helemaal door de mazen van het net vallen. Maar stenen blijven gooien naar elkaar heeft weinig zin. “Ik vind het goed dat we kritisch kijken, maar we moeten mensen ook niet opzadelen met een nodeloos schuldgevoel. Want je ziet ook jongeren vertrekken die wél opgeleid zijn, kansen hebben gekregen en gegrepen. We moeten net zo goed ons buitenlands beleid onder de loep durven nemen, en toegeven dat er op dat vlak fouten zijn gemaakt.”

Twee keer geboren
In De Jihadkaravaan pleiten AlDe’emeh en Stockmans voor ‘radicale verzoening’ op grote schaal. Bruggen kunnen maar gebouwd worden als mensen (maar net zo goed wereldmachten of politieke structuren) zichzelf door middel van kennis echt leren kennen, hun fouten toegeven en proberen om met respect voor ieders visie een dialoog te bereiken.
“Waarom doden we of veroordelen we de ander? Omdat we vergeten dat hij ook een mens is, met een eigen verhaal, een slachtoffer van zijn eigen omstandigheden. Op een bepaald moment heb ik beslist mijn identiteit niet meer te bouwen op wraakgevoelens, haat, afgunst en rancune ten aanzien van joden. Ik wilde niet meer blind de religieuze regels volgen zonder te weten wat hun achterliggende betekenis was. Ik ontdeed me van mijn vooroordelen en de bronnen die ik gebruikte om die te bevestigen. Toen bleef gewoon de naakte mens over. Ik voelde mij eenzaam, maar vooral bevrijd.

Ik had niemand die mij daarin steunde. Sommige Belgische activisten die van de Palestijnse zaak hun ideaal hadden gemaakt, zeiden zelfs dat ik eigenlijk geen ‘echte’ Palestijn was. Vooraanstaande stemmen binnen de moslimgemeenschap verketterden mij in het openbaar, omdat ik stelde dat de joden die vandaag worden geboren in Tel-Aviv daar niet voor hebben gekozen. De moslimjongeren die worstelen met onze westerse samenleving zeggen: ‘Ik ben derde generatie allochtoon, het was niet mijn keuze om hier geboren te worden, accepteer mij als gelijke!’ Maar ten aanzien van de joden hebben wij het lef niet om te zeggen dat het niet hun keuze was om daar te zijn, maar die van hun grootouders generaties geleden. Door de omstandigheden in Europa gingen zij ooit geloven in een eigen thuisland. Vandaag geloven de moslims in een eigen thuisland in het Midden-Oosten. Waarom trekken we de lijn die we voor onszelf hanteren niet door naar onze medemensen? Als ik dat zeg, word ik verweten een collaborateur te zijn. Maar ik sta nog altijd achter de vrijheid van alle mensen in de wereld, of het nu Koerden, Palestijnen of Belgen zijn.”

“Aristoteles zegt: ‘De ware overwinning is de overwinning op jezelf’. En Jezus zegt: ‘Niemand zal het koninkrijk Gods zien die niet voor de tweede keer geboren wordt’. De islam spreekt over fitra, de zuivere aard van de mens, de terugkeer naar de bron. Ik denk dat iedereen voor de tweede keer geboren moet worden. Op een spirituele manier. Met kennis.”

 

• De Jihadkaravaan, Pieter Stockmans & Montasser AlDe’emeh, Lannoo, 24,99 euro
• Meer journalistiek werk van Pieter Stockmans over het Midden-Oosten en de vluchtelingencrisis vind je op www.facebook.com/tussenvrijheidengeluk

Dit artikel verscheen in De Bond van 18 december

Vlees op een stokje

Een reclame zoals een andere, zou je misschien denken.
Niet echt.

Ik las er een paar maanden geleden over in een Knack-artikel en ze bleef me bij. Deze prent werd een aantal jaren geleden in Egypte gebruikt tijdens een internetcampagne om vrouwen aan te sporen tot zediger kledingdracht. De lolly met de wikkel er omheen wordt ongemoeid gelaten door ongedierte, die zonder wikkel is een trekpleister voor vliegen. Bijschrift : ‘Je kunt ze niet tegenhouden. Maar je kunt jezelf wel beschermen. Je schepper weet wat goed voor je is’.

tumblr_inline_n77rikIs001sqex6a
bron: jihadwatch.org

De eerste reactie van veel vrouwen hierbij is waarschijnlijk afschuw. Hoeveel decennia van protest en sensibilisering hebben we er nu al op zitten om duidelijk te maken dat vrouwenlichamen misschien wel aantrekkelijk zijn (dank je wel, Moeder Natuur), maar daarom nog geen openbaar snoepkraam, en dat mannen die daar niet van kunnen afblijven eerst eens goed naar zichzelf moeten kijken in plaats van de verantwoordelijkheid te leggen bij de aan- of afwezigheid van hoofddoeken, de lengte van rokken of de diepte van decolletés?

De tweede reactie is waarschijnlijk een etnisch-cultureel getinte, iets over de discriminatie van vrouwen in de moslimwereld. Dat is misschien niet helemaal onjuist, maar veel te kort door de bocht en ook veel te gemakkelijk. De campagne met de lolly was niet overheidsgestuurd, en riep ook in Egypte zelf fel protest op. Het Egyptian Center for Women’s Rights toonde in 2008 aan de hand van onderzoek aan dat ook en soms zelfs vooral gesluierde vrouwen in Egypte nageroepen en aangerand worden – iets wat we in het westen maar moeilijk kunnen geloven. De argumentatie van mannen die gevraagd werden naar hun beweegredenen gingen van ‘ik verveelde me’ tot ‘als ze zich helemaal bedekt, moet ze wel iets heel moois te verbergen hebben’. Het rekensommetje bedekt=gerespecteerd en veilig gaat niet op, net zo min als Arabisch/moslim=vrouwenonderdrukkend. We mogen ons niet laten verleiden tot foute stereotypen.

De bredere waarheid is gewoon nog triester. Vrouwen worden elke dag en over de hele aardbol door mannen van hun eigen cultuur en nationaliteit behandeld als bezit, koopwaar en seksueel vee, ook nog onverkwikkelijk vaak in het ‘verlichte’ Westen, waar de vrouwenemancipatie nochtans al behoorlijk veel successen op haar conto kan schrijven.
Dat het hier in Europa vaak om ‘mildere’ vormen gaat en dat er in totale aantallen minder verkrachtingen en aanrandingen zijn dan in pakweg India, wil niet zeggen dat er geen vuiltje meer aan de lucht is. Dat kan elke vrouw die al betast, aangerand of verkracht is beamen. Het zal haar worst wezen dat het hier minder gebeurt dan aan de andere kant van de wereld. Het is zojuist gebeurd. Met haar. De oude onderstromen van misogynie en machisme zijn allesbehalve verdwenen maar de Westerse seksistische praktijken tegenover vrouwen – van loonkloof tot fysiek aanklampen of erger – blijven doorgaans weggelachen als ‘overdreven’ of ‘onschuldig’.

 

Onzichtbaar

Dit is een onderwerp dat mij al decennia na aan het hart gaat. Ik ben ze tegengekomen, de jonge hengsten die geen ‘nee’ verstonden, de oudere mannen die vonden dat een mooi achterwerk diende om in te knijpen of met de vlakke hand op te slaan, de vrouwen in mijn omgeving die slachtoffers werden van aanranding en verkrachting. Ik ben niet van plan om dit weg te lachen of te minimaliseren. Ik zou mijzelf en de helft van de wereldbevolking geweld aan doen.

Maar ik ga wel – en dat is misschien ook best gewaagd – een beetje tegendraads schrijven, en wat oude lijken uit de kast halen. Want geweld tegen vrouwen zoals recent in Keulen oogt misschien als een klassiek geval van bronstige macho’s tegen onschuldige vrouwen, of als de prelude van een culturele oorlog tussen het vrije Westen en het barbaarse Oosten, maar het totale plaatje is nooit zo simpel als het lijkt. Dit is één aspect van een veel diepere en bredere malaise. En niet alleen vrouwen worden daar het slachtoffer van.

Ja, ik wil ook een lans breken voor mannen. Terug naar dat vreselijke reclamebeeld van zonet. Als je er wat langer bij stilstaat, is deze campagne zo mogelijk nog beledigender voor mannen dan voor vrouwen. Even nadenken, wat zou jij het liefste zijn? De aantrekkelijke lolly, of het hersenloze ongedierte? Geef toe, da’s een moeilijke.

We kunnen er lollig over doen, maar eigenlijk onthult dat beeld veel. Angst voor seksualiteit, bijvoorbeeld. Freud had het bij het rechte eind dat seksualiteit een oerdrift is, heftig en beangstigend. En hoe harder je iets onderdrukt, hoe meer greep het op je krijgt. De angst voor seksualiteit werd in de loop van de geschiedenis vaak op vrouwen geprojecteerd. Zij werden het symbool van die vaak beangstigende begeerte. Hier vindt ook het verachtelijke blaming the victim zijn oorsprong.

collector-bernard-yslaire-L-1
(c) Yslaire

De Arabische cultuur heeft hier beslist geen monopolie op. Europa is wat dat betreft eeuwenlang in hetzelfde bedje ziek geweest, en we zijn er nog niet van verlost. En ook in Azië vielen er vorig jaar afschuwelijke meningen op te tekenen uit de monden van verkrachters die vonden dat de enige goede soort vrouw zich rein en onzichtbaar hield, en dat elk meisje dat zich daar niet naar schikte een open uitnodiging stuurde om eens met geweld over haar heen te gaan.

Ik vergeet nooit de angst in de ogen van Anna (niet haar echte naam), de buitenlandse non-profit werkster die een jaar in Brussel werkte en een weekend bij ons couchsurfte. Ze vertelde hoe ze na een avondje stappen met vriendinnen in de hoofdstad werd aangeklampt. Ze was zwanger en alleen, en een helder ‘nee’ volstond niet. De mannen in kwestie gedroegen zich als de vliegen op de affiche. In haar woorden: ‘I was meat on a stick.’

 

Doe niet zo flauw

Vrouwen als ik zijn opgegroeid in een regio van de wereld waar we zoveel kansen en rechten hebben als maar denkbaar. We zijn ongelooflijk bevoordeeld. Maar Anna verwoordt de werkelijke grond van ons onbehagen: onze opleiding en onze rechten beschermen ons niet als het er echt op aankomt. Niet tegen Arabische mannen, niet tegen blanke, Aziatische of Afrikaanse mannen. Als we de pech hebben een kerel van welke achtergrond dan ook tegen het lijf lopen die vindt wij er om god weet welke reden om vragen, zijn we fysiek niet bij machte om hem van ons af te slaan.

Je rechten zijn maar zo veel waard als je mogelijkheden om ze af te dwingen. In het geval van met geweld verkrachte vrouwen betekent dat: niets.

 

Toen de ‘Wij overdrijven niet’-storm losbarstte, zag je alle kleuren van het discussiespectrum passeren in onze media, ook de minst fraaie. Er zullen wel wat meisjes met lange tenen tussen hebben gezeten, maar een aantal verhalen waren meer dan schrijnend. Inderdaad, ze overdreven niet. En toch was een veelgehoorde opmerking: ‘Ach, je moet dat zo niet opvatten. Dat is niet kwaad bedoeld. Mannen zijn nu eenmaal zo.’ Het waren meestal mannen die het schreven, en de toon was steevast betuttelend. Arm wicht, vind je elke vent een boze wolf? Tuttut… Een man kijkt nu eenmaal graag naar schoon vlees.
Zo lijkt de Egyptische affiche andermaal gewoon gelijk te krijgen.

We zouden het eens moeten omdraaien, denk ik dan. Als een man zich nu even voorstelt (voor zover dat mogelijk is, maar alsjeblieft, doe je best) dat een persoon die groter en fysiek sterker is dan hij – man of vrouw, maakt in deze niet uit – op hem afstapt, al dan niet dreigend, al dan niet met een glimlach, en hem recht in zijn kruis tast. Omstanders grijpen niet in. Er wordt misschien zelfs gefloten, toegejuicht. Als hij erover vertelt, wordt het weggelachen. Moet hij dan, net als vrouwen, genoegen nemen met ‘het was als compliment bedoeld’ en ‘je moet niet zo flauw doen’? En elke dag opnieuw de straat opgaan voor meer van hetzelfde? Ik dacht het niet. Dergelijke handelingen tasten de fysieke integriteit van een individu aan, en degraderen een persoon tot een object in de handen van een sterkere tegenspeler.

Of het slachtoffer nu een man of een vrouw is, maakt niet uit. De ander is geen vlees op een stokje waarvan je je mag bedienen omdat je daar zin in hebt.

 

Dubbele signalen en geraffineerde machtsspelletjes

Dit is een onderwerp met meer weerhaken dan rechte lijnen. Deze long-read schrijven (ik zit aan de vierde versie in evenveel maanden) voelt als laveren door een sociaal en emotioneel mijnenveld.

Maar we gaan door.

78d7ebda3b4d5335db698c8c2419d0ac
Magnum commercial

Laten we dus eerlijk zijn: de menselijke (dier)soort geeft nogal wat dubbele signalen. Zo hebben we al een hele tijd de gelijkwaardigheid tussen mannen en vrouwen (of ‘alle mensen’) en hun rechten omarmd, in een officieel verdrag nog wel, maar weten we ons nog altijd geen blijf met gezonde en openhartige seksualiteit. We stuiteren borderlinegewijs over en weer tussen preutsheid en porno. Op vlak van reclameboodschappen is ethiek vaak ver te zoeken. In het Westen zijn we zijn de grens van het aanvaardbare allang voorbij.
En jammer, maar ook mannen en vrouwen op zich zijn niet zo eenduidig te ‘begrijpen’ als we graag beweren.

Voor de oude feministische kreet dat alle mannen zwijnen en onderdrukkers zijn, ben ik nooit gevallen, om verschillende redenen. Ten eerste: er zijn altijd twee partijen. De historische maar tot op vandaag volgehouden onderdrukking van vrouwen is een collectief proces waarbij mannen beslist een actieve rol spelen maar vrouwen ook eeuwenlang (te) stil zijn gebleven.

Anderzijds onderschatten we schromelijk de onbewuste macht die vrouwen altijd over mannen hadden en nog altijd hebben, van de tempelpriesteres die haar gunsten naar eigen goeddunken uitdeelde aan de mannelijke smekeling met zijn offergaven tot de echtgenote die aanspraak maakt op de bankkaart van meneer.
Van dominatrix tot huisslavin, de rollen van vrouwen beslaan een heel spectrum, en het is niet altijd de man die boven ligt. De Oedipusmythe is niet per toeval zo bekend. De band van jongens met hun moeders is complex en ingrijpend, en die machtsverhouding bepaalt veel sterker hun latere relatie tot vrouwen dan we soms durven toegeven. Electra-scenario’s (meisjes die dwepen met hun vader) zijn veel zeldzamer. Het ziet er naar uit dat vrouwen, alle fysieke en economische discriminatie ten spijt, op een of andere manier soms ook gewoon een overwicht hebben.

dangerous1.png
Glenn Close en John Malkovitch in hun iconische vertolking van ‘Les Liaisons Dangereuses’

Vrouwen hebben hun virtuositeit in het verleidingsspel (dat hen, getransponeerd naar vandaag, misschien grote tactische politieke denkers zou maken) in de loop van de geschiedenis vaak moeten inzetten als pure overlevingstechniek in een door mannen gedomineerde wereld. De Marquise de Merteuil komt voor de geest, het amorele personage uit Choderlos de Laclos’ fantastische Les liaisons dangereuses. Vrouwen als zij degraderen zelfs de meest gehaaide en gesofisticeerde macho tot een kind. Hier is sprake van een geraffineerd machtsspel, maar – eerlijk is eerlijk – wel een geboren uit een context van materiële en politieke ongelijkheid. De Merteuil is zonder twijfel Valmonts tactische meerdere, omdat ze minder hart en meer berekening toont dan hij, maar ook zij wordt uiteindelijk door de samenleving afgerekend en uitgespuwd op basis van haar eer. Het heeft iets van een double bind, de manier waarbij vrouwen eeuwenlang onderhuids aan de touwtjes trokken en mannen hen tegelijk in een financiële en fysieke wurggreep hielden.

Dit is niet het enige scenario, natuurlijk. De Laclos’ brievenroman leest als een zeer mooie archetypenstudie: van het kneusje tot de niets ontziende verkrachter, in alle mogelijke gradaties, en van toepassing op beide geslachten.

 

Boven of onder – of niet

We kunnen er voor kiezen om vrouwen te bedekken onder doeken, onder hele tapijten zelfs, om hen te ‘beschermen’ tegen de woestelingen die we mannen beweren te zijn. Enter de lolly en vliegen.

We kunnen er ook voor kiezen om vrouwen de macht te geven over alle beslissingen omtrent seksualiteit, onder het mom van respect.

In feite zijn dat twee helften van dezelfde medaille, uitgaand van de cynische biologische premisse dat de mens een roofdier is en dat in menselijke relaties de wet van de jungle geldt: eten of gegeten worden. Je ligt boven of onder. Je hebt de macht (om te nemen of te weigeren) of je bent het slachtoffer (dat genomen wordt en niet kan weigeren).

Vanuit deze enge visie ‘beschermen’ we tot op de dag van vandaag vrouwen door hen al hun vrijheden af te nemen, of ‘responsabiliseren’ we mannen door de immense impact die vrouwen op hen kunnen hebben te ontkennen.

Beide redeneringen schieten tekort. Dit is een emancipatieproces dat van twee kanten moet komen.

Geweld van sommige mannen tegenover vrouwen mag nooit geminimaliseerd worden. Maar als we werkelijk willen gaan voor gelijkwaardigheid en wederzijds respect mag de macht van sommige vrouwen over mannen ook niet doodgezwegen worden. Dan ondergraven we onze eigen geloofwaardigheid.

 

yin-yang-5
bron: 4.hobby

Ik ben er oprecht van overtuigd dat we de stemmen nodig hebben van mannen én vrouwen die in wederzijds respect opkomen voor elkaar én zichzelf. Die moeite doen om elkaar uit te leggen wat er voor hen belangrijk is, en waarom. Het recht op integriteit en beslissingsrecht over je eigen lijf is géén luxe-privilege. Maar seksuele drang is ook geen kleinigheid die je zomaar even afleert, vooral niet in een sociale context van broeierige ontkenning en onderdrukking. Dit is geen of/of verhaal, het is een en/en verhaal. Mannen én vrouwen moeten elkaar kunnen ontmoeten in respect, in liefde, en met begrip voor het hele genuanceerde scala aan noden en uitingsvormen die hen kenmerken, als gender en als individu.

De ander onderdrukken om zelf boven te liggen kan nooit het enig mogelijke of wenselijke scenario zijn. Niemand, man noch vrouw, is hersenloos ongedierte of vlees op een stokje.

Wat verstaanbaar is, is vermijdbaar

Jihadisme bekeken vanuit ontwikkelingspsychologische hoek

 

Spring@Maja's_024

 

Niemand wordt als terrorist geboren, zei Montasser AlDe’emeh. Ik vroeg hem hoe dan wel. Zijn antwoord was zo eenvoudig dat het me even stil liet vallen. ‘Als mens.’

Maar mensen moeten zich wel willen ontwikkelen, ging hij door. Dat wil zeggen dat ze openstaan voor kennis en buiten de nauwe grenzen van hun vooroordelen durven treden. En daar wringt het schoentje. Velen van ons willen – durven – kunnen dat niet.

Ik ben ons interview aan het uitschrijven, ik lees en hoor over de barbarij in Parijs en terreurdreiging en ik moet voortdurend aan Montasser denken, en aan hoe er in die ene uitspraak zoveel kernachtige waarheid vervat zit. Maar tussen de eenzame boreling en het haatdragend lid van een georganiseerde bende ligt een lange, bochtige weg. Het is uiteraard makkelijker om te zeggen: ‘Het zijn allemaal smeerlappen. Jaag ze het land uit. Duw ze terug de zee in. Roei ze uit.’ Alsof het om ongedierte gaat. Ik vind dergelijke uitspraken niet alleen mensonterend, maar net zo goed getuigen van een stuitende veralgemeningsdrang en een funest gebrek aan inzicht.

 Niemand wordt als terrorist geboren, zei Montasser AlDe’emeh.
Ik vroeg hem hoe dan wel. ‘Als mens.’

De mens is een ajuin met veel rokken. Onder gedrag liggen gevoelens. Onder gevoelens liggen overtuigingen. Onder overtuigingen liggen conditionering, genetica en omgevingsfactoren. De dingen die ons voortstuwen zijn zelden rationele gedachten en beslissingen, maar we klampen ons vast aan de notie dat we bewuste keuzes maken en derhalve meester zijn van ons lot – een illusie, als je het mij vraagt, die we volhouden om ons wat minder machteloos te voelen. We vinden dus ook van anderen dat ze verantwoordelijk zijn voor alles wat ze doen, ze hebben er immers bewust voor gekozen. Dat geeft ons dan weer het recht om hen te veroordelen en hen weg te zetten als on-mensen.

Het is zo kort door de bocht als alleen een karikatuur kan zijn. Ja, natuurlijk hebben de mannen die zichzelf opbliezen in Parijs bewust beslist om dat te doen. Maar denken we werkelijk dat er niets anders speelde dan rationele beslissingen?

Ik wil een poging doen om uit te leggen wat ik bedoel. Jihadisme bekeken vanuit ontwikkelingspsychologische hoek.

Als een eik in vruchtbare grond

Een noodzakelijke kaderschets om te beginnen.

Er zijn verschillende mensbeelden in omloop, die gebruikt worden in evenveel verschillende psychologische benaderingen. Hetwelk je kiest als filter bepaalt dus veel. Persoonlijk ben ik het meest gewonnen voor de ZelfDeterminatieTheorie. De ZDT gaat ervan uit dat een kind een individu is met eigen mogelijkheden (en beperkingen) en een aangeboren drang om zich te ontwikkelen. Net als een eikel die op de grond valt, wortel schiet en amper een paar maanden later al een scheut met blaadjes is, kan de mens er niet voor kiezen niét te groeien. Maar hoe goed dat groeien lukt, is afhankelijk van veel factoren. In het geval van het eikje: of de bodem wel rijk genoeg is. Hoeveel zonlicht het krijgt. Of er geen dieren passeren die het afgrazen of vertrappelen. Of het geen aangeboren zwakheden heeft meegekregen van zijn boomouder. De omstandigheden helpen het vooruit, of werken het tegen.

 

Spring@Maja's_030

 

De ZDT stelt dat de mens drie grote basisbehoeften heeft. Hoe een kind zich ontwikkelt, wordt beïnvloed door de mate waarin die basisbehoeften vervuld dan wel tegengewerkt worden. Zij zijn het equivalent van de bodem, het zonlicht en de omgeving voor de eik. Heel kort gezegd (meer informatie vind je hier) hebben mensen nood aan autonomie (zichzelf mogen zijn, als een individu met een eigen identiteit erkend en gerespecteerd worden), verbondenheid (veilige, liefdevolle relaties met anderen) en competentie (ergens goed in zijn, je kunnen geapprecieerd weten). De mate waarin ouders, opvoeders en omgevingsfactoren kinderen hierin stimuleren dan wel afremmen, zorgt ervoor of het kind de hoogte in schiet als een evenwichtig en stevig geworteld individu, dan wel geknakt en vervormd blijft worstelen op arme bodem.

 De mens kan er niet voor kiezen niét te groeien
maar hoe goed dat groeien lukt,
is afhankelijk van veel factoren

Wil dat zeggen dat mensen geen enkele zeg hebben over hun daden of beslissingen? Natuurlijk niet. En je vindt altijd uitzonderingen die opgroeiden op erg ‘arme’ grond maar erin slaagden zich daar op eigen kracht aan te ontworstelen (hier houdt de boom-mens-metafoor op, een boom kan zichzelf niet verplaatsen). Maar al denken we het graag anders, ook onder mensen zijn die voorbeelden schaars. De grote meerderheid van ons herhaalt de patronen die we meekregen van thuis of van de samenleving. Het is dit principe dat aan de basis ligt van het overbekende – maar correcte – cliché: the rich get rich, the poor stay poor.

Niet aanvaardbaar, wel verstaanbaar

Het is te makkelijk om te zeggen dat mensen alle kansen moeten grijpen die ze krijgen. Probeer maar eens mooi rechtop te groeien als je de pech hebt om op een rotswand te vallen waar tien maanden per jaar een strakke en ijselijke wind waait en er voortdurend aan je twijgen geknabbeld wordt door berggeiten. Die grote eik midden op de wei in het dal beneden heeft mooi praten. De grootste onnozelaar kan zien dat kansen niet dezelfde zijn voor een anderstalig kind uit een gezin van zeven in een achterstandswijk of een kind uit een villawijk met zwembad. Opgroeien in weelde of schaarste is geen keuze die je als kind zelf maakt.

Het is niet alleen een kwestie van geld, natuurlijk. De lijst van factoren die inwerken op een kind is lang, erg lang. Ze gaat van financiële middelen over taal en ontwikkelingsniveau naar sociale status en persoonlijke relatie met ouders, opvoeders en de ruimere samenleving.

Er leeft een diep gevoel van uitzichtloosheid en frustratie bij veel moslimjongeren in Europa. Ze voelen zich, om het met de ZDT te zeggen, gefrustreerd in hun meest wezenlijke basisbehoeften. Hun identiteit bevindt zich in een vacuüm. Ze vinden geen aansluiting bij de wereld van hun ouders, voor wie ze te westers zijn, maar ervaren dat ze evengoed van ons zichzelf niet mogen zijn omdat hun anders-zijn ons te veel stoort. Ze voelen geen verbondenheid met een samenleving die hen bekijkt met argwaan en zoeken houvast bij gelijkgestemden die sociale warmte geven en een helder (simplistisch) verhaal van superioriteit bieden. Dat is in feite een proces van alle tijden en alle continenten. Maar dat ze zich aangetrokken voelen door de kliek die exclusivistisch en religieus fanatiek is en het uitroeien van ‘ongelovigen’ predikt, heeft het Westen onder meer aan zijn eigen hypocriete buitenlandpolitiek te danken.

 Opgroeien in weelde of schaarste
is geen keuze die je als kind zelf maakt

Ik wil niet beweren dat de manieren waarop jongeren in dat identeitsvacuüm hun machteloosheid afreageren (van etters die de leerkracht pesten over hangjongeren die vrouwen lastigvallen tot terroristen die zichzelf opblazen) aanvaardbaar zijn. Ik maak me wel sterk dat ze verstaanbaar zijn, als uitingen van diepe frustratie en het gevoel geen andere kant meer op te kunnen. De al te schrale voedingsbodem van armoede, onbegrip en emotioneel isolement is simpelweg een feit. Het Westen heeft in deze boter op het hoofd, en geen klein beetje. Extremistische jongeren (en moslims in het algemeen, wat een makkelijke generalisatie) veroordelen voor hun gedrag zonder zelf in de spiegel te kijken, is zoiets als het misbruikte kind dat in een moment van wanhopige razernij zijn vader aanvalt veroordelen voor slagen en verwondingen en de misbruiker troosten.

 

Spring@Maja's_038

 

‘De’ bestaat niet

Als we niet willen dat jongeren in onze samenleving gewelddadig gedrag stellen, moeten we niet alleen hun geweld veroordelen, maar óók willen meewerken om iets te doen aan de voedingsbodem ervan. Wat verstaanbaar is, is vermijdbaar. Het vraagt moed, van alle partijen, om de wederzijdse vooroordelen te slopen en in respect te overleggen hoe problemen kunnen aangepakt worden.

Het zal alvast niet lukken door ons in onze bolwerken van het eigen gelijk te blijven verschansen. Zoals Montasser zei: we moeten kennis durven zoeken. Dat wil zeggen: de straat op, met elkaar praten, elkaar ontmoeten en kijken voorbij de (vaak onjuiste) beeldvorming. Er valt veel recht te zetten.

Het Westen heeft heel lang de heilige onschuld gespeeld in zijn houding omtrent het Midden-Oosten en naar de moslimgemeenschap in eigen land toe. Extreem-rechts heeft de boel vervolgens grondig verziekt. Oprechte excuses zijn wat dat betreft aan de orde. Anderzijds blijft een problematisch groot deel van de moslimgemeenschap zich verschuilen achter religieuze dogma’s, oude stammengebruiken en een gebrek aan opleiding om het Westen te verketteren en zichzelf binnen de Westerse gemeenschap te isoleren. Geesten moeten opengebroken worden. Als ik dit schrijf, veralgemeen ik eigenlijk ook veel te veel, want ‘de’ moslim en ‘de’ westerling bestaan immers niet, net zo min als ‘de’ terrorist.

Mensen zijn we, individueel beïnvloed en gekneed door de omstandigheden waarin we (over)leven, en dat zouden we beter van elkaar beginnen aanvaarden. Dat is de eerste stap van vele naar een vorm van begrip en vreedzaam samenleven.