Virusje spelen

De ZijLijn ~ Radiocolumns in coronatijden

~7~

Okay, this is when the gloves come off.

Ik was een jaar of twintig toen ik in een cinemazaal Hugo Weaving tegen Lawrence Fishburne zag zeggen: ‘Human beings are a virus.’ Het was een eye-opener zoals je er maar een paar in je leven krijgt, en ik ben nog altijd van mening dat de Wachowsky brothers het toen bij het rechte eind hadden. The Matrix werd de standaard voor alle actiefilms met special effects die ooit nog zouden volgen. Maar het zijn ook hun ideeën die wortel hebben geschoten bij generaties kijkers.


Agent Smith is als personage een regelrechte creep, maar metaforisch heeft hij met zijn uitspraak gewoon gelijk. De menselijke soort gedraagt zich op het niveau van de planeet als een virus in een lichaam. We nemen in razendsnel tempo meer oppervlakte in dan goed is voor het geheel, we vervuilen en tasten elke biotoop aan waar we ons vestigen, putten de voorraden uit en geven onze gastheer niet de kans zich voldoende te herstellen.

Een lichaam zal zijn uiterste best doen om het virus te verslaan, of eraan bezwijken. In beide gevallen sterft het virus zelf ook – tenzij het een nieuwe drager vindt. Aangezien wij als menselijke soort niet meteen een planeet B hebben om te besmetten – pardon, naar te verhuizen – zouden we dus beter twee keer nadenken. Het wordt tijd dat we stoppen met het virus uit te hangen.

Eén manier om dat te doen, is de dood herwaarderen.

(c) Inaya photography

Okay, let’s rewind.

Er is niets mis met de dood.

In tijden als deze, waarin we bang gemaakt worden met sterftecijfers en er op elke straathoek wordt gezwaaid met de heiligheid van het menselijk leven, klinkt die uitspraak wellicht nogal cru. Maar we kunnen niet om de simpele natuurwet heen: de dingen groeien tot ze uitgegroeid zijn. Dan gaan ze dood, vallen ze uiteen en worden ze voeding voor al wat na hen komt. De dood is nódig, op elk niveau. Een cel die zich ongebreideld blijft uitbreiden, is een kankercel. De dingen moeten ergens eindigen, zodat nieuwe dingen kunnen groeien. De dood is de compagnon van het leven, niet de tegenstander.

Dat we dat als mensen niet zo fijn vinden, heeft vooral te maken met hoe we onszelf door middel van slimme verhalen hebben overtuigd dat we boven de natuur staan, en dat we dus ook boven de dood zouden moeten staan. Als individu én als soort. Het is precies daarom dat we zonder het te beseffen virusje zijn gaan spelen.

Maar we staan helemaal niet boven de natuur, leert corona ons. Niks van. We zijn er een piepklein, zij het eigenwijs, deeltje van. En we gaan nog altijd allemaal dood. Aan ouderdom. Aan ongelukken. Aan een virus. En dat is, hoe triestig we dat ook vinden, prima.

Let wel, de diepe eenzaamheid van zwaar zieke mensen deze dagen vind ik absoluut niet om mee te lachen. We kunnen niet tegenhouden dat we doodgaan, maar we hebben verdomd wel een hand in de manier waarop. En bij sommige middelen die we inzetten om deze pandemie aan te pakken heb ik fundamentele twijfels op vlak van verbondenheid en welbevinden.

(c) Inaya photography

Maar de dood zelf vind ik geen vijand. Ook niet als hij komt door Covid-19. Wat dit virus ons ontnomen heeft, schrijft de Nederlandse auteur Ilja Leonard Pfeijffer, die van in Italië de diepste ellende van nabij meemaakt, is onze illusie van controle. Niet de controle die we hadden, maar de illusie dat we ze ooit hadden.

Uit dromen moet je wakker worden. Dus laten we de dood verwelkomen. Niet als een spook met een zeis, een vijand om tegen te vechten, maar als een vorm van balans. Als een wake-up call die ons leert dat alles grenzen heeft. We zijn aan het ontwaken, net als Neo in The Matrix, in de echte wereld. Dit is het moment om Agent Smith te bewijzen dat hij ongelijk had. En snel wat.

Okay, let’s accelerate.



De ZijLijn is een reeks columns geschreven voor The Saturday Night Shuffle, een radioprogramma van Jan Huib Nas. Te herbeluisteren op Radio Lede.

De dood wint altijd – net als het leven

Er is een bekende acteur overleden, een grote meneer, die ooit in een iconische scène als ridder een potje schaakte met de dood. ‘De dood heeft gewonnen’, zei iemand op Facebook. ‘De dood wint altijd’, antwoordde iemand anders.

Het trof me als een opmerking met oogkleppen, want de laatste tijd zie ik dat niet meer zo.

Marigold Tarot – VIII Strength


Ik weet het, we houden er niet van om te denken aan ons lichaam als iets wat vervalt en zal vergaan, om verbrand of verteerd te worden. Het confronteert ons te hard met het feit dat we geen antwoord hebben op de vraag waar onze persoonlijkheid (of onze ziel, kies wat voor jou past) dan heen gaat. Een hiernamaals, een wedergeboorte, het grote niets? We weten het niet en we zijn er bijgevolg bang voor.

Het enige wat we met zekerheid kunnen zeggen, is dat energie in dit universum (en alle materie, dus ook wij, ons lichaam en onze gedachtenvormen, zijn een vorm van energie) nooit verloren gaat, en dat alles op een of andere manier hergebruikt zal worden.
Dat is niet eens ‘zweverig’, dat is fysica. Of biologie.

Zeggen dat de dood altijd overwint, is dus een typisch menselijke uitspraak, gebaseerd op angst, zonder kennis van zaken. Het is zoiets als zeggen dat de maan het altijd wint van de zon. Of eb van vloed. Of de uitademing van de inademing. Beide zijn fases in een veel groter en complexer proces, momentopnames die elk hun recht en hun tijd hebben. Ja, natuurlijk trekt eb het water altijd terug naar zee. Net zoals vloed het altijd weer terug aan land spoelt. Het is geen gevecht, het is een dans, een evenwicht.

Marigold Tarot – XVII The Star


Alles in de kosmos bouwt zichzelf op een of andere manier op, dient een doel, kent een bepaalde tijd in die vorm, en vervalt vervolgens weer. De bouwstenen worden tot de allerlaatste en allerkleinste gebruikt voor iets anders.

Groei om de groei is de filosofie van de kankercel. Levensvormen moéten vervallen en verdwijnen om het grotere geheel, waarvan we allemaal deel uitmaken, gezond te houden. Het klinkt als moderne ketterij in deze hypergemediatiseerde tijden van antibacteriële zeep, steriele hospitalen en paniek om een nijdig virus, maar de dood is geen vijand waartegen we altijd en overal, uit principe, moeten vechten.

Het leven kan zichzelf pas in stand houden als het ook mag sterven. Dat de mens daar op een of andere manier buiten of boven zou staan, is de gevaarlijkste en schadelijkste illusie die onze prefrontale cortex ons ooit heeft voorgespiegeld (en de rechtstreekse oorzaak van het ecologische drama waar we recht op afstevenen, want waar zijn wij anders mee bezig dan groei om de groei?).

Marigold Tarot – Four of Wands


Al het bovenstaande wil niet zeggen dat ik onderschat wat de dood in ons persoonlijk leven met ons doet. We zijn sociale, voelende wezens, we zien elkaar graag en hebben nood aan verbondenheid.

Als iemand sterft, missen we zijn aanwezigheid, haar stem, de knuffel, de grapjes, de ruzies zelfs, het gevoel dat we hadden met hem of haar in de buurt. Daar valt niets tegenin te brengen. En dat gemis kan heel diep gaan. Dat mag, dat is zelfs mooi. Want vaak groeien we ook, precies als we zo diep durven voelen. Pijn legt onze diepste, kwetsbaarste stukjes bloot, voor onszelf en voor de buitenwereld. Als iemand die we graag zien sterft, sterft een stukje van ons mee.
Maar in beide gevallen komt er precies daardoor ook ruimte voor iets anders om geboren te worden.

Marigold Tarot – I The Magician


Dus ja, geef mij dan de Magiër maar, de sjamaan met een ster in de ene hand en een granaatappel in de andere, verbonden met alles wat groeit en sterft in de kosmos, alles één grote belofte van leven en verval, van duisternis en licht. Want wat zijn de zaden van een dode vrucht anders dan kleine sterrenstelsels, klaar om geboren te worden in de donkere grond van een nieuw universum?

De dood wint altijd. Gelukkig maar. Zo hoort het ook. Net als het leven.



Noot over de afbeeldingen:

Ik ben al ruim twintig jaar bezig met de tarot. De laatste paar maanden verdiep ik me in de Marigold Tarot. Veel mensen schrikken er intuïtief van terug. Ze vinden de tekeningen luguber, vooral omwille van het consistent gebruik van beenderen in plaats van herkenbare figuren. Maar beenderen, leerde ik, zijn gewoon een diepere laag van het lichaam dan huid. Ze hebben niets met de dood te maken, wel alles met de kern, de onderliggende kracht, de structuren die ons dragen. De combinatie met de sterrenhemel, de botanische rijkdom en een aantal goed gekozen symbolen, maken deze kaarten van het beste en het sterkste waar ik al mee gewerkt heb. Wie oude clichés opzij durft zetten en open staat voor de zeer zintuiglijke manier waarop ze werken, wordt beloond met boodschappen van een grote subtiliteit en een diepe zachtheid. Laat dit een uitnodiging zijn, van dezelfde omvang als de sterrenhemel.