In de burcht

De ZijLijn ~ Radiocolumns in coronatijden

~1~

Er bestaat een fijne Engelse zegswijze: my home is my castle.

Onze huizen hebben vandaag wel wat weg van versterkte burchten. We halen de ophaalbruggen op, we zetten manschappen op de kantelen. Een flauwe grapjas die begint over toiletpapier als munitie.

Hoe ga je om met het onbekende, vraag ik me af. Het is een vraag die heel veel mensen nu bezighoudt. Sla je massa’s materiaal in en hoop je dat de storm je bunker passeert? Ga je je vragen stellen bij de wereldorde en de manier waarop je je leven tot nu geleefd hebt? Ben je intussen meer dan klaar om je kinderen achter het behang te plakken, met een zekere voldoening zelfs, en  hoop je dat ze daar liefst een hele week blijven hangen? Ben je overstelpt door digitaal werk? Of zie je de muren van je eenzaamheid op je afkomen?

We zijn met z’n allen in het scenario van een rampenfilm terechtgekomen, maar dan wel eentje van B-niveau. De toestand is hopeloos, maar niet ernstig. Of was het misschien toch omgekeerd?

Ik heb thuis de logeerkamer ingepalmd. Ik heb er wat planten voor het raam gezet en een zitzak gedropt. Als de deur dicht is, wil ik even niks met de rest van de wereld te maken hebben. We hebben allemaal nood aan een plek in ons hoofd waar het stil mag worden. In die kamer denk ik na over moeilijke vragen. Daar schrijf ik, niet om antwoorden te vinden maar om de vragen beter te begrijpen. De moeilijkste vragen zijn trouwens de interessantste. Die leveren goede verhalen op.

En nieuwe tijden hebben nieuwe verhalen nodig. Maar als onzekerheid ons dreigt te verlammen, is het soms ook goed om terug te grijpen naar de oudste, de beste.

In Ronja de roversdochter vertelt de Zweedse auteur Astrid Lindgren hoe elke avond van Ronja’s jonge leven eindigt met hetzelfde ritueel: voor het slapengaan zingt haar moeder Lovis het Wolfslied.

De wolf heeft het koud en de honger scheurt in zijn maag. Maar wolf, o wolf, kom niet naar hier, zingt Lovis. Want mijn kind, dat krijg je niet.

In de koude, tochtige burcht van haar vader de roverhoofdman slaapt Ronja in met een gerust hart. Want de burcht is sterk en de muren zijn dik, en de hongerige wolf kan, als hij toch zijn opwachting zou maken, best nog wel een varkensstaart krijgen om zijn honger te stillen.

Dus niets houdt haar tegen om de dag daarop onbevreesd de wereld te verkennen, met een open hart, een open geest.

Ik gun iedereen deze dagen een wiegelied dat de wolf op afstand houdt, en een onbevreesde blik om de wereld tegemoet te treden.

Want zoals Lovis zingt: mijn kind, wolf, dat krijg je niet. Nee, dat krijg je nooit.



De ZijLijn is een reeks columns geschreven voor The Saturday Night Shuffle, een radioprogramma van Jan Huib Nas. Te herbeluisteren op Radio Lede.

Tussen donker en licht: Marit Törnqvist

Voor de literaire podcast Boeken Toe mocht ik als gastredacteur op pad voor een bijzondere opdracht: een diepte-interview met een boekenmaker van mijn keuze.

Die keuze was snel gemaakt.
Op een gure februaridag spoorde ik naar Amsterdam voor een gesprek met Marit Törnqvist. Over dertig jaar kinderboeken maken, over Astrid Lindgren, Nederland en Zweden. En over de bijzondere betrokkenheid bij kinderen hier én van de andere kant van de planeet, over het lot van uitgeprocedeerde vluchtelingen en over je plek vinden in de wereld.

ZAAILING #40 – Vleugelverhaaltjes

Björköby residentie — Blog #4

image.php
(c) Vetlanda Posten

 

Toen de illustratoren die deelnamen aan het SmåBUS-festival de vraag kregen om een beeld te maken bij Astrid Lindgrens boek De kinderen van Bolderburen, ging ook Jurgen nadenken over een tekening. Maar al snel groeide het idee om Zaailinggewijs weer eens lekker buiten de lijntjes te kleuren, en méér in te leveren dan alleen maar een beeld. Dus het werd een Zaailing, tekening én tekst, een eerbetoon aan de verbeelding en aan Astrid Lindgren.

Jurgens prent hangt tentoon in Astrid Lindgrens Näs, geflankeerd door de beelden van zijn collega-illustratoren. De Zaailingtekst hangt er niet bij, maar dat geeft niet. De Zweedse pers heeft niet alleen ruim aandacht geschonken aan het SmåBUS-festival, maar ook sterk ingezoomd op het duo schrijver-illustrator in residentie… Het werd een leuk gesprek met de journaliste, met een toch wel bijzondere primeur er bovenop: de integrale Zaailing staat in de krant.

Een betere manier om onze veertigste eigenwijze creatieve scheut te vieren, op de herfstequinox nog wel, is er niet.

 

 

__

 

ZAAILING #40
Vleugelverhaaltjes

bolderburen klein.jpg
(c) Jurgen Walschot

Als ik je nu een verhaaltje vertel, gaan we dan naar buiten?

Een verhaaltje over hoe drie huizen de hele wereld leken en zes kinderen die wereld bewoonden alsof er geen andere was. Een verhaaltje over klimmen in bomen, slapen in schuren, hutten bouwen en de watergeest bespieden.
Want soms moet je doen alsof eventjes alles alleen maar goed is, alsof er geen oorlogen of gevangenissen of volwassenen met monden vol leugens bestaan. Soms moet je kijken naar de kleine dingen, alleen maar naar de kleine dingen, van zo dichtbij dat je niets anders meer ziet. En blij zijn, heel blij zijn, zolang dat lukt.

Soms mag je ook verdwaald zijn. Een beetje als een vogel die geboren wordt in het verkeerde nest, en niet helemaal snapt wat ze daar doet. Ook daar dient een goed verhaal voor. Maak je geen zorgen: als je het te eng of te vreemd vindt, vist de vertelster je wel weer op uit de boom waar ze je stak, en zet je veilig met je beide pootjes terug op de grond. Oef!

Maar vergis je niet. Nadien blijf je stiekem toch ook een beetje verlangen naar die hoge takken van het verhaal, het nest van waaruit je de wereld plots zo anders zag, omdat van op een hoogte alles nu eenmaal duidelijker lijkt. Je zal vanaf dat moment een beetje zweven, soms zelfs een heel klein stukje vliegen. Omdat je nu weet hoe dat moet.
Want daar dienen verhalen voor: ze geven je vleugels, ook al gebeurde dat zonder dat je er iets van merkte.

Als ik je nu een verhaaltje vertel, gaan we dan naar buiten?
In bomen klimmen, op zoek naar een nest?

 


 

ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde
en tekenaar Jurgen Walschot.
Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden,
hij tekent bij de tekst.

stempel_negatief

Je moet het maar kunnen

Björköby residentie — Blog #3

Onbekenden bij elkaar op een plek die ze niet kennen, smeden verbindingen en ontwikkelen patronen die ze in hun vertrouwde omgeving niet zo snel zouden doen. Dat weet iedere wetenschapper die een experiment over menselijk gedrag in de steigers zet. Mensen uit hun vertrouwde context halen, zorgt voor ongewone ervaringen.

Het SmåBUS-festival is geen wetenschappelijk experiment, maar het is onwaarschijnlijk hoe snel er oprechte contacten ontstaan tussen de aanwezige schrijvers en illustratoren – vaak van zichzelf toch niet de meest hypersociale wezens op de planeet, en dan nog eens afkomstig uit diverse culturen en taalgebieden. Gebroken Engels is de voertaal van deze driedaagse, maar er is ook volop Zweeds en Nederlands te horen in allerlei varianten en accenten.

 

 

De workshops en lezingen zijn even divers als de deelnemers, maar één ding hebben ze gemeenschappelijk: de focus ligt op kinder- en jeugdliteratuur, een segment van het boekenvak dat al heel lang moet optornen tegen de vooroordelen van al wie bezig is met ‘serieuze’ literatuur, en een genre dat soms zelfs een beetje begint aan te voelen als een bedreigde diersoort. Maar dat laat de bonte bende deelnemers niet aan hun hart komen. De liefde voor kinderboeken en jeugdliteratuur spat van de muren. En tussen het goedgevulde festivalprogramma door gebeurt wat voor velen aanvoelt als het échte werk. Portfolio’s worden bekeken, contacten gelegd, nieuwe vrienden gemaakt. Er worden oeuvres ontdekt, maar vooral mensen. Er zijn personen die je plots van je stuk brengen met een uitspraak of een opmerking, er zijn verrassende momenten van verbondenheid en vertrouwen.

 

 

Het schoolreisjesgevoel blijft aanhouden, en ik ben niet de enige die er grapjes over maakt. Toppunt op dat vlak is de ochtend van dag twee. Ontbijt om zeven uur, de bus op tegen acht uur stipt (had ik al gezegd dat dit SmåBUS-festival ook wel iets weg had van een strafkamp?), en Joke roept de namen van de deelnemers alfabetisch af voor ze, een voor een en in die volgorde, mogen opstappen, om zeker te zijn dat ze haar hele troep kuikens wel mee heeft. Hilariteit.

 

 

Bestemming van de busrit: Astrid Lindgrens Näs, de museumterreinen en -tuin die opgetrokken zijn rond het geboortehuis van de beroemde Zweedse schrijfster. Met een knipoog zou je het een bedevaartsoord voor kinderboekenmakers kunnen noemen. Weinig auteurs hebben ons beeld op kinderen en kinderboeken zo beïnvloed als deze kranige Zweedse dame.

 

 

We openen feestelijk de tentoonstelling met werk van alle aanwezige illustratoren rond Lindgrens boek De kinderen van Bolderburen. We pikken een lezing mee, snuisteren in de fijne maar oh zo gevaarlijke giftshop, dwalen door de bijzonder mooie tuin. In kleine gegidste groepen bezoeken we het geboortehuis van de schrijfster, nog altijd bewoond door familie maar permanent open voor het publiek, waarin Lindgren met liefdevolle maar bijna pijnlijke precisie heeft geprobeerd haar kindertijd te laten voortleven in alle aanwezige meubels en voorwerpen.

 

 

 

 

Voor we de bus weer op mogen voor de terugweg worden we niet een maar twéé keer geteld, en eenmaal opgestapt is er nóg een roll call. Joke is onvermurwbaar consequent. Je moet het maar kunnen.

Maar wat ze óók kan, Joke Guns, is mensen bij elkaar brengen. Het is een apart talent, dit soort organisatievermogen. Ze pakt het aan zoals alleen zij dat kan, op een heel ongedwongen manier, warm en verwelkomend, en zo enthousiast dat deelnemers er twaalf uur traject voor over hebben om een bijdrage te leveren aan iets wat zij al twee jaar met liefde, bloed, zweet en tranen uit de grond heeft gestampt. Ze kent haar schrijvers en illustratoren, ze voelt mensen aan, weet wat ze nodig hebben of nu even niet aan hun hoofd kunnen gebruiken, draait driedubbele shiften op nachtjes met veel te weinig slaap. Het symbolische cadeautje dat ze op de laatste avond ontvangt van alle schrijvers, overhandigd in een linnen SmåBUS-tas die alle illustratoren samen langs beide zijden hebben vol getekend, is meer dan verdiend.

IMG_2848 klein 2

 

 

Iedereen die erbij was, hoopt dat dit festival over twee jaar een tweede editie kent. Intussen zijn er al diverse internationale duo’s schrijvers-illustratoren gevormd die van plan zijn een aanvraag te doen voor een gezamenlijke residentie. Terecht.

Het is weer eens bewezen: de beste zaadjes ontkiemen in onverwachte grond.

IMG_3014 (2) klein
(c) KV