ZAAILING #63 – Muizenissen


Het was nochtans geen warme dag, laat staan een warme nacht. Maar na wat draaien en keren was het duidelijk – dit zou weer niets worden. De luiken van het Franse hoeveraam stonden op een kiertje. Het vliegenraam werd dubbel gecheckt. Voor het slapengaan had ik zelfs nog een amusant hoofdstukje gelezen waarin de personages godbetert Kerstmis vierden. (Dat komt ervan als je je niet goed informeert over een boek, niks zo vervelend als over de winter lezen in de zomer.)

Een paar uur eerder was ik door een prachtig aangelegde tuin aan het wandelen. Met gesloten ogen herontdekte ik die nu. Ik waadde opnieuw tussen de gigantische bladeren van de heilige lotussen door, nauwlettend in het oog gehouden door de veelogige zaaddozen die als periscopen tussen het groen priemden.

Het prikkelde me meer dan het me tot rust bracht. Ik wisselde van rug naar zij, trok mijn knieën hoog op en bootste de onvolgroeide varens na. Ik ging opnieuw door het bamboe labyrint maar ook deze keer stond ik te snel in een ander deel van de tuin. Ik verdwaalde in gedachten in de veelheid van te volgen lijnen in de schetsen die ik maakte. Misschien moest ik er nog een extra laagje kleur aan toevoegen? Een eerste klus voor de volgende dag? Of een personage toevoegen? Misschien was deze tekening dan wel bruikbaar voor…


Ze liet het centrum van het stadje achter zich. De huizen lagen steeds verder uit elkaar. De keurige tuinen vol struiken en bloemen, moe van de zomer, werden steeds groter. Hier was het goed lopen, alleen jammer dat er niets eetbaars te vinden was. Haar maag plakte als een lege ballon tegen haar ribben.
Plots zag ze ze: grote donkerrode appels, vuistdik. Haar voeten gingen vanzelf sneller. De boom stond in een immense tuin met een smeedijzeren hek eromheen, en dat hek liep zo ver ze kon zien, zonder een poort of een ingang. Er moest een huis zijn, daar ergens achter al het groen, maar de bomen en struiken onttrokken het aan het zicht.
Wie zo’n grote tuin had, kon best wat appels missen. Het hek was geen obstakel: kinderhanden hebben genoeg aan een paar fijne krullen als houvast. In een wip zat ze boven op het hek, balancerend als een vogeltje.
‘Wat denk jij dat je aan het doen bent?’
Ze had hem niet horen aankomen, maar de man stond er opeens, aan de overkant van de straat. Ze hield zich vast aan de spijlen en voelde hoe haar vingers trilden.

‘Over je eigen hek klimmen is toch niet verboden?’ was het eerste wat ze kon bedenken.
‘Jij wóónt daar?’
Ze hoopte vurig dat de eigenaar van de reusachtige tuin, wie het ook was, geen goede kennis was van deze man. Ze keek hem uitdagend aan en knikte.
‘Waarom ga je niet langs de ingang?’
Ze grijnsde. ‘Zie je die hier ergens?’
Hij stak de straat over en kwam op haar af.
Ze nam een besluit, zwaaide haar benen over het hek en met landde met een goed gemikte sprong niet ver van de appelboom.
Eén van de takken hing laag genoeg. Als ze op haar tenen stond, kon ze erbij. Ze plukte een appel en zette haar tanden erin. Ze proefde de donkerrode smaak van opluchting en draaide zich om naar de man aan de andere kant van het hek.
‘Tot ziens, meneer’, lachte ze met volle mond.
Hij zei niets en bleef haar aankijken. Hij had een smal gezicht, en donkere ogen. Met de spijlen tussen hen in had ze plots het gekke gevoel dat hij gevangen zat in een met tralies afgesloten domein, en dat zij zojuist vrij land had bereikt. Ze zwaaide nog eens naar hem en liep toen de tuin in alsof ze er de weg kende.


Het was stil tussen de bomen. Dit was meer een park dan een tuin, meer een bos dan een park. Een beekje stroomde en vormde een vijver, half verborgen tussen het groen. Ze zag een brugje maar nergens een pad dat er naartoe liep, en algauw had ze het gevoel dat het groen haar insloot.
Ze nam nog een hap van de appel en keek achterom. De appelaar kon ze nog zien, maar van waar ze stond, leek het hek verdwenen.

Plots voelde ze zich doodop. Ze koos een boom in de buurt en ging er met haar rug tegenaan zitten. De takken boven haar hoofd ruisten zachtjes. Vlekjes zonlicht dansten tussen de bladeren en over de stammen. Daar bestond een woord voor, wist ze, voor dat licht, maar ze kon het zich niet meer herinneren. Waar zou de man die haar had aangesproken nu zijn? Was hij verder gelopen? Of stond hij nog steeds met zijn sombere ogen aan het hek, te speuren tussen het groen? Misschien kende hij het woord wel. Ze wilde dat ze kon teruggaan om het hem te vragen. Maar denken aan hem maakte haar droevig. Ze was moe. Met een zucht sloot ze haar ogen, heel even maar…


Slaapdronken werd ik me bewust van de geluiden boven mijn hoofd. In oude Franse hoeves slaap je nooit alleen. Overdag dutten de habitués in hun warme schuilplaatsen zodat ze geen energie hoeven te sparen tijdens hun wilde nachten. Eerst dacht ik muizen te horen, maar afgaande op sommige van de eerder lugubere schreeuwen zou het wel eens een familie marters kunnen zijn die boven huishielden, en aan het tumult te horen waren ze het kot aan het afbreken. De kleintjes zaten elkaar achterna, racend in de plafonds, zigzaggend tussen de dakspanten.

Tussen het onophoudelijke gesjirp van de krekels door hoorde ik een uil roepen. Zouden uilen marters eten? Zou er een uil op zolder logeren? Ooit vond ik er kippenschedeltjes. Maar uilen aten toch geen kippen? In gedachten zag ik een majestueuze uil, geruisloos navigerend als een ervaren stuntpiloot, tussen de balken van de stoffige zolder. Uit het niets stortte hij zich met stevige klauwen op zijn prooi. Een stofwolk, gevolgd door scherp gepiep. Dichtklappende vleugels, stilte. Einde film.

Dat uilen muizen eten, is zeker maar of er ook marters op hun menu staan, moest ik maar eens opzoeken. Het was alleszins een goed muizenjaar in deze streek want overdag wemelde het van de roofvogels. Geruisloos lieten ze zich meevoeren door de wind, gedragen door de thermiek, steeds hoger en hoger. Mijn gedachten cirkelden mee de blauwe lucht in… Het grote niets lonkte – tot een groter zoogdier besliste om een plaspauze in te lassen. Een deur knalde, voetstappen in de gang, nog een deur, water stroomde. Zelfs de bovendieren schrokken, want ook op zolder was er geritsel te horen. En mijn slaap koos resoluut het hazepad.

Klaarwakker besloot ik dan maar op te staan en als een nachtdier de trap af te sluipen. Ik zou alvast die tuinprent afwerken. Ware het niet dat dat bewuste schetsboek in de auto was blijven liggen… Op dit uur de luiken opendoen en als een dief in de nacht stilletjes mijn eigen auto openmaken zou de anderen misschien onnodig ongerust en vooral ook wakker maken. Dus sloop ik weinig heldhaftig van het bed naar de zetel.

Ik las wat, nam de digitale krant door en voerde een handvol online gevechten. Zoals altijd merkten de wakkere vogels als eersten dat de zon aan haar werkdag begon. De lamp kon nu wel uit, het natuurlijk licht vond zijn weg langs de kleine ramen naar wat mijn tijdelijke werkplek geworden was: een antieke salontafel met overdreven gedraaide poten midden op een weliswaar zacht Perzisch tapijt. Een lichtstraal viel op mijn opengeslagen schetsboek, het kleinere van de twee dat wel in huis lag en waarin ik zonet een zwarte wouw had zitten tekenen. Met prikkende ogen keek ik het zonlicht tegemoet. Misschien kon ik de voorbije nacht als een extra laagje aan deze schets toe voegen. Of ik kon hem opschrijven.

Terwijl ik de laatste woorden op papier zette, strompelden de dagbewoners de trap af. De geur van verse koffie lokte me naar de ontbijttafel. De bovendieren konden weer gaan rusten.

Tekst en beeld: Jurgen Walschot & Kirstin Vanlierde




ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

Advertenties

ZAAILING #62 – Tot aan de overkant

(c) Jurgen Walschot


Zullen we de wereld dan maar eens ondersteboven bekijken?
Besluiten dat dit circus nu wel lang
genoeg geduurd heeft en de rollen omdraaien
ook al blijft de wachter aan de ingang trouw op post?

Het universum dijt uit, maar binnenin jouw kristallen bol mag alles
besloten blijven.

Plafonds zijn niet zo verschillend
van vloeren.  Durven we beslissen
– zonder nog van standpunt te veranderen –
dat het leven een dans is
waarvan de muziek best meevalt?

Tot aan de overkant,
kameraad.





ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #61 – Brandharen

Een drieluik in duet
drie beelden // drie keer twee gedichten

alle beelden (c) Jurgen Walschot






als een jonge vogel spreidt
de zaailing blad en stengel
groei is een richting en de hemel lonkt

misschien lijken bladeren niet
per toeval wat op harten



inzicht slaat in als de bliksem
maar de sterren weten beter

dan het duister te verstoren
elke brandhaard is er een te veel
laat wijsheid maar

langzaam wortelen zoals water
zich vertakt vanuit de bron



onbeholpen willen we de ander
benaderen met open palmen

trek je niets aan van de brandharen
mompelen we, we bedoelen het niet
kwaad en de pijn trekt zo weer weg

wie ons wil kennen moet waakzaam
tussen de nerven leren lezen







verlangend naar licht
spreidt het hart zijn vleugels
en wortelt dieper




de nacht vertakt zich
en waar de bliksem inslaat
groeit nog de stilte




schuchter laten wij
onze brandharen aaien
blad na waakzaam blad







ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #60 – Door een dubbele lens

Een kleine ode aan onkruid – – ter gelegenheid van het ontstaan van ZaaiGoed

(c) Jurgen Walschot



We vinden elkaar onverwacht
als contrasten die elkaar verankeren
of tegengestelden die toch niet botsen.

Door een dubbele lens kijken we anders
naar de wereld, die zich laat lezen als verhaal
met onverwachte wendingen.

Een oog dat ontluikt, een woekering.
Een droom die wortel schiet op een plek
waar hij kalm de uitgemeten afspraken tart.

We volgen de lijnen
zoals het spel ze trekt. We lopen
schijnbaar in de pas.

Maar geef ons een kier, een kans
en kijk hoe wij onszelf uitbundig   –   eindeloos

uitzaaien.



Deze Zaailing wordt uitzonderlijk gelanceerd om de start te markeren van ZaaiGoed, een initiatief van schrijvers en illustratoren die Zaailing-gewijs aan kruisbestuiving, wederzijdse creatieve uitdaging en verbondenheid willen werken, over alle hokjes en vakjes heen. Hardnekkig en hartverwarmend, als mooi onkruid.




ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #59 – Op elke wind


(c) Jurgen Walschot



Hoe de stilte in de lucht hangt
en iets wat groter is dan wij ons
onze haastige stap laat inhouden.

Hoe de wolken onverschillig
langs de hemel razen omdat
wolken dat nu eenmaal doen.

Hoe de schoonheid van iets
schijnbaar kleins en kwetsbaars
de muren en de elementen

uitdaagt met gebogen nek.
Wie zijn vleugels kent, kan vliegen
op elke wind, als hij dat wil.







ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #58 – Verdwalen in lijnen

(c) Jurgen Walschot


Als ik je mijn hand geef, zullen we dan samen verdwalen op de kaart?
Dat is zoiets als verdwalen in een stad, of tussen de zinnen van een verhaal. Want elke zin leidt naar een andere maar nooit terug naar het begin.

Als ik mijn ogen sluit, zie ik het landschap waarin wij geboren worden. In de diepte van een donker dal, in het kleine huis een eind buiten het dorp met de onuitspreekbare naam. Ik zie hoe de sterren langzaam bleker worden en de boomkruinen zich grillig aftekenen tegen de oplichtende hemel. Ik hoor hoe onze moeder schreeuwt, en hoe de vroedvrouw onze vader de kamer uit jaagt, terwijl wij ter wereld komen in een spoor van bloed.

We hebben dezelfde lijnen in onze handpalmen, we passen als een puzzel. Maar het leven trekt zijn sporen op vreemde manieren. Je weet nooit waar de weg eindigt en het dwaalspoor begint. Met elke stap die we zetten, maken we keuzes die er geen zijn.

Met mijn ogen op de kaart liep ik in vol vertrouwen voorop en riep over mijn schouder tegen jou dat je me moest volgen. Maar toen ik opkeek, was het landschap veranderd van gezicht en ik was alleen. Mijn handen brandden van leegte.

Ik heb je overal gezocht. Op elke straathoek, in elk station, achter elke balie van elk kantoor. Ik ken de vouwen in de kaart intussen zo goed dat het mij soms verbaast dat de weg voor mijn voeten niet plots indeukt.

We leren leven met de onzekerheid van de reis. We genieten van het zonlicht als het er is en zoeken beschutting voor het zwaarste weer. We kloppen het stof van onze kleren en lopen door. We leren dat we niets voor altijd kunnen vasthouden.

We kennen het grondplan op de kaart zo stilaan uit het hoofd, maar sommige vormen van heimwee krijg je niet afgeschud. Hardnekkig blijven we de weg terug zoeken, als zalmen vechtend tegen de stroom, naar ruisende boomkruinen die een lied zingen dat we herkennen.

Het leven lijkt ervan te houden mensen eindeloos in rondjes te laten draaien. Of zijn wij het, die blind blijven voor de wegwijzers en stug dezelfde patronen vertrouwen in de hoop dat die ons op een dag toch ergens anders heen leiden?

Soms krijgt het grondplan medelijden, lijkt het wel. Dan laat het twee zwervende zielen, elk met hun ogen op de kaart, tegen elkaar opbotsen.

Verbijsterd blijven we staan. We lezen de lijnen in elkaars gelaat, een reisverslag van alle afgelegde trajecten. Hoe vaak hebben onze paden elkaar gekruist? Hoe vaak zijn we elkaar nét misgelopen?

Ik laat de kaart los. Ze waait weg en verkruimelt tot snippers op de wind. Ik steek mijn handen uit en jij pakt ze. Ouder, verweerder en vermoeider, maar de lijnen in onze handpalmen herkennen elkaar nog steeds.

Ik kan je niet beloven dat ik de weg dit keer wel zal weten. Maar als we nog eens verdwalen, doen we het samen.






ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #57 – Belofte


We slaan het blad van zoveel dagen om.
De herinneringen, dierbaar en voldragen, mogen langzaam vervagen tot schimmen in zwart-wit, gestolde silhouetten in de ochtendnevel die we achter ons laten.

De zon kondigt zich aan met lichtlijnen langs de horizon. Het natte gras prikt onder onze voeten. Alles is scherp en helder op een ochtend als deze. Het is alsof de bodem zelf dampt en ademt, zich loswoelt onder de roep van merel, vink en spreeuw.

Wat zich voor ons uitstrekt, bergt de belofte aan warmere dagen. We snuiven de kruidige lucht en voelen onze longen vollopen met iets wat wil uitbotten.
Zonlicht priemt tussen de takken door. Als we de ogen sluiten, krijgt alles wat we liefhebben vanzelf meer gloed.

(c) Jurgen Walschot







ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #56 – Een vorm van verleden


De tijd reist zelden in een rechte lijn en op het snijpunt
duik ik de diepte in, nietsvermoedend, precies
daar waar jouw blik in herinnering blijft haperen.
Zo gelaagd is dus de werkelijkheid waarin zelfs licht

een vorm van verleden is. Gelukkig kun je
de weg niet verliezen in een uitdijend heelal
als elke winding steeds teruggaat op een kern.
We vertellen elkaar dezelfde dierbare illusie

en noemen dat bij gebrek aan beter het verhaal.
Oude fouten laten zich echter niet zomaar duiden
doorheen de lijnen, noch jeugdzonden of pogingen
tot maskeren van verlangen. Ik zie slechts sporen,

met schijnbaar vaste hand getrokken, van wat
zinderend vooraf ging. Woordeloos wentelen we
eromheen en diepen geduldig ons bestaan
spiraalsgewijs steeds breder uit.



Alle beelden hierboven zijn detailuitsneden uit één grote tekening. Nieuwsgierig naar het geheel? De definitieve versie van de prent zal verschijnen in ‘De serres van Mendel’ (Van Halewyck, september 2019). Voor de Zaailing mag je intussen hier een kijkje nemen.





ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #55 – Door en door



(c) Jurgen Walschot


Jij kent mij door en door.
Dat zeg je. Terwijl ik naar je staar in verstomming en me nog net op tijd herinner dat ik beter mijn mond sluit. Hoezo, ik ken jou door en door?

Als je bedoelt
dat wij geboren werden uit dezelfde ster die zich exploderend in de ruimte verspreidde
dat wij tentakels waren aan één varenblad dat zich reikhalzend ontrolde in het zonlicht
dat wij zij aan zij renden als de wolven
of hoog tussen de takken nesten bouwden en jongen leerden vliegen
dat wij vrienden zijn die elkaar leven na leven weer terugvinden
en elkaars reflecties herkennen zonder daar ooit een spiegel voor nodig te hebben

ja, dan heb je gelijk
en ken ik jou door en door.

Maar hier en nu
terwijl je praat en lacht en verwacht
dat ik door al je muren heen kan zien

vraag ik me vertwijfeld af of ik jouw immense vertrouwen waard zal zijn.

Want op je schouders tors je meer gewicht dan ik mij herinner. En ik heb je niets beters te bieden dan mijn kwetsbaarheid, een vogeljong te fragiel voor deze genadeloze wereld van staal en glazen wanden. Wie zegt dat we niet gewoon dezelfde illusie delen, een kooi voor twee, verbonden en gescheiden door dezelfde tralies?
Ik zoek de einder af naar antwoorden die niet komen.

Muren zijn minder solide dan ze lijken, zeg je. En elke glazen wand kan een venster worden op de horizon.

De kleine vogel tussen mijn vingers slaat opgewonden met zijn vleugels.
Ik zie licht ontsnappen uit zijn kooi, en ik herken de bron.

Zoals jij mij herkende, al die tijd.






ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #54 – Licht genoeg

(c) Jurgen Walschot


Ze zeggen dat vogels holle botten hebben
zodat ze licht genoeg zijn om te vliegen

Ik geloof dat het komt omdat wat hol is
zich vanzelf leent tot loslaten

Wat is dat anders dan de wereld uitwuiven
zonder omkijken wegvliegen en verdwijnen

Ik bewoon de plek waar ik groeide steeds minder
Gestaag gaapt ze groter, de holte in mij

De wind mag komen, nog even
en mijn botten zijn licht genoeg

om mij te dragen





ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.