Een ‘fijn projectje tussendoor’

Hoe ‘De serres van Mendel’ ontstond – deel #2


Hier lees je hoe het allemaal begon: Deel #1 – Tête bêche en carte blanche

De serres van Mendel (detail) (c) Jurgen Walschot


Zodra het eerste hoofdstuk op papier stond, was er een blokkade gesloopt. Een kortverhaal voor een leesmethode was misschien niet wat ik eerst in gedachten had gehad, maar dit verhaal over koepels en serres zou er komen, en ik was het aan het schrijven.
Tussen september 2016 en januari 2017 zette ik het in hapjes en stukjes op papier, zonder vooropgezet plan.

Nu heb ik – eerlijk is eerlijk – nooit echt een probleem gehad met blind schrijven. Je hebt auteurs die maanden broeden op een verhaal, tot ze de personages glashelder voor zich zien en de structuur van het plot helemaal in hun hoofd zit. Dan maken ze een schema, en dat schema gaan ze vervolgens uitschrijven in verhaalvorm.
Ik ben niet zo’n schrijver. Mijn schrijfproces is een wandeling door de mist, en ik zie amper een paar meter voor me. Naarmate ik vorder, wordt er telkens een nieuw stukje zichtbaar, en ik heb er maar op te vertrouwen dat het pad dat ik volg niet ineens ophoudt, of over de rand van een ravijn verdwijnt.

Maar dat doet het niet. Dat weet ik intussen. Ik schrijf al dertig jaar zo, en mijn verhalen landen altijd op hun pootjes. Vaak verrassen ze me zelfs, omdat ik óók niet weet wat er gaat komen, en het ontdek tijdens het opschrijven. Het creatieve proces neemt mij op sleeptouw, een beetje zoals een goed boek mij meeneemt als lezer. Ik vind dat heel prettig. Het is altijd nieuw, en altijd spannend.

Datzelfde proces vertrouwen als je bezig bent aan opdrachtwerk van heel beperkte omvang en met een redelijk strakke deadline is nog wat anders, natuurlijk. Maar ook dat werd een fijne ervaring: mijn innerlijk kompas wist precies waar het verhaal heen moest, tot aan een slot dat ook voor mij onverwacht kwam, en me raakte.

De serres van Mendel (detail) (c) Jurgen Walschot


Alle boeken in de Talent-reeks zouden worden geïllustreerd. Als schrijver werden we aangemoedigd om illustratoren voor te stellen van wie we dachten dat ze een goeie match konden zijn met de tekst. Of ik al iemand in gedachten had?

Sommige momenten in je leven zijn achteraf gezien onwaarschijnlijke kruispunten.

Een paar maanden daarvoor had ik op het plein voor Brussel-Noord, waar de wind de wolken langs de blauwe hemel joeg en de zon nu eens wel, dan weer niet, kon doorbreken, afgesproken met een illustrator die ik een paar jaar eerder had leren kennen en die ik sindsdien op allerlei gekke en toevallige manieren tegen het lijf was blijven lopen.
We hadden gemeenschappelijke interesses en deelden nogal wat ervaringen en twijfels over het boekenvak. We hadden een klik die we zelf niet goed konden thuisbrengen, en we waren al twee jaar bezig elkaar te ‘besnuffelen’.

Van de Zaailingen was op dat moment nog geen sprake, maar die middag in Brussel sprongen Jurgen Walschot en ik samen van de klif, zoals ik dat sindsdien ben gaan noemen. Zonder plan of garanties, maar in het volle vertrouwen dat we niet zouden vallen maar vliegen.

De vlucht (detail) (c) Jurgen Walschot

Onze samenwerking was een ontdekkingsreis, prikkelend en uitdagend, en hoe langer we er mee doorgingen, hoe krachtiger ze aanvoelde. Het was vooral bijzonder om samen iets te creëren. Om van gedachten te wisselen, beelden uit te wisselen, ideeën op mail te zetten. We werden sparring partners, klankborden, compagnons de route in woord en beeld.

Dus toen ik de vraag van Van In moest beantwoorden, ruim een half jaar later, was het wat mij betreft overduidelijk wie de illustraties voor De serres van Mendel zou gaan maken. Ik wist ook dat het onderwerp Jurgen zou aanspreken. En we waren intussen ook wel toe aan een fijn projectje ‘tussendoor’, iets om binnen afzienbare tijd af te werken en gepubliceerd te zien.

Dus zo geschiedde.
(Of hoe noemen ze dat plechtig in van die Belangrijke Verhalen?) 😉

Ik ben een woordmens, geen beelddenker. Maar ik heb wel een sterk visuele kant. En tijdens het schrijven van het kortverhaal had ik al een hele wereld in mijn hoofd.
Om Jurgen een idee te geven van wat ik zoal voor me zag, stelde ik een uitgebreide verzameling beelden samen, van bomen tot bacteriën, die wat mij betreft iets met deze overkoepelde wereld te maken hadden. ‘Je hebt mijn werk al half voor mij gedaan’, grapte hij.




Het was fijn om te zien hoe hij er vervolgens zijn gang mee ging. Ik had hem al eerder complexe prenten weten maken, maar waar hij nu mee afkwam overtrof alles. Immense koepels, volgestouwd met groen. Een wereld die overtrof wat ik in gedachten voor me had gezien, een groene wildernis om in te verdwijnen.

Tegen de paasvakantie van 2017 was ons mini-verhaal af. Iedereen was er blij mee, wij niet het minst. Maar het was nog lang wachten tot september 2019 voor de verschijning van de Talent-reeks. En tegelijk voelden we ook dat hier nog zoveel meer inzat dan we er nu hadden kunnen uithalen.

Voor Van In was het geen enkel probleem dat ik met dit verhaal in een andere, langere versie, naar een niet-educatieve uitgeverij trok. Als we dat wilden, konden we dus echt proberen om van dit korte kleinood een volwaardig jeugdboek te maken.

Intussen waren Jurgen en ik samen volop gelanceerd in het Zaailingenproject, en in twee tentoonstellingen (Mokafé en BXL Dorado). We volgden ons gevoel over één bewuste Zaailing die STROOM heette, en die de ambitie had om een boek te worden. We hadden de hele zomer van 2017 de handen vol op wat achteraf veel weg had van een creatieve high, met bijna uitsluitend werk voor een volwassen publiek.

Maar we vergaten ons jeugdverhaal niet. En het kriebelde, het jeukte zelfs. Kon Mendel een tweede leven krijgen?

En toen verscheen er een aankondiging over een huisje in Zweden dat wachtte op een schrijver en een illustrator…




In september 2019 verschijnt bij Van Halewyck ‘De serres van Mendel’, een jeugdroman (10+) in woord en beeld, een gemeenschappelijk project van Kirstin Vanlierde en Jurgen Walschot.
In aanloop naar de publicatie verschijnt er elke maand een blog over hoe dit boek ontstond.
Advertenties

ZAAILING #57 – Belofte

Wat is er fijner dan langs de wegkant gaan zitten en luisteren naar de ochtend die ontwaakt?
Tijd voor een Zaailing.


We slaan het blad van zoveel dagen om.
De herinneringen, dierbaar en voldragen, mogen langzaam vervagen tot schimmen in zwart-wit, gestolde silhouetten in de ochtendnevel die we achter ons laten.

De zon kondigt zich aan met lichtlijnen langs de horizon. Het natte gras prikt onder onze voeten. Alles is scherp en helder op een ochtend als deze. Het is alsof de bodem zelf dampt en ademt, zich loswoelt onder de roep van merel, vink en spreeuw.

Wat zich voor ons uitstrekt, bergt de belofte aan warmere dagen. We snuiven de kruidige lucht en voelen onze longen vollopen met iets wat wil uitbotten.
Zonlicht priemt tussen de takken door. Als we de ogen sluiten, krijgt alles wat we liefhebben vanzelf meer gloed.

(c) Jurgen Walschot







ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #56 – Een vorm van verleden


De tijd reist zelden in een rechte lijn en op het snijpunt
duik ik de diepte in, nietsvermoedend, precies
daar waar jouw blik in herinnering blijft haperen.
Zo gelaagd is dus de werkelijkheid waarin zelfs licht

een vorm van verleden is. Gelukkig kun je
de weg niet verliezen in een uitdijend heelal
als elke winding steeds teruggaat op een kern.
We vertellen elkaar dezelfde dierbare illusie

en noemen dat bij gebrek aan beter het verhaal.
Oude fouten laten zich echter niet zomaar duiden
doorheen de lijnen, noch jeugdzonden of pogingen
tot maskeren van verlangen. Ik zie slechts sporen,

met schijnbaar vaste hand getrokken, van wat
zinderend vooraf ging. Woordeloos wentelen we
eromheen en diepen geduldig ons bestaan
spiraalsgewijs steeds breder uit.



Alle beelden hierboven zijn detailuitsneden uit één grote tekening. Nieuwsgierig naar het geheel? De definitieve versie van de prent zal verschijnen in ‘De serres van Mendel’ (Van Halewyck, september 2019). Voor de Zaailing mag je intussen hier een kijkje nemen.





ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

Tête-bêche en carte blanche

Hoe ‘De serres van Mendel’ ontstond – deel #1

De serres van Mendel (detail) (c) Jurgen Walschot

Het begon als een vage hint van een verhaal, een voorgevoel.
En ik weet nog precies wanneer ik het kreeg: toen ik in de vroege jaren van mijn pendeltraject naar Brussel telkens gefascineerd keek naar het piepkleine stukje koninklijke tuin van Laken dat ik in het voorbijrijden vanaf het spoor kon zien.

Die enorme tuin, het prikkeldraad dat bedoeld leek om mensen binnen te houden eerder dan buiten… Het riep iets in mij wakker.
Ik verbond Laken ook met mijn oude fascinatie voor de koninklijke serres. Mijn ouders kregen er ooit een rondleiding dankzij mijn vaders werk als bankier, en ze brachten een lijvig fotoboek mee terug dat enorm tot mijn kinderlijke verbeelding sprak.

Onmogelijk te zeggen hoe de onbewuste kronkels van een schrijversgeest werken, maar ik voelde een verhaal groeien. Iets met een heel bijzondere wereld die leek op de onze maar dat toch niet helemaal was. Iets met die serres als wereld op zich, of knooppunt tussen werelden. Ik had zelfs de titel al, wat mij anders nooit gebeurt: De serres van Mendel. Wie Mendel precies was (als personage dan), daar had ik geen flauw idee van. Maar dat het verhaal zo zou gaan heten, was toen al duidelijk.

De serres van Mendel (detail) (c) Jurgen Walschot

Ik probeerde eraan te beginnen. Of beter: ik begon eraan. Ik schreef een aantal hoofdstukken, maar wat ik voor me zag, leek maar niet te willen kloppen met waar het verhaal volgens mij naartoe moest. Ik schreef scènes over een meisje op weg naar een plek die ze niet kende, een bijzondere plek die werelden verbond. Dat bleek een huis te zijn, in een grote, overwoekerde tuin. Mooi als beeld, dat wel, en er liepen een paar interessante personages rond. Maar hoe krijg ik haar in die serres, vroeg ik me af. Want dat is waar dit écht over moest gaan. Ik vond geen antwoord. Elk scenario daarheen leek een kunstgreep.

Ik liet het rusten, met het zinderende gevoel van goesting en ‘hier zit iets in maar ik weet nog niet wat’ intact.

Twee jaar later (met dank aan Karla Stoefs voor de referentie) kwam de vraag van uitgeverij Van In om een kort verhaal voor tienjarigen te schrijven voor hun Talent-reeks. Onderwerp: ‘andere werelden’, verder had ik carte blanche.
Ik had nog nooit voor die leeftijd geschreven, maar ik dacht: waarom niet? Ik haalde mijn oude idee van de serres weer van onder het stof, en wat mij niet was gelukt voor een jeugdroman, lukte nu plots wel: in een verhaal van amper dertig korte bladzijden was geen plaats voor getreuzel of een lange aanloop. Ik moest schrijven wat er te vertellen was, punt uit.

Ik liet mijn dierbare maar onmogelijke hoofdstukken voor wat die waren. Ik draaide het schrift dat ik gebruikte om en begon, tête-bêche zoals ze dat noemen, aan de andere kant van voren af aan. En meteen in de serres, dit keer.

Dit is wat ik schreef:

De serres zijn gigantisch.
Niemand weet wie ze ooit heeft gebouwd, en soms denkt Reya dat ze vanzelf zijn gegroeid op de plaats waar ze staan.
Ze hebben hoge koepels en kleine, geheime hoekjes, en ze strekken zich verder uit dan je kunt kijken. Ze zijn tot de nok gevuld met bomen, struiken, bloemen en mos. Er lopen beekjes doorheen, en het is er warm en vochtig. Water parelt van de bladeren en stengels van varens.
Reya woont al heel haar leven in de serres. Ze weet niet hoe ze er ooit terechtgekomen is. Mendel zegt dat hij haar op een ochtend vond, opgekruld als een slakje onder een reuzenvaren. Alsof ze daar in één nacht gegroeid was. Reya weet niet of ze dat verhaal gelooft. Maar ze gelooft Mendel wel als hij zegt dat ze hier thuis is, en dat hij blij is dat ze er is.
Waar Mendel vandaan komt, weet ze ook niet. Hij lijkt er gewoon altijd geweest te zijn, net als de serres. Hij heeft veel grijs in zijn baard en hij loopt als iemand die het gewend is om met zijn rijzige gestalte boven iemand uit te torenen, ook al wil zijn rug ondertussen niet meer helemaal mee.
Wat Mendel doet, weet Reya wel, al begrijpt ze niet alles. Hij repareert de serres en zorgt dat alles werkt zoals het hoort. En hij verzorgt de planten die er groeien. Hij kent elk kleinste mosje in de meest beschutte hoekjes en hij weet wanneer er bevloeid moet worden. Hij praat tegen de oude bomen als hij takken moet snoeien. En hij kan feilloos het onderscheid maken tussen de redelijk onschuldige wriemeldiertjes en een heuse plaag van ongedierte, die zonder pardon uit de serres gezet worden.
Ze horen bij elkaar, Mendel en zijn serres. En Reya is thuis bij hen allebei.

Ik wist nog altijd niet waar het verhaal mij nu eigenlijk zou gaan brengen. Maar nu die eerste bladzijde er plots stond, wist ik dat het goed zat. En van toen af ging het vanzelf.




In september 2019 verschijnt bij Van Halewyck ‘De serres van Mendel’, een jeugdroman (10+) in woord en beeld, een gemeenschappelijk project van Kirstin Vanlierde en haar Zaailing-zielsverwant Jurgen Walschot.
In aanloop naar de publicatie verschijnt er elke maand een blog over hoe dit boek ontstond.


Barreras: een bijzonder boek



(c) Pantingo


Ik ben blij en vereerd dat ik een tijdje geleden de kans kreeg om een bijdrage te leveren aan Barreras, een uitgave van Pantingo. Pantingo is een jonge uitgeverij van zines en kunstzinnige projecten. Hart en ziel achter dat alles is kunstenares Tessa De Ceuninck.

Haar boek Barreras benadert het verhaal van de bootvluchtelingen door te spelen met ogenschijnlijk tegenstrijdige beelden in dialoog met elkaar.

Ik schreef er de volgende tekst voor, die opgenomen werd in het hart van het boek:





Tell me

Tell me of the hardships we encountered.
Remind me of the victories
we fought for, the defeats we endured.
Help me recall our high hopes
as we set forth, and how we negotiated
the distances against all odds and opposition.
Remind me of how we held on to our stubborn hopes
to reach the other side with our heads held high.

Reassure me that all we did
was somehow worthwhile.
Help me remember their faces,
pleading, cheering, counting on us to go
where they could not, so we could live
their ambitions, fulfill their dreams.

Tell me the story one more time,
of the heroes who fought and conquered,
so that all who followed in their footsteps
would know a better fate.

For stories are all we know.
And stories are all we have to hold on to.

So speak to me. Whisper, if you need to.
Then I can try to tell the story again,
and we can all try to believe it.

(c) Pantingo


Interesse in meer werk van Tessa De Ceuninck? Neem zeker een kijkje op www.pantingo.com.
Pantingo zal aanwezig zijn op de Ghent Art Book Fair (11-12 mei).

ZAAILING #55 – Door en door



(c) Jurgen Walschot


Jij kent mij door en door.
Dat zeg je. Terwijl ik naar je staar in verstomming en me nog net op tijd herinner dat ik beter mijn mond sluit. Hoezo, ik ken jou door en door?

Als je bedoelt
dat wij geboren werden uit dezelfde ster die zich exploderend in de ruimte verspreidde
dat wij tentakels waren aan één varenblad dat zich reikhalzend ontrolde in het zonlicht
dat wij zij aan zij renden als de wolven
of hoog tussen de takken nesten bouwden en jongen leerden vliegen
dat wij vrienden zijn die elkaar leven na leven weer terugvinden
en elkaars reflecties herkennen zonder daar ooit een spiegel voor nodig te hebben

ja, dan heb je gelijk
en ken ik jou door en door.

Maar hier en nu
terwijl je praat en lacht en verwacht
dat ik door al je muren heen kan zien

vraag ik me vertwijfeld af of ik jouw immense vertrouwen waard zal zijn.

Want op je schouders tors je meer gewicht dan ik mij herinner. En ik heb je niets beters te bieden dan mijn kwetsbaarheid, een vogeljong te fragiel voor deze genadeloze wereld van staal en glazen wanden. Wie zegt dat we niet gewoon dezelfde illusie delen, een kooi voor twee, verbonden en gescheiden door dezelfde tralies?
Ik zoek de einder af naar antwoorden die niet komen.

Muren zijn minder solide dan ze lijken, zeg je. En elke glazen wand kan een venster worden op de horizon.

De kleine vogel tussen mijn vingers slaat opgewonden met zijn vleugels.
Ik zie licht ontsnappen uit zijn kooi, en ik herken de bron.

Zoals jij mij herkende, al die tijd.






ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #54 – Licht genoeg

(c) Jurgen Walschot


Ze zeggen dat vogels holle botten hebben
zodat ze licht genoeg zijn om te vliegen

Ik geloof dat het komt omdat wat hol is
zich vanzelf leent tot loslaten

Wat is dat anders dan de wereld uitwuiven
zonder omkijken wegvliegen en verdwijnen

Ik bewoon de plek waar ik groeide steeds minder
Gestaag gaapt ze groter, de holte in mij

De wind mag komen, nog even
en mijn botten zijn licht genoeg

om mij te dragen





ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #53 – Huidhonger

(c) Jurgen Walschot


Het vraagt geen meesterschap om aan te raken, alleen handen
met open palmen, vingers die geen vragen stellen. En huid, aanwezig,
onbedekt.

Honger hebben we. Naar de ander.
Naar onszelf, daar tegenaan.

Wie kwamen en weer gingen, dragen we mee.
Met gesloten ogen staan we de spiegel toe om bij ons in te breken.
We scheppen onszelf naar de blik van wie ons liefheeft
en willen daarop ook gaan lijken.

Verlangens zijn altijd nietig in de knop. Verwaarloos ze
en de meeste verwelken vanzelf.
Maar sommige, gedijend op schraalheid, zullen woekeren
met bladeren in monsterachtige proporties en wortels
die ontsnappen aan de pot.

Honger is een vreemde metgezel, een vleesetende bloem
die ons bezit. Ze slaat ons overboord, ook bij kalme zee. Zo zullen we
op een dag misschien de kust bereiken en aan land gaan,
zoals liefde zich laat aanspoelen – schelploos.



Hommage aan Paul Verhaeghe, Ilja Leonard Pfeijffer en Hans Faverey

Sommige Zaalingen ontstaan uit een interessant samenstromen van ideeën, dat een heel klein beetje meer uitleg vereist. Een visueel detail overgenomen uit een hommageprent over een Brusselse meester, een treffende schets die meteen het woord ‘huidhonger’ opriep, en de beslissing om de tekst óók een soort hommage te maken: aan een academicus en twee dichters voor wie ik grote bewondering heb. Wie vertrouwd is met hun werk, zal een en ander herkennen.



ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.


ZAAILING #52 – Onderduiken

(c) Jurgen Walschot

Jij kent de kunst van het onderduiken: verdwijnen voor de vijandige wereld
in een onderdompeling. Je neemt een duik in de buik van andermans beeld.

Kijken is peilen. Voelen is vinden. Je licht de lijnen uit hun kader en houdt je schuil
in de contouren. Je zuigt je vol aan het late middaglicht als was het nectar.

Je zult wachten tot het allerlaatst om weer naar boven te komen, want daar vrees je
het leven (bol van verwachting) dat het niet nalaat jou te kneden naar zijn nood.

Wie ooit van dit verdrinken heeft geproefd, weet dat hoe dieper je durft opgaan
in de schaduwen, hoe voller de dagen gegoten kunnen, en hoe tijdlozer jij wordt.







ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #51 – Waadvogel



(c) Jurgen Walschot


Ze loopt alsof ze bang is om de wereld pijn te doen, daar waar ze haar voeten zet.
Vergeef me, zeggen haar zolen, dat ik er ben, dat ik nu eenmaal plaats inneem hier, dat ik me niet geheel onzichtbaar kan maken.

Is er iemand die ziet hoe ze, voorzichtig als een waadvogel, met één voet door een onzichtbaar wateroppervlak breekt?
Waarom pakt niemand haar bij de schouders en zegt: kind, wees geen holte in de wereld.

Ademloos kijk ik toe hoe ze langzaam neerkomt, tast tot ze zeker is van haar grip op de bodem, en dan met pijnlijke elegantie wacht
– – tot de rimpelingen stillen.




ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is stempel_negatief-1.jpg