Een droom die je draagt



Ik heb iets met het hoge noorden.

Misschien komt dat door mijn naam, een Scandinavische naam die beter past bij ruige dennenbossen en fjorden en meters sneeuw dan hier, in het Vlaamse polderlandschap waar hij steevast verkeerd uitgesproken wordt.

Mijn mama had ook een zwak voor Scandinavië, daarom heeft ze haar beide kinderen Noorse namen gegeven. Geen van drieën zijn we er ooit echt geweest (tot ik tenslotte vorig jaar twee weken op residentie naar Zweden mocht), maar als kind liet ik mijn vinger glijden langs de boeken van Margit Söderholm en Sigrid Undset op de boekenplank. Mijn mama vond ze prachtig. Ik was vooral gefascineerd door het feit dat de naam van Kristin Lavransdochter maar één letter verschilde van de mijne, het leek telkens bijna alsof ik mezelf op de cover van een boek aantrof. Hoewel ik geen enkele van die boeken ooit las, werd er toen toch iets gezaaid.



Dat ik Ronja de roversdochter in mijn hart draag boven zowat mijn hele boekenkast, had toen ik het boek als kind ontdekte niks te maken met het feit dat Lindgren Zweedse was. Maar dat ik er zoveel van ben blijven houden, heeft daar volgens mij wel mee te maken. Maar op een vreemde manier. Want ik heb eigenlijk heel weinig met Lindgrens andere boeken. Ik ben totaal niet dol op Pippi Langkous, bijvoorbeeld. Kinderen van Bolderburen vind ik oeverloos saai. Maar het bos van Ronja, waar de roversburcht van Mattis uitkijkt over de woeste rivier, de donkere dennen en de rotsspleten, waar de aardmannen en de vogelheksen huizen en je het leven in de natuur bijna kunt proeven en ruiken, dát is waar ik thuiskom. En ja, dat heeft ook met de illustraties te maken, laat ik dat maar gewoon toegeven.

Ik heb geen lijf om in het hoge noorden te gaan wonen, denk ik. Noch de koude, noch de lichte zomers en duistere winters zouden me fysiek goed afgaan. Maar soms droom ik er toch van. Want ik ben er een stukje van mijn hart verloren. Aan wat? Geen idee. Aan de droom die ik erfde van mijn moeder? Aan Ronja? Aan de trollen en moenen? Aan de echo van iets ouds en tijdloos? Soms lijkt het alsof ik voorouders heb daar, alsof er nog iets van die cultuur ruist in mijn bloed. Er is een deeltje van mij dat met onzichtbare draadjes vast hangt aan Scandinavië, aan de taal en het landschap rond de poolcirkel.

Naar Zweden gaan vorig jaar was dan ook bijzonder op een symbolische manier maar heeft mijn honger naar het land niet gestild. Dat is ook helemaal niet erg. Er zijn gewoon meer draadjes bijgekomen.
Eentje daarvan loopt naar Embla Granqvist, een jonge illustrator die ik toen ontmoette en die wondermooie dingen doet met aquarel. Samen zijn we al een aantal maanden bezig een prentenboek voor te bereiden. En toen ik een tijdje geleden polste of ze misschien zin had om samen een Engelstalige winterwenskaart te maken, een kleine internationale samenwerking, was ze meteen heel enthousiast.



Als mijn mama kerstkaarten verstuurt (zoals zij ze noemt en ik ze eigenlijk ook blijf noemen, al hangt er voor mij totaal geen religieuze connotatie meer aan, het is gewoon een mooi woord), dan móét daar sneeuw op staan. Het leidt vaak tot pijnlijk sentimentele clichés in keuze van kaarten (sorry, mams), maar ik begrijp het ergens ook wel.
En Embla ook. Sneeuw is in Scandinavië natuurlijk lang niet zo sterk verbonden met ‘kerst’ (of ruimer gesteld: de feestdagen in het diepst van de winter) als bij ons. Maar Embla woont tegenwoordig in Denemarken, en daar sneeuwt het nauwelijks. Nooit gedacht dat ik sneeuw zou missen, schreef ze mij. Maar dat doet ze dus wel degelijk, en daarom schildert ze hem in de winter vaak.

Het idee voor de kaart ontstond bij een ouder schilderijtje van Embla waarop een kind een wit rendier omhelst. De sfeer die erin zat, sprak de Ronja in mij, dat oude, stille kind met Noorse wortels, heel erg aan. Maar het hoefde geen rendier te zijn, zei Embla, die mijn knipoogjes over clichés en Rudolf-met-de-rode-neus had opgepikt en het schilderij sowieso wilde hermaken.



Tijdens mijn reis naar de VS deze zomer zag ik in een tentoonstelling een opgezette eland. Ik was zwaar onder de indruk van de omvang van het dier, en dat was het eerste wat in mij opkwam dat mogelijk nog beter zou werken dan een rendier. Het idee sprak ons allebei aan. En ook elanden kunnen trouwens wit zijn. Ga eens googelen en val achterover. (Of nee, ga niet googelen, en kijk eerst onderaan deze blog.)

Ik ben dus geen klein beetje blij en trots om dit werkje te mogen voorstellen. Mijn innerlijke Ronja doet een vreugdedansje en weet dat ze thuis is.

Voor wie er even blij van wordt als ik: dit kaartje is te koop (2,5 euro/stuk) en ik laat er een beperkt voorraadje van drukken. Spreek mij aan, vind me op Messenger of stuur een mailtje, en ik zorg dat het tot bij jou raakt.

Een droom die je draagt, door de nacht.

(c) Kirstin Vanlierde & Embla Granqvist

ZAAILING #71 – Een droom planten


als we nu eens naar de sterren keken
met onze voeten op de donkere grond
en ons heel heel klein voelden, zaadjes
klaar om te ontkiemen

hoe nieuw zou dat zijn

(c) Jurgen Walschot



als we nu eens een droom plantten
hem toedekten met fluwelen vingers
en fluisterden: ik zie je al
uitbarsten in uitbundig blad

hoe licht zou dat zijn


als we nu eens niets moesten
van onszelf of van elkaar
alleen onze armen openden
en nabijheid zaaiden

hoe warm zou dat zijn




Zaailing #71 is onze nieuwe winterwenskaart in drievoud!

Bestellen kan via mail of de webshop. Verzending gratis vanaf bestellingen t.w.v. 20 euro.
Wees er snel bij. Meer info vind je hier.





ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #70 – Hoe ver we gekomen zijn

(c) Jurgen Walschot



Een pad laat zich maar één stap per keer lopen. En met elke pas verschuift alles subtiel van perspectief.

Bomen die als wachtposten toekijken hoe wij langslopen, wijken geleidelijk terug uit ons blikveld. Contouren die we niet vermoedden, komen steeds scherper in beeld. De diepte waar we doorheen wandelen wordt rijker, het woud zelf een omhelzing.

De nevel die zich tussen de stammen weeft, kleeft aan onze jassen en onze haren. Het dikke bed van bladeren dempt onze passen op de weg omhoog. Dit is terrein waar maar weinigen zich wagen, maar wij zijn er thuis.

Je wijst mij op de vlammende contrasten, op de penseellijnen die stromen tussen bodem en kruin. Ik vlecht ze tussen mijn taal en ga steeds helderder zien.
Een lied ontsnapt aan mijn lippen. Het leert jou de woorden voor wat zich pas blootgeeft als je dicht genoeg genaderd bent. Je ogen worden zachter.

Hoe langer we lopen, hoe minder houvast we nodig hebben.
Hoeveel stappen hebben we al gezet sinds deze tocht begon?

Misschien slaan we bovenaan de heuvel even kamp op. Voor een adempauze, een knik, een enkel zacht woord.
Als we het willen, kunnen we dan achterom kijken – en vaststellen hoe onwaarschijnlijk ver we samen al gekomen zijn.






ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #69 – Uitgestrooid

(c) Jurgen Walschot


Hier sta je dan.
Ik zal je niet zeggen dat het geen pijn doet. En ik zal, hoe graag ik dat ook zou willen, je niet toewensen dat het snel overgaat. Leren leven met verdriet vraagt tijd.

Tijd – was er niet ergens een sprookje dat vertelde over wonden die geheeld worden, of op zijn minst verzacht?
Dichter bij de waarheid is dat we de tijd scheppen met beide handen tegelijk, ongeveer zoals je zand schept om een kuil te graven, waarin je vervolgens oude dromen bergt.
Je kunt ze ook uitstrooien, als dat je een goed idee lijkt, over water liefst. Dat weet waar het heen moet vloeien.

Wat ook mooi zou zijn, is dat het zand daar zachtjes bezinkt. En dat het water stilaan helderder wordt, terwijl het stroomt zoals het altijd doet, in lange, brede banen, naar zee.






ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #68 – Praten in sporen

(c) Jurgen Walschot


Een Zaailing met wat uitleg erbij – omdat het zo’n leuk concept is!
En het hoeft niet altijd de schrijver te zijn die de dingen uitlegt… Zo schrijft Jurgen het op zijn blog:

“Al jaren is oktober gelinkt aan tekenen. Acties zoals #inktober trokken wel mijn aandacht maar stootten me ergens ook af. Dit jaar voegde Kunstwerkt er nog een online tekenchallenge aan toe: A Paper / A Day en daagde iedereen uit om een maand lang te tekenen. ‘Af en toe of elke dag’.
Als tekenleraar op Sint-Lukas vraag ik de leerlingen om dit een schooljaar lang te doen. Elke dag een schets, krabbel, tekening, studie… betere training om te leren tekenen bestaat er volgens mij niet. Dit jaar nodigde ik hen ook uit om deel te nemen aan #apaperaday19 en hun werk te delen. En met mijn voorbeeldfunctie in het achterhoofd flapte ik eruit dat ik ook zou meedoen. (Er verder geen rekening mee gehouden dat ik een drukke maand tegemoet ging, met twee boekvoorstellingen, workshops, lezingen, verjaren…) Ik riep op om uit onze comfortzone te komen en een maand lang eens iets anders uit te proberen en dit te delen met ‘de wereld’. Als onderwerp koos ik de planten waarmee ik me thuis omring: A PLANT / A DAY. Ondertussen zitten we al aan dag 13 en mits wat stunt- en vliegwerk ben ik erin geslaagd om elke dag een pagina te posten via mijn Instagrampagina.”



Als Jurgen origineel en uitdagend materiaal produceert, over een thema dat mij heel dierbaar is nog wel, dan gaat mijn pen natuurlijk jeuken. Dus…

“Vanaf dag 1 van de tekenchallenge volgde Kirstin de tekeningen en liet haar schrijfpen op de tekeningen los. Uit al deze fragmenten heeft ze de 68e zaailingtekst gedistilleerd.”

Ik ben van plan om het vol te houden tot en met de laatste dag. Het is fijn schrijven in brokjes, fragmenten en motieven. Het is een leuke uitdaging thema’s en beelden te laten terugkeren op andere manieren, net zoals Jurgen dat in zijn beelden doet.



En (niet zo) stiekem hoop ik dat we met die hele reeks nog iets leuks kunnen doen eens ze af is. De titel van de cyclus ligt nu al vast, en het is ook de titel van de Zaailing deze week: Praten in sporen. Dat is behalve een leuke woordspeling op Jurgens collagetechniek én de voortplantingswijze van varens, zwammen en schimmels ook een verwijzing naar een passage uit het magistrale Benedenwereld van Robert MacFarlane, over het belang om de natuur en onze plaats daarin met heel andere ogen te gaan zien én beschrijven…

Praten in sporen

toon me je snippers
laat mij je breuklijnen lezen
en de gekartelde randen van je angsten

we snijden vensters uit
op verleden en verlangen
blikken terug naar iets beters
dan de beduimelde bladzijde
van het hier en nu

maar hier en nu is wat we zijn
een veeg, een droom, een vergif

de nacht brengt dromen in vergeten talen
kringen die zich teder herhalen
als een voornemen of een val

op arme grond beperkt
de schade zichzelf

wat kunnen wij anders dan praten
in sporen, een stuntelige afdruk laten
van koffievlek of ongeluk, de echo
van een beeld dat ons achtervolgt

ik laat jou langzaam wortelen
dag na dag de bodem aftasten
met aarzelende aanzetten
doen alsof je alleen uit blad bestaat





ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #66 – De magiër // ZAAILING #67 – De belofte van licht

Twee keer Londen // twee keer kunst // twee meditaties over ruimte en tijd
(c) Jurgen Walschot




Zaailing #66 – De magiër

(c) Jurgen Walschot


Ze noemen het de grote verdwijntruc, maar hij weet wel beter.

Het is geen kunst om één te worden met de stad, op te gaan in het decor van voort deinende massa’s, statige straten, roerloze monumenten. Al wat je nodig hebt, is een matig talent in camouflage en het verlangen jezelf te verliezen. Voor je het weet, merkt niemand je meer op.

Wie zelf niet gezien wordt, observeert beter.

De sluiers van de tijd zijn dun. Hij kijkt toe hoe ze langslopen, een voor een, op weg naar iets waarvan ze denken dat het ertoe doet. Glaswand of tralies, tussenstation of eindbestemming, ze wanen zich altijd wel ergens thuis.

Hij gaat nergens heen. Dit is zijn territorium, de uitsnede die hij zichzelf heeft bemeten. Boten zullen langsdrijven, de somberste wolken zullen de wedstrijd met de torens over wie het hoogste kan reiken onveranderd winnen. Om hem heen verandert de wereld, maar hij blijft dezelfde.

Magiërs hebben flair, dat weten we al lang. Heksen werden verbrand voor minder, maar dat waren dan ook vrouwen.

De avond valt. Goedkeurend kijkt hij toe hoe de stad zichzelf optrekt, steen voor steen, tot het bolwerk dat hij is.




Zaailing #67 – De belofte van licht



ooit was ik er bang van
maar intussen heb ik geleerd
duister heeft altijd een deur

misschien niet meer
dan een glinstering, een belofte
van vergulde dromen buiten elk bereik

maar beweging lijkt de regel
zelfs de moederschoot perst
en spuwt haar kinderen uit

we haasten ons naar de uitgang
volgens sommigen is dat
waar het leven begint

ik wuif de dierbare schimmen na
laat mij het duister maar
en de belofte van licht







ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #65 – Het diepste punt

(c) Jurgen Walschot


Verdriet zinkt naar het diepste punt
zoals schatten dat doen
herinneringen waarvan we nog niet
weten of we ze wel willen bewaren.
Wat ons raakt, doorboort ons
en precies die wonde wordt de plek
van waaruit we groeien
omhelzen als we durven
en alles wat vooraf kwam
stralend in de schaduw laten.







ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

ZAAILING #64 – Als de regen valt



Als de regen valt

Hoe het landschap langzaam zachter wordt
onder waardig ruisende welvingen, hoe de kleuren
leeglopen tot grijs, de contouren smelten.

Hoe mijn lijf zingend tot leven komt
en mijn zintuigen schreeuwen ik leef
dronken van vochtig donker, doordrongen

van hars en hout en mos en modder.
Hoe de verticale roffel mijn blik met lichte vingers
neerwaarts dwingt, naar de bodem

en de minitatuurmondingen van rivieren
op een steeds riskanter pad. De regen
moedigt niet aan om naar boven te kijken

maar misschien wel om te aanvaarden
wat in hulpeloze schoonheid wegstroomt
als een tedere voorbode van wat ons wacht.

(c) Jurgen Walschot




ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

Wat een tussenstation…

Hoe ‘De serres van Mendel’ ontstond – deel #5 (slot)



Hier lees je:
– Deel #1 – Tête bêche en carte blanche : hoe het allemaal begon
– Deel #2 – Een ‘fijn projectje tussendoor’ : hoe het eerste scheutje kon groeien
-Deel #3 – Zîchtbaar, met of zonder schulp : waarin twee boekenmakers steeds meer uit hun schulp komen
– Deel #4 – Dubbele lens, dubbele pen : van solitair werken naar samen creëren



Dus vertelden onze hoofdpersonages het verhaal samen, net zoals wij samen het boek maakten. En dat lukte fantastisch.

Na de residentie ontwikkelden Jurgen en ik, nog veel meer dan daarvoor, een constante en open communicatielijn. Beelden en teksten gingen ook voordien al met de regelmaat van de klok tussen ons over en weer, voor de Zaailingen bijvoorbeeld. Nu kwam daar nog een heleboel bij dat viel onder de categorie ‘bruikbaar voor Mendel’. We brainstormden bij momenten digitaal, we stuurden de ander alles waar we aan dachten of wat onze aandacht trok.

Natuurlijk werkten we niet alleen maar aan dat boek. STROOM, de Zaailingen, de Boekenbeurs, andere boekprojecten, lesgeven, journalistiek werk, gezinsleven… Het kwam er allemaal bij en tussen. Maar dat gaf niet. De lijn stond open en bleef openstaan, we legden de spreekwoordelijke hoorn gewoon niet meer op de haak.

Bij momenten, als het schrijven van mijn kant goed vlotte en Jurgen tegelijk aan het tekenen was, voelde het dankzij die digitale communicatielijn over de fysieke afstand van half Vlaanderen heen een beetje als opnieuw in Zweden zijn: de ander laten meekijken naar jouw stuk van het proces, in real time, voelen dat wat je maakt veel zonder veel uitleg resoneert en begrepen wordt. Woord en beeld in elkaar voelen klikken. Er bestaat, wat mij betreft, niets fijners.


We hadden gekozen om De serres van Mendel toe te vertrouwen aan uitgeverij Van Halewijck omdat we de indruk hadden dat hun visie voor dit boek zowel inhoudelijk als vormelijk het meest op onze golflengte zat. Voor onze residentie hadden we al twee constructieve vergaderingen met de uitgever, en in de maanden die erop volgden, bleken we echt wel met ons gat in de boter gevallen. Niet alleen gingen alle contractuele en financiële afspraken super vlot, ook artistiek was vertrouwen de norm.
Mijn volledig uitgewerkte tekst was een schot in de roos, ik hoefde nergens meer grondig aan te gaan sleutelen. Jurgens voorstel voor vormgeving van het binnenwerk werd ook positief onthaald. We mochten alle registers opentrekken: een ongewoon formaat, hardcover, kleurenpagina’s van begin tot einde, alles bij elkaar een kleine 150 bladzijden. Een volledig geïllustreerde jeugdroman…

Iedereen die in het boekenvak werkt, weet hoe vermoeiend correcties en laatste loodjes kunnen zijn. Er kroop nog een heleboel tijd en werk in de vormgeving, temeer omdat Jurgen had besloten om te gaan voor een overvloed aan visuele details. Op elke pagina is er minstens iets te zien wat aansluit bij of een meerwaarde betekent voor de tekst. Maar de hele redactie verliep erg vlot en consequent, de correcties waren minimaal.

En dan gaat een mens dromen van de boekvoorstelling… Eigenlijk waren we dat al heel lang aan het doen. Wie de met wijn bevloeide mindmap in de vorige blogs aandachtig bekijkt, ziet daar al het woord ‘Meise’ opduiken. Er zitten nogal wat details van de serres van Plantentuin Meise verwerkt in Mendel. Het is natuurlijk niet de enige serre waarop we ons baseerden en de omvang van het koepelcomplex waar Reya woont, is vele malen groter dan die van welke plantentuin dan ook. Maar we koesterden al van heel vroeg de stille hoop dat we het boek misschien wel dáár zouden mogen voorstellen.

We deelden ons idee met de mensen van de uitgeverij. En zij gingen er achteraan. Nog meer gat en boter: ons idee werd in een handomdraai gerealiseerd. Plots hadden we niet een maar twéé organisaties die in ons boek geloofden en met ons mee dachten om er een meer dan memorabele lancering van te maken.

Om organisatorische redenen valt die feestelijke Meisedag pas op 20 oktober. Dat is dus nog even verlangend aftellen. Maar deze week gingen de eerste exemplaren van De serres van Mendel al in de boekhandel over de toonbank. Het is er echt.


Het postpakket met auteursexemplaren uitpakken, had een onwerkelijk aura, alsof het nog niet helemaal ‘waar’ was. En drie jaar hechte samenwerking met een beeldenmaker laten hun sporen na. Mijn eerste blikken waren vooral angstig-kritisch: was de druk kwalitatief in orde? Zaten de kleuren goed? Op papier is alles toch altijd nog nét ietsje anders dan op een scherm. Maar ik zag al snel: het resultaat mocht er zijn. En met elke nieuwe dag die voorbij gaat, word ik blijer.

Terwijl ik dit schrijf, ligt het boek op mijn werktafel. Ik kan het vastpakken, er in bladeren, er aan ruiken (dat deed ik nooit eerder met een boek maar nu wel). Elke keer opnieuw word ik er gelukkig van. Dit boek is alles wat het moest zijn en kon worden. En meer.

De serres van Mendel is het resultaat van veel meer dan een samenwerking. Het is ook geen eindpunt, maar een tussenstation op een lange, totaal onverwachte en onwaarschijnlijk mooie weg. Maar wat een tussenstation. Hier wil ik wel eventjes halt houden om te genieten van het uitzicht.

Jurgen, als dierbare compagnon de route, staat natuurlijk naast mij in dat beeld. We hoeven niets te zeggen, samen genieten van het uitzicht is genoeg. Wat je deelt, gaat zoveel dieper. En wat hebben we veel om dankbaar voor te zijn.






In september 2019 verschijnt bij Van Halewyck ‘De serres van Mendel’, een jeugdroman (10+) in woord en beeld, een gemeenschappelijk project van Kirstin Vanlierde en Jurgen Walschot.
In aanloop naar de publicatie verschijnt er elke maand een blog over hoe dit boek ontstond.