Nigredo*

BXL Dorado #1 – Een verhaal van hoop, dood, en onszelf in de ogen kijken

 

BXL D B I-001
(c) Jurgen Walschot

 

Hoe vertel je een verhaal dat al zoveel keer verteld is? Door de media, door politici, door feiten en cijfers? Een vluchtelingenverhaal?

 

We hapten naar adem en zetten ons schrap. Als je dezelfde woorden lang genoeg herhaalt, luistert niemand nog. Lawaai ligt dichter bij stilte dan op het eerste gezicht lijkt.

 

In Europa zijn we de afgelopen jaren zowat immuun geworden voor de verhalen en het lijden van de eindeloze golven van vluchtelingen die aanspoelen op onze stranden. We hebben stilzwijgend toegestaan dat het bombardement aan beelden en meningen de simpele feiten overschreeuwt: dat niemand zijn leven riskeert, laat staat dat van zijn kinderen, op een levensgevaarlijke reis dwars doorheen een continent en een verraderlijke zee, als hij ook maar enig beter alternatief voorhanden heeft.

Maar feiten zijn zelden zo eenvoudig als ze lijken. Want er is een oorlog aan de gang. Er zijn haat en wantrouwen, diep verankerde ideologieën en internationale bondgenootschappen die beslissen over het lot van onschuldige mensen. Er zijn cultuurschokken, taalbarrières, diepgewortelde angsten en gevoelens van superioriteit. Aan beide kanten.

Te midden van dit alles besloot de New Flemish Primitives Art School, met thuisbasis in Brussel, dat het hoog tijd was om in het vluchtelingenverhaal opnieuw de menselijke beleving centraal te stellen. De organisatie nodigde zowel gevluchte kunstenaars uit als sociaal geëngageerde artiesten van eigen bodem om deel te nemen aan de tentoonstelling BXL Dorado (met een fijne woordspeling in de titel om het El Dorado zichtbaar te maken dat de Europese hoofdstad voor zoveel vluchtelingen symboliseert). De expo vindt plaats op vier dicht bij elkaar gelegen locaties in de hoofdstad, waaronder de Begijnhofkerk (Église Saint-Jean-Baptiste-au-Béguinage). Dit is de plek waar groepen van vluchtelingen meer dan eens asiel vroegen en kregen, en waar ze voor langere tijd kampeerden in de kerk. Het is een plek van grote symbolische betekenis.

Jurgen en ik kregen de vraag of we wilden deelnemen aan de tentoonstelling. Uiteraard, en met plezier.

#23 Dageraad Ndl klein
Zaailing #23

We maakten een aantal Zaailingen die specifiek geënt waren op het vluchtelingenthema. Dat was niet eens zo moeilijk, een heleboel van ons werk steunt op het idee van de buitenstaander die verlangt om tot de groep te behoren, maar die uiteindelijk toch een andere weg inslaat, uit pure koppigheid of meedogenloze nood. Ik schreef een aantal nieuwe teksten (waarvan we er intussen eentje loslieten als Zaailing #31, een dikke twee weken geleden), maar we besloten ook om door te gaan op het motief van onze nieuwjaarskaart deze winter (Dageraad, Zaailing #23), omdat die onwaarschijnlijk goed aansloot bij het thema.

 

Jurgen besloot om te gaan experimenteren met de enscenering van echte papieren bootjes. Hij stelde ze bloot aan het weer, de elementen, water in het bijzonder. Hij schoot filmpjes en maakte foto’s. Zijn beelden bleken bijzonder krachtig.

 

God ziet U, zo zeiden ze dat vroeger. God zag alles, als we de hoeders van orde en rechtschapenheid mochten geloven.
Dan is er nu dus ook iemand die toekijkt hoe scharen van ongelovigen overboord slaan. Hoe ze met opengesperde ogen en geruisloos schreeuwende monden verzwolgen worden door golven die nooit hun naam zullen fluisteren.
 
 
BXL D I-007
(c) Jurgen Walschot

 

De film was een uitdaging. Jurgen wierp me een van zijn halve glimlachjes en zei: ‘Jij wilde toch meer met je stem gaan doen? Leef je uit, zou ik zeggen.’

Dus dat deed ik.

(We zullen de montage van zijn beelden en mijn stemwerk online zetten eens de tentoonstelling achter de rug is. Voorlopig wil ik er alleen over kwijt dat we met dit experimentje nóg een vorm van samenwerken hebben ontdekt die ons bijzonder goed ligt.)

 

__

 

De opbouw, dan.

BXL D IMG_20180513_190214 klein
Aan de slag in het Pacheco Instituut (c) KV

Drie Zaailingprints, waaronder #31, hangen tentoongesteld in de ‘toren’ naast Passa Porta, een prachtig gerestaureerde site.
De film en de installatie die erbij hoort, zijn te zien, net als het gros van het werk van de andere deelnemende kunstenaars, in het Pacheco Instituut, voormalig godshuis, eertijds rusthuis, nu ruïne in verval, op een steenworp van de Begijnhofkerk.

Het opzet is om de film eindeloos te laten afspelen, waarbij de woorden gereciteerd en gezongen worden als mantra’s met daarbij de beelden van zeilende, of zinkende, boten, terwijl tezelfdertijd buiten op een uitvergrote poster met het centrale beeld van de installatie een echt papieren bootje over de donkere wateren zeilt, overgeleverd aan de elementen.

 

Het duister komt opzetten. Nu is het snel voorbij. Luister niet naar hun kreten. Of denk dat het watervogels zijn.
Alles keert terug naar waar het hoort.
 

 

BXL Dorado I-1 klein

BXL Dorado I-2 klein
(c) Jurgen Walschot

 

Het Pacheco Instituut is een ongewoon gebouw, de verzinnebeelding van oude statigheid die zowel fysiek als spiritueel verkruimelt. Wat er nog rondhangt van devotie vermengt zich met de echo’s van vermoeide ouderlingen wachtend op de dood. En nu brokkelt ook het gebouw zelf langzaam af, een brok pleister per keer. Een architecurale studie in sterfelijkheid bij uitstek.

Hier zijn we dus te vinden, de komende maand. We zullen door de gangen dwalen, en in de hoofden naar binnen glippen.

 

BXL D IMG_20180517_153622 klein
Installatie na één week (c) KV

 

We nodigen u uit om de reis te maken. Er zullen geen bezoekers verdrinken, zoveel kunnen we alvast beloven.

Zoveel moed zou u dus toch wel mogen hebben.

 

Als het ons van pas komt, geloven we maar al te graag in het noodlot. We vragen aan de spiegel om ons het mooiste te tonen wat het koninkrijk te bieden heeft. Maar we hebben alleen onszelf om in de ogen te kijken.

 

BXL Dorado I-3 klein
(c) Jurgen Walschot

__

 

*NIGREDO : In de alchemie betekent nigredo (of: zwartheid) verrotting en decompositie. Veel alchemisten geloofden dat alle alchemistische ingrediënten, als eerste stap voor de vervaardiging van de steen der wijzen, heel grondig moesten schoongemaakt en gekookt worden tot een uniforme zwarte substantie.

In analytische psychologie is de term een metafoor geworden voor de ‘donkere nacht van de ziel’, als de persoon zijn innerlijke schaduwen confronteert.

 

 

De BXL Dorado-tentoonstelling is te bezoeken op weekenddagen van 11u tot 18u, tijdens de periode van 19 mei tot en met 10 juni 2018, op de volgende locaties in de Brusselse Begijnhofwijk:

Begijnhofkerk/Église Saint-Jean-Baptiste-au-Béguinage)
Institut Pacheco (Grootgodshuisstraat)
Passa Porta (Dansaertstraat 46)
De Markten (Oude Graanmarkt 5)

Advertenties

ZAAILING #31 – Aan land

 

BXL DORADO affiche 1 klein

 

Het is bijna onmogelijk om in deze tijden niet op een of andere manier beroerd te worden door de complexe problematiek van het vluchtelingenthema. Daarom organiseert de vzw New Flemish Primitive Art School in mei en juni 2018 de tentoonstelling BXL DORADO, vanuit het perspectief van mensen onderweg, die zwerven tussen land en buitenland, tussen cultuur en vervreemding, tussen oorlog en onderdrukking. New Flemish Primitive Art School werkt hiervoor samen met zowel vluchtelingen-kunstenaars als plastische kunstenaars van Brussels-Europese bodem.

In BXL DORADO staat Brussel centraal, als het Eldorado dat het voor ontelbaar veel zoekenden dezer dagen is: de droom van een beter bestaan, de melancholie van verre einders, de drang naar het onbekende.

Wie zijn deze mensen die de benen nemen, die moeizaam hun vleugels uitslaan, hun leven op het spel zetten, verbonden in weinig meer dan doodsangst alles achterlaten om over de wereld te gaan zwerven op zoek naar een lichtpunt, een plek waar ze zich veilig kunnen voelen?

Jurgen en ik nemen deel aan de expo, met een selectie Zaailingen die voor het merendeel speciaal gemaakt werden voor deze gelegenheid en rond dit thema.

Locaties:
Instituut Pacheco > Grootgodhuisstraat 1000 Brussel
Begijnhofkerk > Begijnhofplein 1000 Brussel
Passa Porta > A.Dansaertstraat 46 1000 Brussel
Gemeenschapscentrum De Markten > Oude Graanmarkt 5

Vrij toegankelijk van 11 tot 18u op volgende weekends:
19-20 mei
26-27 mei
2-3 juni
9-10 juni

Neem voor meer info en een blik achter de schermen zeker een kijkje op de Facebookpagina van BXL DORADO.

 

Bij deze laten we alvast een van de tentoongestelde Zaailingen op u los.

 

Aan land
Zaailing #31

 

Zee_2013
(c) Jurgen Walschot

 

De golf brengt je aan land, slap als aangespoeld wier.
Je handen voelen zand, kiezels, schelpen. Het gruis van een oud continent, de verkruimelde dromen van wie hier al veel te lang woont.

Een tweede golf spoelt over je heen, legt zich als een deken om je schouders voor ze zich terugtrekt.
Je hijst jezelf rechtop.

Hier sta je dan, met de zon en het water als getuigen van je tocht.

Je kijkt om je heen en ruikt de geur van wat misschien de toekomst is. Hoop werpt zijn schaduw vooruit als een spoor om te volgen, dwars door de branding heen.

 

 


 

ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde
en tekenaar Jurgen Walschot.

Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden,
hij tekent bij de tekst.

Zaailing stempel klein

 

 

Een oordeel vellen

Mijmeringen over goed en slecht, en over een vogel met een kwalijke reputatie

 

Vroeger dacht ik dat het leven binair was.
Je was ofwel goed, ofwel slecht. Gebeurtenissen waren ofwel goed, ofwel slecht. Goede dingen moest je herhalen, slechte dingen vermijden. Jezelf proberen te verbeteren was iets goeds. Niet werken aan verbetering was iets slechts.

Ik ben moe van het oordelen.
Het is uitputtend, en bovendien: het is niet eens juist.

Gebeurtenissen, gedrag, mensen… zijn gewoon wat ze zijn. Al de rest is ons eigen oordeel daarover: wat wij ervan maken, hoe wij ze tegen het licht van ons persoonlijke waardeschaal houden, hoe wij kiezen om naar ze te kijken en een oordeel over ze uit te spreken.

Ik zou graag een breder en steviger strook land vinden waar een tussenweg loopt. Een nieuw gebied ontdekken dat Neutraal heet. Of: het is wat het is.

 

Lentevleugels_035 ed cut klein
(c) KV

 

Dat is nogal een uitdaging. Een van de sterkste en meest welbespraakte vormen die onze Innerlijke Criticus graag aanneemt, is die van de Rechter. Schat situaties heel snel in en trekt even snel conclusies, oordeelt meteen en schiet met scherp. De Rechter is die stem vanbinnen waarvan we vaak niet eens beseffen dat ze aan het woord is, maar ze regeert een groot stuk van ons leven. Van het mijne toch.

Ik ben nochtans al een hele tijd bedreven om die goeie oude Rechter te herkennen als hij weer eens zijn opwachting maakt. En ik heb stevige vooruitgang geboekt in hem vriendelijk toeknikken maar verder niet te luisteren naar wat hij zegt, of anders zijn woorden niet al te ernstig te nemen. Maar soms kom je toch in situaties terecht waarin een diep stuk van datzelfde oude patroon zich nog eens wil afspelen, en je het hele rondje duiveluitdrijving voor de zoveelste keer nog eens opnieuw mag doen.
(Dat is niets om beschaamd over te zijn. Ik schreef eerder: mensen zijn ajuinen. Afrekenen met onze patronen en pijnen is een werk van laagjes pellen, een voor een.)

Het lijkt er dus op dat ik weer eens in een afpelfase zit.
Ik probeer mijzelf te observeren, de dingen die ik doe, voel en nodig heb, en geen oordeel te vellen. Ik probeer in Neutraal te blijven. Ik sta de dingen toe te zijn wat ze zijn zonder te proberen ze te veranderen.

Wat in de loop van dat proces naar boven komt, is een duet tussen angst en behoefte. De angst om niet goed genoeg te zijn, de behoefte om geprezen of zelfs maar gewoon aanvaard te worden. De angst om gekwetst te worden (of anderen te kwetsen), de behoefte aan veiligheid, en om ergens bij te horen.
Dit zijn gevoelens zo oud als de mensheid zelf, en daarmee bezig zijn, voelt wel eens als waden door diepe, taaie modder.

Maar ik geraak er wel. En als dat niet zo is, is dat ook oké. Kijk, ik leer bij!

 

Lentevleugels_041 ed cut klein
(c) KV

 

De dingen al te veel relativeren is meestal niet zo constructief – je durft nogal eens eindigen met een amoreel soort ‘laat maar waaien’-mentaliteit, en ik geloof echt wel in het belang van waarden als liefde, respect en eerlijkheid, bijvoorbeeld. Maar voor iemand als ik is nu en dan een beetje relativeren, en níet oordelen, een heel goede zaak.

Als ik mensen vertel dat ik een boontje heb voor eksters, krijg ik als reactie vaak een opsomming van het minder fraaie gedrag van deze vogels: ze zoeken ruzie, ze roven nesten van andere vogels leeg, het zijn afvalschuimers, ze stelen (glanzende voorwerpen)…
Maar in een artikeltje over het karakter van ekster dag ik onlangs las, trof deze zin mij het meest: Zijn naam als nestrover heeft hij vooral te danken aan het feit dat hij overdag nesten leeg haalt. Vogels die dit ’s nachts doen, worden niet opgemerkt.

Zit hier geen kink in de rechterlijke kabel? Of hoe de context onbewust soms meer doorweegt dan de feiten…

Een andere eigenschap die eksters minder aardig en knuffelbaar maakt voor veel mensen, is het feit dat ze dode dieren of afval eten. Ze zijn niet kieskeurig als het aankomt op hun dieet, het zijn schoonmakers. Eigenlijk zijn een soort gieren in het klein! (Dat ik van gieren hou, is bekend. En voor wie dat nog niet wist, wel: hierom…)

Ik ga dus geen oordeel vellen over de ekster en zijn bezigheden, noch over mijn voorliefde voor de soort. Ik ga gewoon genieten van hun aanwezigheid, en glimlachen elke keer als ik ze voorbij het raam zie vliegen, in onze boomkruinen naar boven zie huppelen (dat doet zo’n ekster in een combinatie van sprongetjes en een heel klein beetje vliegen, telkens een paar takken hoger) en ze zie landen in het nest dat ze de afgelopen maand hoog in een van onze eiken hebben gebouwd.

Over een paar weken zullen we een hele familie van ze hebben. En ik zal nog blijer zijn.

Ik vraag nu, beleefd en met alle respect, dat de Rechter zich onthoudt van enige commentaar.

 

Lentevleugels_037 ed cut klein
(c) KV

De niet zo volle maan

Oude gewoontes zijn hardnekkig. En dat lijkt bij uitstek te kloppen voor de ongezonde of minder constructieve varianten. Ze zijn zo diep ingesleten dat het heel erg moeilijk is om ermee te stoppen, zelfs al maken ze ons leven een stuk minder prettig. En dus doen we bepaalde dingen altijd maar weer opnieuw.

Perfectionisme is een van mijn oude monsters die zijn lelijke kop maar niet wil neerleggen — al was het maar om te slapen, daar zou ik al blij mee zijn.

Bij veel mensen zijn identiteit en eigenwaarde innig verstrengeld met perfectionisme, en ik geef het toe: ik ben lid van die club. Onlangs woonde ik een workshop bij die mij weer attent maakte op mijn goeie ouwe ‘vriend’. Het was een nuttige herinnering aan het feit dat ik mijn onmogelijk hoge lat een beetje naar beneden moet proberen te krijgen. De spanning die dat met zich meebrengt en hoe die spanning zorgt voor een mentaal en emotioneel energielek, ben ik beter kwijt dan rijk, en hoe sneller hoe liever.

Diezelfde ochtend hadden de katten de deur naar onze slaapkamer geforceerd, twintig minuten voor de wekker ging. Dat doen ze nooit — nooit! — maar nu om een of andere reden dus wel. Op weg naar de keuken om de miauwende inbrekers te eten te geven, grommend dat ik liever wat langer geslapen had, zag ik een betoverend mooi schouwspel:

 

VM_014 ed klein
(c) KV

 

Eigenlijk is dit beeld een mooie metafoor voor mijn goeie ouwe perfectionismeduiveltje. Want hoe wil je de maan nu liever fotograferen dan als ze vol is?
Net als perfectionisme dat doet, staat de maan voor een zeldzaam moment van aparte en heel bijzondere schoonheid. Het is wat we willen bereiken, hoe we willen zijn, het liefst van al altijd. Moet het nog gezegd dat we op een teleurstelling afstevenen?

Wat is er zo speciaal aan perfecte schoonheid, vraag ik mezelf  — gesteld dat die om te beginnen bestaat. Houden we er zo van omdat ze iets lijkt te willen zeggen over een toestand van harmonie en vrede? Komt het omdat ze iets onsterfelijks lijkt te hebben, een meer-dan-menselijke kwaliteit die ons heel even uit tilt boven onszelf?

Hoe het ook zij, we verlangen ernaar en we proberen het te bereiken. Tevergeefs.

We moeten van de maan leren houden als ze niet vol is.

Op alle andere dagen van de maand is ze nog steeds dezelfde hemelse aanwezigheid, maar subtieler, een beetje gedempt of omfloerst misschien, maar tegelijk een stuk interessanter dan die perfect witte schijf die we zo bewonderen.

Wees wat meer als de niet zo volle maan, zeg ik tegen mezelf, als ik het perfectionisme weer eens aan mijn uithoudingsvermogen en mijn vreugde voel knagen. Leer om te houden van de dingen zoals ze zijn.
Sta jezelf toe om te leven in het moment — groeiend en krimpend, nooit perfect, telkens weer veranderend, maar op elk ogenblik precies wie en wat je moet zijn.

Je bent goed genoeg.

 

Snoes etc_044 ed klein
(c) KV

Het kreupelhout

Wat een ingewikkeld kluwen lijkt dit leven van mij soms. Hoe geraakt een mens daar wijs uit?

 

Prelente_125 ed klein.jpg
(c) KV

 

Werk — vroeg opstaan, tien kilometer op de fiets, de trein halen, naar kantoor, het blad maken, collega’s spreken, ideeën uitwisselen, overeenkomen, van mening verschillen, het artikel schrijven, de trein terug nemen, nog tien kilometer op de trappers; thuis.

Thuis — helpen met het ontbijt, de zoon naar school brengen (op sommige dagen), geliefden omhelzen, luisteren naar verhalen, boodschappen doen, eindeloze bergen was en strijk, koken, organiseren, opruimen, rozen snoeien, hilarische acts voor het slapengaan met de kleine (aan mij is een stand-up comedian verloren gegaan).

Schrijven — Zaailingen en romans en verhalen op de trein van en naar het werk en in andere vrije momenten; mails en blogs veel te laat op de avond voor mijn computerscherm; dagboek waar en wanneer het kan en overal tussenin.

Lezen — veel minder dan vroeger, maar ik heb dan ook het gevoel dat ik zo boordevol zit met alles wat ik in de voorbije vier decennia heb gelezen en dat het nu tijd is om nu voor een tijdje vooral mijn eigen werk te maken, eerder dan nog wat meer van andermans werk te gaan lezen. Natuurlijk lees ik nog altijd. Maar minder, en alleen als iets me écht aanspreekt.

Foto’s maken  — waar en wanneer het maar mogelijk is.

Afspraken en engagementen — repetitie met de band, werk aan een optreden met een enthousiaste gelijkgestemde ziel rond het belang van kinder- en jeugdliteratuur onder de titel BoekJe Bestemming; een sofagesprek/interview en een key note lezing voor een studiedag voor bibliotheekmedewerkers voorbereiden; een tentoonstelling in de pijplijn rond werk van vluchtelingen waar Jurgen en ik een handvol Zaailingen rond het thema mogen gaan tonen, waaronder Dageraad.

Publicaties en Residenties — praktische dingen allerhande. Het officiële nieuws over de residentie in Zweden is intussen de wereld in, maar er is nog nieuws op komst. Ik kijk er al naar uit om het daarover te hebben. Maar nu nog niet. Nog even.

 

Prelente_126 ed klein
(c) KV

 

Ja, het is druk. Maar ik wil niet klinken alsof ik klaag. Want ik weet mijzelf ongelooflijk bevoorrecht.
Geen grote tegenslagen, geen ziektes, geen geliefden die stervend zijn of in hoge nood, geen financiële kopzorgen, geen oorlogen of dictaturen (voorlopig). Dit is leven van overvloed.

En als het allemaal toch een beetje te veel wordt, voor een ogenblik of twee, dan blijven de beste dingen altijd duidelijk zichtbaar doorheen de wirwar van kreupelhout en complicaties. Getekend met de scherpste pen, gesneden uit het diepste hout.

Eén enkele heldere noot, die klinkt als thuis.

Lid voor het leven

Als ik je blogs lees, zei een vriendin me, dan merk ik dat je wel erg vaak schrijft over loslaten. Zo vaak zelfs, dat ik wel eens denk: lieve Kirstin, je doet het nog niet echt, hé, dat loslaten? Niet helemaal.

Het trof me als een zeer interessante bemerking.

Het klopt dat ‘loslaten’ een van mijn terugkerende motieven is. En het klopt ook wel dat ik erover schrijf omdat het zo belangrijk voor mij is.

 

Roeken_002 zw klein
(c) KV

 

Jaren geleden, toen coaching en persoonlijke ontwikkeling hun intrede deden in onze familie en we onze persoonlijke en gemeenschappelijke patronen begonnen te ontdekken, stichtten we bij ons thuis met een knipoog een organisatie: CFA. Voluit staat dat voor Control Freaks Anonymous.

Mijn mama, daar bestond geen enkele discussie over, is de gedoodverfde voorzitter. Mijn zusje, altijd de spaarzame van ons gezin, neemt de rol van penningmeester waar. Ik ben steunend lid, en mijn echtgenoot heeft zich daar vlotjes bij aangesloten. Nu en dan nodigen we vrienden of kennissen uit om lid te worden.
(Nee, we houden geen bijeenkomsten of zo. Het hele ding is één grote grap. Maar het is een schitterende manier om elkaar – en onszelf – te confronteren als we weer eens uit de bocht gaan.)

Dus heb ik misschien nog wat werk met loslaten?
Hmm…

Controle gaat over angst.
De angst om niet goed genoeg te zijn (en de liefde van mensen te verliezen), om niet sterk genoeg te zijn (en verpletterd te worden door tegenslag als die je overvalt), om het niet waard te zijn om gewoon te leven als de kleine, onvolmaakte mens die je bent (en op een of andere manier proberen dat toch te verdienen).

Net als de meeste controlefreaks ken ik deze drie vormen van angst heel goed. En heel waarschijnlijk zijn er nog andere, maar daar kom ik nu even niet op.

Ik ben er niet obsessief mee bezig om de dingen tot het laatste detail perfect te krijgen. Maar soms merk ik wel dat ik beslist nog niet vrij ben van angst. En mijn manier om daarmee om te gaan is proberen mijn angst te begrijpen, en vervolgens op te lossen. Misschien is dat een zoveelste vorm van controle, kan best.

Mijn blog over de wachttijd op de luchthaven van Zaventem kan je bijvoorbeeld inderdaad heel goed lezen als een poging om de controlefreak in mijzelf gerust te stellen (alles komt in orde, je haalt je vlucht, het plafond staat niet op het punt naar beneden te komen…)

Anderzijds heb ik wel degelijk al een en ander over loslaten geleerd. Ik ben veel relaxter dan vroeger. En telkens als ik merk dat ik met iets nogal krampachtig omga, herinner ik mezelf eraan dat het helemaal oké is om… los te laten. Ik koester beelden als de rivier die me meeneemt stroomafwaarts en de thermiek die me optilt voor een stuk omdat ze het geloof weergeven dat ik intussen heb over waar deze reis heen gaat (met het Leven, of de Ziel, of het Unuiversum, of hoe je het ook graag wil noemen, aan het stuur).
Dus denk ik dat ik zo vaak over loslaten schrijf omdat het iets is wat ik aan het leren ben, en zoals alle leerprocessen maakt het je van dat ene ding bijzonder bewust. Het is een niet-aflatende oefening, een vaardigheid die je een leven lang blijft verwerven.
Roeken_003 zw ed cut klein
(c) KV

 

Ik heb wel het gevoel dat ik er stilaan beter in word. Minder bang. Minder in de greep van angst wanneer die zich toch weer eens aandient.

Heb ik het perfect onder de knie? Nauwelijks. Maar perfectionisme zou mij toch gewoon andermaal naar voren schuiven als gedoodverfd lid van het CFA? Of niets soms?

Spiegeltje, spiegeltje…

Ik hou van laagjes en weerspiegelingen in foto’s.
Gelaagdheid helpt om weer te geven hoe ik de realiteit percipieer: een subtiel en complex web van allerhande verschillende aspecten van lichaam, geest en gevoelens, en hun interacties met onze omgeving.

Een van de redenen waarom ik van weerspiegelingen hou, is dat ze zoveel lagen toevoegen aan een beeld. Maar vanuit een metaforisch of psychologisch standpunt zijn weerspiegelingen (of spiegels) een harde noot om te kraken. Ze zijn mooi en erg krachtig. Maar tot je ermee om leert gaan, kunnen ze ook knap pijnlijk zijn.

 

Wintergroen_010 ed klein
(c) KV

 

We houden onszelf voor de gek als we geloven dat we de realiteit zien en ervaren ‘zoals ze is’. In werkelijkheid zitten we opgesloten in onze eigen geest, en onze eigen manier van waarnemen. Onvermijdelijk zien we de wereld door een waas dat gekleurd is door die innerlijke processen.
Als we diep gelukkig zijn over iets goeds wat er in ons leven gebeurt, dan kan zelfs de somberste dag ons humeur er niet onder krijgen. Misschien genieten we op dat moment zelfs van de wolken of de regen. Maar als we ons neerslachtig voelen, lijkt zelfs de stralendste zomerdag maar dof.
We zien niet echt de sfeer van de dag, de regen of de zon hebben er in feite helemaal niks mee te maken. We ervaren ze doorheen onze emotionele filter, en wat we daarbuiten zien, spiegelt ons eigen humeur gewoon naar ons terug.

Het is een ogenschijnlijk simpele regel in allerlei filosofieën en stromingen (spiritueel of niet): het gelijke trekt het gelijke aan. Focus op triestige of negatieve dingen, en je trekt er nog meer van aan. Schenk aandacht aan schoonheid en goedheid, en dan krijg je dáár meer van.

Dat werkt niet als een of andere kosmische straf omdat we ‘goede’ dan wel ‘slechte’ gedachten zouden hebben. Het is eigenlijk veel eenvoudiger, maar ook veel directer en daarom heel krachtig. We resoneren met datgene wat we zelf ‘zijn’. En wat we ‘zijn’, is de kwaliteit van onze gedachten en ons bewustzijn.

Daar hoeven helemaal geen ethische implicaties aan vast te hangen. Het moment dat ik de naam van één specifieke boom leerde, zag ik die bepaalde soort plots overal. Het moment dat ik geïnteresseerd raakte in vogels, begon ik elk gevleugeld wezen te zien dat mijn pad kruiste. Door ze op te merken, ging ik beter kijken. Door beter te kijken, begon ik vlucht- en vleugelpatronen te herkennen.
Uiteraard waren die bomen en die vogels er altijd al. Alleen had ik ze niet opgemerkt, en hadden ze geen echt deel uitgemaakt van mijn leven. Nu dus wel, en hoe.

Focussen op bomen en vogels is een keuze. Die maakte ik niet bewust op het moment dat het gebeurde, maar nu ik mij er bewust van ben, kan ik kiezen of ik ermee doorga of niet. Ik zou me op iets helemaal anders kunnen concentreren. Dan zou ik daar veel meer van beginnen zien. Gewoonlijk zijn het echter onze onbewuste drijfveren en gevoelens die bepalen wat we opmerken, en daar staan we doorgaans niet bij stil. We denken gewoon dat we de realiteit zien ‘zoals ze is’.

Erachter komen dat we de werkelijkheid in feite waarnemen doorheen een filter van onze persoonlijke gedachtepatronen is niet altijd leuk. De meesten van ons zullen nog herkennend glimlachen en knikken bij de uitspraak dat je, als je probeert zwanger te worden, plots overal zwangere vrouwen ziet lopen. Maar het is een stuk minder prettig als iemand ons vertelt dat precies hetzelfde principe opgaat voor corruptie, oneerlijkheid, verraad of pijn. We geloven oprecht dat we deze dingen ervaren omdat anderen ze ons aandoen, en wij hebben er echt niets mee te maken! Alleen hebben we dat wel. Het zit zo: de dingen die we opmerken, zijn weerspiegelingen van een stuk van onszelf.

 

deSingel_068 klein
(c) KV

 

Je hebt vast al eens een kat of een hond woest zien worden tegen zijn eigen spiegelbeeld. Dat is precies hoe dit ook werkt. Wat we waarnemen in de werkelijkheid is heel sterk verbonden met hoe we ons op dat moment voelen, en wat we voor waar aannemen over onszelf, de wereld, enzovoort. Maar in plaats van dat gegeven buiten ons te benaderen als een spiegelbeeld dat ons iets kan leren over onszelf, blijven we het benoemen als iets wat volledig buiten ons ligt.

Ik kon vroeger bijvoorbeeld heel erg overstuur geraken van situaties waarin vrouwen werden onderdrukt, geknecht en misbruikt. Daarover horen of lezen maakte me bijna fysiek misselijk. Ik had dat gevoel zelfs als ik literatuur las uit Victoriaans Engeland. Het duurde even voor ik erachter kwam dat de reden waarom dit mij zo van streek maakte, lag in het feit dat ik zelf een stuk van mezelf, en in het bijzonder mijn vrouwelijkheid, onderdrukte en beperkte. Als ik las over onrecht tegenover vrouwen, werd de wonde die ik had, het gevecht dat ik met mezelf aan het leveren was, aangeraakt.

Ik bedoel hier geenszins mee dat vrouwenrechten niet belangrijk zijn, of dat ze louter een spiegel zijn en geen gevecht dat we moeten voeren. Maar behalve een belangrijke sociale kwestie was dit onderwerp voor mij ook een uiterst persoonlijke spiegel die mij een bang en gekwetst stukje van mijzelf toonde. Ik moest het alleen willen herkennen.

We kunnen alles en iedereen in ons leven, op elk moment van elke doordeweekse dag, en al onze interacties met andere mensen, gebruiken als spiegels die ons iets leren over onszelf. Want wat ons aanspreekt – of afstoot -, wat ons kwetst of geneest, is een rechtstreekse boodschap van ons spiegelbeeld aan onszelf. De regel is: als je het opmerkt (in zowel positieve als negatieve zin), dan kan het je iets leren over jezelf.

Waarom zou je daar al die moeite voor doen, vraag je je misschien af. Moeten we al die dingen die ons van in de spiegel aanstaren werkelijk oplossen?

Nee. Natuurlijk niet.

Het was absoluut niet noodzakelijk om mijn oude wonden rond vrouwelijkheid te genezen om op de barricaden te kunnen gaan staan voor meer vrouwenrechten, om maar iets te zeggen. En ja, het is perfect mogelijk om te leven met kwetsuren en pijn. Maar het is moeilijk om echt open te bloeien en te floreren.

Onze wonden erkennen, en die stukken van onszelf helpen genezen die nood hebben aan liefdevolle zorg en aandacht, maakt van ons gelukkiger en gezonder mensen, één stukje weerspiegeling per keer.
En gelukkiger mensen zijn ook beter toegerust om de gevechten te voeren waarvan ze vinden dat die echt waardevol zijn. Ze zullen de confrontaties ermee aangaan vanuit een houding van levenswijsheid en kracht, in plaats van ernaar uit te halen als gevolg van pijn.

In alle eerlijkheid: het is veel werk. Soms voelt het als een gevecht dat nooit ophoudt. Maar als er een ding is wat twintig jaar bewust werken met spiegels mij heeft geleerd, is dat het absoluut de moeite waard is.

Misschien is dat nóg een reden waarom ik zo graag weerspiegelingen in mijn foto’s steek.

 

Wintergroen_023 ed klein
(c) KV

De pijn verdoven laat hem groter lijken

Wat ik leerde bij mijn laatste tandartsbezoek

 

Molsbroek_054 ed klein
(c) KV

 

Ik had een tandartsafspraak om een oude vulling te laten vervangen. Het was een kleine ingreep, maar de tand waarover het ging lag op een plek die het soort prik vroeg waar de helft van mijn mond en mijn tong vier uur lang lam van lagen.

Het was me al eerder opgevallen en dat deed het nu weer, terwijl de verdoving begon te werken: het lichaamsdeel dat je verdooft, voelt op een of andere manier groter aan. Vooral in het geval van mijn tong was dat bijzonder duidelijk: ik had het gevoel dat ik iets in mijn mond had wat langs de verdoofde kant twee keer zo groot was als normaal. Mijn lip voelde ook gezwollen. Geen van beide was natuurlijk het geval, maar zo voelde het wel.

Eigenlijk, dacht ik (wat heeft een mens voor beters te doen daar op die tandartsstoel, behalve haar mond zo wijd mogelijk opensperren en hopen dat de beproeving van boren, spoelen, peuteren en borstelen zo snel mogelijk weer voorbij is?), is dit een heel spitse analogie voor hoe we omgaan met problemen en dingen die ons beangstigen.

We verdoven ze. We stillen de pijn, zoveel is zeker, want voor pijn zijn we bang. Die willen we niet voelen. Maar wat we verdoven, gaat op een of andere manier groter aanvoelen, en vanuit praktisch standpunt wordt het moeilijker om ermee om te gaan – zoals iedereen kan getuigen die al eens met een half verdoofde mond heeft proberen te eten.

 

Molsbroek_061 ed klein
(c) KV

 

Daarmee wil ik niet zeggen dat we het vanaf nu dan maar helemaal zonder verdoving moeten stellen (en zeker niet bij de tandarts of in het ziekenhuis!), maar het is het wel waard om er even over na te denken vanuit emotioneel standpunt.

Stel je voor dat je mond nooit meer zou ontwaken uit de verdoving, omdat je telkens een nieuwe dosis neemt als je denkt dat de oude bijna uitgewerkt is, want je bent bang dat de pijn terugkomt en je die niet zult aankunnen. Het zou het leven op sommige vlakken knap lastig maken. Nochtans is dat precies wat we doen met sommige van onze emotionele kwetsuren.
We deinzen terug voor de pijn, en houden dat stuk van onszelf angstvallig verdoofd. Als gevolg daarvan voelen we inderdaad geen pijn, maar we zitten ook opgescheept met een stuk van onszelf dat nauwelijks bruikbaar is, en dat in het alledaagse leven op allerlei manieren in de weg zit.

Er is nog een reden waarom je gevoelens verdoven een slecht idee is. Mijn tong voelde gewoon groter, maar net zoals water dat stolt tot ijs (nog een fijne metafoor voor gevoelens die niet mogen stromen) nemen ze in bevroren vorm méér plaats in. Het volume van een watermassa kan tot bijna 10 percent groter worden als ze bevriest. Dat is ook waarom, als water zich in spleten of barsten bevindt, het hele rotsen kan laten openscheuren.

Laat die maar even bezinken.

Als er ooit een goede reden was om onze bevroren angsten en gevoelens te ontdooien, dan hebben we ze hier wel, geloof ik.

 

Molsbroek_069 ed klein
(c) KV

 

 

Nu moeten we dus alleen zachtjes nog die verdoving durven opzij leggen.

En net zoals in het geval van mijn mond na mijn tandartsafspraak, zullen we merken dat het daar allemaal nog wel een beetje gevoelig is, maar die naweeën van de pijn kunnen we perfect aan.
En onze volgende maaltijd – en elke andere van dan af – zal een veel comfortabeler en smakelijker gebeuren zijn.

Het emotionele equivalent van een date rape-drug

Waarom manipulatie nooit de oplossing is voor het probleem dat ze beweert te bestrijden

 

Manipulatie is een gevolg van onbeantwoorde behoeften. Ik las de uitspraak in deze Medium-post van Jeff Bailey, een man die ik volg op The Story Hall, de Mediumpagina die ik beheer. Ik bleef er even aan haken. Juist, dacht ik. Echt juist.

 

In ZW_060 ed klein
(c) KV

 

Ik ken manipulatie goed. Niet omdat ik er bedreven in ben – integendeel zelfs. In het gezin van mijn jeugd leerde ik dat je zegt wat je bedoelt en toont wat je voelt. Soms ontstaan daardoor conflictjes, maar die praat je uit en probeer je op te lossen. Je tracht steeds de beste versie van jezelf te zijn, maar je mag fouten maken en eruit leren. Je bent oprecht. Je liegt niet. Je zorgt ervoor dat mensen je kunnen vertrouwen.

Ik waardeer mijn opvoeding enorm. Ik heb er een groot stuk van mijn moreel kompas aan te danken. Zelfs als we in ons gezin bij momenten kleine (of grote) problemen kenden, slaagden we er uiteindelijk altijd weer in om elkaar terug te vinden en de banden opnieuw aan te halen, en ik ben ervan overtuigd dat de liefde en veiligheid waaruit ik tijdens mijn kindertijd mocht putten van mij een gelukkig en gezond mens hebben gemaakt.

Over het algemeen benader je anderen zoals je zelf in de wereld staat. Het mag dus niet verbazen dat ik heel open ben over wat ik voel en wil. Ik stap in alle eerlijkheid op anderen af. Ik ga ervan uit dat ze betrouwbaar zijn en mij ook als dusdanig zullen behandelen. Dat is wat ik vertrouwen noem. Sommigen vinden dat naïef. En er zijn inderdaad momenten geweest waarin ik genadeloos gemanipuleerd ben door mensen die ik graag zag en vertrouwde.

Het kan vreemd klinken, maar ik geloof echt dat mensen van nature inherent goed zijn. Je hebt uitzonderingen op elke regel, maar over het algemeen streven we volgens mij toch naar harmonie, comfort en groei. We willen onszelf ontwikkelen tot een sterkere, gelukkiger versie van onszelf. We willen anderen niet per se schade berokkenen, en als het toch gebeurt, hebben we er zelden deugd van. Alleen hebben we soms misschien het gevoel dat we geen andere keuze hebben.

Wie manipuleert heeft gewoonlijk niet de bedoeling om te kwetsen. Sommigen beweren het zelfs te doen om anderen te helpen. Maar goedbedoeld of niet, uiteindelijk komt het altijd hierop neer: wie manipuleert, gebruikt zijn sociale, intellectuele en emotionele vaardigheden om iets te verkrijgen waar hij voordeel uit haalt en daarbij treedt hij het recht van de ander om voor zichzelf te beslissen met de voeten. In plaats daarvan wordt die ander naar een toestand geleid waarin hij gelooft dat hij zijn eigen keuzes maakt, terwijl hij eigenlijk precies heen gaat waar de manipulator hem hebben wil. Niet zelden zal hij op die manier dingen doen die hij uit eigen beweging niet zo makkelijk zou hebben gedaan, en als er een prijs te betalen is, zal die op zijn kosten zijn, nooit op die van degene die hem in die positie heeft geloodst.

 

In ZW_058 ed klein.jpg
(c) KV

 

Om te kunnen manipuleren moet je intelligent zijn én zeer gevoelig. Je moet anderen heel goed kunnen lezen, hun beweegredenen begrijpen, kunnen beredeneren wat je precies moet doen om hen in een bepaalde richting te sturen, en ten allen tijde je eigen gevoelens vakkundig verborgen kunnen houden – tenzij ze tonen juist deel uitmaakt van je strategie.

Waarom gaan dan niet alle intelligente, hooggevoelige mensen aan de manipulatie? Ik ben tot de conclusie gekomen dat de omstandigheden waarin je opgroeit daar wellicht een fundamentele rol in spelen.

De ZelfDeterminatieTheorie (ZDT, een onappetijtelijke mondvol voor een zeer interessante tak van de academische ontwikkelingspsychologie waarover je hier meer kunt lezen) stelt dat mensen niet zo hard verschillen van zaailingen: we komen ter wereld met de aangeboren drang om te groeien en ons te ontwikkelen. Als we op vruchtbare bodem terecht komen, in voedende en ondersteunende omstandigheden, dan bloeien we open. Als we moeten vechten voor ons bestaan, dan zullen we ook groeien, maar met meer moeite, en op een eerder misvormde, gehavende en belaste manier.

Als we denken aan een zaadje, dan heb je niet meer dan een grein gezond verstand nodig om in te zien dat eentje dat op een zachte groene weide terechtkomt, naast een beekje, met veel zonlicht en beschutting van de ergste weersomstandigheden een betere kans heeft om uit te groeien tot een gezonde volwassen boom of struik dan een ander exemplaar dat terechtkwam tussen twee rotsblokken op de noordflank van een berg, waar het veel minder rechtstreeks licht krijgt, voeding moet zien op te halen uit een schamele bodem, bij elke felle windstoot riskeert om te waaien en misschien wel afgegraasd wordt door geiten.

Dus waarom zou het voor mensen zo anders zijn?

Het fijne aan de ZDT is dat ze een aantal wetenschappelijk gefundeerde langetermijnstudies kan voorleggen die aantonen dat kinderen van wie de meest fundamentele behoeften vervuld worden meer kans hebben om open te bloeien en uit te groeien tot gezonde en gelukkige volwassenen dan kinderen die opgroeien in gezinnen waar hun basisbehoeften slechts gedeeltelijk vervuld worden of zelfs onder druk komen te staan.
Wat zijn nu precies die ‘basisbehoeften’? Hier wordt het pas echt interessant. De ZDT ziet drie brede categorieën: autonomie, competentie en verbondenheid.

Autonomie is ons gevoel van eigenheid en eigenwaarde: we ervaren onszelf als een uniek persoon. We mogen tonen wie we zijn en onze eigen beslissingen nemen, en als we dat doen, wordt dat erkend en gerespecteerd, binnen redelijke grenzen.
Competentie gaat over ons gevoel iets te kunnen: voelen dat we goed zijn in iets, en onze talenten op bepaalde vlakken erkend weten. We krijgen de mogelijkheid om te groeien, we mogen fouten maken en we krijgen geen verantwoordelijkheden te dragen die onze draagkracht of ervaring ver te boven gaan.
Verbondenheid verwijst naar gezonde, liefdevolle relaties, gebaseerd op wederzijds vertrouwen, veilige hechting en warmte.

 

In ZW_061 ed klein
(c) KV

 

Geen enkele ouder is perfect. Geen enkele ouder hoeft dat te zijn. Maar er is wel een duidelijke lijn te vinden in welke opvoedstijl vanuit psychologisch oogpunt de gezondste is, en die komt in wezen hierop neer: voelt het kind zijn thuis aan als een veilige plek waar ouders hem behandelen als een volwaardige persoon, en een voedende bodem voorzien voor zijn ontluikende autonomie, competentie en verbondenheid met anderen? Als het antwoord ‘ja’ is, dan zal het kind makkelijker groeien en openbloeien. Wetenschappelijk onderzoek van over de hele wereld, uitgevoerd door de onderzoekers van de ZDT-school, toont aan dat als een kind opgroeit in een gezin met een opvoedkundige benadering die zijn basisbehoeften voldoende vervult, hij gemiddeld gezien een robuuster gevoel van eigenwaarde zal ontwikkelen, zich beter in zijn vel zal voelen, het leven positiever zal ervaren en het beter zal doen op school en in het latere leven. Daarnaast kan hij ook beter de fouten van zijn ouders relativeren, als ze een keer hun geduld verliezen of een slechte dag hebben (en welke ouder heeft die niet?). Perfectie is geen noodzakelijke voorwaarde, het onderliggende gevoel van veiligheid en steun is wat er het meest toe doet.

Als een aantal van deze basisbehoeften echter niet vervuld worden, zal het kind overlevingsstrategieën inschakelen om overeind te blijven. Zoals het zaadje dat op arme grond valt, zal het groeien, maar met meer moeite, meer tegenwerking, en vechtend tegen de omstandigheden waarin het geworteld is eerder dan erdoor gevoed. Dezelfde onderzoeken van zonet tonen aan dat kinderen die opgroeien in gezinnen waar ouders autoritair of verwaarlozend opvoeden, waar de persoonlijkheid van het kind genegeerd of onderdrukt wordt, waar intermenselijke relaties door angst eerder dan door vertrouwen gedreven worden en waar competentie een vereiste is eerder dan een liefdevol ondersteund groeiproces, beduidend meer kans lopen om te kampen met lage eigenwaarde, depressie, verslaving, destructief gedrag en academisch falen. De eventuele ondersteunende daden die ouders stellen, worden door het kind vaak niet vertrouwd, omdat de perceptie van de relaties binnen het gezin er in de grote lijn géén is van veiligheid, en dat het met anderen woorden nooit zeker is wanneer de sfeer weer omslaat van ondersteunend naar bedreigend.

De wetenschappelijke resultaten die de ZDT kan voorleggen, zijn indrukwekkend, en ze komen in grote lijnen overeen met wat ik in feite zou willen bestempelen als emotionele intelligentie. Maar een autonomie-ondersteunende ouder zijn is een pak werk. Serieus. Op een autoritaire of zelfs verwaarlozende manier opvoeden kan bij momenten een stuk makkelijker lijken – en dat is in feite ook zo. Maar alleen op de korte termijn. Ja, je kind zal doen wat je zegt als je ertegen schreeuwt – maar het zal ook leren dat het bang van je moet zijn. En het zal alleen gehoorzamen zolang jij in de buurt bent. Ja, het zal zijn eigen boontjes leren doppen en zijn plan leren trekken, maar het zal levenslang de angst meedragen niet opgewassen te zijn tegen de volgende taak die het in zijn schoot geworpen krijgt.

De ZDT bewijst dat kinderen die begrijpen waarom iets nuttig of nodig is zichzelf zullen motiveren om zich aan een afspraak te houden. Geen beloning, gedreig met straf of preek van een of andere Gezagsfiguur kan ooit even krachtig zijn. Niet als we willen dat het resultaat blijvend is, tenminste, en dat onze kinderen zich ontwikkelen tot gezonde persoonlijkheden.

Maar het kind zover krijgen dat het begrijpt waarom iets een goed idee is, het waarden en attitudes bijbrengen die constructief en gezond zijn, terwijl je hem ook nog eens respecteert als een volwaardige (kleine) persoon, vraagt bakken energie en geduld gedurende de eerste twintig jaar ouderschap.

Jongens, jongens, hebben wij nog werk voor de boeg…

 

In ZW_064 ed klein
(c) KV

 

Terug naar manipulatie, en onvervulde noden.

Het lijkt een redelijk  om te stellen dat we ons in het dagelijks leven bedienen van manipulatie als we stelselmatig geconfronteerd worden met situaties waarin onze nood aan autonomie en verbondenheid in het gedrang komen. Met andere woorden: als we de ervaring doen dat we niet veilig kunnen uitdrukken wat we denken, voelen of willen zonder de ander te kwetsen of zelf gekwetst of afgekeurd te worden. Dat kan op honderd-en-één manieren, geen twee gezinnen zijn dezelfde. Eén aspect waarvan ik de gelegenheid had om het van dichtbij te observeren, is non-verbale communicatie.

Ik heb al eerder geschreven over het verschil tussen verbale/open communiactie en niet-verbale/gesloten communicatie, en over de immense gevolgen die deze twee stijlen van communiceren hebben op menselijke relaties. (Onder het tapijt en Openstaan voor verandering).

Mijn echtgenoot, die ik soms liefdevol ‘herstellend non-verbaal’ noem, komt uit een sociale kring waar gesloten communicatie de regel is, en hij kan bogen op zijn portie ervaring met manipulatie – die hij ten andere afgezworen heeft, maar dat is een constant proces van waakzaamheid. Ik bewonder hem ervoor.
Zelf verbindt hij manipulatie voornamelijk met de typische manier waarop gesloten, non-verbale communicatie werkt. Het is niet alleen lastig om een diepe verbondenheid te ontwikkelen met mensen als je niet open met ze kunt zijn uit angst ze te kwetsen,  het is nog moeilijker om je noden vervuld te krijgen als je ze niet mag uitspreken. Je wil anderen behagen (of op zijn minst niet tegen je in het harnas jagen), én krijgen wat je wil. Kan je dan iets anders dan proberen om erachter te komen wat hen drijft, en dat vervolgens faciliteren op zo’n manier dat zij jou ook geven wat jij wil? Hen manipuleren, kortom?

In de voorbeelden waarover mijn man me vertelde, hadden manipulatieve trucs nooit de bedoeling om de ander te kwetsen, alleen om ervoor te zorgen dat er voldaan werd aan een nood die anders onvervuld zou blijven op terrein waar communicatie altijd een delicate en netelige kwestie is. Maar soms heb je ook manipulatoren die dingen zeggen in de trant van: ‘Als mensen onnozel genoeg zijn om zich te laten manipuleren, dan is dat hun eigen stomme schuld.’

Ik weet dat dit soort minachting het resultaat is van een cynisch wereldbeeld zoals je het wel vaker ziet bij gevoelige mensen die zo hard gekwetst zijn dat ze empathie als een luxe beschouwen die ze zich niet meer kunnen veroorloven, en ik wil er dus niet te hard over oordelen. Maar het treft me wel als bijzonder pijnlijk.
Eén reden daarvoor is dat ik zelf ooit een aantal keren gemanipuleerd ben, en behalve het feit dat ik niet graag verweten word voor dom of onnozel, weet ik nog precies hoe afschuwelijk het voelde om op zeker ogenblik te beseffen hoe de vork precies in de steel zat.

Ik dik de analogie hier wellicht een beetje aan, maar ik zou toch durven stellen dat dit het emotionele equivalent is van erachter komen dat iemand een date rape-drug in je glas heeft gedaan en lekker zijn gang is gegaan met jou terwijl je buiten westen was. Het is niet omdat het geen pijn deed om het moment dat het gebeurde dat je je achteraf minder gebruikt voelt. Iemand had een invloed op jou die je niet bij machte was tegen te houden, en je rechten op zelfbeschikking werden totaal met de voeten getreden.
Elke kans op oprechte verbondenheid wordt hierdoor vakkundig de kop in gedrukt, want van je vertrouwen in de persoon in kwestie blijft geen spaander heel.
Het is ironisch hoe manipulatie, die vaak ontstaat in situaties waar de behoefte aan autonomie en verbondenheid niet vervuld wordt, uiteindelijk leidt tot een nog veel giftiger klimaat.

 

In ZW_062 ed klein
(c) KV

 

Het enige tegengif tegen manipulatie is open communicatie en wederzijds respect. Jammer genoeg zijn dat geen vanzelfsprekende dingen, en zeker niet voor mensen die heel onveilige relaties moesten overleven, die hun eigen behoeften nooit vervuld wisten of geleerd hebben de wereld te benaderen als een meedogenloze plek waar alles werkt volgens de wet van de sterkste.

Want elke vorm van openheid houdt ook kwetsbaarheid in: toestaan dat je echt gezien wordt, en de afkeuring of teleurstelling van anderen riskeren. Het wil zeggen: een eerlijke dialoog aangaan met je kaarten open en bloot voor je op de tafel, in plaats van bedekt en non-verbaal manoeuvreren tot je met zekerheid hebt wat je wilt, maar ten koste van eerlijkheid en vertrouwen.

Net zoals de autonomie-ondersteunende opvoedstijl arbeidsintensiever en veeleisender is maar leidt naar een gezondere ontwikkeling van kinderen op de lange termijn, vraagt open en verbale communicatie meer moeite en is het een intensieve onderneming die geen spijkerharde garanties biedt. Mensen kunnen nog steeds gekwetst worden. Meningen worden misschien niet gedeeld. Niet ieders noden zullen altijd vervuld zijn.

Maar op de lange termijn is het een veel gezondere manier om het leven te benaderen. En het helpt ons gelukkiger en robuustere relaties aangaan, waarin beide partijen elkaar kunnen vertrouwen omdat ze zich allebei gezien, gewaardeerd en gerespecteerd weten.

 

In ZW_057 ed cut klein.jpg
(c) KV

Een kleine ode aan de verbinding

“Als je mij vraagt naar mijn droom”, zei een vriendin me onlangs, “dan zou dat zijn om ergens heel afgelegen te gaan wonen, en daar heel sober en zelfbedruipend te leven. Mijn eigen groentetuin aanplanten, en zo. Meer hoeft niet. Zot, hé?”

Ik vind dat helemaal niet zot.

 

Yamie Fort_100 ed cut klein
(c) KV

 

In dit overbevolkte Verkavelegem die we West-Europa noemen gaat iedereen met een minimum aan verbondenheid met de natuur er vroeg of laat van dromen om weg te trekken en van het land te gaan leven. We verlangen naar de zuiverheid en de vrede die ons dat breng. We hebben het gehad met winkelcentra, buitenwijken, de kinderen naar school voeren in de auto en dag in dag uit werken in een of ander kantoor terwijl de planeet langzaam stikt onder het gewicht van onze walmen en opgravingen.

Ik herken het gevoel, het gaat heel diep. Zelfs al ben ik niet het sportieve buitentype dat met plezier drie uur aan een stuk een lapje grond zal staan bewerken. Want – laat ik maar eerlijk zijn – dat ben ik echt niet. Mijn rug zou het niet overleven, en de voldoening mijn eigen voedsel te verbouwen zou niet voldoende zijn om me te blijven motiveren. Ik word daar niet trotser van op mezelf, maar ik geef het wel toe. De passie van de vriendin waarover ik schrijf is het wel, en ik bewonder haar ervoor. Mijn roeping ligt in de kunsten, en ik hoop dat ik daar een klein, betekenisvol verschil kan maken, op mijn manier.

Maar of het nu een oprechte fysieke nood is dan wel een metafysische of metaforische hunker, het is belangrijk dat we er aandacht aan schenken. Niemand van ons kan zonder een vorm van verbondenheid met de natuurlijke wereld, dat geloof ik rotsvast. Of het nu is door haar van achter onze schrijftafels te zitten bewonderen, door haar het hof te maken doorheen onze fotolenzen of door naar buiten te trekken om in weer en wind te sporten en de ruwe aarde te bewerken, ieder van ons is verbonden met de grote stroom der dingen.

Dat ontkennen is dwaas, en ongezond.

 

Yamie Fort_093 ed klein
(c) KV

 

En onze samenleving kan er wat van, op vlak van waanzin en ziekte. De parallellen die Dirk De Wachter trekt in Borderline Times, over de gelijkenissen tussen de collectieve symptomen van onze westerse samenleving en die van mensen met borderline, raken ons niet per toeval. Ze zijn eng omdat ze waar zijn.

Laten we ophouden.

Laten we er hier en nu mee ophouden. Te midden van alle tumult, pal in onze overdrukke agenda. Laten we eens diep ademhalen en om ons heen kijken. De levende bodem onder onze zolen voelen. De lucht onze longen in en uit voelen stromen. Laten we proberen om ons een heel klein deeltje te weten van dat enorme levende organisme dat we de aarde noemen, verbonden met alles en iedereen die er leeft.

De kleinste stap naar verandering op deze machtige, moederlijke Aarde bevindt zich in ons hoofd, in onze ledematen, en in ons hart.

We zijn nooit van haar gescheiden geweest. Dat dachten we alleen maar.

Dit is een kleine ode aan de verbinding. In elke mogelijke zin.

 

Yamie Fort_098 ed cut klein
(c) KV