En toen kwam Slang

‘Je wil wát?’
Ze hadden het niet verwacht, mijn huisgenoten. Ze begrepen het eerlijk gezegd ook niet zoals ik het bedoelde. Het maakte niet uit. Ik twijfelde geen seconde en zette door. Eén dag na mijn 45ste verjaardag liet ik een slang op mijn hand tatoeëren.

(c) Inaya photography

Als veertienjarige bracht ik een bezoek aan Londen dat een immense indruk op mij maakte. We deden met ons gezin een aantal van de toeristische klassiekers, maar dat maakte de impact er niet minder om. Het was een soort thuiskomen in het onbekende, en als ik erop terugkijk, was heel die trip eigenlijk een aaneenschakeling van sleutelmomenten. In Harrod’s kocht ik mijn eerste exemplaren van The Hobbit en The Lord of the Rings, wat een literaire liefde voor het leven zou worden. In het British Museum bezochten we de Egyptische vleugel – toen al een diepe oude fascinatie van mij en onderwerp van een volgend boek. De beklimming van de schemerige Saint-Paul’s cathedral leverde mij inspiratie op die tot dertig jaar later in mijn teksten zou nazinderen. En, misschien nog het allerbelangrijkste: ik vond Slang.

In Covent Garden kocht ik een bijzonder juweel: een ring in de vorm van een slang die zich rond mijn vinger kronkelde. Het was eigenlijk helemaal geen ring voor een kind en de kunstenaar had nog een heleboel andere en veel aaibaarder dieren in zijn collectie, maar zij hoorde bij mij, klaar en duidelijk. Het was het begin van iets heel krachtigs.

Zelfportret met Slang, 2017

Ik heb die ring lang gedragen, en toen hij een zwakke plek bleek te hebben en dreigde te scheuren, kon ik hem gelukkig laten herstellen bij een bevriende juwelier in België. Toen kwam er een periode dat hij voor een hele tijd in de kast verdween. Er verandert veel als je volwassen wordt, en andere dingen vragen je aandacht.

Een zevental jaar geleden haalde ik de ring weer tevoorschijn. Hij paste me nog steeds, en sindsdien droeg ik hem bijna onophoudelijk. Ik was Slang nooit vergeten, en nu wilde ze opeens weer heel prominent meepraten. Opnieuw kon ik niet zeggen waarom. Maar er wás iets aan het beeld, of het gevoel, van Slang, dat belangrijk voelde. Ik was steeds bewuster aan het leven, steeds spiritueler ook. En zij hoorde daarbij. Het was alsof er een samenwerking ontstond, en ik weet niet of ik degene was die daar bewust voor koos.

Ik vond andere voorwerpen waarin Slang sprekend haar aanwezigheid liet voelen en in de loop van de laatste jaren nam haar kracht alleen maar toe. Ze hield gelijke tred met mijn steeds dieper ontwikkelende spirituele bewustzijn. Dat was er in Londen trouwens ook al, maar op de achtergrond, soms onzichtbaar, soms bewust verborgen, vaak verweven met de immense fantasie die mijn ontluikend schrijverschap kenmerkte.

Zelfportret met Slang, 2020

De afgelopen twee jaar voelde ik dat ik een kantelpunt bereikte. Dat was toen ik voor het eerst dacht: misschien moet ik die slangenring wel laten tatoeëren. Steeds meer van mijn bewustzijn en mijn werk, literair, artistiek én spiritueel wordt concreter, tastbaarder, bewuster en bruikbaarder. Transformatie, genezing, bewustzijn, vrouwelijkheid, magie, sjamanisme en verbondenheid met de natuur: het sijpelt door in alles wat ik doe. Het gloeit in mijn woorden, het weeft zich doorheen mijn leven. Mijn dialoog met zowel mijzelf als de wereld wordt steeds oprechter, en er ontluikt iets wat ik alleen maar kan omschrijven als kracht. Alsof iets in mij eindelijk tot volle wasdom aan het komen is, en aan het werk wil. In de wereld. Zichtbaar.

Slangen werpen hun huid af als ze groeien. Ze ontgroeien letterlijk de oude versie van zichzelf. En ik voelde steeds duidelijker: op mijn eigen manier was ik ook toe een nieuwe huid. Het was tijd om Slang en alles wat ze voor mij betekende echt zichtbaar te maken.

Tatoeage was de meest voor de hand liggende manier. Ik heb – dat mag gek klinken – in feite weinig of niks met tattoos. Sommige vind ik mooi, van een aantal kan ik de betekenis begrijpen voor degene die ze liet zetten. Maar geen haar op mijn hoofd dat het zou doen als hobby of puur als vorm van lichaamsverfraaiing. Voor mij was de stap puur symbolisch, ritueel zelfs.

(c) Inaya photography

Ik nam mijn tijd om rond te kijken en vooral om te zoeken naar een kunstenaar met wie ik voelde dat het zou klikken. Liefst was het iemand met diepe voeling voor de natuur, haar ritmes en haar krachten. Het mag toeval zijn dat zijn naam Faramir bleek te zijn, maar in gedachten zie ik Tolkien toch ook goedkeurend glimlachen. Heel veel van die oude lijnen uit Londen komen vandaag weer samen in mijn leven, op de meest wonderlijke manieren.

Het ontwerp was co-creatie, precies zoals ik het het liefste heb. Slang is helemaal in harmonie met de vorm van mijn hand en mijn vingers, tegelijk zichtbaar én subtiel. De plaatsing zelf was ingrijpender dan ik verwacht had, vingers zijn extreem gevoelige lichaamsdelen en het cumulatief effect van de pijn werd na verloop van tijd behoorlijk heftig. Maar dat gaf niet, het was eigenlijk zelfs heel betekenisvol voor het overgangsritueel waarvan dit proces deel uitmaakte.

Dus hier staan we dan, Slang en ik. Klaar voor het volgende stuk van dit magische pad.

Zelfportret met Slang, 2022

4 gedachtes over “En toen kwam Slang

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s