Dat wat geen liefde kreeg

(c) Inaya photography

“It’s been my impression that we all come into this world as children who want love, and if we can’t get love, we settle for power.”

De woorden komen uit Gods in Everyman en ze resoneren als een gongslag. Ik zie ze voor me, de bruten in Afghanistan die meisjes verbieden om onderwijs te krijgen, die vrouwen verhandelen en verkrachten omdat God afstammelingen wil, die hun tegenstanders uit hun huizen sleuren om ze te martelen en te doden. Als je geen liefde kunt krijgen, neem je genoegen met macht. En al wie in de buurt is, zal het geweten hebben.

Gods in Everyman verscheen voor het eerst in 1989, als vervolg op zijn tegenhanger Goddesses in Everywoman (1985), dat nog veel bekender werd. Beide boeken zijn van de hand van Jungiaanse psychologe en feministe Jean Shinoda Bolen. Aan de hand van de Griekse archetypen van goden en godinnen legt ze krachtig en helder een aantal dominante en herkenbare patronen bloot die aan het werk zijn in de individuele psyche van elke vrouw en man, en bij uitbreiding van de samenleving als geheel.

Archetypen zijn krachtig. Het zijn beelden en verhalen die zo oud en zo diep verankerd en herkenbaar zijn dat we ze bijna vanzelf gaan vormgeven in ons dagelijks leven. We zijn er ons vaak nauwelijks van bewust dat ze bestaan, ze zitten als een vanzelfsprekendheid verweven in ons collectief onderbewuste, onze cultuur, onze familietradities. Maar precies daardoor sturen ze ons leven, want ze geven – ongemerkt – vorm aan onze overtuigingen, hoop en angst. Net als uitgeslepen sporen in het wegdek zijn ze een illustratie van de meest gekozen route, in zowel tijd als volume. Een alternatief neerzetten is lastig voor de enkeling die het probeert en wordt niet geapprecieerd door het grotere geheel.

(c) Inaya photography

Goddesses vond ik boeiend. Hoewel mijn eerste reactie toen ik het werk aangeraden kreeg een randje van geërgerde frustratie had (ik loop niet zo warm voor mythen en sprookjes, en vooral: niet wéér de Grieken en de Romeinen!), moest ik al snel toegeven dat er bijzonder pertinente inzichten te vinden waren in dit boek. Ik leerde een paar krachtige aspecten van mijzelf beter kennen en ik begreep ook beter hoe ik ervoor kan zorgen dat die elkaar niet voor de voeten lopen maar juist beter gaan samenwerken op de terreinen waar ze sterk in zijn.

Natuurlijk hebben we allemaal álle archetypen in ons (in uiteenlopende mate), en ik ben nooit een fan geweest van een kunstmatige scheiding tussen mannen en vrouwen. Daarom wilde ik na Goddesses ook graag de mannelijke tegenhanger lezen. En ik was om eerlijk te zijn ook wel benieuwd of ik een aantal mannen in mijn omgeving zou herkennen in de beschreven archetypes, zoals eerder sterk met de vrouwen was gebeurd.

Ik herkende er minder in (zowel qua mannen als qua mezelf), maar het boek raakte me dieper dan ik had gedacht. Het rakelde een aantal inzichten op die ik eigenlijk al een hele tijd had, namelijk dat de zeer enge versie van mannelijkheid zoals ze aan jongens en mannen wordt voorgehouden niet alleen gevaarlijk is voor vrouwen en minderheden, maar ook doodongezond voor mannen zelf, maar ik ben iemand die werkt in laagjes, véél laagjes. Het duurt even voor ik iets werkelijk begrepen heb, en het volgens heb doorleefd, waardoor ik het nog dieper ga begrijpen en het nog intenser ga doorleven. Alles wat ik op mijn pad krijg, helpt me daarbij.

Ik ben ooit vertrokken vanuit een feminisme dat vlammend kwaad kon worden over het onrecht dat vrouwen werd (en wordt) aangedaan, en vanuit de behoefte om de rechten van vrouwen een volwaardige plek voor het voetlicht te geven. Mijn betrokkenheid en woede, hoe terecht en oprecht ook, zorgden er echter ook voor dat ik een hele tijd een stuk van het totaalplaatje miste. Boeken, artikels en (nog het meest van al) lange gesprekken met mijn man maakten mij in de loop van de afgelopen twintig jaar stelselmatig attent op het feit dat mannen, hoe bizar dat op het eerste zicht ook klonk, het óók niet makkelijk hadden. Al die inzichten bij elkaar leidden druppelsgewijs tot dit stuk, dat verscheen in De Bond en waarin ik voor het eerst écht een lans brak voor mannen.

In zekere zin was Gods in Everyman dus bekend terrein, maar om een of andere reden ging ik nu nog een flinke laag dieper. Zat de onbestemde toestand er voor iets tussen? De sombere zomer, het gerommel op het internationale toneel? Wat ook de reden, het was alsof het me nu pas echt duidelijk werd hóe fnuikend en problematisch het patriarchaat al die tijd dat het vrouwen onzichtbaar maakte ook was voor mannen. En alsof ze het wilden illustreren, waren de Taliban plots niet meer weg te slaan uit het nieuws.

(c) Inaya photography

Culturen en bevolkingsgroepen gedragen zich collectief heel erg in analogie met individuen. Dat wil zeggen: we geven in ons gedrag uiting aan die facetten die wenselijk worden geacht en we onderdrukken al datgene wat als onwenselijk wordt bestempeld. In de afgelopen veertig eeuwen is er in het Westen en het Midden-Oosten maar één gouden standaard geweest: de Hemelgod, een (al dan niet wraakzuchtige) Vaderfiguur die van op grote hoogte als een patriarch heerst over zijn nageslacht, een man die emotioneel afstand houdt, oorlogen voert, beslissingen neemt en iedereen straft die uit de pas loopt. In het beste geval is hij een niet-emotionele politieke denker met doorzicht en ambitie, in het slechtste is hij een narcistische tiran.

Mannen die van nature voldoende eigenschappen hadden die hen hielpen tegemoet te komen aan dat ‘ideaal’beeld, klommen op in de samenleving en werden succesvol. Mannen die emotioneler waren, sensueler, socialer, stiller… hadden het moeilijker of ronduit zwaar. Zij kregen van jongs af aangeleerd om precies die eigenschappen die voor hen het meest natuurlijk waren af te leren of te onderdrukken. Sommigen slaagden daarin, anderen minder. Vrouwen stonden nóg een ferme trap lager. Omwille van hun geslacht om te beginnen, en verder omdat zij (net als de matriarchale Godinnencultussen uit een veel ouder verleden) vaak precies die dingen belichaamden waar patriarchale culturen minachting voor koesterden: intuïtie, wijsheid, verbondenheid, sociale voeling, zorg, emotie, schoonheid, kwetsbaarheid.

Het resultaat was eeuwenlang een samenleving van psychologisch geamputeerde mannen en fysiek onderdrukte vrouwen, geregeerd door alfa-mannetjes. (Wie hier biologische tendensen in herkent, dat klopt natuurlijk. Maar net als in de dierenwereld zijn die niet universeel, alternatieven zijn mogelijk al naargelang de soort en de context.)

De ambities en het intellect van vrouwen werden gesmoord van in de kinderkamer, wat enerzijds leidde tot afhankelijke en naïeve kind-vrouwtjes, anderzijds tot gefrustreerde, bittere, hysterische en onderkoelde echtgenotes en moeders. De emoties van jongens werden, vaak met verbaal of fysiek geweld, zo diep begraven dat de meeste mannen er al heel snel geen enkele toegang meer toe hadden. De enige toegestane emotie was woede – al leerden mannen die de top wilden bereiken ook die onder controle te houden zodat hun strategisch inzicht er niet door aangetast werd op de meest cruciale momenten. Het is alsof je van alle kleuren van de regenboog in mannen én vrouwen maar één kleur (of maximaal twee) goedkeurt en stimuleert, ten koste van alle andere.

(c) Inaya photography

De boeken van Bolen zijn aan hun dertigste verjaardag toe, en er is sindsdien al heel wat verschoven in de westerse samenleving. Niet genoeg, bijlange niet, maar ik herinner me de troostende woorden van Tara Mohr aan alle vrouwen die ongeduldig worden over hoe traag het gaat: we are the transition team. Een omwenteling als die welke we nodig hebben, vraagt tijd. Kijk niet reikhalzend naar de eindstreep, kijk naar je leven vandaag en maak daar een verschil, hoe klein ook.

Maar er is ook nog heel veel angst, heel veel onbewustheid en nood aan houvast, zowel in ieder van ons persoonlijk als in de bredere samenleving. We verlangen terug naar de Middeleeuwen, zoals Ilja Leonard Pfeijffer het in het NRC schreef. En al die aspecten van ons die om wat voor reden dan ook geen liefde kregen – of het gevoel hebben dat niet waard te zijn – die blijven broeien in de duisternis onder de oppervlakte. Of ze nu racisme heten of mysoginie, religieus fanatisme of casinokapitalisme, ze zijn stuk voor stuk de uitwassen van een samenleving die hardheid en concurrentie boven gevoeligheid en verbondenheid zet.

Stuwdammen breken, vulkanen ontploffen, monsters bijten zichzelf in de staart – als samenleving doen we het niet anders.
Ik zie de beelden uit Afghanistan voorbijkomen, ik lees de schrijnende verhalen van mensen die er geliefden hebben. De droefheid gaat zo diep dat ik er eigenlijk geen woorden voor heb – deze blog schrijven is een krachtinspanning.

Mijn hart gaat uit naar iedereen, werkelijk iedereen: de burgers die strijden voor meer openheid en een rechtvaardiger samenleving; de gezinnen die proberen weg te komen; de soldaten die overal tussen zitten zonder dat ze iets te beslissen hebben; de Afghaanse vluchtelingen (al dan niet geregulariseerd) die nu nagelbijtend wachten op nieuws van vrienden of familie; de vrouwen en meisjes die voor de zoveelste keer in de geschiedenis een beestachtig lot te wachten staat; én de mannen met baarden en tulbanden, blind en bang en misleid, met haat en agressie als enige baken in hun immense innerlijke duisternis zonder liefde, die denken dat hun daden rechtvaardigen dat ze bestaan.

Ik steek vanavond voor het eerst sinds afgelopen winter een kaarsje aan in de kaarsenhouder van Maja Jantar. Spell light. In dit harde, koude duister kunnen we elke druppel van verbondenheid en licht gebruiken.

(c) Inaya photography

Een gedachte over “Dat wat geen liefde kreeg

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s