ZAAILING #77 – De plaatsen waar we blijven

(c) Jurgen Walschot
Klik op het beeld voor een grotere versie (en de Engelse tekst)


We kennen ze wel, de verhalen
van troost, van licht in tunnels en gezang
van gevleugelden. Maar verhalen zijn lucht,
ze waaien weg met de wind en wie
achterblijft, staat met lege handen.

Laat de woorden maar gaan. Want
het zijn de plaatsen waar we blijven
omdat elk blad aan de bomen
er onze naam kent. Het zijn de plekken
waar we wortelen, diep in de bodem
die ons toebehoort, en waar de dingen
doorgaan, loom en vanzelf, vertrouwd
als een kat opgekruld op een schoot.

Verbondenheid is een levend landschap,
waar stamstroom en schaduw op elk uur
van de dag de grens hertekenen
tussen wat geweten is, gekoesterd
en vanuit een ooghoek nog gezien.





ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is stempel_negatief-1.jpg

Het (zwaar onderschatte) belang van het verhaal

In het begin was het Woord.
Zo begint een heel bekend verhaal dat de wereld veroverd en veranderd heeft.

Je hoeft geen andere regel in de Bijbel te lezen. Als je deze onderschrijft, is je lot bezegeld.
We geloven maar wat graag dat het woord ons helpt om de wereld te begrijpen. Dat het woord ook nog eens van God kwam, is een handige bevestiging van onze eigen overtuiging, een vrijgeleide om in die trant verder te denken. Het raamwerk ligt vast.

Red Star Line (c) Inaya photography


Maar in het begin was er helemaal geen woord. Er waren zintuiglijke ervaringen, emotionele inzichten, diepe fysieke verbondenheid. Er was de dierlijke natuur (mensen zijn dieren, zij het met een bijzonder ontwikkeld hersengestel, zo eenvoudig is het) en de enorme symbiotische rijkdom die leven in een organische wereld met zich meebrengt.
Het moment dat de mens begon te denken, in abstracte termen, in taal, in woorden en ideeën, en vooral het moment dat hij die klankenbrij belangrijker begon te vinden dan zijn dialoog met de levende wereld die hem omringde, is het moment waarop we het contact verloren. Niet alleen met wie we echt waren maar ook met het grotere geheel waarvan we deel uitmaakten. We koppelden onszelf los. We geloofden liever onze eigen gedachten dan de woordeloze verbondenheid met het ecosysteem dat ons droeg, voedde, vormde.

Misschien klinkt het nu alsof ik elke vorm van mystiek of spiritualiteit afwijs. Dat is niet zo. Integendeel zelfs. Maar ik ben wel genadeloos kritisch geworden voor de filter die zich geïnstalleerd heeft tussen ons helder weten en ons ervaren van de werkelijkheid: onze ratio, onze verbale, analytische, categoriserende geest.

Want het zit zo: we vertellen onszelf verhalen. Heel de dag door, in elke situatie. Wie we kruisen op straat, wat we doen op ons werk, hoe onze samenleving in elkaar zit, wat goed is dan wel slecht, wat het waard is om voor te vechten en wat niet, het zijn allemaal mentale constructen die iets weg hebben van een toneel, verhalen die we gehoord hebben van iemand anders en vervolgens onderschreven hebben, waarin we ons soms gevangen voelen ook, misschien tegen onze zin. Maar we geloven ze wel.

Het zijn gedachten, verhalen die we voor waar aannemen. We verwarren de bühne met de werkelijkheid.

Red Star Line (c) Inaya photography


Rijd door Vlaanderen en je ziet in elk dorp, in elke woonwijk, het verhaal dat de Vlaming onderschrijft over wat ‘netjes en mooi’ is: gazons als biljartbanen, tegels, klinkers, buxushaagjes. Wie dat verhaal niet onderschrijft en zijn tuin laat verwilderen, is ‘slordig’. Nochtans vertellen wetenschappers ons dat verwilderde tuinen broodnodig zijn om een tegengewicht te bieden voor klimaatverandering en uitsterven van biodiversiteit, alleen: hun verhaal wordt zo goed als niet gehoord, laat staan graag onderschreven.

Het maakt niet eens uit wie hier ‘gelijk’ heeft.
Wat werkelijk interessant is, is dat een verhaal in staat is een mens, een gemeenschap, een hele cultuur, tot een bepaalde richting van handelen te drijven.

Red Star Line (c) Inaya photography


Kort door de bocht: alles wat we afgesproken hebben om waardevol te vinden, elke morele code, iedere maatschappelijke afspraak of wet: het is een verhaal waar genoeg mensen het over eens zijn. Met de werkelijke orde der dingen heeft het hoegenaamd niets te maken. Als de zon over een aantal miljarden jaren een supernova wordt en de aarde verslindt, zal het het universum worst wezen hoe jouw voortuin erbij ligt. Dat wij dat nu belangrijk vinden, is alleen een illustratie van welk verhaal wij op dit moment voor onszelf genoeg belang toedichten.

Er zijn talloze verhalen in omloop in de hoofden van mensen op deze planeet. Verhalen over goden die straffen en belonen. Verhalen over goed en kwaad, juist of fout. Verhalen over waarom wij gelijk hebben en zij niet. Verhalen over technologie als redding, het menselijk vernuft als toppunt van de schepping.

Hoe dieper ik duik in dialoog met de wereld, hoe zieliger ik al die verhalen vind. Straf, hé, voor een schrijver? Zou ik niet bij uitstek degene moeten zijn die uitblinkt in verhalen vertellen?

Precies omdat dat mijn vak is, weet ik dat je een verhaal nooit mag verwarren met de waarheid.

Hedendaags of historisch? Vluchteling of reiziger? Bezoeker of passant? Echt of niet? Vraag het maar aan het verhaal in je hoofd. (c) Inaya photography


Een van de dingen die ik mijn leerlingen in de schrijfklas van de academie probeer duidelijk te maken, is dat een verhaal geschreven wordt voor een lezer. Hoe creëer je verbondenheid met een lezer, hoe maak je dat je verhaal diep resoneert bij iemand anders?
Daar komt techniek bij kijken. Techniek is vaardigheid die een effect beoogt. Het is nooit de waarheid. We zetten sommige details dikker aan, andere laten we weg, we wringen en vervormen een klein beetje zodat het gevoel (waar het ons in de eerste plaats om te doen is) tot bij de lezer geraakt. De feiten die we in het verhaal opdissen, zijn niet meer dan een middel om tot die vorm van verbondenheid te komen.

Hoe naïef is de lezer die denkt dat hij een verhaal woord voor woord mag geloven, als was het de handleiding voor het leven zelf? Dat is zoiets als de wegenkaart verwarren met het fysieke landschap.
Ons hoofd speelt spelletjes met ons. En we hebben het niet door.

Red Star Line (c) Inaya photography


Het boeddhisme predikt al eeuwen om afstand te nemen van gedachten en gevoelens. Ze hebben gelijk. Het zijn stofwolken in ons hoofd, die ons een verhaal voorhouden. Vandaag dit verhaal, morgen een ander. Met de diepere werkelijkheid hebben al die stofwolken niets te maken.

Ocharme de mens, die zijn verhalen in steen beitelt, er gebedshuizen voor opricht en oprecht gelooft dat hij de ultieme waarheid gevonden heeft.

Mocht het zo triest niet zijn, ik zou uitkijken naar het moment dat we de supernova proberen te bedwingen met een heggenschaar, een portie oprechte verontwaardiging en een gemillimitreerd gazon.

Eens zien wie er dan het laatste woord heeft.


Red Star Line (c) Inaya photography

Naar de wortel graven

(c) Inaya photography


Soms moeten we graven naar de wortel
van onszelf: wonden blootleggen, lagen
doorkruisen, almaar dieper boren tot de kern.

Soms moeten we de storm vertrouwen
ons te kraken, los te rukken wat eens
veilig vast verankerd lag in gevangenschap.

Soms mogen we vallen, want wat bloot
komt te liggen aan de wind laat ruimte
voor het ongeziene om te groeien naar het licht.

(c) Inaya photography

ZAAILING #76 – Ongezien

(c) _ama_nesciri_


Of er iets is wat jij kunt doen, vraag je je af, zwijgend kijkend naar haar afstand, bang om de rust te verstoren die dun als stof op het tafelblad ligt en misschien maar tijdelijk is.

Of er iets is wat je zou moeten zeggen om haar te laten opkijken. Maar dan ziet ze jou, en wat moet je met haar blik, haar pijn, haar verre reisverhalen en verledens?

Ongezien blijven, denk je, is een zegen.

Dus laat je haar en liefkoos je haar van ver, maak je de ruimte rondom haar groot genoeg zodat er plaats is voor de stemmen in haar hoofd en de monsters in de muren.

Misschien zou de kou wat draaglijker zijn als iemand haar handen pakte.
Misschien zou jouw verdriet wat kleiner zijn als je kon zeggen dat je geen woorden had. Misschien zou zij glimlachen dat ze niet nodig waren.

Ongezien blijven, denk je, is een keuze.





ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot. Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is stempel_negatief-1.jpg

Staande

Blijven staan, het heeft iets van een strijd tegen de elementen. Niet opgeven, je recht houden, wars van invloeden die van alle kanten aan je trekken.

Maar je staande houden hoeft geen gevecht te zijn.

(c) Inaya photography


Ik herinner me de lessen tai chi bij Liu W. S., een Oosterse meester, lang geleden, een man die veel meer in zijn mars had dan ik op dat moment aan kon. Daarmee bedoel ik dat ik toen niet klaar was om een volwaardige leerling te zijn, een novice die de immensiteit van wat hij beheerste werkelijk kon bevatten en klaar was om dat toe te passen. Ik was veel te jong, en veel te onbewust.
Liu was altijd beminnelijk, en vriendelijk. Hij toonde alles wat hij bedoelde door de mannen in de groep aan te raken, nooit de vrouwen. Maar hij was blij met iedereen die naar zijn les kwam. Soms leek hij naïef, grappig zelfs, maar dat was beslist een persoonlijke misvatting van mij, die nog versterkt werd door zijn erbarmelijke Engels.

Ik heb hem ooit met eigen ogen een potige kerel naar de spreekwoordelijke andere kant van de dojo zien katapulteren met niet meer dan een vingerknip, en dat is géén sprookje.

Een stukje van mij heeft nog altijd spijt dat ik niet klaar was om écht van hem te leren. Een ander stuk weet dat de juiste dingen op het juiste moment komen, en dat er niets te betreuren valt. En zelfs mocht ik nooit meer terugkeren naar tai chi, of nooit meer zo’n meester vinden, dat beeld alleen al, van die stevige, goed gegronde jongeman die voorbereid was op een uitval, en die zonder dat hij het zag aankomen opeens meters verder vloog, is genoeg om een leven lang mee te gaan.

(c) Inaya photography


Ik wil het hier eigenlijk niet hebben over waarom die jongeman zich niet staande kon houden. (Of voor wie het toch wil weten, om precies alle redenen waarom ik het toen ook niet zou gekund hebben en de meesten van ons het niet kunnen: niet bewust genoeg, niet genoeg thuis in zijn geest en niet geschoold in hoe die energie eigenlijk werkt in relatie tot zijn lichaam. Het is niet omdat je wil standhouden dat je het ook kúnt. Integendeel, eigenlijk.)
Niks nieuws, niks wat ik daar nu nog aan kan toevoegen.

Weet ik het nu zoveel beter, dan?
Hm.

Waarschijnlijk zou ik, net als die jongeman toen, nog altijd omver gegooid worden door de immense kracht die vrijkomt achter wat er voor buitenstaanders uitziet als niet meer dan een vingerknip. Maar intussen begrijp ik al beter hoe het werkt. Of waarom het werkt. En zo goed als ik kan, probeer ik dat toe te passen in mijn eigen leven.

Neem nu de basispositie van zo’n typische tai chi-oefening, waarbij je stabiel staat met lichtjes gebogen benen, je armen voor je gestrekt. Het is een toestand van zogenaamde rust en balans, maar al heel snel werd duidelijk dat zoiets nooit stilstand betekende. Als je ontspannen wil blijven én geconcentreerd, dan sta je niet stil. Het is integendeel een constant over en weer bewegen, heel zachtjes, een beetje naar voren en dan weer een heel klein beetje terug. Van de hiel naar de tenen, de armen net ietsje hoger of lager om in balans te blijven, zodat je niet voorover leunt of achteruit valt.

Het is moeilijk vol te houden, maar eigenlijk ook heel makkelijk als je er niet tegen vecht. Want dat doen we. We geloven maar al te graag dat we perfect stil zouden moeten kunnen blijven staan. Dat is een tragische grap. Pure stilstand is verstarring. Elke vorm van harmonie daarentegen is dynamisch. Elke vorm van rust is een ademhaling. In en weer uit.

(c) Inaya photography


Het is winter, en ik ben niet op mijn best. Mijn innerlijke wereld is diep, mijn uiterlijke niet zozeer. Ik recupereer van een al te overladen najaar, ik volg de donkere dagen van de winter, ik ben wat ziekjes want mijn fysieke reserves zijn op.

Zo sta ik dus, deze dagen. Nu eens mooi rechtop, dan weer languit met een dekentje in de zetel en de kat en wat microben erbij voor de gezelligheid. Rustig een boek lezen, de mails en deadlines en voorbereidingen en zelfs het huishouden laten voor wat ze zijn.
Nu eens een beetje vooruit, dan weer een beetje achteruit. Niets om je druk over te maken. Je staande houden doe je niet per se door druk bezig te zijn. Soms heeft het meer weg van winterslaap.

De wereld spiegelt die bewegingen. In mijn nabije omgeving staan sommige mensen sterk, diep verankerd in hun kracht. Andere worstelen met veel te zware gewichten, vaak van innerlijke makelij, en worden uitgenodigd door krachten die het veel beter weten dan zij om alles los te laten en nu eindelijk eens languit te gaan liggen.
Beide zijn mooi. Beide zijn nodig. Beide zijn aan de beurt wanneer het hun tijd is.

Ik kijk naar al wat er om mij heen gebeurt, en al wat er in mij gebeurt. Ik verwelkom het inademen, ik aanvaard het uitademen. Samen zorgen ze ervoor dat alles doorgaat.

(c) Inaya photography