Oude angst op de rand van een nieuw avontuur

Stroomversnellingen, deel #2

(Deel #1 lees je hier.)

Ik sta op de rand van een avontuur. Of juister: Jurgen en ik staan op de rand van een avontuur.
Want de kogel is door de kerk: dit najaar verschijnt Stroom.

Deze graphic novel groeide spontaan uit een van onze vroege Zaailingen met dezelfde titel. Of misschien is de term graphic novelle beter op zijn plaats: het kleinood telt amper vijftig pagina’s. Zoals altijd verkennen we de schemerzone tussen genres. In een wereld van duidelijk gecategoriseerde boekenplanken en uitgevers die koortsachtig mikken op het snelle succes van platgetreden paden, zijn kruispunten de plekken waar wij ons steevast het meest thuis voelen.

 

Page18 klein
Alle beelden in deze blog komen uit Stroom (c) Kirstin Vanlierde & Jurgen Walschot

 

Waar zouden we terechtkomen met Stroom, vroeg ik me maanden geleden af, toen we het manuscript een rondje uitgevers lieten doen: in de A-klasse van de literaire wereld, of bij de B-ploeg van de verbeten idealisten die hun werk zelf uitbrengen op een handvol exemplaren omdat ze het uit commerciële redenen telkens weer afgewimpeld zagen? Blijkt dat er ook tussen die twee parcours snijvlakken bestaan, en dus: kruispunten.

De kleine uitgeverij van de Stripgilde, waar Stroom met open armen ontvangen is, kan strikt gesproken niet volledig tot de A-klasse gerekend worden, maar de B-ploeg zijn we bij deze mijlenver voorbij. Kwalitatieve druk, professionele verdeling naar winkels en bibliotheken in Vlaanderen en Nederland, aanwezigheid op beurzen en evenementen, deftige promotie en administratieve omkadering. Alles wat een professionele uitgeverij moet bieden. Alleen: de auteur staat zelf in voor de drukkosten.

Ik weet dankzij mijn jaren aan de bestuurstafel van de Vlaamse Auteursvereniging genoeg over de ‘cowboys’ van het uitgeefvak die in dezelfde schemerzone opereren en goedgelovige schrijvers nogal eens opzadelen met contracten waar ze op termijn veel nadeel bij hebben. Maar de werkwijze van de Stripgilde pleit voor hun ethiek en correctheid in het voordeel van de auteur, en op een aantal vlakken is deze manier van uitgeven voor ons een soort combinatie van het beste van twee werelden. We hebben de vrijheid om helemaal onze zin te doen, op voorwaarde dat we geen dwaze risico’s nemen (maar projecten waarmee een auteur zichzelf zo goed als zeker een financiële kater bezorgt, weigert de Stripgilde sowieso pertinent), we krijgen professionele omkadering en het boek wordt verdeeld op veel meer verkoopplekken dan we met een uitgave in eigen beheer zelf ooit zouden kunnen bereiken.

Stroom is een project waar ik met hart en ziel in geloof. Ik heb het zien rijpen, en nu is het klaar om de wereld in te gaan en uit te vliegen. Dus dit voelt echt wel als een tweede rondje stroomversnellingen… !

Tot een paar dagen geleden, toen de offerte van de drukker kwam. Die was ongeveer wat ons op voorhand voorspeld was. Het bedrag was billijk, en goed betaalbaar. En toch blokkeerde ik.

Het was een oude, moeilijk te benoemen angst, met diepe wortels in de geschiedenis van mijn familie.
Maar er was ook de ongerustheid om Jurgen mee te slepen in dit onzekere avontuur (zelfs al was dit van bij het prille begin een 50/50-onderneming, en hadden de bedragen hem geen seconde laten steigeren).

Er was gewoon geen reden om nu plots zo bang te zijn. Maar toch zat ik vast, en ik voelde de oude echo’s van eerdere, eindeloze vormen van investeren (manuscripten rondsturen, herschrijven, proberen te behagen, hopen op een wonder) en er niets voor terugkrijgen. Of, beter: er een karrenvracht teleurstelling en weigering voor terugkrijgen.

Heel het afgelopen jaar, en bij uitstek de laatste maanden, had ik gesurft op een flow van vertrouwen en positieve vooruitzichten. Ik was gevoed door de diepe creatieve verbondenheid. Ik stond meer in mijn kracht dan ik ooit van mijn leven gedaan had. Maar nu had de angst mij plots ingehaald.

Wat als?

Wat als het boek via de officiële distributiekanalen niet verkocht zoals het hoorde? Wat als het te buitenissig was? Kruispunten zijn interessante plekken, maar niemand wil er echt wonen, of wel?
Wat als wij, van onze kant, het aantal exemplaren dat we aan vrienden en familie konden verkopen overschatten?
Kortom: wat als we hier onze broek aan scheurden?
Wat als we binnen twee jaar nog opgescheept zaten met een stapel dozen vol boekjes die niemand wilde kopen?

Het waren niet allemaal mijn angsten, hierboven. Zo gauw ik Jurgen er iets van zei, gooide hij de zijne erbij. Ik heb het al vaker gezegd: we zijn een sterk team… 😉

Gelukkig zijn we niet ongerust over dezelfde dingen. In die zin compenseren we elkaar en helpen we elkaar helderder te zien. Want eigenlijk zijn deze oprispingen van oude angsten heel interessant. Het was een waardevolle ervaring om herinnerd te worden aan een paar van die oude pijnpunten, toen ze hun lelijke kopjes vertoonden. Maar we mogen ons in geen geval door ze laten tegenhouden.

 

Page3 cut1 N klein

 

Het gevoel dat nu bij mij overheerst, is: ik wil niet meer bang zijn.

Ik heb de afgelopen twee jaar zóveel bijgeleerd . Over scheppend bezig zijn. Over verbondenheid. Over wat ervoor zorgt dat ik me goed voel en dat dingen vooruit gaan, en wat niet.

Door zo nauw samen te werken met iemand die mij creatief telkens weer aanvult en voortstuwt, heb ik geleerd wat het is om op de ‘juiste plaats’ te zijn: de plek waar je echt wil zijn, omdat het er zo goed voelt. Door die samenwerking, die connectie en de kracht die daaruit voortkomt, merk ik zelfs dat ik een betere versie van mijzelf word. Ik durf meer. Ik kom op voor onze belangen en ons gezamenlijk werk op een manier waar ik nooit in slaagde voor mijn eigen projecten. Ik begin te geloven dat het effectief voldoende is om mezelf te zijn, en dat ik er mag zijn, gewoon zoals ik ben – ongeacht reacties.

Stroom is prachtig. Het is zo mooi dat het bijna onwerelds is. Of de wereld er klaar voor is, daar hebben we het raden naar. Maar dat doet er in feite niet toe. We gaan het laten geboren worden. Om wat het is, om zichzelf.

Dat gevoel is sterk, en het is juist.

 

Stroom cover 1 voor klein

 

Wat precies aan die offerte een oud angstpatroon wakker riep bij mij, weet ik niet. Misschien heeft het iets te maken met het feit dat de dingen nu wel heel concreet worden, en dat betekent ook: met concrete financiële impact.

Ik mag mij gelukkig prijzen dat geld geen kwestie is waar ik ’s nachts van wakker lig, en in praktische zin was die offerte van de drukker dan ook geen enkel probleem. Maar geld is wel een fantastische metafoor.

Het staat voor mij zowel voor veilig zijn, het comfortabel hebben en het waard zijn om daarvan te mogen genieten. Dat zijn geen lukrake gevoelens. In mijn familie zijn financiën al generaties lang een stresserende kwestie. Er is veel geld verdiend, maar ook veel (onrechtvaardig) verloren, er was verspilzucht, zuinigheid en angst voor tekort. Een stuk daarvan echoot voort in mij. Ik tel zeker niet elke cent, maar ik ga ook niet zo relaxed om met geld als ik zou willen. Het voelt bijna alsof ik vind dat ik het niet verdien om het te hebben. Dat zegt, de metafoor indachtig, wel wat over mijn eigenwaarde…

En daar was mama, met haar Oude Wijsheid.
Laat die angst geen greep op je krijgen, zei ze. Zet de nodige stappen om ze onder ogen te zien en weg te werken. En vooral: zoek houvast bij een ander gevoel. Focus op het gevoel van overvloed dat je hebt in deze samenwerking. Die flow is zo krachtig en voedend, daar is geen sprake van tekort of iets niet waard zijn. Daar is alleen verbondenheid en creativiteit. En kracht.
Ze heeft overschot van gelijk. En dat gevoel is binnen handbereik, een gloeiend baken vanbinnen. Vanuit dát gevoel moet ik mijn beslissingen nemen. Met dát gevoel als brandstof moet ik mensen benaderen als ik het over ons werk wil hebben. En dat heb ik tot nu toe eigenlijk altijd gedaan. Vanuit precies dat gevoel heb ik de sollicitatiebrief voor Zweden geschreven…

 

Page19 cut 1 N klein

 

Ik wil niet meer bang zijn, schreef ik Jurgen in een mail waarop een groot deel van deze blog gebaseerd is. Ik wil dit avontuur voortzetten zoals we het begonnen zijn: vanuit vertrouwen, in onszelf, in elkaar, en in de thermiek die ons draagt.

Ik kan ons zien staan, samen, bovenop een of andere klif, zoals op een cover die hij ooit ontwierp. Ik kan ons naar elkaar zien glimlachen met een blik vol verstandhouding en vertrouwen. En ik zie ons springen.

Dan is er alleen nog het gevoel van brede vleugels, die opengaan…

Advertenties

Onbeheersbaar

.
..

Het leven heeft zijn eigen ideeën
ontembaar
onbeheersbaar
niet te vangen
zelfs al merken we niet
in die vluchtige oogopslag
hoe het zich een weg zoekt
voorbij de randen
van ons blikveld
en de zorgvuldig gebouwde
constructies waarbinnen
we onszelf terugplooien
op klaarlichte dag

.

 

R & R_028 ed cut klein
(c) KV

 

.
..

.

Verjaardagsbloesems

Toen jij je komst op deze wereld aankondigde, keek ik op naar de slanke vingers van de treurwilg die langs het raam naar beneden hingen. Ze waren groen van de eerste aarzelende blaadjes die kwamen piepen. In de tuin aan de andere kant van het huis, waar ik ze tijdens onze arbeid niet kon zien, bloeiden de eerste bloesems van de Japanse kerselaar in roomwit.

Toen je het uitkraaide van plezier omdat mijn papa je hoog de lucht in gooide, en je je eerste driewielertje kreeg, was de lentelucht zo zacht dat de kersenbloesems er al uitbundig bij waren, dansend tegen de de stralend blauwe hemel. We vierden jouw tweede verjaardag in de tuin, en er kwamen zelfs geen jassen aan te pas.

Voor we naar je grootouders trokken om je negende verjaardag te vieren, schoot ik een paar foto’s van de kersenbloesems. Net als de groene vingertoppen van de treurwilg waren ze naar goede gewoonte op jouw jaarlijkse geboorteafspraak. Maar ik heb intussen al lang geleerd dat elk jaar, net als elke afzonderlijke dag, telkens een heel ander verhaal is.

 

Sobran 9_001 ed cut klein
Kersenbloesems na de sneeuwbui (c) KV

De bron die mij voedt

Als het idee zichzelf aandient
verhuld in een waas, bijna als een goocheltruc
maar het wil toch
dat je er aandacht aan besteedt.

 

Uit het raam_026 klein
(c) KV

 

Een hardnekkig melodietje in je hoofd,
woorden die blijven terugkomen voor meer

tot jij en het idee verzadigd zijn
van elkaar en heel erg
verliefd maar al het andere is
nog steeds onduidelijk.

 

Uit het raam_028 ed cut klein
(c) KV

 

In lang vervlogen tijden noemden ze het
een muze, een demon,
ik noem het mijn brede stroom
die mij langzaam naar zee draagt.

Ik ken de bron niet
die mij voedt.

Ik weet wel dat ik haar moet vertrouwen
– en dat doe ik.

 

Uit het raam_027 klein.JPG
(c) KV

ZAAILING #28 – Klatergoud

 

De dag heeft er genoeg van en hij ook.

Naar buiten wil hij, weg van het klatergoud in de deftige salons. Bij hun kopjes thee en hun glazen schnaps maken ze zich druk, snaterend als watervogels. Hun rokken ruisen en hun kragen staan omhoog, maar hun bekken zijn leeg.
Ze vragen zich, niet zelden luidop, af wat hem bezielt, waarom hij niet knus binnenblijft onder de schijn van de kroonluchters. Hij trekt zijn schouders wat hoger en zet er de pas in.

De schoonheid van dit landschap is een geheim dat hij niet wil delen. Het laatste licht is gul, je hoeft het alleen maar tegemoet te gaan. Dus dwaalt hij langs wegen die nog drassig zijn van de laatste regenbui en bermen die ruiken naar hoogzomer. Hij gaat zitten met zicht op water dat geen haast heeft om ergens aan te komen.

In de holtes tussen de struiken en onder de kruinen is het duister al begonnen een bed te spreiden. Maar de gloed van de dag blijft nog hangen als een omhelzing, en de hemel dekt de oevers langzaam toe. In de vergulde stilte lijkt alles mogelijk.

 

1 klein
(c) Jurgen Walschot

 

Er waren dagen dat het leven er anders uitzag. Vroeger.
Toen was elke rivier een plek om in te zwemmen, en elke weide een uitnodiging om te gaan zitten met een picknickmand en een deken.

Hij kan zich middagen herinneren die nooit ophielden, en wijn die minder dronken maakte dan de glans van haar blik.
Hoe ze plots naar de lucht kon kijken, waar vleugels voorbij schoten, of naar de glinstering van zonlicht op het water. Hoe haar aandacht getrokken werd door iets schijnbaar onbelangrijks, iets wat hem gegarandeerd eerst ontging. Tot hij beter leerde kijken.
Zien werd zijn manier om haar te begrijpen, om dichter bij haar te zijn.

Dat is nog altijd zo. Maar zijn dierbaarste herinneringen hebben steeds meer van dromen, en het wordt stilaan moeilijk ze van elkaar te onderscheiden.

Als hij maar lang genoeg blijft zitten, weet hij, maakt de rust van het meer een einde aan zijn opgejaagde twijfel, en zelfs aan de favoriete beelden in zijn hoofd.
Dan is er alleen nog de stervende gloed aan de hemel, in afwachting van sterren, en de geruisloze tred van nachtdieren.

Dan mist hij haar – een paar oeverloze seconden lang – iets minder diep.

 

2 klein
(c) Jurgen Walschot

 

 


 

ZAAILINGEN is een project van schrijfster Kirstin Vanlierde en tekenaar Jurgen Walschot.
Zaailingen zijn creatieve scheuten. Zij schrijft bij de beelden, hij tekent bij de tekst.

20170712_134033 ed klein

Het kreupelhout

Wat een ingewikkeld kluwen lijkt dit leven van mij soms. Hoe geraakt een mens daar wijs uit?

 

Prelente_125 ed klein.jpg
(c) KV

 

Werk — vroeg opstaan, tien kilometer op de fiets, de trein halen, naar kantoor, het blad maken, collega’s spreken, ideeën uitwisselen, overeenkomen, van mening verschillen, het artikel schrijven, de trein terug nemen, nog tien kilometer op de trappers; thuis.

Thuis — helpen met het ontbijt, de zoon naar school brengen (op sommige dagen), geliefden omhelzen, luisteren naar verhalen, boodschappen doen, eindeloze bergen was en strijk, koken, organiseren, opruimen, rozen snoeien, hilarische acts voor het slapengaan met de kleine (aan mij is een stand-up comedian verloren gegaan).

Schrijven — Zaailingen en romans en verhalen op de trein van en naar het werk en in andere vrije momenten; mails en blogs veel te laat op de avond voor mijn computerscherm; dagboek waar en wanneer het kan en overal tussenin.

Lezen — veel minder dan vroeger, maar ik heb dan ook het gevoel dat ik zo boordevol zit met alles wat ik in de voorbije vier decennia heb gelezen en dat het nu tijd is om nu voor een tijdje vooral mijn eigen werk te maken, eerder dan nog wat meer van andermans werk te gaan lezen. Natuurlijk lees ik nog altijd. Maar minder, en alleen als iets me écht aanspreekt.

Foto’s maken  — waar en wanneer het maar mogelijk is.

Afspraken en engagementen — repetitie met de band, werk aan een optreden met een enthousiaste gelijkgestemde ziel rond het belang van kinder- en jeugdliteratuur onder de titel BoekJe Bestemming; een sofagesprek/interview en een key note lezing voor een studiedag voor bibliotheekmedewerkers voorbereiden; een tentoonstelling in de pijplijn rond werk van vluchtelingen waar Jurgen en ik een handvol Zaailingen rond het thema mogen gaan tonen, waaronder Dageraad.

Publicaties en Residenties — praktische dingen allerhande. Het officiële nieuws over de residentie in Zweden is intussen de wereld in, maar er is nog nieuws op komst. Ik kijk er al naar uit om het daarover te hebben. Maar nu nog niet. Nog even.

 

Prelente_126 ed klein
(c) KV

 

Ja, het is druk. Maar ik wil niet klinken alsof ik klaag. Want ik weet mijzelf ongelooflijk bevoorrecht.
Geen grote tegenslagen, geen ziektes, geen geliefden die stervend zijn of in hoge nood, geen financiële kopzorgen, geen oorlogen of dictaturen (voorlopig). Dit is leven van overvloed.

En als het allemaal toch een beetje te veel wordt, voor een ogenblik of twee, dan blijven de beste dingen altijd duidelijk zichtbaar doorheen de wirwar van kreupelhout en complicaties. Getekend met de scherpste pen, gesneden uit het diepste hout.

Eén enkele heldere noot, die klinkt als thuis.

Lid voor het leven

Als ik je blogs lees, zei een vriendin me, dan merk ik dat je wel erg vaak schrijft over loslaten. Zo vaak zelfs, dat ik wel eens denk: lieve Kirstin, je doet het nog niet echt, hé, dat loslaten? Niet helemaal.

Het trof me als een zeer interessante bemerking.

Het klopt dat ‘loslaten’ een van mijn terugkerende motieven is. En het klopt ook wel dat ik erover schrijf omdat het zo belangrijk voor mij is.

 

Roeken_002 zw klein
(c) KV

 

Jaren geleden, toen coaching en persoonlijke ontwikkeling hun intrede deden in onze familie en we onze persoonlijke en gemeenschappelijke patronen begonnen te ontdekken, stichtten we bij ons thuis met een knipoog een organisatie: CFA. Voluit staat dat voor Control Freaks Anonymous.

Mijn mama, daar bestond geen enkele discussie over, is de gedoodverfde voorzitter. Mijn zusje, altijd de spaarzame van ons gezin, neemt de rol van penningmeester waar. Ik ben steunend lid, en mijn echtgenoot heeft zich daar vlotjes bij aangesloten. Nu en dan nodigen we vrienden of kennissen uit om lid te worden.
(Nee, we houden geen bijeenkomsten of zo. Het hele ding is één grote grap. Maar het is een schitterende manier om elkaar – en onszelf – te confronteren als we weer eens uit de bocht gaan.)

Dus heb ik misschien nog wat werk met loslaten?
Hmm…

Controle gaat over angst.
De angst om niet goed genoeg te zijn (en de liefde van mensen te verliezen), om niet sterk genoeg te zijn (en verpletterd te worden door tegenslag als die je overvalt), om het niet waard te zijn om gewoon te leven als de kleine, onvolmaakte mens die je bent (en op een of andere manier proberen dat toch te verdienen).

Net als de meeste controlefreaks ken ik deze drie vormen van angst heel goed. En heel waarschijnlijk zijn er nog andere, maar daar kom ik nu even niet op.

Ik ben er niet obsessief mee bezig om de dingen tot het laatste detail perfect te krijgen. Maar soms merk ik wel dat ik beslist nog niet vrij ben van angst. En mijn manier om daarmee om te gaan is proberen mijn angst te begrijpen, en vervolgens op te lossen. Misschien is dat een zoveelste vorm van controle, kan best.

Mijn blog over de wachttijd op de luchthaven van Zaventem kan je bijvoorbeeld inderdaad heel goed lezen als een poging om de controlefreak in mijzelf gerust te stellen (alles komt in orde, je haalt je vlucht, het plafond staat niet op het punt naar beneden te komen…)

Anderzijds heb ik wel degelijk al een en ander over loslaten geleerd. Ik ben veel relaxter dan vroeger. En telkens als ik merk dat ik met iets nogal krampachtig omga, herinner ik mezelf eraan dat het helemaal oké is om… los te laten. Ik koester beelden als de rivier die me meeneemt stroomafwaarts en de thermiek die me optilt voor een stuk omdat ze het geloof weergeven dat ik intussen heb over waar deze reis heen gaat (met het Leven, of de Ziel, of het Unuiversum, of hoe je het ook graag wil noemen, aan het stuur).
Dus denk ik dat ik zo vaak over loslaten schrijf omdat het iets is wat ik aan het leren ben, en zoals alle leerprocessen maakt het je van dat ene ding bijzonder bewust. Het is een niet-aflatende oefening, een vaardigheid die je een leven lang blijft verwerven.
Roeken_003 zw ed cut klein
(c) KV

 

Ik heb wel het gevoel dat ik er stilaan beter in word. Minder bang. Minder in de greep van angst wanneer die zich toch weer eens aandient.

Heb ik het perfect onder de knie? Nauwelijks. Maar perfectionisme zou mij toch gewoon andermaal naar voren schuiven als gedoodverfd lid van het CFA? Of niets soms?

Aan het hof – of op het slagveld

Ik heb ze wel gelezen: de hoofse ridderromans waarin twee houwdegens strijden om de gunsten van één jonkvrouw. Vandaag kon ik het eens in het echt zien gebeuren.

Het Zwin staat bekend  (ik vertel u niets nieuws) om zijn bestand aan watervogels. We brachten er dit weekend een kort bezoekje aan. Het was verschrikkelijk lang geleden sinds ik er was, en het was er behoorlijk veranderd, met een indrukwekkend museum waar je op een interactieve manier alles te weten komt over trekvogels, met mooie afgebakende paden tussen de bosjes en de duinen, en over de slikke en schorre.

De ooievaars zijn vaste seizoensgasten. De lente heeft zijn eerste aarzelende maar onmiskenbare stapjes gezet, en deze indrukwekkende schoonheden zijn geland om te nestelen en te broeden op de hoge uitkijkposten die overal in het domein zijn neergezet.

 

Zwin_150 ed cut kleinZwin_030 ed cut kleinZwin_046

 

Bij de ooievaars waren de dingen al helemaal in kannen en kruiken. Een heleboel nesten waren al bezet door  koppels. En die waren heel ijverig aan het werk.

 

Zwin_059 ed cut klein
(c) KV

 

Bij de meeuwen was de verleiding – of moet ik zeggen: de bestorming – nog in volle gang.

Alle onderstaande foto’s werden gemaakt op een tijdspanne van krap een paar minuten.
Twee mannetjes, vermoed ik, die vechten om hetzelfde vrouwtje… Ik weet niet precies wie er als winnaar uit de bus is gekomen (mijn gezin was intussen bijna uit het zich verdwenen, op moeder-fotograaf wordt niet eindeloos gewacht), maar ze maakten met z’n drieën alvast een boel kabaal. Merk op hoe het wijfje nu en dan lijkt te vluchten, dan weer doodgemoedereerd blijft zitten terwijl de schermutseling pal boven haar hoofd in volle gang is.

Ik heb ook geleerd dat alles is toegestaan in de liefde. Inclusief je rivaal proberen te verzuipen.

 

Zwin_136 ed cut kleinZwin_144 ed cut kleinZwin_146 ed cut kleinZwin_137 ed cut klein

 

Geef mij maar het zachtzinniger ballet van de ooievaars…

 

Zwin_042 ed klein.jpg
(c) KV

Sommige dagen zijn magisch van bij het ontwaken

Hoeveel vreugde en met licht overgoten magie past er in één enkele ochtend?

 

Prille lente_002 ed klein.jpg
Maan gaat onder in de ochtendschemering (c) KV

 

Prille lente_038 ed cut klein
Staartmees aan het ontbijt; foto gemaakt met telelens zittend aan de ontbijttafel binnen (c) KV

 

Prille lente_028 ed cut klein
De belofte van een betoverende dag (c) KV

 

De drie bovenstaande foto’s werden gemaakt op een goed half uur.

En op wonderlijke wijze werd de rest van de dag inderdaad net zo krachtig en mooi. Hij was tot de rand gevuld met vertrouwen, verbondenheid, begrip en liefde, gedeeld met verwante zielen die mij ongelooflijk dierbaar zijn. Ik mocht mijn kracht en mijn liefde de vrije loop laten, en ik kreeg er schoonheid, diepe erkenning en kwetsbare gelijkgestemdheid voor terug.

Dit is hoe het voelt om echt, echt gezegend te zijn.

Spiegeltje, spiegeltje…

Ik hou van laagjes en weerspiegelingen in foto’s.
Gelaagdheid helpt om weer te geven hoe ik de realiteit percipieer: een subtiel en complex web van allerhande verschillende aspecten van lichaam, geest en gevoelens, en hun interacties met onze omgeving.

Een van de redenen waarom ik van weerspiegelingen hou, is dat ze zoveel lagen toevoegen aan een beeld. Maar vanuit een metaforisch of psychologisch standpunt zijn weerspiegelingen (of spiegels) een harde noot om te kraken. Ze zijn mooi en erg krachtig. Maar tot je ermee om leert gaan, kunnen ze ook knap pijnlijk zijn.

 

Wintergroen_010 ed klein
(c) KV

 

We houden onszelf voor de gek als we geloven dat we de realiteit zien en ervaren ‘zoals ze is’. In werkelijkheid zitten we opgesloten in onze eigen geest, en onze eigen manier van waarnemen. Onvermijdelijk zien we de wereld door een waas dat gekleurd is door die innerlijke processen.
Als we diep gelukkig zijn over iets goeds wat er in ons leven gebeurt, dan kan zelfs de somberste dag ons humeur er niet onder krijgen. Misschien genieten we op dat moment zelfs van de wolken of de regen. Maar als we ons neerslachtig voelen, lijkt zelfs de stralendste zomerdag maar dof.
We zien niet echt de sfeer van de dag, de regen of de zon hebben er in feite helemaal niks mee te maken. We ervaren ze doorheen onze emotionele filter, en wat we daarbuiten zien, spiegelt ons eigen humeur gewoon naar ons terug.

Het is een ogenschijnlijk simpele regel in allerlei filosofieën en stromingen (spiritueel of niet): het gelijke trekt het gelijke aan. Focus op triestige of negatieve dingen, en je trekt er nog meer van aan. Schenk aandacht aan schoonheid en goedheid, en dan krijg je dáár meer van.

Dat werkt niet als een of andere kosmische straf omdat we ‘goede’ dan wel ‘slechte’ gedachten zouden hebben. Het is eigenlijk veel eenvoudiger, maar ook veel directer en daarom heel krachtig. We resoneren met datgene wat we zelf ‘zijn’. En wat we ‘zijn’, is de kwaliteit van onze gedachten en ons bewustzijn.

Daar hoeven helemaal geen ethische implicaties aan vast te hangen. Het moment dat ik de naam van één specifieke boom leerde, zag ik die bepaalde soort plots overal. Het moment dat ik geïnteresseerd raakte in vogels, begon ik elk gevleugeld wezen te zien dat mijn pad kruiste. Door ze op te merken, ging ik beter kijken. Door beter te kijken, begon ik vlucht- en vleugelpatronen te herkennen.
Uiteraard waren die bomen en die vogels er altijd al. Alleen had ik ze niet opgemerkt, en hadden ze geen echt deel uitgemaakt van mijn leven. Nu dus wel, en hoe.

Focussen op bomen en vogels is een keuze. Die maakte ik niet bewust op het moment dat het gebeurde, maar nu ik mij er bewust van ben, kan ik kiezen of ik ermee doorga of niet. Ik zou me op iets helemaal anders kunnen concentreren. Dan zou ik daar veel meer van beginnen zien. Gewoonlijk zijn het echter onze onbewuste drijfveren en gevoelens die bepalen wat we opmerken, en daar staan we doorgaans niet bij stil. We denken gewoon dat we de realiteit zien ‘zoals ze is’.

Erachter komen dat we de werkelijkheid in feite waarnemen doorheen een filter van onze persoonlijke gedachtepatronen is niet altijd leuk. De meesten van ons zullen nog herkennend glimlachen en knikken bij de uitspraak dat je, als je probeert zwanger te worden, plots overal zwangere vrouwen ziet lopen. Maar het is een stuk minder prettig als iemand ons vertelt dat precies hetzelfde principe opgaat voor corruptie, oneerlijkheid, verraad of pijn. We geloven oprecht dat we deze dingen ervaren omdat anderen ze ons aandoen, en wij hebben er echt niets mee te maken! Alleen hebben we dat wel. Het zit zo: de dingen die we opmerken, zijn weerspiegelingen van een stuk van onszelf.

 

deSingel_068 klein
(c) KV

 

Je hebt vast al eens een kat of een hond woest zien worden tegen zijn eigen spiegelbeeld. Dat is precies hoe dit ook werkt. Wat we waarnemen in de werkelijkheid is heel sterk verbonden met hoe we ons op dat moment voelen, en wat we voor waar aannemen over onszelf, de wereld, enzovoort. Maar in plaats van dat gegeven buiten ons te benaderen als een spiegelbeeld dat ons iets kan leren over onszelf, blijven we het benoemen als iets wat volledig buiten ons ligt.

Ik kon vroeger bijvoorbeeld heel erg overstuur geraken van situaties waarin vrouwen werden onderdrukt, geknecht en misbruikt. Daarover horen of lezen maakte me bijna fysiek misselijk. Ik had dat gevoel zelfs als ik literatuur las uit Victoriaans Engeland. Het duurde even voor ik erachter kwam dat de reden waarom dit mij zo van streek maakte, lag in het feit dat ik zelf een stuk van mezelf, en in het bijzonder mijn vrouwelijkheid, onderdrukte en beperkte. Als ik las over onrecht tegenover vrouwen, werd de wonde die ik had, het gevecht dat ik met mezelf aan het leveren was, aangeraakt.

Ik bedoel hier geenszins mee dat vrouwenrechten niet belangrijk zijn, of dat ze louter een spiegel zijn en geen gevecht dat we moeten voeren. Maar behalve een belangrijke sociale kwestie was dit onderwerp voor mij ook een uiterst persoonlijke spiegel die mij een bang en gekwetst stukje van mijzelf toonde. Ik moest het alleen willen herkennen.

We kunnen alles en iedereen in ons leven, op elk moment van elke doordeweekse dag, en al onze interacties met andere mensen, gebruiken als spiegels die ons iets leren over onszelf. Want wat ons aanspreekt – of afstoot -, wat ons kwetst of geneest, is een rechtstreekse boodschap van ons spiegelbeeld aan onszelf. De regel is: als je het opmerkt (in zowel positieve als negatieve zin), dan kan het je iets leren over jezelf.

Waarom zou je daar al die moeite voor doen, vraag je je misschien af. Moeten we al die dingen die ons van in de spiegel aanstaren werkelijk oplossen?

Nee. Natuurlijk niet.

Het was absoluut niet noodzakelijk om mijn oude wonden rond vrouwelijkheid te genezen om op de barricaden te kunnen gaan staan voor meer vrouwenrechten, om maar iets te zeggen. En ja, het is perfect mogelijk om te leven met kwetsuren en pijn. Maar het is moeilijk om echt open te bloeien en te floreren.

Onze wonden erkennen, en die stukken van onszelf helpen genezen die nood hebben aan liefdevolle zorg en aandacht, maakt van ons gelukkiger en gezonder mensen, één stukje weerspiegeling per keer.
En gelukkiger mensen zijn ook beter toegerust om de gevechten te voeren waarvan ze vinden dat die echt waardevol zijn. Ze zullen de confrontaties ermee aangaan vanuit een houding van levenswijsheid en kracht, in plaats van ernaar uit te halen als gevolg van pijn.

In alle eerlijkheid: het is veel werk. Soms voelt het als een gevecht dat nooit ophoudt. Maar als er een ding is wat twintig jaar bewust werken met spiegels mij heeft geleerd, is dat het absoluut de moeite waard is.

Misschien is dat nóg een reden waarom ik zo graag weerspiegelingen in mijn foto’s steek.

 

Wintergroen_023 ed klein
(c) KV