Wat verstaanbaar is, is vermijdbaar

Jihadisme bekeken vanuit ontwikkelingspsychologische hoek

 

Spring@Maja's_024

 

Niemand wordt als terrorist geboren, zei Montasser AlDe’emeh. Ik vroeg hem hoe dan wel. Zijn antwoord was zo eenvoudig dat het me even stil liet vallen. ‘Als mens.’

Maar mensen moeten zich wel willen ontwikkelen, ging hij door. Dat wil zeggen dat ze openstaan voor kennis en buiten de nauwe grenzen van hun vooroordelen durven treden. En daar wringt het schoentje. Velen van ons willen – durven – kunnen dat niet.

Ik ben ons interview aan het uitschrijven, ik lees en hoor over de barbarij in Parijs en terreurdreiging en ik moet voortdurend aan Montasser denken, en aan hoe er in die ene uitspraak zoveel kernachtige waarheid vervat zit. Maar tussen de eenzame boreling en het haatdragend lid van een georganiseerde bende ligt een lange, bochtige weg. Het is uiteraard makkelijker om te zeggen: ‘Het zijn allemaal smeerlappen. Jaag ze het land uit. Duw ze terug de zee in. Roei ze uit.’ Alsof het om ongedierte gaat. Ik vind dergelijke uitspraken niet alleen mensonterend, maar net zo goed getuigen van een stuitende veralgemeningsdrang en een funest gebrek aan inzicht.

 Niemand wordt als terrorist geboren, zei Montasser AlDe’emeh.
Ik vroeg hem hoe dan wel. ‘Als mens.’

De mens is een ajuin met veel rokken. Onder gedrag liggen gevoelens. Onder gevoelens liggen overtuigingen. Onder overtuigingen liggen conditionering, genetica en omgevingsfactoren. De dingen die ons voortstuwen zijn zelden rationele gedachten en beslissingen, maar we klampen ons vast aan de notie dat we bewuste keuzes maken en derhalve meester zijn van ons lot – een illusie, als je het mij vraagt, die we volhouden om ons wat minder machteloos te voelen. We vinden dus ook van anderen dat ze verantwoordelijk zijn voor alles wat ze doen, ze hebben er immers bewust voor gekozen. Dat geeft ons dan weer het recht om hen te veroordelen en hen weg te zetten als on-mensen.

Het is zo kort door de bocht als alleen een karikatuur kan zijn. Ja, natuurlijk hebben de mannen die zichzelf opbliezen in Parijs bewust beslist om dat te doen. Maar denken we werkelijk dat er niets anders speelde dan rationele beslissingen?

Ik wil een poging doen om uit te leggen wat ik bedoel. Jihadisme bekeken vanuit ontwikkelingspsychologische hoek.

Als een eik in vruchtbare grond

Een noodzakelijke kaderschets om te beginnen.

Er zijn verschillende mensbeelden in omloop, die gebruikt worden in evenveel verschillende psychologische benaderingen. Hetwelk je kiest als filter bepaalt dus veel. Persoonlijk ben ik het meest gewonnen voor de ZelfDeterminatieTheorie. De ZDT gaat ervan uit dat een kind een individu is met eigen mogelijkheden (en beperkingen) en een aangeboren drang om zich te ontwikkelen. Net als een eikel die op de grond valt, wortel schiet en amper een paar maanden later al een scheut met blaadjes is, kan de mens er niet voor kiezen niét te groeien. Maar hoe goed dat groeien lukt, is afhankelijk van veel factoren. In het geval van het eikje: of de bodem wel rijk genoeg is. Hoeveel zonlicht het krijgt. Of er geen dieren passeren die het afgrazen of vertrappelen. Of het geen aangeboren zwakheden heeft meegekregen van zijn boomouder. De omstandigheden helpen het vooruit, of werken het tegen.

 

Spring@Maja's_030

 

De ZDT stelt dat de mens drie grote basisbehoeften heeft. Hoe een kind zich ontwikkelt, wordt beïnvloed door de mate waarin die basisbehoeften vervuld dan wel tegengewerkt worden. Zij zijn het equivalent van de bodem, het zonlicht en de omgeving voor de eik. Heel kort gezegd (meer informatie vind je hier) hebben mensen nood aan autonomie (zichzelf mogen zijn, als een individu met een eigen identiteit erkend en gerespecteerd worden), verbondenheid (veilige, liefdevolle relaties met anderen) en competentie (ergens goed in zijn, je kunnen geapprecieerd weten). De mate waarin ouders, opvoeders en omgevingsfactoren kinderen hierin stimuleren dan wel afremmen, zorgt ervoor of het kind de hoogte in schiet als een evenwichtig en stevig geworteld individu, dan wel geknakt en vervormd blijft worstelen op arme bodem.

 De mens kan er niet voor kiezen niét te groeien
maar hoe goed dat groeien lukt,
is afhankelijk van veel factoren

Wil dat zeggen dat mensen geen enkele zeg hebben over hun daden of beslissingen? Natuurlijk niet. En je vindt altijd uitzonderingen die opgroeiden op erg ‘arme’ grond maar erin slaagden zich daar op eigen kracht aan te ontworstelen (hier houdt de boom-mens-metafoor op, een boom kan zichzelf niet verplaatsen). Maar al denken we het graag anders, ook onder mensen zijn die voorbeelden schaars. De grote meerderheid van ons herhaalt de patronen die we meekregen van thuis of van de samenleving. Het is dit principe dat aan de basis ligt van het overbekende – maar correcte – cliché: the rich get rich, the poor stay poor.

Niet aanvaardbaar, wel verstaanbaar

Het is te makkelijk om te zeggen dat mensen alle kansen moeten grijpen die ze krijgen. Probeer maar eens mooi rechtop te groeien als je de pech hebt om op een rotswand te vallen waar tien maanden per jaar een strakke en ijselijke wind waait en er voortdurend aan je twijgen geknabbeld wordt door berggeiten. Die grote eik midden op de wei in het dal beneden heeft mooi praten. De grootste onnozelaar kan zien dat kansen niet dezelfde zijn voor een anderstalig kind uit een gezin van zeven in een achterstandswijk of een kind uit een villawijk met zwembad. Opgroeien in weelde of schaarste is geen keuze die je als kind zelf maakt.

Het is niet alleen een kwestie van geld, natuurlijk. De lijst van factoren die inwerken op een kind is lang, erg lang. Ze gaat van financiële middelen over taal en ontwikkelingsniveau naar sociale status en persoonlijke relatie met ouders, opvoeders en de ruimere samenleving.

Er leeft een diep gevoel van uitzichtloosheid en frustratie bij veel moslimjongeren in Europa. Ze voelen zich, om het met de ZDT te zeggen, gefrustreerd in hun meest wezenlijke basisbehoeften. Hun identiteit bevindt zich in een vacuüm. Ze vinden geen aansluiting bij de wereld van hun ouders, voor wie ze te westers zijn, maar ervaren dat ze evengoed van ons zichzelf niet mogen zijn omdat hun anders-zijn ons te veel stoort. Ze voelen geen verbondenheid met een samenleving die hen bekijkt met argwaan en zoeken houvast bij gelijkgestemden die sociale warmte geven en een helder (simplistisch) verhaal van superioriteit bieden. Dat is in feite een proces van alle tijden en alle continenten. Maar dat ze zich aangetrokken voelen door de kliek die exclusivistisch en religieus fanatiek is en het uitroeien van ‘ongelovigen’ predikt, heeft het Westen onder meer aan zijn eigen hypocriete buitenlandpolitiek te danken.

 Opgroeien in weelde of schaarste
is geen keuze die je als kind zelf maakt

Ik wil niet beweren dat de manieren waarop jongeren in dat identeitsvacuüm hun machteloosheid afreageren (van etters die de leerkracht pesten over hangjongeren die vrouwen lastigvallen tot terroristen die zichzelf opblazen) aanvaardbaar zijn. Ik maak me wel sterk dat ze verstaanbaar zijn, als uitingen van diepe frustratie en het gevoel geen andere kant meer op te kunnen. De al te schrale voedingsbodem van armoede, onbegrip en emotioneel isolement is simpelweg een feit. Het Westen heeft in deze boter op het hoofd, en geen klein beetje. Extremistische jongeren (en moslims in het algemeen, wat een makkelijke generalisatie) veroordelen voor hun gedrag zonder zelf in de spiegel te kijken, is zoiets als het misbruikte kind dat in een moment van wanhopige razernij zijn vader aanvalt veroordelen voor slagen en verwondingen en de misbruiker troosten.

 

Spring@Maja's_038

 

‘De’ bestaat niet

Als we niet willen dat jongeren in onze samenleving gewelddadig gedrag stellen, moeten we niet alleen hun geweld veroordelen, maar óók willen meewerken om iets te doen aan de voedingsbodem ervan. Wat verstaanbaar is, is vermijdbaar. Het vraagt moed, van alle partijen, om de wederzijdse vooroordelen te slopen en in respect te overleggen hoe problemen kunnen aangepakt worden.

Het zal alvast niet lukken door ons in onze bolwerken van het eigen gelijk te blijven verschansen. Zoals Montasser zei: we moeten kennis durven zoeken. Dat wil zeggen: de straat op, met elkaar praten, elkaar ontmoeten en kijken voorbij de (vaak onjuiste) beeldvorming. Er valt veel recht te zetten.

Het Westen heeft heel lang de heilige onschuld gespeeld in zijn houding omtrent het Midden-Oosten en naar de moslimgemeenschap in eigen land toe. Extreem-rechts heeft de boel vervolgens grondig verziekt. Oprechte excuses zijn wat dat betreft aan de orde. Anderzijds blijft een problematisch groot deel van de moslimgemeenschap zich verschuilen achter religieuze dogma’s, oude stammengebruiken en een gebrek aan opleiding om het Westen te verketteren en zichzelf binnen de Westerse gemeenschap te isoleren. Geesten moeten opengebroken worden. Als ik dit schrijf, veralgemeen ik eigenlijk ook veel te veel, want ‘de’ moslim en ‘de’ westerling bestaan immers niet, net zo min als ‘de’ terrorist.

Mensen zijn we, individueel beïnvloed en gekneed door de omstandigheden waarin we (over)leven, en dat zouden we beter van elkaar beginnen aanvaarden. Dat is de eerste stap van vele naar een vorm van begrip en vreedzaam samenleven.

 

Advertenties